reltext

Chapter 1

1 Het woord des Heeren, hetwelk geschied is tot Zefanja, den zoon van Cuschi, den zoon van Gedalja, den zoon van Amarja, den zoon van Hizkia; in de dagen van Josia, den zoon van Amon, den koning van Juda.123

Original Hebrew

דְּבַר\־דבר\דְּבַר\־דבר\de.var-[the] word ofH1697G\H9014HNcmsc
יְהוָ֣ה\׀יהו֣ה\יְהוָה\׀יהוה\Yah.wehYahwehH3068G\H9015HNpt
אֲשֶׁ֣ראש֣ראֲשֶׁראשר'a.SherwhichH0834AHTr
הָיָ֗ההי֗ההָיָההיהha.Yahit cameH1961HVqp3ms
אֶל\־אל\אֶל\־אל\'el-toH0413\H9014HR
צְפַנְיָה֙צפניה֙צְפַנְיָהצפניהtze.fan.YahZephaniahH6846HHNpm
בֶּן\־בן\בֶּן\־בן\ben-[the] son ofH1121A\H9014HNcmsc
כּוּשִׁ֣יכוש֣יכּוּשִׁיכושיku.ShiCushiH3569HHNpm
בֶן\־בן\בֶן\־בן\ven-[the] son ofH1121A\H9014HNcmsc
גְּדַלְיָ֔הגדלי֔הגְּדַלְיָהגדליהge.dal.YahGedaliahH1436HHNpm
בֶּן\־בן\בֶּן\־בן\ben-[the] son ofH1121A\H9014HNcmsc
אֲמַרְיָ֖האמרי֖האֲמַרְיָהאמריה'a.mar.YahAmariahH0568OHNpm
בֶּן\־בן\בֶּן\־בן\ben-[the] son ofH1121A\H9014HNcmsc
חִזְקִיָּ֑החזקי֑החִזְקִיָּהחזקיהchiz.ki.YahHezekiahH2396KHNpm
בִּ/ימֵ֛יב/ימ֛יבִּ/ימֵיב/ימיbi./Meiin/ [the] days ofH9003H3117GHR+Ncmpc
יֹאשִׁיָּ֥הוּיאשי֥הויֹאשִׁיָּהוּיאשיהוyo.shi.Ya.huJosiahH2977GHNpm
בֶן\־בן\בֶן\־בן\ven-[the] son ofH1121A\H9014HNcmsc
אָמ֖וֹןאמ֖וןאָמוֹןאמון'a.MonAmonH0526HHNpm
מֶ֥לֶךְמ֥לךמֶלֶךְמלךMe.lekh[the] king ofH4428GHNcmsc
יְהוּדָֽה\׃יהודה\יְהוּדָֽה\׃יהודה\ye.hu.DahJudahH3063G\H9016HNpl
  1. Zefanja, Ook gemeenlijk genoemd Sofonias.
  2. Cuschi, Wie deze Cuschi en die hier na hem volgen geweest zijn, is ons nu onbekend, maar zij zijn buiten twijfel in die tijden vermaarde en welbekende mannen geweest; en het schijnt dat hier dit geslachtregister der voorouders van Zefanja gesteld is, om hem te onderscheiden van Zefanja, den zoon van Manaseja, die ook ten tijde van Josia geleefd heeft. De profeet Zefanja heeft ook geleefd en geprofeteerd ten tijde van Jeremia en van de profetes Hulda; verg. 2Ki 22:14 , en 2Ch 34:22 , en 2Ch 35:25 ; Jer 1:2 .
  3. in de dagen van Josia, Te weten, nadat Josia den kerkedienst en godsdienst gereformeerd had, gelijk af te leiden is uit vs.4.

2 Ik zal ganselijk alles wegrapen uit dit land, spreekt de Heere.12

Original Hebrew

אָסֹ֨ףאס֨ףאָסֹףאסף'a.Sofutterly <destroy>H0622HVqaa
אָסֵ֜ףאס֜ףאָסֵףאסף'a.SefI will bring to an endH5486HVqrmsa
כֹּ֗לכ֗לכֹּלכלKoleverythingH3605HNcmsa
מֵ/עַ֛למ/ע֛למֵ/עַלמ/עלme./'Alfrom/ onH9006H5921AHR+R
פְּנֵ֥יפנ֥יפְּנֵיפניpe.Nei[the] surface ofH6440JHNcmpc
הָ/אֲדָמָ֖הה/אדמ֖ההָ/אֲדָמָהה/אדמהha./'a.da.Mahthe/ groundH9009H0127IHTd+Ncfsa
נְאֻם\־נאם\נְאֻם\־נאם\ne.'um-[the] utterance ofH5002\H9014HNcmsc
יְהוָֽה\׃יהוה\יְהוָֽה\׃יהוה\Yah.wehYahwehH3068G\H9016HNpt
  1. ganselijk alles wegrapen Hebr. wegrapende wagrapen, te weten, door de koning der Chaldeën. Zie van de betekenis van het woord wegrapen Psa 26:9 .
  2. uit dit land, Hebr. van op het aangezicht van dit land, te weten, van het land Juda.

3 Ik zal wegrapen mensen en beesten; Ik zal wegrapen de vogelen des hemels, en de vissen der zee, en de ergernissen met de goddelozen; ja, Ik zal de mensen uit dit land uitroeien, spreekt de Heere.12

