reltext

Chapter 7

1 Ai mij! want ik ben, als wanneer de zomervruchten zijn ingezameld; als wanneer de nalezingen in den wijnoogst geschied zijn; er is geen druif om te eten; mijn ziel begeert vroegrijpe vrucht.123456

Original Hebrew

אַ֣לְלַיא֣לליאַלְלַיאללי'A.laiwoe!H0480HTj
לִ֗/יל֗/ילִ/יל/יL/ito/ meH9005H9030HR+Sp1bs
כִּ֤יכ֤יכִּיכיkiforH3588AHTc
הָיִ֙יתִי֙הי֙יתי֙הָיִיתִיהייתיha.Yi.tiI have becomeH1961HVqp1cs
כְּ/אָסְפֵּי\־כ/אספי\כְּ/אָסְפֵּי\־כ/אספי\ke./'a.se.pei-like/ gathering<s> ofH9004H0625\H9014HR+Ncmpc
קַ֔יִץק֔יץקַיִץקיץKa.yitzsummer fruitH7019HNcmsa
כְּ/עֹלְלֹ֖תכ/עלל֖תכְּ/עֹלְלֹתכ/עללתke./'o.le.Lotlike/ gleanings ofH9004H5955HR+Ncfpc
בָּצִ֑ירבצ֑ירבָּצִירבצירba.Tzir[the] grape harvestH1210HNcmsa
אֵין\־אין\אֵין\־אין\'ein-there notH0369\H9014HNcmsc
אֶשְׁכּ֣וֹלאשכ֣ולאֶשְׁכּוֹלאשכול'esh.Kol[is] a cluster of grapesH0811HNcmsa
לֶ/אֱכ֔וֹלל/אכ֔וללֶ/אֱכוֹלל/אכולle./'e.Kholto/ eatH9005H0398HR+Vqcc
בִּכּוּרָ֖הבכור֖הבִּכּוּרָהבכורהbi.ku.Rahearly fig[s]H1063HNcfsa
אִוְּתָ֥האות֥האִוְּתָהאותה'i.ve.Tahit cravesH0183HVpp3fs
נַפְשִֽׁ/י\׃נפש/י\נַפְשִֽׁ/י\׃נפש/י\naf.Sh/iappetite/ myH5315LH9020\H9016HNcfsc+Sp1bs
  1. mij Dit is een weeklacht van den profeet, in naam der kerk, over de algemene boosheid van het volk.
  2. want ik ben, Of, dat ik ben, enz.
  3. als wanneer de zomervruchten zijn ingezameld; Hebr. als de inzamelingen der zomervruchten, [of des zomers] en als de nalezingen van den wijnoogst; dat is, het gaat mij als een reiziger, die na den oogst geen rijpe vruchten vindt om zich te verkwikken, dat hem zeer verdrietig valt; alzo [wil de profeet zeggen] verdriet het mij ten hoogste, dat ik niets goeds onder het volk zie of verneem, gelijk in het volgende verklaard wordt. Verg. hiermede Deu 32:32 ; Psa 12:2 , Psa 12:8 , en Psa 14:2-3 ; Isa 24:13 ; Jer 5:1 ; Eze 22:30 ; Hos 11:7 , enz.
  4. druif om te eten; Of, tros van druiven, gelijk Num 13:23-24 .
  5. mijn ziel begeert Anders: [noch] vroegrijpe vrucht, [die] mijne ziel begeert.
  6. vroegrijpe vrucht Die zeer aangenaam is en waarnaar men zeer verlangt, en verblijd is als men ze vindt. Zie Isa 28:4 ; Jer 24:2 ; Hos 9:10 met de aantekening.

2 De goedertierene is vergaan uit het land, en er is niemand oprecht onder de mensen; zij loeren altemaal op bloed, zij jagen, een iegelijk zijn broeder, met een jachtgaren.12345

Original Hebrew

אָבַ֤דאב֤דאָבַדאבד'a.Vadhe has perishedH0006HVqp3ms
חָסִיד֙חסיד֙חָסִידחסידcha.Sid[the] faithfulH2623HAamsa
מִן\־מן\מִן\־מן\min-fromH4480A\H9014HR
הָ/אָ֔רֶץה/א֔רץהָ/אָרֶץה/ארץha./'A.retzthe/ landH9009H0776GHTd+Ncfsa
וְ/יָשָׁ֥רו/יש֥רוְ/יָשָׁרו/ישרve./ya.Sharand/ [is] an upright [person]H9002H3477GHC+Aamsa
בָּ/אָדָ֖םב/אד֖םבָּ/אָדָםב/אדםba./'a.Damamong <the>/ humankindH9003H0120GHRd+Ncmsa
אָ֑יִןא֑יןאָיִןאין'A.yinthere notH0369HNcmsa
כֻּלָּ/ם֙כל/ם֙כֻּלָּ/םכל/םku.La/mall of/ themH3605H9028HNcmsc+Sp3mp
לְ/דָמִ֣יםל/דמ֣יםלְ/דָמִיםל/דמיםle./da.Mimfor/ blood<s>H9005H1818HR+Ncmpa
יֶאֱרֹ֔בוּיאר֔בויֶאֱרֹבוּיארבוye.'e.Routhey lie in waitH0693HVqi3mp
אִ֥ישׁא֥ישאִישׁאיש'isheachH0376IHNcmsa
אֶת\־את\אֶת\־את\'et-<obj.>H0853\H9014HTo
אָחִ֖י/הוּאח֖י/הואָחִי/הוּאחי/הו'a.Chi./hubrother/ hisH0251IH9023HNcmsc+Sp3ms
יָצ֥וּדוּיצ֥ודויָצוּדוּיצודוya.Tzu.duthey huntH6679AHVqi3mp
חֵֽרֶם\׃חרם\חֵֽרֶם\׃חרם\Che.rema netH2764B\H9016HNcmsa
  1. goedertierene is vergaan Verg. Psa 12:2 ; Isa 57:1 met de aantekening aldaar.
  2. uit het land, Anders: van de aarde.
  3. oprecht onder de mensen; Hebr. recht, of richting. Zie Psa 7:11 . Hetzelfde woord staat ook in vs.4.
  4. bloed, Hber. bloeden; dat is, doodslag en moordenarij. Zie Gen 4:10 , en Gen 37:26 .
  5. jachtgaren Om hem met handelingen in het net te krijgen, te vangen, en als een roof te verslinden. Verg. Psa 10:8-11 , en Eze 19:3 , Eze 19:6 , enz.

