reltext

Chapter 6

1 De kinderen van Levi waren Gerson, Kahath en Merari.1

DutSVVA word tags

kinderenH1121
LeviH3878
GersonH1648
KahathH6955
MerariH4847

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. Gerson, Hij wordt vs.16 en elders Gersom genoemd.

2 De kinderen van Kahath nu waren Amram, Jizhar, en Hebron, en Uzziël.1

DutSVVA word tags

kinderenH1121
KahathH6955
AmramH6019
JizharH3324
HebronH2275
UzziëlH5816

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. Jizhar, Onder, vs.22, wordt hij Amminadab genoemd.

3 En de kinderen van Amram waren Aäron, en Mozes en Mirjam; en de kinderen van Aäron waren Nadab en Abihu, Eleazar en Ithamar.12

DutSVVA word tags

kinderenH1121
AmramH6019
AäronH175
MozesH4872
MirjamH4813
kinderenH1121
AäronH175
NadabH5070
AbihuH30
EleazarH499
IthamarH385

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. Nadab, Abihu Deze twee werden door den Heere gedood, omdat zij vreemd vuur in hun reukpannen gebruikten; Lev 10:1 .
  2. Eleázar Eleazar is zijn vader Aäron in het hogepriesterambt gevolgd.

4 En Eleazar gewon Pinehas, Pinehas gewon Abisua;

DutSVVA word tags

EleazarH499
PinehasH6372
PinehasH6372
AbisuaH50

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

5 En Abisua gewon Bukki, en Bukki gewon Uzzi;

DutSVVA word tags

AbisuaH50
BukkiH1231
BukkiH1231
UzziH5813

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

6 En Uzzi gewon Zerahja, en Zerahja gewon Merajoth;

DutSVVA word tags

UzziH5813
ZerahjaH2228
ZerahjaH2228
MerajothH4812

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

7 En Merajoth gewon Amarja, en Amarja gewon Ahitub;

DutSVVA word tags

MerajothH4812
AmarjaH568
AmarjaH568
AhitubH285

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

8 En Ahitub gewon Zadok, en Zadok gewon Ahimaäz;

DutSVVA word tags

AhitubH285
ZadokH6659
ZadokH6659
AhimaäzH290

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

9 En Ahimaäz gewon Azarja, en Azarja gewon Johanan;

DutSVVA word tags

AhimaäzH290
AzarjaH5838
AzarjaH5838
JohananH3110

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

10 En Johanan gewon Azarja. Hij is het, die het priesterambt bediende in het huis, dat Salomo te Jeruzalem gebouwd had.1234

DutSVVA word tags

JohananH3110
AzarjaH5838
dieH834
bediendeH3547H8765
huisH1004
datH834
SalomoH8010
JeruzalemH3389

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. Jóhanan Eenigen menen dat hij is dezelfde man, die 2Ch 11:4 genoemd wordt de hogepriester Jojada. Zie van den groten ijver van dezen man, 2Ki 11:17 .
  2. Azarja Dezen houden sommigen dezelfde geweest te zijn, die zich den koning Uzia tegenstelde; 2Ch 26:17 .
  3. Hij is het, Dit verstaan enigen van Johanan, anderen van Azaria, tot zijn eer, omdat hij zich tegen den koning Uzia stelde.
  4. in het huis, Te weten, in het huis des Heeren; dat is, in den tempel.

11 En Azarja gewon Amarja, en Amarja gewon Ahitub;

DutSVVA word tags

AzarjaH5838
AmarjaH568
AmarjaH568
AhitubH285

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

12 En Ahitub gewon Zadok, en Zadok gewon Sallum;1

DutSVVA word tags

AhitubH285
ZadokH6659
ZadokH6659
SallumH7967

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. Sallum; Anders genoemd Mesullam; 1Ch 9:11 .