Original Hebrew

אָסֵ֨ףאס֨ףאָסֵףאסף'a.SefI will bring to an endH5486HVqrmsa
אָדָ֜םאד֜םאָדָםאדם'a.Damhuman beingH0120GHNcmsa
וּ/בְהֵמָ֗הו/בהמ֗הוּ/בְהֵמָהו/בהמהu./ve.he.Mahand/ animalH9002H0929HC+Ncfsa
אָסֵ֤ףאס֤ףאָסֵףאסף'a.SefI will bring to an endH5486HVqrmsa
עוֹף\־עוף\עוֹף\־עוף\'of-[the] bird[s] ofH5775\H9014HNcmsc
הַ/שָּׁמַ֙יִם֙ה/שמ֙ים֙הַ/שָּׁמַיִםה/שמיםha./sha.Ma.yimthe/ heavensH9009H8064HTd+Ncmpa
וּ/דְגֵ֣יו/דג֣יוּ/דְגֵיו/דגיu./de.Geiand/ [the] fish<es> ofH9002H1709HHC+Ncmpc
הַ/יָּ֔םה/י֔םהַ/יָּםה/יםhai./Yamthe/ seaH9009H3220GHTd+Ncmsa
וְ/הַ/מַּכְשֵׁל֖וֹתו/ה/מכשל֖ותוְ/הַ/מַּכְשֵׁלוֹתו/ה/מכשלותve./ha./makh.she.Lotand/ the/ stumbling-blocksH9002H9009H4384HC+Td+Ncfpa
אֶת\־את\אֶת\־את\'et-withH0854\H9014HR
הָ/רְשָׁעִ֑יםה/רשע֑יםהָ/רְשָׁעִיםה/רשעיםha./re.sha.'Imthe/ wicked [people]H9009H7563HTd+Ncmpa
וְ/הִכְרַתִּ֣יו/הכרת֣יוְ/הִכְרַתִּיו/הכרתיve./hikh.ra.Tiand/ I will cut offH9001H3772IHc+Vhq1cs
אֶת\־את\אֶת\־את\'et-<obj.>H0853\H9014HTo
הָ/אָדָ֗םה/אד֗םהָ/אָדָםה/אדםha./'a.Dam<the>/ humankindH9009H0120GHTd+Ncmsa
מֵ/עַ֛למ/ע֛למֵ/עַלמ/עלme./'Alfrom/ onH9006H5921AHR+R
פְּנֵ֥יפנ֥יפְּנֵיפניpe.Nei[the] surface ofH6440JHNcmpc
הָ/אֲדָמָ֖הה/אדמ֖ההָ/אֲדָמָהה/אדמהha./'a.da.Mahthe/ groundH9009H0127IHTd+Ncfsa
נְאֻם\־נאם\נְאֻם\־נאם\ne.'um-[the] utterance ofH5002\H9014HNcmsc
יְהוָֽה\׃יהוה\יְהוָֽה\׃יהוה\Yah.wehYahwehH3068G\H9016HNpt
  1. beesten; Hier worden ook de dieren vermengd onder de straffen, die de mensen met hunne zonden verdiend hebben, om te doen blijken hoe gruwelijk de zonde voor God is. Verg. Jer 4:23 , Jer 4:25-27 , en Jer 9:10 ; Hos 4:3 .
  2. de ergernissen met de goddelozen; Of, de aanstotingen, te weten, het overblijfsel van den Baäl, vs.4, gelijk waren afgoden, kapellen en alle gereedschap, behorende tot de afgoderij, want hierdoor werden de godzaligen geërgerd en bedroefd en van den waren godsdienst afgeleid; zie Eze 14:3 , Eze 14:7 .

4 En Ik zal Mijn hand uitstrekken tegen Juda, en tegen alle inwoners van Jeruzalem; en Ik zal uit deze plaats uitroeien het overblijfsel van Baäl, en den naam der Chemarim met de priesters;123456

Original Hebrew

וְ/נָטִ֤יתִיו/נט֤יתיוְ/נָטִיתִיו/נטיתיve./na.Ti.tiand/ I will stretch outH9001H5186Hc+Vqq1cs
יָדִ/י֙יד/י֙יָדִ/ייד/יya.D/ihand/ myH3027GH9020HNcbsc+Sp1bs
עַל\־על\עַל\־על\'al-onH5921A\H9014HR
יְהוּדָ֔היהוד֔היְהוּדָהיהודהye.hu.DahJudahH3063GHNpl
וְ/עַ֖לו/ע֖לוְ/עַלו/עלve./'Aland/ onH9002H5921AHC+R
כָּל\־כל\כָּל\־כל\kol-allH3605\H9014HNcmsc
יוֹשְׁבֵ֣ייושב֣ייוֹשְׁבֵייושביyo.she.Vei[the] inhabitants ofH3427HVqrmpc
יְרוּשָׁלִָ֑םירושל֑םיְרוּשָׁלִָםירושלםye.ru.sha.LimJerusalemH3389HNpl
וְ/הִכְרַתִּ֞יו/הכרת֞יוְ/הִכְרַתִּיו/הכרתיve./hikh.ra.Tiand/ I will cut offH9001H3772GHc+Vhq1cs
מִן\־מן\מִן\־מן\min-fromH4480A\H9014HR
הַ/מָּק֤וֹםה/מק֤וםהַ/מָּקוֹםה/מקוםha./ma.Komthe/ placeH9009H4725HTd+Ncmsa
הַ/זֶּה֙ה/זה֙הַ/זֶּהה/זהha./Zeh<the>/ thisH9009H2088HTd+Tm
אֶת\־את\אֶת\־את\'et-<obj.>H0853\H9014HTo
שְׁאָ֣רשא֣רשְׁאָרשארshe.'Ar[the] remnant ofH7605HNcmsc
הַ/בַּ֔עַלה/ב֔עלהַ/בַּעַלה/בעלha./Ba.'al<the>/ BaalH9009H1168AHTd+Ntmsa
אֶת\־את\אֶת\־את\'et-<obj.>H0853\H9014HTo
שֵׁ֥םש֥םשֵׁםשםshem[the] name ofH8034HNcmsc
הַ/כְּמָרִ֖יםה/כמר֖יםהַ/כְּמָרִיםה/כמריםha./ke.ma.Rimthe/ pagan priestsH9009H3649HTd+Ncmpa
עִם\־עם\עִם\־עם\'im-withH5973A\H9014HR
הַ/כֹּהֲנִֽים\׃ה/כהנים\הַ/כֹּהֲנִֽים\׃ה/כהנים\ha./ko.ha.Nimthe/ priestsH9009H3548\H9016HTd+Ncmpa
  1. En Ik zal Mijn hand Anders: dat is, in welke betekenis de letter Vau dikwijls genomen wordt.
  2. uitstrekken tegen Juda, Te weten, om te slaan.
  3. uit deze plaats uitroeien Te weten, uit Juda en Jeruzalem.
  4. het overblijfsel van Baäl, Dat is, het gereedschap, dienende tot den afgodischen dienst van Baäl, welken de vrome koning Josia niet ten enemale heeft kunnen uitroeien. Doch anderen verstaan dit van het overblijfsel der afgoderij, die na het wegvoeren van de tien stammen naar Assyrië, onder het volk van God, zelfs in Juda, nog overgebleven was.
  5. der Chemárim Zie de aantekening bij 2Ki 23:5 , wat door de chemarin te verstaan is.
  6. met de priesters; Versta hier, die priesters, die zich met afgoderij bezoedeld en ontheiligd hadden in den algemenen afval. Zie 2Ki 23:9 , en Zep 3:4 .

5 En die zich nederbuigen op de daken voor het heir des hemels, en die zich nederbuigende zweren bij den Heere, en zweren bij Malcham;1234567

