reltext

Chapter 1

1 De last, welken Habakuk, de profeet, gezien heeft.12

Original Hebrew

הַ/מַּשָּׂא֙ה/משא֙הַ/מַּשָּׂאה/משאha./ma.Sa'the/ oracleH9009H4853BHTd+Ncmsa
אֲשֶׁ֣ראש֣ראֲשֶׁראשר'a.SherwhichH0834AHTr
חָזָ֔החז֔החָזָהחזהcha.Zahhe sawH2372HVqp3ms
חֲבַקּ֖וּקחבק֖וקחֲבַקּוּקחבקוקcha.va.KukHabakkukH2265HNpm
הַ/נָּבִֽיא\׃ה/נביא\הַ/נָּבִֽיא\׃ה/נביא\ha./na.Vi'the/ prophetH9009H5030\H9016HTd+Ncmsa
  1. last, welken Zie Isa 13:1 , in het volgende, Habakuk. Hebr. Chabakuk.
  2. gezien heeft Te weten in een gezicht, zie Isa 1:1 .

2 Heere! hoe lang schreeuw ik, en Gij hoort niet, hoe lang roep ik geweld, tot U, en Gij verlost niet!1

Original Hebrew

עַד\־עד\עַד\־עד\'ad-untilH5704\H9014HR
אָ֧נָהא֧נהאָנָהאנה'A.nahwhen?H0575HTi
יְהוָ֛היהו֛היְהוָהיהוהYah.wehO YahwehH3068GHNpt
שִׁוַּ֖עְתִּישו֖עתישִׁוַּעְתִּישועתיshi.Va'.tihave I cried for helpH7768HVpp1cs
וְ/לֹ֣או/ל֣אוְ/לֹאו/לאve./Lo'and/ notH9002H3808HC+Tn
תִשְׁמָ֑עתשמ֑עתִשְׁמָעתשמעtish.Ma'you will hearH8085GHVqi2ms
אֶזְעַ֥קאזע֥קאֶזְעַקאזעק'ez.'AkI cry outH2199HVqi1cs
אֵלֶ֛י/ךָאל֛י/ךאֵלֶי/ךָאלי/ך'e.Lei./khato/ youH0413H9031HR+Sp2ms
חָמָ֖סחמ֖סחָמָסחמסcha.MasviolenceH2555HNcmsa
וְ/לֹ֥או/ל֥אוְ/לֹאו/לאve./Lo'and/ notH9002H3808HC+Tn
תוֹשִֽׁיעַ\׃תושיע\תוֹשִֽׁיעַ\׃תושיע\to.Shi.a'you saveH3467\H9016HVhi2ms
  1. Geweld Te weten omdat de geweldigen des lands de geringen onderdrukken, of de goddelozen de godzaligen. Zie dergelijke manier van spreken Job 19:7 , en Jer 20:8 .

3 Waarom laat Gij mij ongerechtigheid zien, en aanschouwt de kwelling? Want verwoesting en geweld is tegen mij over, en er is twist, en men neemt gekijf op.1234

Original Hebrew

לָ֣/מָּהל֣/מהלָ/מָּהל/מהLa./mah<to>/ why?H9005H4100HR+Pi
תַרְאֵ֤/נִיתרא֤/ניתַרְאֵ/נִיתרא/ניtar.'E./nido you make see/ meH7200GH9030HVhi2ms+Sp1bs
אָ֙וֶן֙א֙ון֙אָוֶןאון'a.venwickednessH0205GHNcmsa
וְ/עָמָ֣לו/עמ֣לוְ/עָמָלו/עמלve./'a.Maland/ mischiefH9002H5999HC+Ncbsa
תַּבִּ֔יטתב֔יטתַּבִּיטתביטta.Bitdo you look at?H5027HVhi2ms
וְ/שֹׁ֥דו/ש֥דוְ/שֹׁדו/שדve./Shodand/ devastationH9002H7701HC+Ncmsa
וְ/חָמָ֖סו/חמ֖סוְ/חָמָסו/חמסve./cha.Masand/ violenceH9002H2555HC+Ncmsa
לְ/נֶגְדִּ֑/יל/נגד֑/ילְ/נֶגְדִּ/יל/נגד/יle./neg.D/i[are] to/ before/ meH9005H5048H9030HR+Acmsc+Sp1bs
וַ/יְהִ֧יו/יה֧יוַ/יְהִיו/יהיva/y.Hiand/ it has beenH9001H1961Hc+Vqw3ms
רִ֦יבר֦יברִיבריבrivstrifeH7379HNcmsa
וּ/מָד֖וֹןו/מד֖וןוּ/מָדוֹןו/מדוןu./ma.Donand/ contentionH9002H4066HC+Ncmsa
יִשָּֽׂא\׃ישא\יִשָּֽׂא\׃ישא\yi.Sa'it arisesH5375G\H9016HVqi3ms
  1. kwelling? Of, moeite, gelijk Psa 10:14 . Te weten die de bozen den vromen aandoen.
  2. Want verwoesting De zin is: Waar ik mij keer of wend, daar zie ik anders niet dan verwoesting en geweld.
  3. en daar Te weten onder het Joodse volk, de een twist met den ander; of zij twisten tegen mij en de andere profeten; zie Hos 4:4 ; Jer 15:10 .
  4. men neemt Dat is, er zijn er vast overal, die twist en gekijf aanrichten, ook om kleine of geringe oorzaken.