3 Om met beide handen wel dapper kwaad te doen, zo eist de vorst, en de rechter oordeelt om vergelding; en de grote spreekt de verderving zijner ziel, en zij draaien ze dicht ineen.1234567

Original Hebrew

עַל\־על\עַל\־על\'al-[are] onH5921A\H9014HR
הָ/רַ֤עה/ר֤עהָ/רַעה/רעha./Ra'<the>/ evilH9009H7451BHTd+Aamsa
כַּפַּ֙יִם֙כפ֙ים֙כַּפַּיִםכפיםka.Pa.yimboth handsH3709GHNcfda
לְ/הֵיטִ֔יבל/היט֔יבלְ/הֵיטִיבל/היטיבle./hei.Tivto/ do [it] wellH9005H3190HR+Vhcc
הַ/שַּׂ֣רה/ש֣רהַ/שַּׂרה/שרha./Sarthe/ officialH9009H8269HTd+Ncmsa
שֹׁאֵ֔לשא֔לשֹׁאֵלשאלsho.'El[is] askingH7592HVqrmsa
וְ/הַ/שֹּׁפֵ֖טו/ה/שפ֖טוְ/הַ/שֹּׁפֵטו/ה/שפטve./ha./sho.Fetand/ the/ judgeH9002H9009H8199HC+Td+Vqrmsa
בַּ/שִׁלּ֑וּםב/של֑וםבַּ/שִׁלּוּםב/שלוםba./shi.Lumfor <the>/ bribeH9003H7966HRd+Ncmsa
וְ/הַ/גָּד֗וֹלו/ה/גד֗ולוְ/הַ/גָּדוֹלו/ה/גדולve./ha./ga.Doland/ the/ great [person]H9002H9009H1419AHC+Td+Aamsa
דֹּבֵ֨רדב֨רדֹּבֵרדברdo.Ver[is] speakingH1696GHVqrmsa
הַוַּ֥תהו֥תהַוַּתהותha.Vat[the] craving ofH1942HNcfsc
נַפְשׁ֛/וֹנפש֛/ונַפְשׁ/וֹנפש/וnaf.Sh/oself/ hisH5315LH9023HNcfsc+Sp3ms
ה֖וּאה֖ואהוּאהואhu'heH1931HPp3ms
וַֽ/יְעַבְּתֽוּ/הָ\׃ו/יעבתו/ה\וַֽ/יְעַבְּתֽוּ/הָ\׃ו/יעבתו/ה\Va/y.'a.be.Tu./haand/ they weave/ itH9001H5686H9034\H9016Hc+Vpw3mp+Sp3fs
  1. Om met beide handen wel dapper kwaad te doen, Of, de handen zijn tot kwaad, om goed te doen, [dat is, iemands zaak te bevorderen] eist de vorst [te weten, geschenken] en de rechter [te weten, eist] tot vergelding. Of, ten kwade zijn de handen zeer kloek, enz. Of, opdat beide handen, enz. kwaad mogen doen. Of, beide handen [zijn er op uit, of zijn bezig], om dergelijk, [of] dapperlijk, meesterlijk, kunstiglijk kwaad te doen, dat is te beschadigen. Zij zijn met al hun verstand leggen zij zich daarop. Van het Hebr. woord, dat hier is overgezet wel dapper, zie Jon 4:4 .
  2. eist de vorst, Te weten, giften, geschenken. Verg. Hos 4:18 .
  3. vergelding; Dat is, om geschenken.
  4. grote spreekt Zie 2Ki 25:9 .
  5. verderving Dat is, hij durft wel onbeschaamd spreken wat verdriet, schade en jammer hij voorheeft anderen aan te doen; of hetgeen waardoor hij zijn eigen ziel in het verderf brengt.
  6. ziel, Dat is, waar bij lust of begeerte toe heeft, wat hem slechts lust dat durft hij zeggen, bedenken en doen. Zie Psa 27:12 , en verg. Mic 2:2 .
  7. draaien ze dicht ineen Te weten, de schenderij. Gelijk men verscheidene kleine koorden of zelen tezamen draait om een dik touw daarvan te maken, alzo draaien zij hun schendige praktijken met elkander vast en dicht ineen, samenspannende met elkander, en zich verbindende, sterkende, om zonder fout hunne boosheid uit te werken. Verg. Ecc 4:12 ; Psa 129:4 ; Isa 5:18 .

4 De beste van hen is als een doorn; de oprechtste is scherper dan een doornheg; de dag uwer wachters, uw bezoeking, is gekomen; nu zal hunlieder verwarring wezen.1234567891011