13 En Sallum gewon Hilkia, en Hilkia gewon Azarja;1

DutSVVA word tags

SallumH7967
HilkiaH2518
HilkiaH2518
AzarjaH5838

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. Hilkia, Zie 2Ki 22:4 .

14 En Azarja gewon Seraja, en Seraja gewon Jozadak;1

DutSVVA word tags

AzarjaH5838
SerajaH8304
SerajaH8304
JozadakH3087

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. Serája, Seraja was hogepriester toen Nebukadnezar Jeruzalem innam, vanwaar hij gevankelijk weggevoerd is naar Ribla, waar Nebukadnezar hem deed doden, 2Ki 25:18 , 2Ki 25:21 ; Jer 52:24 , Jer 52:27 . Ezra de schriftgeleerde [die men meent dat deze boeken geschreven heeft] was zijn zoon. Zie Ezr 7:1 .

15 En Jozadak ging mede, als de Heere Juda en Jeruzalem gevankelijk wegvoerde door de hand van Nebukadnezar.1

DutSVVA word tags

JozadakH3087
HeereH3068
JudaH3063
JeruzalemH3389
wegvoerdeH1540H8687
handH3027
NebukadnezarH5019

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. Juda Dat is, de inwoners van Juda en Jeruzalem.

16 Zo zijn dan de kinderen van Levi: Gerson, Kahath en Merari.

DutSVVA word tags

kinderenH1121
LeviH3878
GersonH1647
KahathH6955
MerariH4847

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

17 En dit zijn de namen der zonen van Gerson: Libni en Simeï.1

DutSVVA word tags

ditH428
namenH8034
zonenH1121
GersonH1647
LibniH3845
SimeïH8096

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. zijn de namen Zie Exo 6:16 .

18 En de kinderen van Kahath waren Amram, en Jizhar, en Hebron, en Uzziël.

DutSVVA word tags

kinderenH1121
KahathH6955
AmramH6019
JizharH3324
HebronH2275
UzziëlH5816

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

19 De kinderen van Merari waren Maheli en Musi. En dit zijn de huisgezinnen der Levieten, naar hun vaderen.

DutSVVA word tags

kinderenH1121
MerariH4847
MaheliH4249
MusiH4187
ditH428
huisgezinnenH4940
LevietenH3881
vaderenH1

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

20 Van Gerson: zijn zoon was Libni; zijn zoon Jahath; zijn zoon Zimma;12

DutSVVA word tags

GersonH1647
zoonH1121
LibniH3845
zoonH1121
JahathH3189
zoonH1121
ZimmaH2155

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. Van Gerson Anders, aangaande Gersom.
  2. Zimma; Hij is geweest zoonszoon van Jahath, want Simeï was vader van Zamma, vs.42.

21 Zijn zoon Joah; zijn zoon Iddo; zijn zoon Zerah; zijn zoon Jeathrai.1234

DutSVVA word tags

zoonH1121
JoahH3098
zoonH1121
IddoH5714
zoonH1121
ZerahH2226
zoonH1121
JeathraiH2979

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. Joah Hij wordt Ethan genoemd, vs.42.
  2. Iddo vs.41 wordt hij Adaja genoemd.
  3. Jeathraï Hij wordt onder, vs.41, Ethni genoemd.
  4. zoon Dat is, neef; hij was eigenlijk te spreken de zoon van Simeï; onder, vs.42.

22 De kinderen van Kahath waren: zijn zoon Amminadab; zijn zoon Korah; zijn zoon Assir;1

DutSVVA word tags

kinderenH1121
KahathH6955
zoonH1121
AmminadabH5992
zoonH1121
KorahH7141
zoonH1121
AssirH617

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. Korah; Dit was die Korach, die met Dathan en Abiram tegen Mozes rebelleerde.