Original Hebrew

וְ/אֶת\־ו/את\וְ/אֶת\־ו/את\ve./'Etand/ <obj.>H9002H0853\H9014HC+To
הַ/מִּשְׁתַּחֲוִ֥יםה/משתחו֥יםהַ/מִּשְׁתַּחֲוִיםה/משתחויםha./mish.ta.cha.Vimthose/ [who] bow downH9009H7812HTd+Vtrmpa
עַל\־על\עַל\־על\'al-onH5921A\H9014HR
הַ/גַּגּ֖וֹתה/גג֖ותהַ/גַּגּוֹתה/גגותha./ga.Gotthe/ roofsH9009H1406HTd+Ncfpa
לִ/צְבָ֣אל/צב֣אלִ/צְבָאל/צבאli/tz.Va'to/ [the] host ofH9005H6635AHR+Ncmsc
הַ/שָּׁמָ֑יִםה/שמ֑יםהַ/שָּׁמָיִםה/שמיםha./sha.Ma.yimthe/ heavensH9009H8064HTd+Ncmpa
וְ/אֶת\־ו/את\וְ/אֶת\־ו/את\ve./'Etand/ <obj.>H9002H0853\H9014HC+To
הַ/מִּֽשְׁתַּחֲוִים֙ה/משתחוים֙הַ/מִּֽשְׁתַּחֲוִיםה/משתחויםha./mish.ta.cha.Vimthose/ [who] bow downH9009H7812HTd+Vtrmpa
הַ/נִּשְׁבָּעִ֣יםה/נשבע֣יםהַ/נִּשְׁבָּעִיםה/נשבעיםha./nish.ba.'Imthose/ [who] swear an oathH9009H7650HTd+VNrmpa
לַֽ/יהוָ֔הל/יהו֔הלַֽ/יהוָהל/יהוהla./Yah.wehto/ YahwehH9005H3068GHR+Npt
וְ/הַ/נִּשְׁבָּעִ֖יםו/ה/נשבע֖יםוְ/הַ/נִּשְׁבָּעִיםו/ה/נשבעיםve./ha./nish.ba.'Imand/ those/ [who] swear an oathH9002H9009H7650HC+Td+VNrmpa
בְּ/מַלְכָּֽם\׃ב/מלכם\בְּ/מַלְכָּֽם\׃ב/מלכם\be./mal.Kamby/ MilcomH9003H4428K\H9016HR+Npt
  1. En Te weten, Ik zal uitroeien.
  2. die zich nederbuigende Dat is, niet allen degenen, die openbare afgodendienaars waren, maar ook hen, die een vermengde religie hebben en die nevens of met hunne afgoden ook den ware God dienen willen. Hetwelk God verbiedt 1Ki 18:21 , en 2Ki 17:33 ; Eze 20:39 .
  3. de daken Die in Judea en andere landen daar omheen, plat waren; zie de aantekening bij Deu 22:8 , en op welke zij dikwijls hunne afgoderij bedreven; zie 2Ki 23:12 , en Jer 19:13 .
  4. het heir des hemels, Dat is, voor de sterren, zon en maan. Zie de aantekening bij Deu 4:19 , en Jer 7:18 , en Jer 10:2 .
  5. zweren bij den HEERE, Of, den Heere zweren, gelijk 2Ch 15:14 ; hetwelk betekent Gode gehoorzaamheid en onderhouding zijner geboden beloven, en zich Gode heiligen en overgeven.
  6. zweren Zie de aantekening bij Jer 49:1 .
  7. bij Malcham; Of, Melech, of Moloch, den afgod der kinderen Ammons. Doch onder dezen afgod kan men ook alle andere afgodenn verstaan, welken de afgodendienaars noemden hunne koningin. Melech betekent in het Hebr. een koning.

6 En die terugkeren van achter den Heere; en die den Heere niet zoeken, en vragen naar Hem niet.

Original Hebrew

וְ/אֶת\־ו/את\וְ/אֶת\־ו/את\ve./'Etand/ <obj.>H9002H0853\H9014HC+To
הַ/נְּסוֹגִ֖יםה/נסוג֖יםהַ/נְּסוֹגִיםה/נסוגיםha./ne.so.Gimthose/ [who] have turned backH9009H5472HTd+VNrmpa
מֵ/אַחֲרֵ֣ימ/אחר֣ימֵ/אַחֲרֵימ/אחריme./'a.cha.Reifrom/ afterH9006H0310AHR+Acmpc
יְהוָ֑היהו֑היְהוָהיהוהYah.wehYahwehH3068GHNpt
וַ/אֲשֶׁ֛רו/אש֛רוַ/אֲשֶׁרו/אשרva./'a.Sherand/ [those] whoH9002H0834AHC+Tr
לֹֽא\־לא\לֹֽא\־לא\lo'-notH3808\H9014HTn
בִקְשׁ֥וּבקש֥ובִקְשׁוּבקשוvik.Shuthey have soughtH1245HVpp3cp
אֶת\־את\אֶת\־את\'et-<obj.>H0853\H9014HTo
יְהוָ֖היהו֖היְהוָהיהוהYah.wehYahwehH3068GHNpt
וְ/לֹ֥או/ל֥אוְ/לֹאו/לאve./Lo'and/ notH9002H3808HC+Tn
דְרָשֻֽׁ/הוּ\׃דרש/הו\דְרָשֻֽׁ/הוּ\׃דרש/הו\de.ra.Shu./huthey have sought/ himH1875H9033\H9016HVqp3cp+Sp3ms

7 Zwijgt voor het aangezicht des Heeren Heeren; want de dag des Heeren is nabij; want de Heere heeft een slachtoffer bereid, Hij heeft Zijn genoden geheiligd.123456

Original Hebrew

הַ֕סה֕סהַסהסhashush!H2013HVpv2ms
מִ/פְּנֵ֖ימ/פנ֖ימִ/פְּנֵימ/פניmi./pe.Neifrom/ beforeH9006H6440GHR+Ncmpc
אֲדֹנָ֣יאדנ֣יאֲדֹנָיאדני'a.do.Nai[the] LordH0136HNpt
יְהוִ֑היהו֑היְהוִהיהוהYah.wehYahwehH3069HNpt
כִּ֤יכ֤יכִּיכיkiforH3588AHTc
קָרוֹב֙קרוב֙קָרוֹבקרובka.rOv[is] nearH7138HAamsa
י֣וֹםי֣וםיוֹםיוםYom[the] day ofH3117GHNcmsc
יְהוָ֔היהו֔היְהוָהיהוהYah.wehYahwehH3068GHNpt
כִּֽי\־כי\כִּֽי\־כי\ki-forH3588A\H9014HTc
הֵכִ֧יןהכ֧יןהֵכִיןהכיןhe.Khinhe has preparedH3559AHVhp3ms
יְהוָ֛היהו֛היְהוָהיהוהYah.wehYahwehH3068GHNpt
זֶ֖בַחז֖בחזֶבַחזבחZe.vacha sacrificeH2077HNcmsa
הִקְדִּ֥ישׁהקד֥ישהִקְדִּישׁהקדישhik.Dishhe has consecratedH6942GHVhp3ms
קְרֻאָֽי/ו\׃קראי/ו\קְרֻאָֽי/ו\׃קראי/ו\ke.ru.'A/vinvited [ones]/ hisH7121GH9023\H9016HVqsmpc+Sp3ms
  1. Zwijgt Dat is, murmureert niet tegen den Heere, maar bekent dat Hij oprecht oordeelt. Of, houdt u maar stil, gij zult in het kort de uitvoering zijner dreigementen zien.
  2. voor het aangezicht des Heeren HEEREN; Dat is, vanwege de tegenwoordigheid des Heeren.
  3. de dag des HEEREN is nabij; Te weten, de dag der wraak des Heere, in welken Hij de goddeloze afgodische Joden straffen zal. Alzo vs.14. Van den dood van den koning Josia af zijn de Joden geduriglijk van de ene ellende in de andere vervallen, totdat hunne koningen en zij met hen ten ondergebracht zijn geworden.
  4. een slachtoffer bereid, Of, een slachtmaaltijd, tot welken men vee slachtte. Het Hebr. woord betekent ook een beest, hetwelk geslacht werd om geofferd te worden. En versta hier, door deze slachting, ene slachting der Joden. Zie dergelijke manier van spreken Isa 34:6 ; Jer 46:10 , en Rev 19:17 .
  5. Zijn genoden Versta door deze genodigde gasten de Chaldeën en andere vijanden der Joden, die uit hun eigen land naar Jeruzalem komen zouden, om daar alles te vermoorden en te roven. Doch men kan hier ook wel door de genodigden verstaan de vogelen des hemels en de wilde dieren des velds, die het vlees der gedode Joden eten zouden, gelijk Deu 28:26 , en Eze 39:17 .
  6. geheiligd Dat is, bereid of afgezonderd. Zie Jer 12:3 .