Original Hebrew

טוֹבָ֣/םטוב֣/םטוֹבָ/םטוב/םto.Va/mgood person/ theirH2896AH9028HAamsc+Sp3mp
כְּ/חֵ֔דֶקכ/ח֔דקכְּ/חֵדֶקכ/חדקke./Che.dek[is] like/ a thorn-bushH9004H2312HR+Ncmsa
יָשָׁ֖ריש֖ריָשָׁרישרya.Sharan upright [person]H3477GHAamsa
מִ/מְּסוּכָ֑המ/מסוכ֑המִ/מְּסוּכָהמ/מסוכהmi./me.su.Khahmore than/ a thorn hedgeH9006H4534HR+Ncfsa
י֤וֹםי֤וםיוֹםיוםYom[the] day ofH3117GHNcmsc
מְצַפֶּ֙י/ךָ֙מצפ֙י/ך֙מְצַפֶּי/ךָמצפי/ךme.tza.Pei./khawatchmen/ yourH6822H9031HVprmpc+Sp2ms
פְּקֻדָּתְ/ךָ֣פקדת/ך֣פְּקֻדָּתְ/ךָפקדת/ךpe.ku.da.te./Chapunishment/ yourH6486H9021HNcfsc+Sp2ms
בָ֔אָהב֔אהבָאָהבאהVa.'ahit has comeH0935GHVqp3fs
עַתָּ֥העת֥העַתָּהעתה'a.TahnowH6258HD
תִהְיֶ֖התהי֖התִהְיֶהתהיהtih.Yehit will beH1961HVqi3fs
מְבוּכָתָֽ/ם\׃מבוכת/ם\מְבוּכָתָֽ/ם\׃מבוכת/ם\me.vu.kha.Ta/mconfusion/ theirH3998H9028\H9016HNcfsc+Sp3mp
  1. beste van hen is Dat is, dien men voor den minste in boosheid zou rekenen.
  2. doorn; Zie Eze 2:6 .
  3. doornheg; Verg. Pro 15:19 .
  4. dag uwer De bestemde tijd. Zie Joe 1:15 .
  5. wachters, Dat is, profeten; versta, dien de profeten, u van God toegezonden, geprofeteerd hebben. Zie Eze 3:17 .
  6. uw Of, uwer bezoeking; versta den dag uwer bezoeking.
  7. bezoeking, Dat is, straf. Zie Gen 21:1 .
  8. is gekomen; Dat is, zal zekerlijk komen, het is ophanden, dat u God bezoeken zal.
  9. nu zal Dat is, al haast. Zie Hos 10:3 .
  10. hunlieder Deze booswichten, die boven beschreven zijn.
  11. verwarring wezen Gelijk zij alle verwarring hebben ingevoerd en alle boosheid samengedraaid, alzo zullen zij nu in de uiterste verwarring en verbijstering wederingewikkeld worden, zulks dat zij van benauwdheid niet zullen weten wat te doen of te laten, waaruit of waarin, gelijk men zegt. Verg. 2Ch 36 ; Jer 39 ; Eze 4 , en Eze 24:3-6 , Eze 24:9-11 .

5 Gelooft een vriend niet, vertrouwt niet op een voornaamsten vriend; bewaar de deuren uws monds voor haar, die in uw schoot ligt.123456

Original Hebrew

אַל\־אל\אַל\־אל\'al-may notH0408\H9014HTn
תַּאֲמִ֣ינוּתאמ֣ינותַּאֲמִינוּתאמינוta.'a.Mi.nuyou believeH0539HVhi2mp
בְ/רֵ֔עַב/ר֔עבְ/רֵעַב/רעve./Re.a'in/ a neighborH9003H7453HR+Ncmsa
אַֽל\־אל\אַֽל\־אל\'al-may notH0408\H9014HTn
תִּבְטְח֖וּתבטח֖ותִּבְטְחוּתבטחוtiv.te.Chuyou trustH0982HVqj2mp
בְּ/אַלּ֑וּףב/אל֑וףבְּ/אַלּוּףב/אלוףbe./'a.Lufin/ a close friendH9003H0441AHR+Aamsa
מִ/שֹּׁכֶ֣בֶתמ/שכ֣בתמִ/שֹּׁכֶבֶתמ/שכבתmi./sho.Khe.vetfrom/ [she who] lies ofH9006H7901GHR+Vqrfsc
חֵיקֶ֔/ךָחיק֔/ךחֵיקֶ/ךָחיק/ךchei.Ke./chabosom/ yourH2436GH9021HNcmsc+Sp2ms
שְׁמֹ֖רשמ֖רשְׁמֹרשמרshe.MorguardH8104HHVqv2ms
פִּתְחֵי\־פתחי\פִּתְחֵי\־פתחי\pit.chei-[the] openings ofH6607\H9014HNcmpc
פִֽי/ךָ\׃פי/ך\פִֽי/ךָ\׃פי/ך\Fi./khamouth/ yourH6310GH9021\H9016HNcmsc+Sp2ms
  1. Gelooft een vriend niet, Of, vertrouwt; geloof en trouw is weg, wil de profeet zeggen. Verg. Jer 9:4-5 . Sommigen nemen het als een heilzamen raad, dien den profeet den vromen geeft van hetgeen zij hadden te vermijden.
  2. voornaamsten vriend; Of, leidsman, voorganger, leraar, die met raad en daad voorgaat en bijstaat. Zie Psa 55:14 ; Pro 16:28 , en Pro 17:9 met de aantekening.
  3. bewaar de deuren uws monds Dat gij de geheimen van uw hart niet openbaart, om niet bedrogen en verraden te worden.
  4. haar, Dat is, uw vrouw; verg. Deu 13:6 , en zie de aantekening aldaar. Hebr. de liggende, of liggeres van uwen schoot.
  5. schoot Of, boezem.
  6. ligt Of, slaapt, ligt te slapen; gelijk nederliggen voor slapen genomen wordt, en wijders ook voor sterven, of ontslapen; zie Deu 31:16 .

6 Want de zoon veracht den vader, de dochter staat op tegen haar moeder, de schoondochter tegen haar schoonmoeder; eens mans vijanden zijn zijn huisgenoten.123

Original Hebrew

כִּֽי\־כי\כִּֽי\־כי\ki-forH3588A\H9014HTc
בֵן֙בן֙בֵןבןvena sonH1121AHNcmsa
מְנַבֵּ֣למנב֣למְנַבֵּלמנבלme.na.Bel[is] treating with contemptH5034AHVprmsa
אָ֔בא֔באָבאב'Ava fatherH0001GHNcmsa
בַּ֚תב֚תבַּתבתbata daughterH1323GHNcfsa
קָמָ֣הקמ֣הקָמָהקמהka.Mah[is] arisingH6965JHVqrfsa
בְ/אִמָּ֔/הּב/אמ֔/הבְ/אִמָּ/הּב/אמ/הve./'i.Ma/hon/ mother/ herH9003H0517H9024HR+Ncfsc+Sp3fs
כַּלָּ֖הכל֖הכַּלָּהכלהka.Laha daughter-in-lawH3618HHNcfsa
בַּ/חֲמֹתָ֑/הּב/חמת֑/הבַּ/חֲמֹתָ/הּב/חמת/הba./cha.mo.Ta/hon/ mother-in-law/ herH9003H2545H9024HR+Ncfsc+Sp3fs
אֹיְבֵ֥יאיב֥יאֹיְבֵיאיבי'o.ye.Vei[are the] enemies ofH0341HVqrmpc
אִ֖ישׁא֖ישאִישׁאיש'isha personH0376GHNcmsa
אַנְשֵׁ֥יאנש֥יאַנְשֵׁיאנשי'an.Shei[the] people ofH0582HNcmpc
בֵיתֽ/וֹ\׃בית/ו\בֵיתֽ/וֹ\׃בית/ו\vei.T/oown household/ hisH1004MH9023\H9016HNcmsc+Sp3ms
  1. veracht den vader, Of, onteert, acht klein, of gering.
  2. mans vijanden Of, eens mensen. Deze plaats heeft de Heere Christus gebruikt, Mat 10:35-36 ; hoewel tot een ander einde.
  3. zijn huisgenoten Hber. mensen, of lieden van zijn huis; dat is, die van zijn eigen huisgezin zijn hem ontrouw, verraden hem.