4 Daarom wordt de wet onderlaten, en het recht komt nimmermeer voort; want de goddeloze omringt den rechtvaardige; daarom komt het recht verdraaid voor.1234

Original Hebrew

עַל\־על\עַל\־על\'al-there-H5921A\H9014HR
כֵּן֙כן֙כֵּןכןken-foreH3651CHD
תָּפ֣וּגתפ֣וגתָּפוּגתפוגta.Fugit grows numbH6313HVqi3fs
תּוֹרָ֔התור֔התּוֹרָהתורהto.Rah[the] lawH8451HNcfsa
וְ/לֹֽא\־ו/לא\וְ/לֹֽא\־ו/לא\ve./lo'-and/ notH9002H3808\H9014HC+Tn
יֵצֵ֥איצ֥איֵצֵאיצאye.Tze'it comes forthH3318GHVqi3ms
לָ/נֶ֖צַחל/נ֖צחלָ/נֶצַחל/נצחla./Ne.tzachto/ perpetuityH9005H5331HR+Ncmsa
מִשְׁפָּ֑טמשפ֑טמִשְׁפָּטמשפטmish.PatjusticeH4941HHNcmsa
כִּ֤יכ֤יכִּיכיkiforH3588AHTc
רָשָׁע֙רשע֙רָשָׁערשעra.Sha'[the] wickedH7563HNcmsa
מַכְתִּ֣ירמכת֣ירמַכְתִּירמכתירmakh.Tir[is] surroundingH3803HVhrmsa
אֶת\־את\אֶת\־את\'et-<obj.>H0853\H9014HTo
הַ/צַּדִּ֔יקה/צד֔יקהַ/צַּדִּיקה/צדיקha./tza.Dikthe/ righteous [person]H9009H6662HTd+Aamsa
עַל\־על\עַל\־על\'al-there-H5921A\H9014HR
כֵּ֛ןכ֛ןכֵּןכןken-foreH3651CHD
יֵצֵ֥איצ֥איֵצֵאיצאye.Tze'it comes forthH3318GHVqi3ms
מִשְׁפָּ֖טמשפ֖טמִשְׁפָּטמשפטmish.PatjusticeH4941HHNcmsa
מְעֻקָּֽל\׃מעקל\מְעֻקָּֽל\׃מעקל\me.'u.KalpervertedH6127\H9016HVPsmsa
  1. nagelaten, Of, de wet is gezwakt, de wet Gods, en de predikatie derzelve wordt niet meer geacht bij de goddeloze Joden. Zie Eze 33:32 . Zie Jer 11:12 .
  2. komt nimmer Dat is, het wordt nimmermeer uitgesproken, de rechtsgedingen blijven aan den spijker hangen, gelijk men nu spreekt, zij duren vele jaren lang.
  3. de goddeloze Verg. Psa 12:9 , en Psa 22:13 .
  4. komt het recht De onvrome rechtgeleerden verdraaien het recht; of de rechters worden met giften en gaven omgekocht; of zij verdraaien en verkeren recht door gunst of afgunst. Maar ziet wat zulken wedervaren zal Psa 125:5 .

5 Ziet onder de heidenen, en aanschouwt, en verwondert u, verwondert u, want Ik werk een werk in ulieder dagen, hetwelk gij niet geloven zult, als het verteld zal worden.123

Original Hebrew

רְא֤וּרא֤ורְאוּראוre.'UseeH7200GHVqv2mp
בַ/גּוֹיִם֙ב/גוים֙בַ/גּוֹיִםב/גויםva./go.Yimamong the/ nationsH9003H1471AHRd+Ncmpa
וְֽ/הַבִּ֔יטוּו/הב֔יטווְֽ/הַבִּיטוּו/הביטוve./ha.Bi.tuand/ lookH9002H5027HC+Vhv2mp
וְ/הִֽתַּמְּה֖וּו/התמה֖ווְ/הִֽתַּמְּהוּו/התמהוve./hit.ta.me.Huand/ be astoundedH9002H8539HC+Vtv2mp
תְּמָ֑הוּתמ֑הותְּמָהוּתמהוte.Ma.hube astonishedH8539HVqv2mp
כִּי\־כי\כִּי\־כי\ki-forH3588A\H9014HTc
פֹ֙עַל֙פ֙על֙פֹעַלפעלfo.'ala deedH6467HNcmsa
פֹּעֵ֣לפע֣לפֹּעֵלפעלpo.'El[I am] about to doH6466HVqrmsa
בִּֽ/ימֵי/כֶ֔םב/ימי/כ֔םבִּֽ/ימֵי/כֶםב/ימי/כםbi./mei./Khemin/ days/ yourH9003H3117GH9026HR+Ncmpc+Sp2mp
לֹ֥אל֥אלֹאלאlo'[which] notH3808HTn
תַאֲמִ֖ינוּתאמ֖ינותַאֲמִינוּתאמינוta.'a.Mi.nuyou will believeH0539HVhi2mp
כִּ֥יכ֥יכִּיכיkiifH3588AHTc
יְסֻפָּֽר\׃יספר\יְסֻפָּֽר\׃יספר\ye.su.Parit will be recountedH5608A\H9016HVPi3ms
  1. Ziet onder Hier antwoordt de Heere den profeet op zijne klacht, en het is zoveel alsof Hij weide: Let hier wel op, of ooit dergelijk groot en verschrikkelijk oordeel gegaan is als die zware ellende en het verderf, dat Ik door de Chaldeën over ulieden, of gij boze Joden, zal laten komen. Doch de apostel heeft deze woorden wijders uitgestrekt tot de straf der ongelovige Joden; zie Act 13:41 .
  2. in ulieder Dat is, gedurende ulieder leven.
  3. als het Of, als men het vertellen zou. Zo buitengewoon groot zal het wezen.