8 En het zal geschieden in den dag van het slachtoffer des Heeren, dat Ik bezoeking zal doen over de vorsten, en over de kinderen des konings, en over allen, die zich kleden met vreemde kleding.123

Original Hebrew

וְ/הָיָ֗הו/הי֗הוְ/הָיָהו/היהve./ha.Yahand/ it will beH9001H1961Hc+Vqq3ms
בְּ/יוֹם֙ב/יום֙בְּ/יוֹםב/יוםbe./yOmon/ [the] day ofH9003H3117GHR+Ncmsc
זֶ֣בַחז֣בחזֶבַחזבחZe.vach[the] sacrifice ofH2077HNcmsc
יְהוָ֔היהו֔היְהוָהיהוהYah.wehYahwehH3068GHNpt
וּ/פָקַדְתִּ֥יו/פקדת֥יוּ/פָקַדְתִּיו/פקדתיu./fa.kad.Tiand/ I will visit [judgment]H9001H6485HHc+Vqq1cs
עַל\־על\עַל\־על\'al-onH5921A\H9014HR
הַ/שָּׂרִ֖יםה/שר֖יםהַ/שָּׂרִיםה/שריםha./sa.Rimthe/ princesH9009H8269HTd+Ncmpa
וְ/עַל\־ו/על\וְ/עַל\־ו/על\ve./'al-and/ onH9002H5921A\H9014HC+R
בְּנֵ֣יבנ֣יבְּנֵיבניbe.Nei[the] sons ofH1121AHNcmpc
הַ/מֶּ֑לֶךְה/מ֑לךהַ/מֶּלֶךְה/מלךha./Me.lekhthe/ kingH9009H4428GHTd+Ncmsa
וְ/עַ֥לו/ע֥לוְ/עַלו/עלve./'Aland/ onH9002H5921AHC+R
כָּל\־כל\כָּל\־כל\kol-allH3605\H9014HNcmsa
הַ/לֹּבְשִׁ֖יםה/לבש֖יםהַ/לֹּבְשִׁיםה/לבשיםha./loe.Shimthose/ [who] are clothedH9009H3847HTd+Vqrmpa
מַלְבּ֥וּשׁמלב֥ושמַלְבּוּשׁמלבושmal.BushclothingH4403HNcmsa
נָכְרִֽי\׃נכרי\נָכְרִֽי\׃נכרי\na.khe.RiforeignH5237\H9016HAamsa
  1. dat Ik bezoeking zal doen Voor dat Hij, te weten de Heere. Alzo vs.7.
  2. over de kinderen des konings, Zie de vervulling Jer 39:6 .
  3. die zich kleden met vreemde kleding Hebr. die zich kleden met de klederen van een vreemd [volk], denheidenen ten gevalle. Anderen verstaan de dartele en brooddronken willen, niet tevreden zijnde met de gewone dracht der klederen in hun land gebruikelijk, maar willen het alles naar een nieuwe mode en uitlands fatsoen hebben.

9 Ook zal Ik ten zelven dage bezoeking doen over al wie over den dorpel springt; die het huis hunner heren vullen met geweld en bedrog.1234

Original Hebrew

וּ/פָקַדְתִּ֗יו/פקדת֗יוּ/פָקַדְתִּיו/פקדתיu./fa.kad.Tiand/ I will visit [judgment]H9001H6485HHc+Vqq1cs
עַ֧לע֧לעַלעל'alonH5921AHR
כָּל\־כל\כָּל\־כל\kol-everyH3605\H9014HNcmsc
הַ/דּוֹלֵ֛גה/דול֛גהַ/דּוֹלֵגה/דולגha./do.Leg<the>/ [one who] leapsH9009H1801HTd+Vqrmsa
עַל\־על\עַל\־על\'al-overH5921A\H9014HR
הַ/מִּפְתָּ֖ןה/מפת֖ןהַ/מִּפְתָּןה/מפתןha./mif.Tanthe/ thresholdH9009H4670HTd+Ncmsa
בַּ/יּ֣וֹםב/י֣וםבַּ/יּוֹםב/יוםba/i.Yomon the/ dayH9003H3117GHRd+Ncmsa
הַ/ה֑וּאה/ה֑ואהַ/הוּאה/הואha./Hu'<the>/ thatH9009H1931HTd+Pp3ms
הַֽ/מְמַלְאִ֛יםה/ממלא֛יםהַֽ/מְמַלְאִיםה/ממלאיםha./mal.'Imthose/ [who] fillH9009H4390HTd+Vprmpa
בֵּ֥יתב֥יתבֵּיתביתbeit[the] house ofH1004BHNcmsc
אֲדֹנֵי/הֶ֖םאדני/ה֖םאֲדֹנֵי/הֶםאדני/הם'a.do.nei./Hemlord<s>/ theirH0113H9028HNcmpc+Sp3mp
חָמָ֥סחמ֥סחָמָסחמסcha.MasviolenceH2555HNcmsa
וּ/מִרְמָֽה\׃\ \סו/מרמה\\ \סוּ/מִרְמָֽה\׃\ \סו/מרמה\\ \סu./mir.Mahand/ deceitH9002H4820\H9016\ \H9018HC+Ncfsa
  1. bezoeking doen Dat is, Ik zal straffen.
  2. over al wie over den dorpel springt; Dat is, die met geweld in het huis van een anderen man invalt, om zijnen naaste te beroven. Of, die hunne palen overtreden en in het land van hun naasten overtreden. Hos 5:10 . Of, die met buit en roof geladen zijnde, tehuis komen, en met vreugde daarin springen.
  3. die het huis hunner heren vullen Dat is, die mede zulke stukken helpen verrichten, gelijk der grote heren dienaren wel plachten de hand mede te slaan aan zulke lelijke stukken die hunne heren bedrijven.
  4. met geweld en bedrog Dat is, met rijkdom door geweld en bedrog samengebracht.