7 Maar ik zal uitzien naar den Heere, ik zal wachten op den God mijns heils; mijn God zal mij horen.123

Original Hebrew

וַ/אֲנִי֙ו/אני֙וַ/אֲנִיו/אניva./'a.Niand/ IH9002H0589HC+Pp1bs
בַּ/יהוָ֣הב/יהו֣הבַּ/יהוָהב/יהוהba./Yah.wehfor/ YahwehH9003H3068GHR+Npt
אֲצַפֶּ֔האצפ֔האֲצַפֶּהאצפה'a.tza.PehI will watchH6822HVpi1cs
אוֹחִ֖ילָהאוח֖ילהאוֹחִילָהאוחילה'o.Chi.lahI will waitH3176GHVhc1cs
לֵ/אלֹהֵ֣יל/אלה֣ילֵ/אלֹהֵיל/אלהיle./lo.Heifor/ [the] God ofH9005H0430GHR+Ncmpc
יִשְׁעִ֑/יישע֑/ייִשְׁעִ/יישע/יyish.'/Isalvation/ myH3468H9020HNcmsc+Sp1bs
יִשְׁמָעֵ֖/נִיישמע֖/נייִשְׁמָעֵ/נִיישמע/ניyish.ma.'E./nihe will hear/ meH8085GH9030HVqi3ms+Sp1bs
אֱלֹהָֽ/י\׃אלה/י\אֱלֹהָֽ/י\׃אלה/י\'e.lo.Ha/iGod/ myH0430GH9020\H9016HNcmpc+Sp1bs
  1. Maar ik zal Of, daaRom.
  2. uitzien naar den HEERE, Of, wacht houden. Verg. Psa 5:4 met de aantekening. Dit spreekt de profeet in den naam der kerk, of de kerk zelve, zich oprichtende door geloof op Gods genade en belofte.
  3. wachten op de God mijns heils; Of, hopen.

8 Verblijd u niet over mij, o mijn vijandin! wanneer ik gevallen ben, zal ik weder opstaan; wanneer ik in duisternis zal gezeten zijn, zal de Heere mij een licht zijn.1234567

Original Hebrew

אַֽל\־אל\אַֽל\־אל\'al-may notH0408\H9014HTn
תִּשְׂמְחִ֤יתשמח֤יתִּשְׂמְחִיתשמחיtis.me.Chiyou rejoiceH8055HVqj2fs
אֹיַ֙בְתִּ/י֙אי֙בת/י֙אֹיַבְתִּ/יאיבת/י'o.Yav.t/iO enemy/ myH0341H9020HVqrfsc+Sp1bs
לִ֔/יל֔/ילִ/יל/יL/ito/ meH9005H9030HR+Sp1bs
כִּ֥יכ֥יכִּיכיkiforH3588AHTc
נָפַ֖לְתִּינפ֖לתינָפַלְתִּינפלתיna.Fal.tiI have fallenH5307GHVqp1cs
קָ֑מְתִּיק֑מתיקָמְתִּיקמתיKa.me.tiI will ariseH6965BHVqp1cs
כִּֽי\־כי\כִּֽי\־כי\ki-forH3588A\H9014HTc
אֵשֵׁ֣באש֣באֵשֵׁבאשב'e.ShevI sitH3427HVqi1cs
בַּ/חֹ֔שֶׁךְב/ח֔שךבַּ/חֹשֶׁךְב/חשךba./Cho.shekhin <the>/ darknessH9003H2822HRd+Ncmsa
יְהוָ֖היהו֖היְהוָהיהוהYah.wehYahwehH3068GHNpt
א֥וֹרא֥וראוֹראור'or[will be] lightH0216HNcfsa
לִֽ/י\׃\ \סל/י\\ \סלִֽ/י\׃\ \סל/י\\ \סL/iof/ meH9005H9030\H9016\ \H9018HR+Sp1bs
  1. mij, Omdat ik in kruis en lijden ben.
  2. vijandin Gij gemeente der goddelozen, mijne vervolgster. De kerk vergelijkt zichzelf bij ene vrouw, en alzo ook hare vijanden.
  3. gevallen ben, In kruis en tegenspoed. Zie Pro 24:16 .
  4. zal ik weder opstaan; Of, sta ik, enz. Hebr. eigenlijk, ben ik weder opgestaan, dat is, zal ik zekerlijk weder opstaan, te weten, uit mijn kruis.
  5. duisternis Zie Gen 15:12 .
  6. zal gezeten zijn, Of, zitte, is mij de HEERE een licht.
  7. licht zijn Zie Psa 27:1 .

9 Ik zal des Heeren gramschap dragen, want ik heb tegen Hem gezondigd; totdat Hij mijn twist twiste, en mijn recht uitvoere; Hij zal mij uitbrengen aan het licht; ik zal mijn lust zien aan Zijn gerechtigheid.123456