23 Zijn zoon Elkana; en zijn zoon Ebjasaf; en zijn zoon Assir;

DutSVVA word tags

zoonH1121
ElkanaH511
zoonH1121
EbjasafH43
zoonH1121
AssirH617

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

24 Zijn zoon Tahath; zijn zoon Uriël; zijn zoon Uzzia, en zijn zoon Saul.123

DutSVVA word tags

zoonH1121
TahathH8480
zoonH1121
UriëlH222
zoonH1121
UzziaH5818
zoonH1121
SaulH7586

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. Uriël Onder, vs.36, wordt hij Zefanja genoemd, of Zofonja.
  2. Uzzia Anders, Azaria, vs.36.
  3. Saul Anders, Joël; onder, vs.36.

25 De kinderen van Elkana nu waren Amasia en Ahimoth.1

DutSVVA word tags

kinderenH1121
ElkanaH511
AmasiaH6022
AhimothH287

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. Elkana Te weten, van den zoon van Saul.

26 Elkana; dezes zoon was Elkana; zijn zoon was Zofai; en zijn zoon was Nahath;123

DutSVVA word tags

ElkanaH511
zoonH1121
ElkanaH511
zoonH1121
ZofaiH6689
zoonH1121
NahathH5184

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. Elkana Versta hierop: Die zoon van Amasai was.
  2. Zofaï Anders, Zuf, vs.35, en 1Sa 1:1 .
  3. Nahath Toah, vs.34, en Tochu, 1Sa 1:1 .

27 Zijn zoon Eliab; zijn zoon Jeroham; zijn zoon Elkana.12

DutSVVA word tags

zoonH1121
EliabH446
zoonH1121
JerohamH3395
zoonH1121
ElkanaH511

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. Eliab vs.34, Eliël.
  2. * Versta hierbij: Zijn zoon was Samuël; waarvan in vs.28.

28 De zonen van Samuël nu waren dezen: zijn eerstgeborene was Vasni, daarna Abia.1

DutSVVA word tags

zonenH1121
SamuëlH8050
eerstgeboreneH1060
VasniH2059
AbiaH29

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. Vasni Joël genoemd, vs.33, en 1Sa 8:2 .

29 De kinderen van Merari waren Maheli; zijn zoon Libni; zijn zoon Simeï; zijn zoon Uzza;

DutSVVA word tags

kinderenH1121
MerariH4847
MaheliH4249
zoonH1121
LibniH3845
zoonH1121
SimeïH8096
zoonH1121
UzzaH5798

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

30 Zijn zoon Simea; zijn zoon Haggija; zijn zoon Asaja.

DutSVVA word tags

zoonH1121
SimeaH8092
zoonH1121
HaggijaH2293
zoonH1121
AsajaH6222

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

31 Dezen nu zijn het, die David gesteld heeft tot het ambt des gezangs in het huis des Heeren, nadat de ark tot rust gekomen was.12

DutSVVA word tags

DezenH428
dieH834
DavidH1732
ambtH3027
gezangsH7892
huisH1004
HeerenH3068
nadatH4480
arkH727
rustH4494

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. tot het ambt Hebreeuws, aan de hand des gezangs van het huis des Heeren.
  2. nadat de ark Hebreeuws, na de rust van de ark; dat is, nadat de ark des verbonds in Davids huis gebracht was, 2Sa 6:17 , want tevoren werd zij van de ene plaats in de andere gebracht.

32 En zij dienden voor den tabernakel van de tent der samenkomst met gezangen, totdat Salomo het huis des Heeren te Jeruzalem bouwde; en zij stonden naar hun wijze in hun ambt.1

DutSVVA word tags

voorH6440
tabernakelH4908
tentH168
samenkomstH4150
gezangenH7892
totdatH5704
SalomoH8010
huisH1004
HeerenH3068
JeruzalemH3389
stondenH5975H8799
wijzeH4941
ambtH5656

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. naar hun wijze Dat is, naar de order, die hun verordineerd was.