10 En er zal te dien dage, spreekt de Heere, een stem des gekrijts zijn van de Vispoort af, en een gehuil van het tweede gedeelte, en een grote breuk van de heuvelen af.123456

Original Hebrew

וְ/הָיָה֩ו/היה֩וְ/הָיָהו/היהve./ha.Yahand/ it will beH9001H1961Hc+Vqq3ms
בַ/יּ֨וֹםב/י֨וםבַ/יּוֹםב/יוםva/i.Yomon the/ dayH9003H3117GHRd+Ncmsa
הַ/ה֜וּאה/ה֜ואהַ/הוּאה/הואha./Hu'<the>/ thatH9009H1931HTd+Pp3ms
נְאֻם\־נאם\נְאֻם\־נאם\ne.'um-[the] utterance ofH5002\H9014HNcmsc
יְהוָ֗היהו֗היְהוָהיהוהYah.wehYahwehH3068GHNpt
ק֤וֹלק֤ולקוֹלקולKol[the] sound ofH6963AHNcmsc
צְעָקָה֙צעקה֙צְעָקָהצעקהtze.'a.Kaha cry of distressH6818HNcfsa
מִ/שַּׁ֣עַרמ/ש֣ערמִ/שַּׁעַרמ/שערmi./Sha.'arfrom/ [the] gate ofH9006H8179GHR+Ncmsc
הַ/דָּגִ֔יםה/דג֔יםהַ/דָּגִיםה/דגיםha./da.Gimthe/ fish<es>H9009H1709GHTd+Ncmpa
וִֽ/ילָלָ֖הו/ילל֖הוִֽ/ילָלָהו/יללהvi./la.Lahand/ wailingH9002H3215HC+Ncfsa
מִן\־מן\מִן\־מן\min-fromH4480A\H9014HR
הַ/מִּשְׁנֶ֑הה/משנ֑ההַ/מִּשְׁנֶהה/משנהha./mish.Nehthe/ second districtH9009H4932GHTd+Ncmsa
וְ/שֶׁ֥בֶרו/ש֥ברוְ/שֶׁבֶרו/שברve./She.verand/ a crashingH9002H7667HC+Ncmsa
גָּד֖וֹלגד֖ולגָּדוֹלגדולga.DolgreatH1419AHAamsa
מֵ/הַ/גְּבָעֽוֹת\׃מ/ה/גבעות\מֵ/הַ/גְּבָעֽוֹת\׃מ/ה/גבעות\me./ha./ge.va.'otfrom/ the/ hillsH9006H9009H1389I\H9016HR+Td+Ncfpa
  1. te dien dage, Te weten, als de Chaldeën zullen komen en de stad overvallen.
  2. een stem des gekrijts zijn Te weten, der burgers te Jeruzalem, onderstaande uit den inval of overval der Chaldeën.
  3. de Vispoort af, Van deze poort wordt ook gewag gemaakt Neh 3:3 ; zij was de naaste van al de poorten van Jeruzalem naar de zee, aan die zijde der stad waar men ging naar Diospoli en Joppe.
  4. het tweede gedeelte, Anders genoemd de middelstad; zie de aantekening op 2Ki 20:4 , en 2Ki 22:14 . Anders: de tweede [poort].
  5. een grote breuk Dat is, een grote jammer, ellende, moordgeschrei. Als men met zulk geweld roept en schreeuwt, dat schier de keel scheurt of kraakt, en dat er de lucht van breekt en scheurt.
  6. van de heuvelen af Dat is, van die zijde der stad waar verscheidene heuvels lagen, naar de drekpoort aan. Zie Jer 31:39 , en de aantekening aldaar. Aan welk oord ook de Olijfberg lag. In een woord, de profeet wil in dit vers te kennen geven dat er grote jammer zou wezen aan alle hoeken en kanten der stad, van welke drie hier genoemd worden, waaronder de anderen verstaan worden.

11 Huilt, gij inwoners der laagte! Want al het volk van koophandel is uitgehouwen, al de gelddragers zijn uitgeroeid.1234

Original Hebrew

הֵילִ֖ילוּהיל֖ילוהֵילִילוּהילילוhei.Li.luwailH3213HVhv2mp
יֹשְׁבֵ֣יישב֣ייֹשְׁבֵיישביyo.she.VeiO inhabitants ofH3427HVqrmpc
הַ/מַּכְתֵּ֑שׁה/מכת֑שהַ/מַּכְתֵּשׁה/מכתשha./makh.Teshthe/ MortarH9009H4389HTd+Ncmsa
כִּ֤יכ֤יכִּיכיkiforH3588AHTc
נִדְמָה֙נדמה֙נִדְמָהנדמהnid.Mahit will be destroyedH1820HVNp3ms
כָּל\־כל\כָּל\־כל\kol-allH3605\H9014HNcmsc
עַ֣םע֣םעַםעם'am[the] people ofH5971AHNcmsc
כְּנַ֔עַןכנ֔עןכְּנַעַןכנעןke.Na.'anCanaanH3667BHNpl
נִכְרְת֖וּנכרת֖ונִכְרְתוּנכרתוnikh.re.Tuthey will be cut offH3772IHVNp3cp
כָּל\־כל\כָּל\־כל\kol-allH3605\H9014HNcmsc
נְטִ֥ילֵינט֥ילינְטִילֵינטיליne.Ti.lei[the] weighers ofH5187HAampc
כָֽסֶף\׃כסף\כָֽסֶף\׃כסף\Kha.sefsilverH3701G\H9016HNcmsa
  1. der laagte Eenigen behouden het Hebr. woord machtes in den tekst. Anderen vertalen het in de kramerstraat, of in de apothekers, of kruideniersstraat. Het Hebr. woord betekent eigenlijk een mortier; het schijnt dat het de naam van een zekere straat binnen Jeruzalem geweest is, de mortierstraat genoemd, omdat men daar dagelijks den mortier hoorde klinken, gelijk dan de apothekers en kruideniers dien dagelijks gebruikten, om hunne kruiden of medicijnen daarin te stoten. Anders: in de holligheid, of holle straat; dat is, waar veel kelders waren, waarin die kooplieden hunne waren legden. Hier woonden ook de goudsmeden, gelijk af te leiden is uit Neh 3:8 , Neh 3:31-32 .
  2. koophandel is Of, kramervolk of handelaars, kooplieden. Anders: het volk van Kanaän, hetwelk voor kooplieden genomen wordt, omdat de Kanaänieten groten koophandel dreven.
  3. uitgehouwen, Of, uitgedelgd; dat is, zullen uitgeroeid worden. Anders: zullen zwijgen, of stil zijn, hetzij dat er geen nering meer wezen zal, of dat zij dood zullen wezen.
  4. de gelddragers zijn uitgeroeid Of, allen die met geld beladen zijn, te weten, de kooplieden en hunne schrijvers, kassiers en wisselaars, die geld over en weer dragen om waren te kopen en te betalen.