Original Hebrew

זַ֤עַףז֤עףזַעַףזעףZa.'af[the] indignation ofH2197HNcmsc
יְהוָה֙יהוה֙יְהוָהיהוהYah.wehYahwehH3068GHNpt
אֶשָּׂ֔אאש֔אאֶשָּׂאאשא'e.Sa'I will bearH5375HHVqi1cs
כִּ֥יכ֥יכִּיכיkiforH3588AHTc
חָטָ֖אתִיחט֖אתיחָטָאתִיחטאתיcha.Ta.tiI have sinnedH2398HVqp1cs
ל֑/וֹל֑/ול/וֹל/וl/oto/ himH9005H9033HR+Sp3ms
עַד֩עד֩עַדעד'aduntilH5704HR
אֲשֶׁ֨ראש֨ראֲשֶׁראשר'a.SherthatH0834AHTr
יָרִ֤יביר֤יביָרִיביריבya.Rivhe will conductH7378HVqi3ms
רִיבִ/י֙ריב/י֙רִיבִ/יריב/יri.V/icase/ myH7379H9020HNcmsc+Sp1bs
וְ/עָשָׂ֣הו/עש֣הוְ/עָשָׂהו/עשהve./'a.Sahand/ he will doH9001H6213AHc+Vqq3ms
מִשְׁפָּטִ֔/ימשפט֔/ימִשְׁפָּטִ/ימשפט/יmish.pa.T/ijustice/ myH4941GH9020HNcmsc+Sp1bs
יוֹצִיאֵ֣/נִייוציא֣/נייוֹצִיאֵ/נִייוציא/ניyo.tzi.'E./nihe will bring out/ meH3318HH9030HVhi3ms+Sp1bs
לָ/א֔וֹרל/א֔ורלָ/אוֹרל/אורla./'orto the/ lightH9005H0216HRd+Ncfsa
אֶרְאֶ֖הארא֖האֶרְאֶהאראה'er.'EhI will lookH7200GHVqi1cs
בְּ/צִדְקָתֽ/וֹ\׃ב/צדקת/ו\בְּ/צִדְקָתֽ/וֹ\׃ב/צדקת/ו\be./tzid.ka.T/oon/ righteousness/ hisH9003H6666H9023\H9016HR+Ncfsc+Sp3ms
  1. gramschap Dat is, plagen, kastijden, uit zijne gramschap voortkomende; verg. Eze 7:3 .
  2. dragen, Met een boetvaardig en geduldig hart, gelijk het volgende uitwijst.
  3. twist twiste, en mijn recht uitvoere; Dat is, mijn rechtzaak, mijn proces, dat ik niet tegen God [voor wien ik mij schuldig ken] maar tegen mijne vijanden open heb staan. Zie Psa 35:1 .
  4. brengen aan het licht; Of, hervoorbrengen, uitvoeren, uit de duisternis, gelijk in het voorgaande vers gezegd.
  5. mijn lust Dit is hier ingevoegd om den zin der Hebr. manier van spreken uit te drukken. Zie Psa 22:18 ; alzo in het volgende vers. Anders: ik zal zijne gerechtigheid aanzien.
  6. gerechtigheid Door welke Hij mij recht zal geven tegen mijne vijandin, mij verlossende en haar straffende; of aan zijn heil, dat Hij mij, naar zijne beloften, getrouwelijk zal bewijzen. Verg. Mic 6:5 met de aantekening.

10 En mijn vijandin zal het zien, en schaamte zal haar bedekken; die tot mij zegt: Waar is de Heere, uw God? Mijn ogen zullen aan haar zien; nu zal zij worden tot vertreding, als slijk der straten.1234

Original Hebrew

וְ/תֵרֶ֤או/תר֤אוְ/תֵרֶאו/תראve./te.Re'and/ she will seeH9002H7200GHC+Vqj3fs
אֹיַ֙בְתִּ/י֙אי֙בת/י֙אֹיַבְתִּ/יאיבת/י'o.Yav.t/ienemy/ myH0341H9020HVqrfsc+Sp1bs
וּ/תְכַסֶּ֣/הָו/תכס֣/הוּ/תְכַסֶּ/הָו/תכס/הu./te.kha.Se./haand/ it will cover/ herH9002H3680H9034HC+Vpu2ms+Sp3fs
בוּשָׁ֔הבוש֔הבוּשָׁהבושהvu.ShahshameH0955HNcfsa
הָ/אֹמְרָ֣הה/אמר֣ההָ/אֹמְרָהה/אמרהha./'o.me.Rah[she] who/ saysH9009H0559HTd+Vqrfsa
אֵלַ֔/יאל֔/יאֵלַ/יאל/י'e.La/ito/ meH0413H9030HR+Sp1bs
אַיּ֖/וֹאי֖/ואַיּ/וֹאי/ו'ai.Y/owhere [is]?/ heH0335H9043HTi+Sp3ms
יְהוָ֣היהו֣היְהוָהיהוהYah.wehYahwehH3068GHNpt
אֱלֹהָ֑יִ/ךְאלה֑י/ךאֱלֹהָיִ/ךְאלהי/ך'e.lo.Ha.yi/khGod/ yourH0430GH9022HNcmpc+Sp2fs
עֵינַ/י֙עינ/י֙עֵינַ/יעינ/י'ei.Na/ieyes/ myH5869AH9020HNcfdc+Sp1bs
תִּרְאֶ֣ינָּהתרא֣ינהתִּרְאֶינָּהתראינהtir.'Ei.nahthey will lookH7200GHVqi3fp
בָּ֔/הּב֔/הבָּ/הּב/הBa/hon/ herH9003H9034HR+Sp3fs
עַתָּ֛העת֛העַתָּהעתה'a.TahnowH6258HD
תִּֽהְיֶ֥התהי֥התִּֽהְיֶהתהיהtih.Yehshe will becomeH1961HVqi3fs
לְ/מִרְמָ֖סל/מרמ֖סלְ/מִרְמָסל/מרמסle./mir.Mas<into>/ a trampling placeH9005H4823HR+Ncmsa
כְּ/טִ֥יטכ/ט֥יטכְּ/טִיטכ/טיטke./Titlike/ [the] mud ofH9004H2916HR+Ncmsc
חוּצֽוֹת\׃חוצות\חוּצֽוֹת\׃חוצות\chu.Tzot[the] streetsH2351\H9016HNcfpa
  1. mijn vijandin zal het zien, Anders: Gij [o Heere] zult mijne vijandin aanzien, [te weten, met een toornig aangezicht] en haar [met] schaamte bedekken.
  2. zien; Te weten, mijne begeerte, verwachting; of Gods rechtvaardige wraak. Zie Psa 54:9 met de aantekening.
  3. nu zal zij worden tot vertreding, Dat is, alhaast, het zal niet lang duren, gelijk in Mic 4:10 , en Mic 5:3 .
  4. slijk der straten Dat is, tot de uiterste schande en versmaadheid gebracht worden. Zie Job 30:19 ; Isa 41:25 ; Psa 40:3 , met de aantekening; idem 2Sa 22:43 , en Psa 18:43 .