33 Dezen nu zijn ze, die daar stonden met hun zonen; van de zonen der Kahathieten, Heman de zanger, de zoon van Joël, den zoon van Samuël,123

DutSVVA word tags

DezenH428
stondenH5975H8802
zonenH1121
zonenH1121
KahathietenH6956
HemanH1968
zoonH1121
JoëlH3100
zoonH1121
SamuëlH8050

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. Dezen nu zijn ze, Te weten, Heman, Asaf en Jeduthun, die als opperzangmeesters gesteld waren over de andere zangers, die in vier en twintig orden of beurten door David zijn onderscheiden; 1Ch 25:9 , enz.
  2. van de zonen der Kahathieten, Dat is, van de nakomelingen.
  3. de zanger, Dat is, opperzangmeester.

34 Den zoon van Elkana, den zoon van Jeroham, den zoon van Eliël, den zoon van Toah,

DutSVVA word tags

zoonH1121
ElkanaH511
zoonH1121
JerohamH3395
zoonH1121
EliëlH447
zoonH1121
ToahH8430

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

35 Den zoon van Zuf, den zoon van Elkana, den zoon van Mahath, den zoon van Amasai,

DutSVVA word tags

zoonH1121
zoonH1121
ElkanaH511
zoonH1121
MahathH4287
zoonH1121
AmasaiH6022

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

36 Den zoon van Elkana, den zoon van Joël, den zoon van Azarja, den zoon van Zefanja,

DutSVVA word tags

zoonH1121
ElkanaH511
zoonH1121
JoëlH3100
zoonH1121
AzarjaH5838
zoonH1121
ZefanjaH6846

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

37 Den zoon van Tahath, den zoon van Assir, den zoon van Ebjasaf, den zoon van Korah,1

DutSVVA word tags

zoonH1121
TahathH8480
zoonH1121
AssirH617
zoonH1121
EbjasafH43
zoonH1121
KorahH7141

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. Ebjásaf Hij wordt, Exo 6:23 , Abiasaf genoemd.

38 Den zoon van Jizhar, den zoon van Kahath, den zoon van Levi, den zoon van Israël.

DutSVVA word tags

zoonH1121
JizharH3324
zoonH1121
KahathH6955
zoonH1121
LeviH3878
zoonH1121
IsraëlH3478

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

39 En zijn broeder Asaf stond aan zijn rechter zijde; Asaf was de zoon van Berechja, den zoon van Simea,12

DutSVVA word tags

broederH251
AsafH623
rechterH3225
AsafH623
zoonH1121
BerechjaH1296
zoonH1121
SimeaH8092

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. Asaf stond Versta dit alzo, dat deze Asaf geweest is de broeder, dat is, de bloedverwant van Heman, waarvan vs.33 gesproken wordt, en wiens voorouders tot hiertoe verhaald zijn. Deze Heman nu stond met de zijnen, als hij zijn ambt bediende, in het midden. Asaf stond aan de rechterhand van Heman in de bediening van zijn ambt, gelijk de nakomelingen van Merari tot zijn linkerhand stonden, vs.44.
  2. Berechja Hebreeuws, Berechijahu.

40 Den zoon van Michaël, den zoon van Baeseja, den zoon van Malchija,

DutSVVA word tags

zoonH1121
MichaëlH4317
zoonH1121
BaesejaH1202
zoonH1121
MalchijaH4441

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

41 Den zoon van Ethni, den zoon van Zerah, den zoon van Adaja,

DutSVVA word tags

zoonH1121
EthniH867
zoonH1121
ZerahH2226
zoonH1121
AdajaH5718

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

42 Den zoon van Ethan, den zoon van Zimma, den zoon van Simeï,

DutSVVA word tags

zoonH1121
EthanH387
zoonH1121
ZimmaH2155
zoonH1121
SimeïH8096

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

43 Den zoon van Jahath, den zoon van Gerson, den zoon van Levi.

DutSVVA word tags

zoonH1121
JahathH3189
zoonH1121
GersonH1647
zoonH1121
LeviH3878

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

44 Hunne broeders nu, de kinderen van Merari, stonden aan de linker zijde, namelijk Ethan, de zoon van Kisi, den zoon van Abdi, den zoon van Malluch,12

DutSVVA word tags

broedersH251
kinderenH1121
MerariH4847
linkerH8040
EthanH387
zoonH1121
KisiH7029
zoonH1121
AbdiH5660
zoonH1121
MalluchH4409

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. broeders nu, Dat is, neven.
  2. Ethan Hij wordt Jeduthun genoemd, 1Ch 9:16 , en 1Ch 25:6 , en 2Ch 35:15 ; Psa 62:1 , en Psa 77:1 .