6 Want ziet, Ik verwek de Chaldeen, een bitter en snel volk, trekkende door de breedten der aarde, om erfelijk te bezitten woningen, die de zijne niet zijn.123

Original Hebrew

כִּֽי\־כי\כִּֽי\־כי\ki-forH3588A\H9014HTc
הִנְ/נִ֤יהנ/נ֤יהִנְ/נִיהנ/ניhi./Nihere/ IH2005H9040HTj+Sp1bs
מֵקִים֙מקים֙מֵקִיםמקיםme.Kim[am] about to raise upH6965HHVhrmsa
אֶת\־את\אֶת\־את\'et-<obj.>H0853\H9014HTo
הַ/כַּשְׂדִּ֔יםה/כשד֔יםהַ/כַּשְׂדִּיםה/כשדיםha./kas.Dimthe/ ChaldeansH9009H3778HTd+Ngmpa
הַ/גּ֖וֹיה/ג֖ויהַ/גּוֹיה/גויha./Goythe/ nationH9009H1471AHTd+Ncmsa
הַ/מַּ֣רה/מ֣רהַ/מַּרה/מרha./Mar<the>/ bitterH9009H4751HTd+Aamsa
וְ/הַ/נִּמְהָ֑רו/ה/נמה֑רוְ/הַ/נִּמְהָרו/ה/נמהרve./ha./nim.Harand/ <the>/ impetuousH9002H9009H4116AHC+Td+VNrmsa
הַֽ/הוֹלֵךְ֙ה/הולך֙הַֽ/הוֹלֵךְה/הולךha./ho.leKhwhich/ goesH9009H1980IHTd+Vqrmsa
לְ/מֶרְחֲבֵי\־ל/מרחבי\לְ/מֶרְחֲבֵי\־ל/מרחבי\le./mer.cha.vei-to/ [the] expanses ofH9005H4800\H9014HR+Ncmpc
אֶ֔רֶץא֔רץאֶרֶץארץ'E.retz[the] earthH0776GHNcfsa
לָ/רֶ֖שֶׁתל/ר֖שתלָ/רֶשֶׁתל/רשתla./Re.shetto/ take possession ofH9005H3423HHR+Vqcc
מִשְׁכָּנ֥וֹתמשכנ֥ותמִשְׁכָּנוֹתמשכנותmish.ka.NotdwellingsH4908HNcfpa
לֹּא\־לא\לֹּא\־לא\lo'-[which] notH3808\H9014HTn
לֽ/וֹ\׃ל/ו\לֽ/וֹ\׃ל/ו\l/o[belong] to/ itH9005H9033\H9016HR+Sp3ms
  1. snel volk, Hebr. zich haastende; dat is, een volk, dat snel en haastelijk voortvaart in zijne zaken. Zie Isa 5:26 , enz.
  2. door de Dat is, wijd en breed door vele landen.
  3. om erflijk Dat is, om landen en steden in te nemen en te gaan bezitten, die andere volken en natiën, en inzonderheid die de Joden toekomen.

7 Schrikkelijk en vreselijk is hetzelve; zijn recht en zijn hoogheid gaat van hemzelven uit.12

Original Hebrew

אָיֹ֥םאי֥םאָיֹםאים'a.Yom[is] terrifyingH0366HAamsa
וְ/נוֹרָ֖או/נור֖אוְ/נוֹרָאו/נוראve./no.Ra'and/ awesomeH9002H3372GHC+VNrmsa
ה֑וּאה֑ואהוּאהואHu'itH1931HPp3ms
מִמֶּ֕/נּוּממ֕/נומִמֶּ/נּוּממ/נוmi.Me./nufrom/ itselfH4480AH9033HR+Sp3ms
מִשְׁפָּט֥/וֹמשפט֥/ומִשְׁפָּט/וֹמשפט/וmish.pa.T/ojustice/ itsH4941HH9023HNcmsc+Sp3ms
וּ/שְׂאֵת֖/וֹו/שאת֖/ווּ/שְׂאֵת/וֹו/שאת/וu./se.'e.T/oand/ dignity/ itsH9002H7613H9023HC+Ncfsc+Sp3ms
יֵצֵֽא\׃יצא\יֵצֵֽא\׃יצא\ye.Tze'it comes forthH3318G\H9016HVqi3ms
  1. het; Te weten volk.
  2. zijn recht Het doet alles naar zijn lust en welgevallen, en al wat het doet moet recht zijn vanwege zijne hoogheid.

8 Want zijn paarden zijn lichter dan de luipaarden, en zij zijn scherper dan de avondwolven, en zijn ruiters verspreiden zich; ja, zijn ruiters zullen van verre komen, zij zullen vliegen als een arend, zich spoedende om te eten.1234567