11 Ten dage als Hij uw muren zal herbouwen, te dien dage zal het besluit verre heengaan.123

Original Hebrew

י֖וֹםי֖וםיוֹםיוםYoma dayH3117GHNcmsa
לִ/בְנ֣וֹתל/בנ֣ותלִ/בְנוֹתל/בנותli/v.Notto/ buildH9005H1129HR+Vqcc
גְּדֵרָ֑יִ/ךְגדר֑י/ךגְּדֵרָיִ/ךְגדרי/ךge.de.Ra.yi/khwalls/ yourH1447H9022HNcmpc+Sp2fs
י֥וֹםי֥וםיוֹםיוםYoma dayH3117GHNcmsa
הַ/ה֖וּאה/ה֖ואהַ/הוּאה/הואha./Hu'<the>/ thatH9009H1931HTd+Pp3ms
יִרְחַק\־ירחק\יִרְחַק\־ירחק\yir.chak-it will be farH7368\H9014HVqi3ms
חֹֽק\׃חק\חֹֽק\׃חק\Choka boundaryH2706I\H9016HNcmsa
  1. uw Dit is een aanspraak tot de kerk van Christus.
  2. muren zal herbouwen, Versta heiningmuren. Van het Hebr. woord, zie Psa 62:4 . Dit is een Evangelische belofte van de herstelling en verzameling der kerk ten tijde van het Nieuwe Testament door den Messias. Verg. Amo 9:11 ; idem Mic 4:1-3 , en Mic 5:3-5 .
  3. besluit verre heengaan Of, inzetting, ordinantie, te weten, Gods, van zijn eniggeboren Zoon, den Messias; dat is, het Evangelie zal wijd en verre uitgebreid worden. Verg. Psa 2:7 , met de aantekening, en Psa 110:2 ; Isa 2:3 , en Mic 4:1 , enz., en zie hier van de verklaring in vs.14, enz. Anders: de schatting, of het tribuut, of bevel [des vijands tirannie en overlast] zal verre [van u] weggedaan worden. Het Hebr. woord, dat hier en Psa 2:7 gebruikt wordt van het Evangelische genadebesluit van God, wordt Eze 20:25 , gebruikt van goddelijke besluiten, of gezette vonnissen zijner straffen en oordelen, zie aldaar.

12 Te dien dage zal het ook komen tot u toe, van Assur af, zelfs tot de vaste steden toe; en van de vestingen tot aan de rivier, en van zee tot zee, en van gebergte tot gebergte.123456

Original Hebrew

י֥וֹםי֥וםיוֹםיוםYoma dayH3117GHNcmsa
הוּא֙הוא֙הוּאהואhu'thatH1931HPp3ms
וְ/עָדֶ֣י/ךָו/עד֣י/ךוְ/עָדֶי/ךָו/עדי/ךve./'a.Dei./khaand/ to/ youH9002H5704H9031HC+R+Sp2ms
יָב֔וֹאיב֔ואיָבוֹאיבואya.Vo'someone will comeH0935GHVqi3ms
לְ/מִנִּ֥יל/מנ֥ילְ/מִנִּיל/מניle./mi.Ni<to>/ fromH9005H4480AHR+R
אַשּׁ֖וּראש֖וראַשּׁוּראשור'a.ShurAssyriaH0804GHNpl
וְ/עָרֵ֣יו/ער֣יוְ/עָרֵיו/עריve./'a.Reiand/ [the] cities ofH9002H5892BHC+Ncmpc
מָצ֑וֹרמצ֑ורמָצוֹרמצורma.TzorEgyptH4693HNpl
וּ/לְ/מִנִּ֤יו/ל/מנ֤יוּ/לְ/מִנִּיו/ל/מניu./le./mi.Niand/ <to>/ fromH9002H9005H4480AHC+R+R
מָצוֹר֙מצור֙מָצוֹרמצורma.tzOrEgyptH4693HNpl
וְ/עַד\־ו/עד\וְ/עַד\־ו/עד\ve./'ad-and/ toH9002H5704\H9014HC+R
נָהָ֔רנה֔רנָהָרנהרna.Har[the] RiverH5104GHNcmsa
וְ/יָ֥םו/י֥םוְ/יָםו/יםve./Yamand/ seaH9002H3220GHC+Ncmsa
מִ/יָּ֖םמ/י֖םמִ/יָּםמ/יםmi./Yamfrom/ seaH9006H3220GHR+Ncmsa
וְ/הַ֥רו/ה֥רוְ/הַרו/הרve./Harand/ mountainH9002H2022GHC+Ncmsa
הָ/הָֽר\׃ה/הר\הָ/הָֽר\׃ה/הר\ha./Harthe/ mountainH9009H2022G\H9016HTd+Ncmsa
  1. het ook komen tot u toe, Te weten, het voorgemelde besluit. Of, men zal tot u komen, verstaande zulks van den toeloop der volken tot de kerk Gods. Verg. Isa 19:23-24 , enz. Anders: Hij [de] Messias zal tot u komen, enz.
  2. Assur af, Noordwaarts van Kanaän gelegen.
  3. vaste steden toe; Namelijk Egypte, gelegen in het zuiden, zijnde zeer vast door de natuurlijke gelegenheid van wateren en groten arbeid en kunst der mensen. Hebr. steden der vesting. Hebr. Mazor, dat enige gelijkheid heeft met Mizraïm, dat is Egypte. Verg. Isa 19:6 met de aantekening.
  4. vestingen Hebr. vesting, of vastigheid.
  5. rivier, Eufraat.
  6. zee tot zee, Hebr. [tot] zee van zee; dat is, van de ene zee tot de andere, van het ene gebergte tot het andere; van het noorden tot het zuiden, van het oosten tot het westen. Kanaän had gebergten in het noorden, oosten en zuiden, en de Dode zee was in het oosten, de Middellandse in het westen; door welke ligging en grenzen van Kanaän de uitbreiding van het Evangelie door de ganse wereld en de vereniging der Joden en heidenen in Christus wordt afgebeeld.