45 Den zoon van Hasabja, den zoon van Amazia, den zoon van Hilkia,

DutSVVA word tags

zoonH1121
HasabjaH2811
zoonH1121
AmaziaH558
zoonH1121
HilkiaH2518

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

46 Den zoon van Amzi, den zoon van Bani, den zoon van Semer,

DutSVVA word tags

zoonH1121
AmziH557
zoonH1121
BaniH1137
zoonH1121
SemerH8106

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

47 Den zoon van Maheli, den zoon van Musi, den zoon van Merari, den zoon van Levi.

DutSVVA word tags

zoonH1121
MaheliH4249
zoonH1121
MusiH4187
zoonH1121
MerariH4847
zoonH1121
LeviH3878

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

48 Hun broeders nu, de Levieten, waren gegeven tot allerlei dienst des tabernakels van het huis Gods.123

DutSVVA word tags

broedersH251
LevietenH3881
gegevenH5414H8803
allerleiH3605
dienstH5656
tabernakelsH4908
huisH1004
GodsH430

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. broeders Dat is, neven, verwanten, gelijk boven, , vs.44, enz.
  2. de Levieten Te weten, de overige Levieten, die geen zangers waren.
  3. gegeven Dat is, besteld of verordineerd.

49 Aäron nu en zijn zonen rookten op het altaar des brandoffers, en op het reukaltaar, zijnde besteld tot al het werk van het heilige der heiligen, en om over Israël verzoening te doen, naar alles wat Mozes, de knecht Gods, geboden had.123

DutSVVA word tags

AäronH175
zonenH1121
rooktenH6999H8688
altaarH4196
brandoffersH5930
reukaltaarH4196H7004
werkH4399
heiligeH6944
heiligenH6944
overH5921
IsraëlH3478
allesH3605
watH834
MozesH4872
knechtH5650
GodsH430

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. zijn zonen Mitsgaders degenen, die van den huize Aärons hun in het priesterambt gevolgd zijn. En daarom worden in de volgende verzen gesteld de hogepriesters van Aäron af tot op Zadok, die ten tijde van David en Salomo hogepriester werd; 1Ch 29:22 .
  2. het werk Dat is, dat in het heilige der heiligen moest gedaan worden, hetwelk was het binnenste des tabernakels, waar niemand mocht ingaan dan alleen de hogepriester. Hier stond de ark des verbonds.
  3. Israël Dat is, het volk van Israël. Zie Lev 16 .

50 Dit nu zijn de kinderen van Aäron: Eleazar, was zijn zoon; Pinehas zijn zoon; Abisua zijn zoon;1

DutSVVA word tags

DitH428
kinderenH1121
AäronH175
EleazarH499
zoonH1121
PinehasH6372
zoonH1121
AbisuaH50
zoonH1121

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. Pinehas zijn zoon Te weten, Eleazars, die naast voorgaat, en versta dit ook alzo van de volgende, tot op de tijden Davids toe.