Original Hebrew

וְ/קַלּ֨וּו/קל֨ווְ/קַלּוּו/קלוve./ka.Luand/ they are swiftH9001H7043Hc+Vqq3cp
מִ/נְּמֵרִ֜יםמ/נמר֜יםמִ/נְּמֵרִיםמ/נמריםmi./ne.me.Rimmore than/ leopardsH9006H5246HR+Ncmpa
סוּסָ֗י/וסוס֗י/וסוּסָי/וסוסי/וsu.Sa/vhorses/ itsH5483MH9023HNcmpc+Sp3ms
וְ/חַדּוּ֙ו/חדו֙וְ/חַדּוּו/חדוve./cha.Duand/ they are keenH9001H2300AHc+Vqq3cp
מִ/זְּאֵ֣בֵימ/זא֣בימִ/זְּאֵבֵימ/זאביmi./ze.'E.veimore than/ wolves ofH9006H2061HR+Ncmpc
עֶ֔רֶבע֔רבעֶרֶבערב'E.rev[the] eveningH6153HNcmsa
וּ/פָ֖שׁוּו/פ֖שווּ/פָשׁוּו/פשוu./Fa.shuand/ they paw [the] groundH9001H6335AHc+Vqq3cp
פָּֽרָשָׁ֑י/ופרש֑י/ופָּֽרָשָׁי/ופרשי/וpa.ra.Sha/vwarhorses/ itsH6571BH9023HNcmpc+Sp3ms
וּ/פָֽרָשָׁי/ו֙ו/פרשי/ו֙וּ/פָֽרָשָׁי/וו/פרשי/וu./fa.ra.Sha/vand/ horsemen/ itsH9002H6571BH9023HC+Ncmpc+Sp3ms
מֵ/רָח֣וֹקמ/רח֣וקמֵ/רָחוֹקמ/רחוקme./ra.Chokfrom/ a distanceH9006H7350HR+Aamsa
יָבֹ֔אוּיב֔אויָבֹאוּיבאוya.Vo.'uthey comeH0935GHVqi3mp
יָעֻ֕פוּיע֕פויָעֻפוּיעפוya.'U.futhey flyH5774AHVqi3mp
כְּ/נֶ֖שֶׁרכ/נ֖שרכְּ/נֶשֶׁרכ/נשרke./Ne.sherlike/ an eagleH9004H5404HR+Ncmsa
חָ֥שׁח֥שחָשׁחשchashmaking hasteH2363AHVqrmsa
לֶ/אֱכֽוֹל\׃ל/אכול\לֶ/אֱכֽוֹל\׃ל/אכול\le./'e.Kholto/ devourH9005H0398\H9016HR+Vqcc
  1. Want zijne Deze woorden zien op het eerste lid van het zevende vs.
  2. lichter dan Dat is, sneller.
  3. scherper dan Van tanden, of van gezicht.
  4. de avondwolven, Hebr. de wolven van den avond; dat is, dan de wolven, die des avonds of bij nacht komen, om de schapen te stelen; verg. Jer 5:6 .
  5. van verre Te weten uit verre landen.
  6. vliegen Dat is, haastelijk en snellijk voortgaan.
  7. als een arend, Verg. 2Sa 1:23 ; Job 9:26 ; Pro 30:19 ; Jer 4:13 ; Eze 17:2 ; Mat 24:28 .

9 Het zal geheellijk tot geweld komen, wat zij inslorpen zullen met hun aangezichten, zullen zij brengen naar het oosten; en het zal de gevangenen verzamelen als zand.123456

Original Hebrew

כֻּלֹּ/ה֙כל/ה֙כֻּלֹּ/הכל/הku.Lo/hall of/ itH3605H9023HNcmsc+Sp3ms
לְ/חָמָ֣סל/חמ֣סלְ/חָמָסל/חמסle./cha.Masfor/ violenceH9005H2555HR+Ncmsa
יָב֔וֹאיב֔ואיָבוֹאיבואya.Vo'it comesH0935GHVqi3ms
מְגַמַּ֥תמגמ֥תמְגַמַּתמגמתme.ga.Mat[the] totality ofH4041HNcfsc
פְּנֵי/הֶ֖םפני/ה֖םפְּנֵי/הֶםפני/הםpe.nei./Hemfaces/ theirH6440HH9028HNcmpc+Sp3mp
קָדִ֑ימָ/הקד֑ימ/הקָדִימָ/הקדימ/הka.Di.ma/h[is] east/ -wardH6921H9011HNcmsc+Sd
וַ/יֶּאֱסֹ֥ףו/יאס֥ףוַ/יֶּאֱסֹףו/יאסףva/i.ye.'e.Sofand/ it gatheredH9001H0622Hc+Vqw3ms
כַּ/ח֖וֹלכ/ח֖ולכַּ/חוֹלכ/חולka./Chollike <the>/ sandH9004H2344HRd+Ncmsa
שֶֽׁבִי\׃שבי\שֶֽׁבִי\׃שבי\She.vicaptive[s]H7628A\H9016HNcmsa
  1. Het zal Te weten het volk van Chaldea.
  2. tot geweld Dat is, om geweld te doen.
  3. wat zij De zin is: Al wat de Chaldeën zullen zien, dat zullen zij als opslorpen, of opslokken en inzwelgen door de begeerlijkheid hunner ogen, verslindende met hunne ogen alles wat zij zien of ontmoeten. Zie dergelijke manier van spreken, Job 39:27 . Hebr. het opslorpen van hun aangezicht zal zijn naar het oosten. Anderen: het aanschouwen van hun aangezicht zal zijn alsof iemand den oostenwind tegenkwam, die in het Joodse land zeer heftig en zeer schadelijk is.
  4. naar het oosten; Dat is, naar Chaldea, vanwaar deze soldaten gekomen waren, want Chaldea ligt noordoostelijk van Judea; daarheen zouden zij hunne ogen wenden, om derwaarts te keren met buit geladen.
  5. de gevangenen Hebr. de gevangenis, dat is, de menigten der gevangenen.
  6. als zand Dat is, in ontelbare menigt, gelijk het zand ontelbaar is. Zie Gen 41:49 .