13 Maar dit land zal worden tot een verwoesting, zijner inwoners halve, vanwege de vrucht hunner handelingen.123

Original Hebrew

וְ/הָיְתָ֥הו/הית֥הוְ/הָיְתָהו/היתהve./ha.ye.Tahand/ it will becomeH9001H1961Hc+Vqq3fs
הָ/אָ֛רֶץה/א֛רץהָ/אָרֶץה/ארץha./'A.retzthe/ earthH9009H0776GHTd+Ncfsa
לִ/שְׁמָמָ֖הל/שממ֖הלִ/שְׁמָמָהל/שממהli/sh.ma.Mah<into>/ a desolationH9005H8077AHR+Ncfsa
עַל\־על\עַל\־על\'al-onH5921A\H9014HR
יֹֽשְׁבֶ֑י/הָישב֑י/היֹֽשְׁבֶי/הָישבי/הyo.she.Vei./hainhabitants/ itsH3427H9024HVqrmpc+Sp3fs
מִ/פְּרִ֖ימ/פר֖ימִ/פְּרִימ/פריmi./pe.Rifrom/ [the] fruit ofH9006H6529HR+Ncmsc
מַֽעַלְלֵי/הֶֽם\׃\ \סמעללי/הם\\ \סמַֽעַלְלֵי/הֶֽם\׃\ \סמעללי/הם\\ \סMa.'a.lei./Hemdeeds/ theirH4611H9028\H9016\ \H9018HNcmpc+Sp3mp
  1. Maar dit land zal worden tot een verwoesting, Of, nadat, of als dit land zal geworden zijn, enz., of evenwel, nochtans zal dit land, versta Kanaän. Dit is eerst geschied ten tijde der Babylonische verwoesting, en naderhand bij de tijden van het Nieuwe Testament, en gaat voort nog vast ten huidigen dage. Verg. Dan 9:26-27 , enz.
  2. zijner inwoners halve, Of, met zijne inwoners.
  3. vrucht hunner handelingen Dat is, verdienste, loon. Zie Pro 1:31 .

14 Gij dan, weid Uw volk met Uw staf, de kudde Uwer erfenis, die alleen woont, in het woud, in het midden van een vruchtbaar land; laat ze weiden in Basan en Gilead, als in de dagen van ouds.12345678

Original Hebrew

רְעֵ֧הרע֧הרְעֵהרעהre.'EhshepherdH7462BHVqv2ms
עַמְּ/ךָ֣עמ/ך֣עַמְּ/ךָעמ/ך'a.me./Khapeople/ yourH5971AH9021HNcmsc+Sp2ms
בְ/שִׁבְטֶ֗/ךָב/שבט֗/ךבְ/שִׁבְטֶ/ךָב/שבט/ךve./shiv.Te./khawith/ rod/ yourH9003H7626GH9021HR+Ncmsc+Sp2ms
צֹ֚אןצ֚אןצֹאןצאןtzon[the] flock ofH6629GHNcbsc
נַֽחֲלָתֶ֔/ךָנחלת֔/ךנַֽחֲלָתֶ/ךָנחלת/ךna.cha.la.Te./khainheritance/ yourH5159H9021HNcfsc+Sp2ms
שֹׁכְנִ֣ישכנ֣ישֹׁכְנִישכניsho.khe.Ni[who] dwellH7931HVqrmsc
לְ/בָדָ֔דל/בד֔דלְ/בָדָדל/בדדle./va.Dad<of>/ aloneH9005H0910HR+Ncmsa
יַ֖עַרי֖עריַעַריערYa.'ara forestH3293AHNcmsa
בְּ/ת֣וֹךְב/ת֣וךבְּ/תוֹךְב/תוךbe./Tokhin/ [the] midst ofH9003H8432HR+Ncmsc
כַּרְמֶ֑לכרמ֑לכַּרְמֶלכרמלkar.Mela garden-landH3759HNcmsa
יִרְע֥וּירע֥ויִרְעוּירעוyir.'Ulet them grazeH7462BHVqi3mp
בָשָׁ֛ןבש֛ןבָשָׁןבשןva.ShanBashanH1316HNpl
וְ/גִלְעָ֖דו/גלע֖דוְ/גִלְעָדו/גלעדve./gil.'Adand/ GileadH9002H1568GHC+Npl
כִּ/ימֵ֥יכ/ימ֥יכִּ/ימֵיכ/ימיki./Meilike/ [the] days ofH9004H3117GHR+Ncmpc
עוֹלָֽם\׃עולם\עוֹלָֽם\׃עולם\o.LamantiquityH5769J\H9016HNcmsa
  1. Gij dan, Hier spreekt de kerk [verheugd zijnde in den geest] den Messias, den oppersten Herder der kerk, Jezus Christus, aan alsof zij Hem zag staan weiden en zijn herdersambt verrichten; verg. Mic 5:3 ; dit dient tot verklaring en vervolg van vs.11,12.
  2. volk Dat is, kerk, verstrooid op aarde en gehaat van de kinderen dezer wereld.
  3. staf, Dat is, Woord en Geest. Verg. Psa 23:4 .
  4. kudde De schaapskudde, waarbij de gelovigen hier en elders dikwijls worden vergeleken.
  5. erfenis, Zie Deu 32:9 , met de aantekening.
  6. alleen woont, Als een afgezonderd volk Gods, niet vermengd met de wereld, ketterijen en secten, [waarom zij ook dikwijls vervolgd en in eenzaamheid verdreven wordt] levende nochtans in zekerheid en vertrouwen tegen alle vijanden en de poorten der hel, onder bescherming van haren Herder; zie Num 23:9 ; Deu 33:28 ; Joh 15:19 ; 1Pe 2:9 ; 1Jo 5:19 , en verg. de manier van spreken met Jer 49:31 .
  7. vruchtbaar land; Hebr. Karmel. Zie Jer 2:7 , met de aantekening.
  8. Basan en Gilead, Overvloeiende van schone weiden. Zie Deu 32:14 ; Psa 22:13 ; Jer 50:19 , en van Gilead, Gen 31:21 ; Jer 22:6 , met de aantekening.