51 Bukki zijn zoon; Uzzi zijn zoon; Serahja zijn zoon;

DutSVVA word tags

BukkiH1231
zoonH1121
UzziH5813
zoonH1121
SerahjaH2228
zoonH1121

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

52 Merajoth zijn zoon; Amarja zijn zoon; Ahitub zijn zoon;

DutSVVA word tags

MerajothH4812
zoonH1121
AmarjaH568
zoonH1121
AhitubH285
zoonH1121

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

53 Zadok zijn zoon; Ahimaäz zijn zoon.

DutSVVA word tags

ZadokH6659
zoonH1121
AhimaäzH290
zoonH1121

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

54 En dit waren hun woningen, naar hun kastelen, in hun landpalen, namelijk van de zonen van Aäron, van het huisgezin der Kahathieten, want dat lot was voor hen.123

DutSVVA word tags

ditH428
woningenH4186
kastelenH2918
landpalenH1366
zonenH1121
AäronH175
huisgezinH4940
KahathietenH6956
wantH3588

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. hun woningen, Zie Jos 21:13 . Daar worden de steden genoemd, die hun tot woningen gegeven zijn, hoewel de namen wat veranderd zijn, gelijk zulks door langheid van tijden meermalen gebeurt.
  2. lot Dat is, de woning, bij het lot hun toegevallen, was daar. Anders, die loten; te weten, die in de volgende verzen beschreven worden.
  3. was voor hen Hebreeuws, was hun.

55 En zij gaven hun Hebron, in het land van Juda, en haar voorsteden rondom dezelve.12

DutSVVA word tags

HebronH2275
landH776
JudaH3063
voorstedenH4054
rondomH5439

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. zij gaven Te weten, de kinderen Israëls. Anders, men gaf hun.
  2. haar voorsteden Versta hierbij, met de akkers en weiden daar rondom naast gelegen, om zichzelven en hun beesten te voeden. En zo in het volgende.

56 Maar het veld der stad, en haar dorpen, gaven zij Kaleb, den zoon van Jefunne.

DutSVVA word tags

veldH7704
stadH5892
dorpenH2691
KalebH3612
zoonH1121
JefunneH3312

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

57 En den kinderen van Aäron gaven zij steden van Juda, de vrijstad Hebron, en Libna en haar voorsteden, en Jattir en Esthemoa, en haar voorsteden,12

DutSVVA word tags

kinderenH1121
AäronH175
stedenH5892
vrijstadH4733
HebronH2275
LibnaH3841
voorstedenH4054
JattirH3492
EsthemoaH851
voorstedenH4054

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. Hebron Anders genoemd Kiriath-Arba, Jos 21:11 .
  2. Esthemóa Anders, Estemo, Jos 15:50 .

58 En Hilen en haar voorsteden, en Debir en haar voorsteden,1

DutSVVA word tags

HilenH2432
voorstedenH4054
DebirH1688
voorstedenH4054

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. Hilen Anders, Holon, Jos 21:15 .

59 En Asan en haar voorsteden, en Beth-semes en haar voorsteden.1

DutSVVA word tags

AsanH6228
voorstedenH4054
Beth-semesH1053
voorstedenH4054

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. Asan Anders, Ain, Jos 21:16 .

60 Van den stam van Benjamin nu: Geba en haar voorsteden, en Allemeth en haar voorsteden, en Anathoth en haar voorsteden. Al hun steden, in hun huisgezinnen, waren dertien steden.12

DutSVVA word tags

stamH4294
BenjaminH1144
GebaH1387
voorstedenH4054
AllemethH5964
voorstedenH4054
AnathothH6068
voorstedenH4054
stedenH5892
huisgezinnenH4940
dertienH7969H6240
stedenH5892

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. Allemeth Anders, Almon, Jos 21:18 .
  2. dertien steden Hier worden er maar elf genoemd, daar ontbreken er twee, namelijk, Jutta en Gibeon, die Jos 21:16-17 genoemd staan.

61 Maar de kinderen van Kahath, die overgebleven waren, hadden van het huisgezin van den stam, uit den halven stam van half Manasse, bij het lot, tien steden.

DutSVVA word tags

kinderenH1121
KahathH6955
huisgezinH4940
stamH4294
halvenH2677
stamH4294
halfH4276
ManasseH4519
tienH6235
stedenH5892

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

62 En de kinderen van Gerson, naar hun huisgezinnen, hadden van den stam van Issaschar, en van den stam van Aser, en van den stam van Nafthali, en van den stam van Manasse in Basan, dertien steden.