10 En hij zal de koningen beschimpen, en de prinsen zullen hem een belaching zijn; hij zal alle vesting belachen; want hij zal stof vergaderen, en hij zal ze innemen.12345

Original Hebrew

וְ/הוּא֙ו/הוא֙וְ/הוּאו/הואve./Hu'and/ itH9002H1931HC+Pp3ms
בַּ/מְּלָכִ֣יםב/מלכ֣יםבַּ/מְּלָכִיםב/מלכיםba./me.la.Khim<in> <the>/ kingsH9003H4428GHRd+Ncmpa
יִתְקַלָּ֔סיתקל֔סיִתְקַלָּסיתקלסyit.ka.Lasit deridesH7046HVti3ms
וְ/רֹזְנִ֖יםו/רזנ֖יםוְ/רֹזְנִיםו/רזניםve./ro.ze.Nimand/ rulersH9002H7336HC+Vqrmpa
מִשְׂחָ֣קמשח֣קמִשְׂחָקמשחקmis.Chak[are] laughterH4890HNcmsa
ל֑/וֹל֑/ול/וֹל/וl/oto/ itH9005H9033HR+Sp3ms
ה֚וּאה֚ואהוּאהואhu'itH1931HPp3ms
לְ/כָל\־ל/כל\לְ/כָל\־ל/כל\le./kholat/ everyH9005H3605\H9014HR+Ncmsc
מִבְצָ֣רמבצ֣רמִבְצָרמבצרmiv.TzarfortressH4013HNcmsa
יִשְׂחָ֔קישח֔קיִשְׂחָקישחקyis.Chakit laughsH7832HVqi3ms
וַ/יִּצְבֹּ֥רו/יצב֥רוַ/יִּצְבֹּרו/יצברva/i.yitz.Borand/ it heaped upH9001H6651Hc+Vqw3ms
עָפָ֖רעפ֖רעָפָרעפר'a.FarearthH6083HNcmsa
וַֽ/יִּלְכְּדָֽ/הּ\׃ו/ילכד/ה\וַֽ/יִּלְכְּדָֽ/הּ\׃ו/ילכד/ה\Va/i.yil.ke.Da/hand/ it captured/ itH9001H3920H9034\H9016Hc+Vqw3ms+Sp3fs
  1. hij zal Te weten de konng van het bovengenoemde volk, te weten Nebukadnezar.
  2. de koningen Gelijk onder naderen, de koningen van Egypte, van Tyrus, van Sidon, van Arabië, en inzonderheid den koning Zedekia, gelijk te lezen is 2Ki 25:6-7 , en Jer 25 en Jer 29 .
  3. alle vesting Dat is, alle vaste plaatsen, hetzij steden, of kastelen, of andere forten.
  4. hij zal stof Dat is, hij zal menigte van aarde laten samenvoeren om de grachten en wateren te dempe, of om hoogten en katten op te werpen. Anderen, hij zal krijgsvolk in zulke menigte als stof vergaderen.
  5. hij zal ze Zie van de grote overwinningen van den koning Nebukadnezar, Isa 23

11 Dan zal hij den geest veranderen, en hij zal doortrekken, en zich schuldig maken, houdende deze zijn kracht voor zijn God.123456

Original Hebrew

אָ֣זא֣זאָזאז'azthenH0227AHD
חָלַ֥ףחל֥ףחָלַףחלףcha.Lafit swept onH2498HVqp3ms
ר֛וּחַר֛וחרוּחַרוחRu.acha windH7307HHNcfsa
וַֽ/יַּעֲבֹ֖רו/יעב֖רוַֽ/יַּעֲבֹרו/יעברva/i.ya.'a.Vorand/ it passed onH9001H5674AHc+Vqw3ms
וְ/אָשֵׁ֑םו/אש֑םוְ/אָשֵׁםו/אשםve./'a.Shemand/ he is guiltyH9001H0816Hc+Vqq3ms
ז֥וּז֥וזוּזוzu[the one] whoH2098HTr
כֹח֖/וֹכח֖/וכֹח/וֹכח/וkho.Ch/ostrength/ hisH3581BH9023HNcmsc+Sp3ms
לֵ/אלֹהֽ/וֹ\׃ל/אלה/ו\לֵ/אלֹהֽ/וֹ\׃ל/אלה/ו\le./lo.H/o[becomes] <into>/ god/ hisH9005H0433H9023\H9016HR+Ncmsc+Sp3ms
  1. Dan zal Te weten als hij Jeruzalem en andere sterke steden zal ingenomen hebben.
  2. hij Te weten de koning Nebukadnezar.
  3. den geest Dat is, hij zal anders gezind worden dan hij tevoren geweest is; dat is, hij zal door dezen zijn voorspoed in verschrikkelijken hoogmoed vervallen. Verg. Isa 14:13-14 ; Dan 4:30 . Anders: hij zal veranderen [als] een wind.
  4. doortrekken Te weten in Chaldea, of naar Babylonië. Anders: hij zal overtreden.
  5. schuldig maken, Te weten aan God, door afgoderij, stutheid en vermetelheid.
  6. deze zijne Dat is, schrijvende zichzelven Goddelijke hoogheid en eer toe, vanwege zijn grote victoriën. Verg. onder vs.16. Anders: [zeggende dat] deze zijne kracht zij zijns gods; dat is, hij zal het zijnen god, te weten, Bel toeschrijven, dat hij die grote dingen heeft uitgericht door zijn krachtige hulp en bijstand. Zie hiervan Dan 1 , Dan 2 , Dan 3 , Dan 4 , Dan 5 .