12 En het zal geschieden te dien tijde, Ik zal Jeruzalem met lantaarnen doorzoeken; en Ik zal bezoeking doen over de mannen, die stijf geworden zijn op hun droesem, die in hun hart zeggen: De Heere doet geen goed, en Hij doet geen kwaad.12345

Original Hebrew

וְ/הָיָה֙ו/היה֙וְ/הָיָהו/היהve./ha.Yahand/ it will beH9001H1961Hc+Vqq3ms
בָּ/עֵ֣תב/ע֣תבָּ/עֵתב/עתba./'Etat the/ timeH9003H6256HRd+Ncbsa
הַ/הִ֔יאה/ה֔יאהַ/הִיאה/היאha./Hi'<the>/ thatH9009H1931HTd+Pp3fs
אֲחַפֵּ֥שׂאחפ֥שאֲחַפֵּשׂאחפש'a.cha.PesI will searchH2664HVpi1cs
אֶת\־את\אֶת\־את\'et-<obj.>H0853\H9014HTo
יְרוּשָׁלִַ֖םירושל֖םיְרוּשָׁלִַםירושלםye.ru.sha.LimJerusalemH3389HNpl
בַּ/נֵּר֑וֹתב/נר֑ותבַּ/נֵּרוֹתב/נרותba./ne.Rotwith <the>/ lampsH9003H5216AHRd+Ncfpa
וּ/פָקַדְתִּ֣יו/פקדת֣יוּ/פָקַדְתִּיו/פקדתיu./fa.kad.Tiand/ I will visit [judgment]H9001H6485HHc+Vqq1cs
עַל\־על\עַל\־על\'al-onH5921A\H9014HR
הָ/אֲנָשִׁ֗יםה/אנש֗יםהָ/אֲנָשִׁיםה/אנשיםha./'a.na.Shimthe/ peopleH9009H0582HTd+Ncmpa
הַ/קֹּֽפְאִים֙ה/קפאים֙הַ/קֹּֽפְאִיםה/קפאיםha./ko.fe.'Imwho/ are thickeningH9009H7087AHTd+Vqrmpa
עַל\־על\עַל\־על\'al-onH5921A\H9014HR
שִׁמְרֵי/הֶ֔םשמרי/ה֔םשִׁמְרֵי/הֶםשמרי/הםshim.rei./Hemlees/ theirH8105H9028HNcmpc+Sp3mp
הָ/אֹֽמְרִים֙ה/אמרים֙הָ/אֹֽמְרִיםה/אמריםha./'o.me.Rimwho/ are sayingH9009H0559HTd+Vqrmpa
בִּ/לְבָבָ֔/םב/לבב֔/םבִּ/לְבָבָ/םב/לבב/םbi/l.va.Va/min/ heart/ theirH9003H3824H9028HR+Ncmsc+Sp3mp
לֹֽא\־לא\לֹֽא\־לא\lo'-notH3808\H9014HTn
יֵיטִ֥יבייט֥יביֵיטִיבייטיבyei.Tivhe will do goodH3190HVhi3ms
יְהוָ֖היהו֖היְהוָהיהוהYah.wehYahwehH3068GHNpt
וְ/לֹ֥או/ל֥אוְ/לֹאו/לאve./Lo'and/ notH9002H3808HC+Tn
יָרֵֽעַ\׃ירע\יָרֵֽעַ\׃ירע\ya.Re.a'he will do harmH7489A\H9016HVhi3ms
  1. Ik zal Jeruzalem Te weten, Ik de Heere.
  2. met lantaarnen doorzoeken; Dat is, met grote naarstigheid: Ik zal maken dat de Chaldeën en andere vreemde soldaten al den schat en rijkdom zullen zoeken, en alles wegnemen. Of het betekent dat God op het nauwste de zonden van het volk zal bezoeken en straffen.
  3. de mannen, Of, die lieden.
  4. die stijf geworden zijn op hun droesem, Of, die op hunne heffen, of gest liggen; dat is, die gerust en zorgeloos zijn en in vleselijke zekerheid leven. Anders: die met hunne hef vermengd zijn; dat is, die allerlei vuiligheid der zonden en der ondeugden opwerpen en als uitgisten, gelijk de nieuwe wijn doet; lees Jer 48:11 .
  5. De HEERE doet geen goed, en Hij doet geen kwaad De zin is: God past op de regering der wereld niet, Hij straft en beloont nieumand naar zijn verdiensten.

13 Daarom zal hun vermogen ten roof worden, en hun huizen tot verwoesting; zij bouwen wel huizen, maar zij zullen ze niet bewonen; en zij planten wijngaarden, maar zij zullen derzelver wijn niet drinken.123

Original Hebrew

וְ/הָיָ֤הו/הי֤הוְ/הָיָהו/היהve./ha.Yahand/ it will becomeH9001H1961Hc+Vqq3ms
חֵילָ/ם֙חיל/ם֙חֵילָ/םחיל/םchei.La/mwealth/ theirH2428HH9028HNcmsc+Sp3mp
לִ/מְשִׁסָּ֔הל/משס֔הלִ/מְשִׁסָּהל/משסהli/m.shi.Sah<into>/ plunderH9005H4933HR+Ncfsa
וּ/בָתֵּי/הֶ֖םו/בתי/ה֖םוּ/בָתֵּי/הֶםו/בתי/הםu./va.tei./Hemand/ houses/ theirH9002H1004BH9028HC+Ncmpc+Sp3mp
לִ/שְׁמָמָ֑הל/שממ֑הלִ/שְׁמָמָהל/שממהli/sh.ma.Mah<into>/ a desolationH9005H8077AHR+Ncfsa
וּ/בָנ֤וּו/בנ֤ווּ/בָנוּו/בנוu./va.Nuand/ they will buildH9001H1129Hc+Vqq3cp
בָתִּים֙בתים֙בָתִּיםבתיםva.TimhousesH1004BHNcmpa
וְ/לֹ֣או/ל֣אוְ/לֹאו/לאve./Lo'and/ notH9002H3808HC+Tn
יֵשֵׁ֔בוּיש֔בויֵשֵׁבוּישבוye.She.vuthey will dwell [in them]H3427HVqi3mp
וְ/נָטְע֣וּו/נטע֣ווְ/נָטְעוּו/נטעוve./na.te.'Uand/ they will plantH9001H5193Hc+Vqq3cp
כְרָמִ֔יםכרמ֔יםכְרָמִיםכרמיםkhe.ra.MimvineyardsH3754HNcmpa
וְ/לֹ֥או/ל֥אוְ/לֹאו/לאve./Lo'and/ notH9002H3808HC+Tn
יִשְׁתּ֖וּישת֖ויִשְׁתּוּישתוyish.Tuthey will drinkH8354HVqi3mp
אֶת\־את\אֶת\־את\'et-<obj.>H0853\H9014HTo
יֵינָֽ/ם\׃יינ/ם\יֵינָֽ/ם\׃יינ/ם\yei.Na/mwine/ theirH3196H9028\H9016HNcmsc+Sp3mp
  1. hun vermogen ten roof worden, Dat is, hun rijkdom. Wat deze dreigementen aangaat, zie daarvan Lev 26:32 ; Deu 28:30 .
  2. zij bouwen wel huizen, Zie Amo 5:11 ; Mic 2:2 , Mic 2:4 , en Mic 3:10 , Mic 3:12 .
  3. zij zullen ze niet bewonen; Dat is, zij zullen ze niet lang bewonen. Zie Deu 28:30 , Deu 28:39 .