DutSVVA word tags

kinderenH1121
GersonH1647
huisgezinnenH4940
stamH4294
IssascharH3485
stamH4294
AserH836
stamH4294
NafthaliH5321
stamH4294
ManasseH4519
BasanH1316
dertienH7969H6240
stedenH5892

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

63 De kinderen van Merari, naar hun huisgezinnen, hadden van den stam van Ruben, en van den stam van Gad, en van den stam van Zebulon, bij het lot, twaalf steden.

DutSVVA word tags

kinderenH1121
MerariH4847
huisgezinnenH4940
stamH4294
RubenH7205
stamH4294
stamH4294
ZebulonH2074
stedenH5892

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

64 Alzo gaven de kinderen Israëls aan de Levieten deze steden en haar voorsteden.

DutSVVA word tags

kinderenH1121
IsraëlsH3478
LevietenH3881
stedenH5892
voorstedenH4054

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

65 En zij gaven ze bij het lot, van den stam der kinderen van Juda, en van den stam der kinderen van Simeon, en van den stam der kinderen van Benjamin, deze steden, dewelke zij bij namen noemden.

DutSVVA word tags

stamH4294
kinderenH1121
JudaH3063
stamH4294
kinderenH1121
SimeonH8095
stamH4294
kinderenH1121
BenjaminH1144
dezeH428
stedenH5892
dewelkeH834
namenH8034
noemdenH7121H8799

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

66 Aan de overigen nu, uit de huisgezinnen der kinderen van Kahath, dien gewerden steden hunner landpale, van den stam van Efraïm.1

DutSVVA word tags

huisgezinnenH4940
kinderenH1121
KahathH6955
gewerdenH1961H8799
stedenH5892
landpaleH1366
stamH4294
EfraïmH669

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. hunner landpale, Die tot hun landpale behoorden.

67 Want zij gaven hun van de vrijsteden, Sichem en haar voorsteden op het gebergte van Efraïm, en Gezer en haar voorsteden,12

DutSVVA word tags

vrijstedenH5892H4733
SichemH7927
voorstedenH4054
gebergteH2022
EfraïmH669
GezerH1507
voorstedenH4054

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. zij gaven Te weten, de Efraïmieten.
  2. hun Te weten, den overigen huisgezinnen der kinderen van Kehath.

68 En Jokmeam en haar voorsteden, en Beth-horon en haar voorsteden,1

DutSVVA word tags

JokmeamH3361
voorstedenH4054
Beth-horonH1032
voorstedenH4054

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. Jokmeam Eenigen menen dat zij Joh 21:22 , Kibzaïm genoemd wordt.

69 En Ajalon en haar voorsteden, en Gath-rimmon en haar voorsteden.1

DutSVVA word tags

AjalonH357
voorstedenH4054
Gath-rimmonH1667
voorstedenH4054

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. Ajálon Ajalon behoorde tot den stam van Dan. Boven de twee steden, in dit vs. genoemd, gaf men hun nog twee steden van den stam van Dan, te weten, Elteke en Gibeton, Jos 21:23 .

70 En uit den halven stam van Manasse: Aner en haar voorsteden, en Bileam en haar voorsteden. De huisgezinnen der overige kinderen van Kahath hadden deze steden:12

DutSVVA word tags

halvenH4276
stamH4294
ManasseH4519
AnerH6063
voorstedenH4054
BileamH1109
voorstedenH4054
huisgezinnenH4940
overigeH3498H8737
kinderenH1121
KahathH6955

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. Aner Eenigen menen dat dit dezelfde stad is, die Jos 21:25 genoemd wordt Taënach.
  2. Bileam Anders, Gath-Rimmon, Jos 21:25 , en Ibleam, Jos 17:11 .