12 Zijt Gij niet van ouds af de Heere, mijn God, mijn Heilige? Wij zullen niet sterven; o Heere! tot een oordeel hebt Gij hem gesteld, en o Rots! om te straffen, hebt Gij hem gegrondvest.123456

Original Hebrew

הֲ/ל֧וֹאה/ל֧ואהֲ/לוֹאה/לואha./Lo'¿/ notH9008H3808HTi+Tn
אַתָּ֣האת֣האַתָּהאתה'a.Tah[are] youH0859AHPp2ms
מִ/קֶּ֗דֶםמ/ק֗דםמִ/קֶּדֶםמ/קדםmi./Ke.demfrom/ antiquityH9006H6924HHR+Ncmsa
יְהוָ֧היהו֧היְהוָהיהוהYah.wehO YahwehH3068GHNpt
אֱלֹהַ֛/יאלה֛/יאֱלֹהַ/יאלה/י'e.lo.Ha/iGod/ myH0430GH9020HNcmpc+Sp1bs
קְדֹשִׁ֖/יקדש֖/יקְדֹשִׁ/יקדש/יke.do.Sh/iholy [one]/ myH6918GH9020HAamsc+Sp1bs
לֹ֣אל֣אלֹאלאlo'notH3808HTn
נָמ֑וּתנמ֑ותנָמוּתנמותna.Mutwe will dieH4191HVqi1cp
יְהוָה֙יהוה֙יְהוָהיהוהYah.wehO YahwehH3068GHNpt
לְ/מִשְׁפָּ֣טל/משפ֣טלְ/מִשְׁפָּטל/משפטle./mish.Patto/ judgmentH9005H4941GHR+Ncmsa
שַׂמְתּ֔/וֹשמת֔/ושַׂמְתּ/וֹשמת/וsam.T/oyou have appointed/ itH7760LH9033HVqp2ms+Sp3ms
וְ/צ֖וּרו/צ֖ורוְ/צוּרו/צורve./Tzurand/ O rockH9002H6697HHC+Ncmsa
לְ/הוֹכִ֥יחַל/הוכ֥יחלְ/הוֹכִיחַל/הוכיחle./ho.Khi.achto/ reproveH9005H3198HR+Vhcc
יְסַדְתּֽ/וֹ\׃יסדת/ו\יְסַדְתּֽ/וֹ\׃יסדת/ו\ye.sad.T/oyou have established/ itH3245H9033\H9016HVqp2ms+Sp3ms
  1. Van ouds af Dat is, van eeuwigheid.
  2. mijn Heilige? Onder andere namen, die God gegeven worden, is ook deze, de Heilige Israëls. Zie Psa 71:22 . Zie ook Isa 12:6 , en Isa 43:3 , Isa 43:15 en Isa 49:7 .
  3. Wij zullen Dat is, wij zullen niet ganselijk door de Chaldeën uitgeroeid worden, maar Gij zult ons door uw krachtige hand verlossen.
  4. tot een Dat is, opdat hij [te weten de koning te Babel] uwe gerichten volvoere.
  5. o Rots, Dat is, o Heere, op wien wij ons verlaten en steunen, als op onzen rotssteen. Dit zijn woorden van den profeet in zijn en in des volks naam. Verg. Deu 32:4 ; Psa 18:3 , en Psa 19:15 .
  6. te straffen Te weten ons en anderen, of zichzelven, te weten nadat hij , als een roede en staf van uw toorn, ons zal gekastijd hebben. Verg. Exo 9:16 .

13 Gij zijt te rein van ogen, dan dat Gij het kwade zoudt zien, en de kwelling kunt Gij niet aanschouwen; waarom zoudt Gij aanschouwen die trouwelooslijk handelen? Waarom zoudt Gij zwijgen, als de goddeloze dien verslindt, die rechtvaardiger is dan hij?12345678