14 De grote dag des Heeren is nabij; hij is nabij, en zeer haastende; de stem van den dag des Heeren; de held zal aldaar bitterlijk schreeuwen.1234

Original Hebrew

קָר֤וֹבקר֤ובקָרוֹבקרובka.Rov[is] nearH7138HAamsa
יוֹם\־יום\יוֹם\־יום\yom-[the] day ofH3117G\H9014HNcmsc
יְהוָה֙יהוה֙יְהוָהיהוהYah.wehYahwehH3068GHNpt
הַ/גָּד֔וֹלה/גד֔ולהַ/גָּדוֹלה/גדולha./ga.Dol<the>/ greatH9009H1419AHTd+Aamsa
קָר֖וֹבקר֖ובקָרוֹבקרובka.RovnearH7138HAabsa
וּ/מַהֵ֣רו/מה֣רוּ/מַהֵרו/מהרu./ma.Herand/ hurryingH9002H4118AHC+Vpcc
מְאֹ֑דמא֑דמְאֹדמאדme.'OdexceedinglyH3966HAcmsa
ק֚וֹלק֚ולקוֹלקולKol[the] sound ofH6963HHNcmsc
י֣וֹםי֣וםיוֹםיוםYom[the] day ofH3117GHNcmsc
יְהוָ֔היהו֔היְהוָהיהוהYah.wehYahwehH3068GHNpt
מַ֥רמ֥רמַרמרmarbitterH4751HAamsa
צֹרֵ֖חַצר֖חצֹרֵחַצרחtzo.Re.ach[is] shouting outH6873HVqrmsa
שָׁ֥םש֥םשָׁםשםshamthereH8033GHD
גִּבּֽוֹר\׃גבור\גִּבּֽוֹר\׃גבור\gi.Bora warriorH1368\H9016HNcmsa
  1. De grote dag des HEEREN is nabij; Dat is, de dag in welken de Heere zwaarlijk straffen zal. Zie vs.7.
  2. de stem van den dag des HEEREN; Verg. Psa 29:3-5 ; Jer 4:19 , enz.
  3. de held zal Hoeveel meer de zwakke of kleinhartige mannen, mitsgaders vrouwen en kinderen.
  4. aldaar bitterlijk schreeuwen Dat is, alsdan, gelijk Psa 14:5 . Of, aldaar; dat is te Jeruzalem.

15 Die dag zal een dag der verbolgenheid zijn; een dag der benauwdheid en des angstes, een dag der woestheid en verwoesting, een dag der duisternis en der donkerheid, een dag der wolk en der dikke donkerheid;1

Original Hebrew

י֥וֹםי֥וםיוֹםיוםYom[will be] a day ofH3117GHNcmsc
עֶבְרָ֖העבר֖העֶבְרָהעברה'ev.RahfuryH5678HNcfsa
הַ/יּ֣וֹםה/י֣וםהַ/יּוֹםה/יוםhai./Yomthe/ dayH9009H3117GHTd+Ncmsa
הַ/ה֑וּאה/ה֑ואהַ/הוּאה/הואha./Hu'<the>/ thatH9009H1931HTd+Pp3ms
י֧וֹםי֧וםיוֹםיוםYoma day ofH3117GHNcmsc
צָרָ֣הצר֣הצָרָהצרהtza.RahtroubleH6869BHNcfsa
וּ/מְצוּקָ֗הו/מצוק֗הוּ/מְצוּקָהו/מצוקהu./me.tzu.Kahand/ distressH9002H4691HC+Ncfsa
י֤וֹםי֤וםיוֹםיוםYoma day ofH3117GHNcmsc
שֹׁאָה֙שאה֙שֹׁאָהשאהsho.'AhdevastationH7722BHNcfsa
וּ/מְשׁוֹאָ֔הו/משוא֔הוּ/מְשׁוֹאָהו/משואהu./me.sho.'Ahand/ desolationH9002H4875HC+Ncfsa
י֥וֹםי֥וםיוֹםיוםYoma day ofH3117GHNcmsc
חֹ֙שֶׁךְ֙ח֙שך֙חֹשֶׁךְחשךcho.shekhdarknessH2822HNcmsa
וַ/אֲפֵלָ֔הו/אפל֔הוַ/אֲפֵלָהו/אפלהva./'a.fe.Lahand/ gloomH9002H0653HC+Ncfsa
י֥וֹםי֥וםיוֹםיוםYoma day ofH3117GHNcmsc
עָנָ֖ןענ֖ןעָנָןענן'a.NancloudH6051HNcmsa
וַ/עֲרָפֶֽל\׃ו/ערפל\וַ/עֲרָפֶֽל\׃ו/ערפל\va./'a.ra.Feland/ thick darknessH9002H6205\H9016HC+Ncmsa
  1. der verbolgenheid zijn; Te weten, der verbolgenheid des Heeren, gelijk in vs.18. Dat is, alsdan zal de Heere in zijn toorn vele ellenden en straffen uitgieten. Dit wordt te kennen gegeven met velerlei verscheidene woorden in dit vers. Verg. Jer 30:5-7 ; Amo 5:18-20 , en Joe 2:1-3 , Joe 2:11 .

16 Een dag der bazuin en des geklanks tegen de vaste steden en tegen de hoge hoeken.12

Original Hebrew

י֥וֹםי֥וםיוֹםיוםYoma day ofH3117GHNcmsc
שׁוֹפָ֖רשופ֖רשׁוֹפָרשופרsho.FartrumpetH7782HNcmsa
וּ/תְרוּעָ֑הו/תרוע֑הוּ/תְרוּעָהו/תרועהu./te.ru.'Ahand/ battle-cryH9002H8643HC+Ncfsa
עַ֚לע֚לעַלעל'alonH5921AHR
הֶ/עָרִ֣יםה/ער֣יםהֶ/עָרִיםה/עריםhe./'a.Rimthe/ citiesH9009H5892BHTd+Ncmpa
הַ/בְּצֻר֔וֹתה/בצר֔ותהַ/בְּצֻרוֹתה/בצרותha./be.tzu.Rot<the>/ fortifiedH9009H1219HTd+Aafpa
וְ/עַ֖לו/ע֖לוְ/עַלו/עלve./'Aland/ onH9002H5921AHC+R
הַ/פִּנּ֥וֹתה/פנ֥ותהַ/פִּנּוֹתה/פנותha./pi.Notthe/ cornersH9009H6438HHTd+Ncfpa
הַ/גְּבֹהֽוֹת\׃ה/גבהות\הַ/גְּבֹהֽוֹת\׃ה/גבהות\ha./ge.vo.Hot<the>/ highH9009H1364\H9016HTd+Aafpa
  1. Een dag der bazuin en des geklanks Dat is, een dag in welken de bazuinen en trompetten alarm zullen blazen, vanwege den inval van den vijand.
  2. de hoge hoeken Of, torens, die gemeenlijk aan de hoeken der kastelen of steden staan, of der punten. Doch door hoeken worden somtijds de hoofden en voornaamsten onder het volk verstaan; Jdg 20:2 .