71 De kinderen van Gerson hadden van de huisgezinnen van den halven stam van Manasse: Golan in Basan en haar voorsteden, en Astharoth, en haar voorsteden.1

DutSVVA word tags

kinderenH1121
GersonH1647
huisgezinnenH4940
halvenH2677
stamH4294
ManasseH4519
GolanH1474
BasanH1316
voorstedenH4054
AstharothH6252
voorstedenH4054

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. Astharòth Anders Beëstera, Jos 21:27 .

72 En van den stam van Issaschar: Kedes en haar voorsteden, Dobrath en haar voorsteden,1

DutSVVA word tags

stamH4294
IssascharH3485
KedesH6943
voorstedenH4054
DobrathH1705
voorstedenH4054

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. Kedes Anders, Kisjon; Jos 21:28 .

73 En Ramoth en haar voorsteden, en Anem en haar voorsteden.12

DutSVVA word tags

RamothH7216
voorstedenH4054
AnemH6046
voorstedenH4054

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. Ramoth Anders, Remeth, Jos 19:21 , en Jarmuth, Jos 21:29 .
  2. Anem Eenigen menen dat dit dezelfde stad is, die En gannim genoemd wordt; Jos 21:29 .

74 En van den stam van Aser: Masal en haar voorsteden, en Abdon en haar voorsteden,1

DutSVVA word tags

stamH4294
AserH836
MasalH4913
voorstedenH4054
AbdonH5658
voorstedenH4054

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. Masal Anders, Miseal; Jos 21:30 .

75 En Hukok en haar voorsteden, en Rehob en haar voorsteden.1

DutSVVA word tags

HukokH2712
voorstedenH4054
RehobH7340
voorstedenH4054

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. Hukok Anders, Helkath; Jos 21:31 .

76 En van den stam van Nafthali: Kedes in Galilea, en haar voorsteden, en Hammon en haar voorsteden, en Kirjathaim en haar voorsteden.12

DutSVVA word tags

stamH4294
NafthaliH5321
KedesH6943
GalileaH1551
voorstedenH4054
HammonH2540
voorstedenH4054
KirjathaimH7156
voorstedenH4054

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. Hammon Anders, Hammoth-Dor; Jos 21:32 .
  2. Kirjathaïm Anders, Kartan; Jos 21:32 , zo enigen menen.

77 De overige kinderen van Merari hadden van den stam van Zebulon: Rimmono en haar voorsteden, Thabor en haar voorsteden;1

DutSVVA word tags

overigeH3498H8737
kinderenH1121
MerariH4847
stamH4294
ZebulonH2074
RimmonoH7417
voorstedenH4054
ThaborH8396
voorstedenH4054

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. Rimmóno En nog twee andere steden van den stam Zebulons, gelijk te zien is Jos 21:34-35 .

78 En aan gene zijde van de Jordaan tegen Jericho, tegen het oosten aan de Jordaan, van den stam van Ruben: Bezer in de woestijn, en haar voorsteden, en Jahza en haar voorsteden,

DutSVVA word tags

zijdeH5676
JordaanH3383
JerichoH3405
oostenH4217
JordaanH3383
stamH4294
RubenH7205
BezerH1221
woestijnH4057
voorstedenH4054
JahzaH3096
voorstedenH4054

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

79 En Kedemoth en haar voorsteden, en Mefaath en haar voorsteden;

DutSVVA word tags

KedemothH6932
voorstedenH4054
MefaathH4158
voorstedenH4054

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

80 En van den stam van Gad: Ramoth in Gilead, en haar voorsteden, en Mahanaim en haar voorsteden,

DutSVVA word tags

stamH4294
RamothH7216
GileadH1568
voorstedenH4054
MahanaimH4266
voorstedenH4054

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

81 En Hesbon en haar voorsteden, en Jaezer en haar voorsteden.

DutSVVA word tags

HesbonH2809
voorstedenH4054
JaezerH3270
voorstedenH4054

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.