Original Hebrew

טְה֤וֹרטה֤ורטְהוֹרטהורte.Hor[you are too] pure ofH2890HAamsc
עֵינַ֙יִם֙עינ֙ים֙עֵינַיִםעינים'ei.Na.yimeyesH5869AHNcfda
מֵ/רְא֣וֹתמ/רא֣ותמֵ/רְאוֹתמ/ראותme./re.'otfor/ seeingH9006H7200GHR+Vqcc
רָ֔ער֔ערָערעRa'evilH7451HHAamsa
וְ/הַבִּ֥יטו/הב֥יטוְ/הַבִּיטו/הביטve./ha.Bitand/ to lookH9002H5027HC+Vhcc
אֶל\־אל\אֶל\־אל\'el-toH0413\H9014HR
עָמָ֖לעמ֖לעָמָלעמל'a.MalmischiefH5999HNcbsa
לֹ֣אל֣אלֹאלאlo'notH3808HTn
תוּכָ֑לתוכ֑לתוּכָלתוכלtu.Khalyou are ableH3201HVqi2ms
לָ֤/מָּהל֤/מהלָ/מָּהל/מהLa./mah<to>/ why?H9005H4100HR+Pi
תַבִּיט֙תביט֙תַבִּיטתביטta.Bitdo you look atH5027HVhi2ms
בּֽוֹגְדִ֔יםבוגד֔יםבּֽוֹגְדִיםבוגדיםbog.Dimtreacherous [people]H0898HVqrmpa
תַּחֲרִ֕ישׁתחר֕ישתַּחֲרִישׁתחרישta.cha.Rishare you silent?H2790BHVhi2ms
בְּ/בַלַּ֥עב/בל֥עבְּ/בַלַּעב/בלעbe./va.La'when/ swallows upH9003H1104HR+Vpcc
רָשָׁ֖ערש֖ערָשָׁערשעra.Sha'a wicked [person]H7563HNcmsa
צַדִּ֥יקצד֥יקצַדִּיקצדיקtza.Dika [person] righteousH6662HAamsa
מִמֶּֽ/נּוּ\׃ממ/נו\מִמֶּֽ/נּוּ\׃ממ/נו\mi.Me./numore than/ himH4480AH9033\H9016HR+Sp3ms
  1. het kwade Te weten hetwelk de Chaldeën ons aandoen.
  2. zoudt zien, Gods oog is niet verborgen; Hij ziet het kwaad dat de mensen bedrijven, Psa 10:14 ; maar Hij ziet het niet met goede ogen aan, Hij zal het ook niet altijd ongestraft laten. Doch Oba 1:13 , wordt deze manier van spreken genomen voor met lust het kwade, hetwelk den vromen overkomt, aanschouwen.
  3. de kwelling Dat is, den overlast, te weten overlast, kwelling, moeite, dat is de Chaldeën ons aandoen.
  4. kunt Gij Zie de aantekening 51.
  5. die trouwelooslijk Tw de Chaldeën, die zeer trouweloos en meinedig geweest zijn. Zie Isa 21:2 .
  6. zwijgen, Dat is, de straf nalaten.
  7. de goddeloze Te weten, de Chaldeër.
  8. die rechtvaardiger Te weten, het Joodse volk, vergeleken bij de Chaldeën. Doch versta dit van de godzaligen onder de Joden, welken die zijn waar de profeet voor bidt; want de goddelozen onder de Joden gingen de heidenen in boosheid ver teboven. Zie Jer 2:10-11 .

14 En waarom zoudt Gij de mensen maken, als de vissen der zee, als het kruipend gedierte, dat geen heerser heeft?12

Original Hebrew

וַ/תַּעֲשֶׂ֥הו/תעש֥הוַ/תַּעֲשֶׂהו/תעשהva./ta.'a.Sehand/ you have madeH9001H6213HHc+Vqw2ms
אָדָ֖םאד֖םאָדָםאדם'a.DamhumankindH0120GHNcmsa
כִּ/דְגֵ֣יכ/דג֣יכִּ/דְגֵיכ/דגיki/d.Geilike/ [the] fish ofH9004H1709HHR+Ncmpc
הַ/יָּ֑םה/י֑םהַ/יָּםה/יםhai./Yamthe/ seaH9009H3220GHTd+Ncmsa
כְּ/רֶ֖מֶשׂכ/ר֖משכְּ/רֶמֶשׂכ/רמשke./Re.meslike/ creeping thing[s]H9004H7431HR+Ncmsa
לֹא\־לא\לֹא\־לא\lo'-[which] notH3808\H9014HTn
מֹשֵׁ֥למש֥למֹשֵׁלמשלmo.Shela rulerH4910HVqrmsa
בּֽ/וֹ\׃ב/ו\בּֽ/וֹ\׃ב/ו\b/o[is] over/ itH9003H9033\H9016HR+Sp3ms
  1. waarom Dat is, waarom zoudt Gij lijden dat de groten en machtigen dezer wereld de kleinen en onnozelen zouden vangen, doden, oplokken en verdelgen naar hun lust en goeddunken, gelijk de grote vissen de kleine doen, alsof Gij in de wereld alles liet gaan als bij geval, en alsof Gij nergens acht op gaaft?
  2. dat geen Di, geen groten vis, of kruipend dier, hetwelk over hen heerst en hen beschermt tegen het geweld dergenen, die hen verslinden.

15 Hij trekt ze allen met den angel op, hij vergadert ze in zijn garen, en hij verzamelt ze in zijn net; daarom verblijdt en verheugt hij zich.1234

Original Hebrew

כֻּלֹּ/ה֙כל/ה֙כֻּלֹּ/הכל/הku.Lo/hall of/ itH3605H9023HNcmsc+Sp3ms
בְּ/חַכָּ֣הב/חכ֣הבְּ/חַכָּהב/חכהbe./cha.Kahwith/ a fish hookH9003H2443HR+Ncfsa
הֵֽעֲלָ֔ההעל֔ההֵֽעֲלָההעלהhe.'a.Lahhe brings upH5927HHVhp3ms
יְגֹרֵ֣/הוּיגר֣/הויְגֹרֵ/הוּיגר/הוye.go.Re./huhe drags away/ itH1641H9033HVqi3ms+Sp3ms
בְ/חֶרְמ֔/וֹב/חרמ֔/ובְ/חֶרְמ/וֹב/חרמ/וve./cher.M/oin/ net/ hisH9003H2764BH9023HR+Ncmsc+Sp3ms
וְ/יַאַסְפֵ֖/הוּו/יאספ֖/הווְ/יַאַסְפֵ/הוּו/יאספ/הוve./ya.'as.Fe./huand/ he gathers/ itH9002H0622H9033HC+Vqu3ms+Sp3ms
בְּ/מִכְמַרְתּ֑/וֹב/מכמרת֑/ובְּ/מִכְמַרְתּ/וֹב/מכמרת/וbe./mikh.mar.T/oin/ fishing net/ hisH9003H4365AH9023HR+Ncfsc+Sp3ms
עַל\־על\עַל\־על\'al-there-H5921A\H9014HR
כֵּ֖ןכ֖ןכֵּןכןken-foreH3651CHD
יִשְׂמַ֥חישמ֥חיִשְׂמַחישמחyis.Machhe rejoicesH8055HVqi3ms
וְ/יָגִֽיל\׃ו/יגיל\וְ/יָגִֽיל\׃ו/יגיל\ve./ya.Giland/ he may be gladH9002H1523\H9016HC+Vqu3ms
  1. Hij trekt Te weten de vijand van wien boven gesproken is, Nebukadnezar.
  2. allen met den Tw mensen, of natiën. Of, hij trekt het, enz. te weten mensen en goederen.
  3. op, hij Of, uit, dat is, hij brengt hen allen onder zijn geweld. Verg. Dan 4:30 .
  4. daarom verblijdt De zin is: hij heeft niet alleen geen berouw en leedwezen over zijn boosheid, maar hij verblijdt en verheugt zich daarover, als wel gedaan hebbende. Verg. Eph 4:19 .