17 En Ik zal de mensen bang maken, dat zij zullen gaan als de blinden; want zij hebben tegen den Heere gezondigd; en hun bloed zal vergoten worden als stof, en hun vlees zal worden als drek.1234

Original Hebrew

וַ/הֲצֵרֹ֣תִיו/הצר֣תיוַ/הֲצֵרֹתִיו/הצרתיva./ha.tze.Ro.tiand/ I will cause distressH9001H6887BHc+Vhq1cs
לָ/אָדָ֗םל/אד֗םלָ/אָדָםל/אדםla./'a.Damto <the>/ humankindH9005H0120GHRd+Ncmsa
וְ/הָֽלְכוּ֙ו/הלכו֙וְ/הָֽלְכוּו/הלכוve./ha.le.Khuand/ they will walkH9001H1980IHc+Vqq3cp
כַּֽ/עִוְרִ֔יםכ/עור֔יםכַּֽ/עִוְרִיםכ/עוריםka./'iv.Rimlike <the>/ blind [people]H9004H5787HRd+Aampa
כִּ֥יכ֥יכִּיכיkiforH3588AHTc
לַֽ/יהוָ֖הל/יהו֖הלַֽ/יהוָהל/יהוהla./Yah.wehto/ YahwehH9005H3068GHR+Npt
חָטָ֑אוּחט֑אוחָטָאוּחטאוcha.Ta.'uthey have sinnedH2398HVqp3cp
וְ/שֻׁפַּ֤ךְו/שפ֤ךוְ/שֻׁפַּךְו/שפךve./shu.Pakhand/ it will be poured outH9001H8210GHc+VPq3ms
דָּמָ/ם֙דמ/ם֙דָּמָ/םדמ/םda.Ma/mblood/ theirH1818H9028HNcmsc+Sp3mp
כֶּֽ/עָפָ֔רכ/עפ֔רכֶּֽ/עָפָרכ/עפרke./'a.Farlike <the>/ dustH9004H6083HRd+Ncmsa
וּ/לְחֻמָ֖/םו/לחמ֖/םוּ/לְחֻמָ/םו/לחמ/םu./le.chu.Ma/mand/ bowel[s]/ theirH9002H3894H9028HC+Ncmsc+Sp3mp
כַּ/גְּלָלִֽים\׃כ/גללים\כַּ/גְּלָלִֽים\׃כ/גללים\ka./ge.la.Limlike <the>/ dung<s>H9004H1557\H9016HRd+Ncmpa
  1. als de blinden; Die niet weten waarheen, of waarnaar, of wat zij het eerst of laatst doen zullen.
  2. als stof, Dat is, overvloedig, in grote menigte, gelijk een zaak van gene waarde. Alzo wordt stof genomen Mat 10:14 ; Act 13:51 , en Act 18:6 .
  3. vlees Of, lichaam, eigenlijk spijs; alzo wordt het lichaam genoemd, omdat het spijs der wormen is.
  4. zal worden als drek De zin is: Hun dode lichamen zullen in de akkers en het land geworpen worden, gelijk men den drek daarop werpt om het te mesten.

18 Noch hun zilver, noch hun goud zal hen kunnen redden ten dage der verbolgenheid des Heeren; maar door het vuur Zijns ijvers zal dit ganse land verteerd worden; want Hij zal een voleinding maken, gewisselijk, een haastige, met al de inwoners dezes lands.1234

Original Hebrew

גַּם\־גם\גַּם\־גם\gam-neitherH1571\H9014HD
כַּסְפָּ֨/םכספ֨/םכַּסְפָּ/םכספ/םkas.Pa/msilver/ theirH3701GH9028HNcmsc+Sp3mp
גַּם\־גם\גַּם\־גם\gam-norH1571\H9014HD
זְהָבָ֜/םזהב֜/םזְהָבָ/םזהב/םze.ha.Va/mgold/ theirH2091H9028HNcmsc+Sp3mp
לֹֽא\־לא\לֹֽא\־לא\lo'-notH3808\H9014HTn
יוּכַ֣ליוכ֣ליוּכַליוכלyu.Khalit will be ableH3201HVqi3ms
לְ/הַצִּילָ֗/םל/הציל֗/םלְ/הַצִּילָ/םל/הציל/םle./ha.tzi.La/mto/ deliver/ themH9005H5337H9038HR+Vhcc+Sp3mp
בְּ/יוֹם֙ב/יום֙בְּ/יוֹםב/יוםbe./yOmon/ [the] day ofH9003H3117GHR+Ncmsc
עֶבְרַ֣תעבר֣תעֶבְרַתעברת'ev.Rat[the] fury ofH5678HNcfsc
יְהוָ֔היהו֔היְהוָהיהוהYah.wehYahwehH3068GHNpt
וּ/בְ/אֵשׁ֙ו/ב/אש֙וּ/בְ/אֵשׁו/ב/אשu./ve./'Eshand/ in/ [the] fire ofH9002H9003H0784HC+R+Ncbsc
קִנְאָת֔/וֹקנאת֔/וקִנְאָת/וֹקנאת/וkin.'a.T/ojealousy/ hisH7068H9023HNcfsc+Sp3ms
תֵּאָכֵ֖לתאכ֖לתֵּאָכֵלתאכלte.'a.Khelit will be consumedH0398HVNi3fs
כָּל\־כל\כָּל\־כל\kol-allH3605\H9014HNcmsc
הָ/אָ֑רֶץה/א֑רץהָ/אָרֶץה/ארץha./'A.retzthe/ earthH9009H0776GHTd+Ncfsa
כִּֽי\־כי\כִּֽי\־כי\ki-forH3588A\H9014HTc
כָלָ֤הכל֤הכָלָהכלהkha.Lahcomplete destructionH3617HNcfsa
אַךְ\־אך\אַךְ\־אך\'akh-surelyH0389\H9014HD
נִבְהָלָה֙נבהלה֙נִבְהָלָהנבהלהniv.ha.Laha terrible [thing]H0926HVNrfsa
יַֽעֲשֶׂ֔היעש֔היַֽעֲשֶׂהיעשהya.'a.Sehhe will makeH6213HHVqi3ms
אֵ֥תא֥תאֵתאת'etwithH0854HR
כָּל\־כל\כָּל\־כל\kol-allH3605\H9014HNcmsc
יֹשְׁבֵ֖יישב֖ייֹשְׁבֵיישביyo.she.Vei[the] inhabitants ofH3427HVqrmpc
הָ/אָֽרֶץ\׃\ \סה/ארץ\\ \סהָ/אָֽרֶץ\׃\ \סה/ארץ\\ \סha./'A.retzthe/ earthH9009H0776G\H9016\ \H9018HTd+Ncfsa
  1. door het vuur Zijns ijvers Dat is, door een ijver, die als vuur brandt. Zie Eze 38:19 .
  2. verteerd worden; Hebr. opgegeten worden; gelijk in Zep 3:8 .
  3. Hij zal een voleinding maken, Zie Jer 4:27 .
  4. dezes lands Te weten, het Joodse land.