16 Daarom offert hij aan zijn garen, en rookt aan zijn net; want door dezelve is zijn deel vet geworden, en zijn spijze smoutig.123

Original Hebrew

עַל\־על\עַל\־על\'al-there-H5921A\H9014HR
כֵּן֙כן֙כֵּןכןken-foreH3651CHD
יְזַבֵּ֣חַיזב֣חיְזַבֵּחַיזבחye.za.Be.achhe sacrificesH2076HVpi3ms
לְ/חֶרְמ֔/וֹל/חרמ֔/ולְ/חֶרְמ/וֹל/חרמ/וle./cher.M/oto/ net/ hisH9005H2764BH9023HR+Ncmsc+Sp3ms
וִֽ/יקַטֵּ֖רו/יקט֖רוִֽ/יקַטֵּרו/יקטרvi./ka.Terso/ he may make smokeH9002H6999HHC+Vpu3ms
לְ/מִכְמַרְתּ֑/וֹל/מכמרת֑/ולְ/מִכְמַרְתּ/וֹל/מכמרת/וle./mikh.mar.T/oto/ fishing net/ hisH9005H4365AH9023HR+Ncfsc+Sp3ms
כִּ֤יכ֤יכִּיכיkiforH3588AHTc
בָ/הֵ֙מָּה֙ב/ה֙מה֙בָ/הֵמָּהב/המהva./He.mahby/ themH9003H9038HR+Pp3mp
שָׁמֵ֣ןשמ֣ןשָׁמֵןשמןsha.Men[is] fatH8082HAamsa
חֶלְק֔/וֹחלק֔/וחֶלְק/וֹחלק/וchel.K/oportion/ hisH2506AH9023HNcmsc+Sp3ms
וּ/מַאֲכָל֖/וֹו/מאכל֖/ווּ/מַאֲכָל/וֹו/מאכל/וu./ma.'a.kha.L/oand/ food/ hisH9002H3978H9023HC+Ncmsc+Sp3ms
בְּרִאָֽה\׃בראה\בְּרִאָֽה\׃בראה\be.ri.'Ah[is] fatH1277\H9016HAafsa
  1. Daarom offert Alsof hij zeide: Als het den Chaldeër zo wel en naar zijn wens gaat, zo schrijft hij zulks Gode niet toe, maar zijn eigen macht en kloekheid. Zie Isa 10:13 en Dan 4:30 .
  2. door dezelve Te weten, door zijn garen en net.
  3. is zijn deel Di, is zijn deel, staat, rang verbeterd en grotelijks vermeerderd.

17 Zal hij dan daarom altoos zijn garen ledig maken, en zal hij niet verschonen, met altoos de volken te doden?123

Original Hebrew

הַ֥/עַלה֥/עלהַ/עַלה/עלHa./'al¿/ there-H9008H5921AHTi+R
כֵּ֖ןכ֖ןכֵּןכןkenforeH3651CHD
יָרִ֣יקיר֣יקיָרִיקיריקya.Rikwill he emptyH7324HVhi3ms
חֶרְמ֑/וֹחרמ֑/וחֶרְמ/וֹחרמ/וcher.M/onet/ hisH2764BH9023HNcmsc+Sp3ms
וְ/תָמִ֛ידו/תמ֛ידוְ/תָמִידו/תמידve./ta.Midand/ continuallyH9002H8548HC+Ncmsa
לַ/הֲרֹ֥גל/הר֥גלַ/הֲרֹגל/הרגla./ha.Rogto/ killH9005H2026HR+Vqcc
גּוֹיִ֖םגוי֖םגּוֹיִםגויםgo.YimnationsH1471AHNcmpa
לֹ֥אל֥אלֹאלאlo'notH3808HTn
יַחְמֽוֹל\׃\ \סיחמול\\ \סיַחְמֽוֹל\׃\ \סיחמול\\ \סyach.Molwill he spare?H2550\H9016\ \H9018HVqi3ms
  1. Zal hij dan De zin is: Omdat hij dus wreed en vermeten is, zult Gij daarom altijd deze zijne goddeloosheid verdragen en ongestraft laten voorbijgaan? Zult Gij hem steeds het ene land voor en het andere land na laten overheren en tenonderbrengen?
  2. ledig maken; Tw om dat weder tot een nieuwe vangst te bereiden en uit te werpen.
  3. te doden? Di, te verdelgen en uit te roeien, zonder dat Gij, als een rechtvaardig Rechter, daarop acht zult geven en hem straffen? Het antwoord wordt verzwegen, hetwelk zou wezen: geenszins, maar Gij zult hem eindelijk een gebit in den mond werpen en straffen. Dusdanige vragen loochenen sterkelijk.