15 Ik zal haar wonderen doen zien, als in de dagen, toen gij uit Egypteland uittoogt.12

Original Hebrew

כִּ/ימֵ֥יכ/ימ֥יכִּ/ימֵיכ/ימיki./Meilike/ [the] daysH9004H3117GHR+Ncmpc
צֵאתְ/ךָ֖צאת/ך֖צֵאתְ/ךָצאת/ךtze.te./Khacoming out/ youH3318GH9041HVqcc+Sp2ms
מֵ/אֶ֣רֶץמ/א֣רץמֵ/אֶרֶץמ/ארץme./'E.retzfrom/ [the] land ofH9006H0776GHR+Ncfsc
מִצְרָ֑יִםמצר֑יםמִצְרָיִםמצריםmitz.Ra.yimEgyptH4714GHNpl
אַרְאֶ֖/נּוּארא֖/נואַרְאֶ/נּוּארא/נו'ar.'E./nuI will show/ himH7200GH9033HVhi1cs+Sp3ms
נִפְלָאֽוֹת\׃נפלאות\נִפְלָאֽוֹת\׃נפלאות\nif.la.'otwondersH6381\H9016HVNrfpa
  1. haar wonderen doen zien, Mijne kudde, dat is kerk, waarvan in het voorgaande vers. Dit is Jezus Christus' antwoord op de voorgaande aanspraak der kerk.
  2. gij uit Egypteland uittoogt O Israël.

16 De heidenen zullen het zien, en beschaamd zijn, vanwege al hun macht; zij zullen de hand op den mond leggen; hun oren zullen doof worden.1234

Original Hebrew

יִרְא֤וּירא֤ויִרְאוּיראוyir.'Uthey will seeH7200GHVqi3mp
גוֹיִם֙גוים֙גוֹיִםגויםgo.YimnationsH1471AHNcmpa
וְ/יֵבֹ֔שׁוּו/יב֔שווְ/יֵבֹשׁוּו/יבשוve./ye.Vo.shuso/ they may be ashamedH9002H0954HC+Vqu3mp
מִ/כֹּ֖למ/כ֖למִ/כֹּלמ/כלmi./Kolfrom/ allH9006H3605HR+Ncmsc
גְּבֽוּרָתָ֑/םגבורת֑/םגְּבֽוּרָתָ/םגבורת/םge.vu.ra.Ta/mstrength/ theirH1369H9028HNcfsc+Sp3mp
יָשִׂ֤ימוּיש֤ימויָשִׂימוּישימוya.Si.muthey will putH7760HHVqi3mp
יָד֙יד֙יָדידyada handH3027GHNcbsa
עַל\־על\עַל\־על\'al-onH5921A\H9014HR
פֶּ֔הפ֔הפֶּהפהPeha mouthH6310GHNcmsa
אָזְנֵי/הֶ֖םאזני/ה֖םאָזְנֵי/הֶםאזני/הם'a.ze.nei./Hemears/ theirH0241GH9028HNcfdc+Sp3mp
תֶּחֱרַֽשְׁנָה\׃תחרשנה\תֶּחֱרַֽשְׁנָה\׃תחרשנה\te.che.Rash.nahthey will be deafH2790B\H9016HVqi3fp
  1. heidenen zullen het zien, Of, natiën, [te weten, de vijanden der kerk] zullen de heerlijkheid van het koninkrijk van Christus, of van zijne kerk moeten aanschouwen. Sommigen verstaan dit van de uitverkorenen onder de heidenen, die met schaamte en bekentenis hunner zonden tot gemeenschap der kerk zullen aankomen, uit vergelijking met Hos 3:5 , en Hos 11:10-11 ; idem Isa 45:14 .
  2. vanwege al hun macht; Omdat al hun woelen en woeden tegen Gods werk en kerk vergeefs is; of [gelijk sommigen] om de geestelijke macht, die God zijne kerk bij de predikatie van het Evangelie zal verlenen. Zie 2Co 10:4-6 , en verg. Mic 5:5 , Mic 5:8 , enz.; Psa 149:6-9 , met de aantekening.
  3. hand op den mond leggen; Niet kunnende of durvende tegenspreken. Zie Jdg 18:19 ; Job 21:5 .
  4. doof worden Van hetgeen zij zullen moeten horen en niet kunnen verdragen; of [gelijk sommigen] de zaken, die zij zullen horen, zullen zo vreemd, wonderlijk en groot zijn, dat hun de oren van het horen, vermits verwondering [om zo te spreken] verdoven zullen.

17 Zij zullen het stof lekken, als de slang; als kruipende dieren der aarde, zullen zij zich beroeren uit hun sloten; zij zullen met vervaardheid komen tot den Heere, onzen God, en zullen voor U vrezen.12345

Original Hebrew

יְלַחֲכ֤וּילחכ֤ויְלַחֲכוּילחכוye.la.cha.Khuthey will lick upH3897HVpi3mp
עָפָר֙עפר֙עָפָרעפר'a.FardustH6083HNcmsa
כַּ/נָּחָ֔שׁכ/נח֔שכַּ/נָּחָשׁכ/נחשka./na.Chashlike <the>/ snakeH9004H5175HRd+Ncmsa
כְּ/זֹחֲלֵ֣יכ/זחל֣יכְּ/זֹחֲלֵיכ/זחליke./zo.cha.Leilike/ [things which] crawl ofH9004H2119AHR+Vqrmpc
אֶ֔רֶץא֔רץאֶרֶץארץ'E.retz[the] earthH0776HHNcfsa
יִרְגְּז֖וּירגז֖ויִרְגְּזוּירגזוyir.ge.Zuthey will quakeH7264HVqi3mp
מִ/מִּסְגְּרֹֽתֵי/הֶ֑םמ/מסגרתי/ה֑םמִ/מִּסְגְּרֹֽתֵי/הֶםמ/מסגרתי/הםmi./mis.ge.ro.tei./Hemfrom/ strongholds/ theirH9006H4526H9028HR+Ncfpc+Sp3mp
אֶל\־אל\אֶל\־אל\'el-toH0413\H9014HR
יְהוָ֤היהו֤היְהוָהיהוהYah.wehYahwehH3068GHNpt
אֱלֹהֵ֙י/נוּ֙אלה֙י/נו֙אֱלֹהֵי/נוּאלהי/נו'e.lo.Hei./nuGod/ ourH0430GH9025HNcmpc+Sp1bp
יִפְחָ֔דוּיפח֔דויִפְחָדוּיפחדוyif.Cha.duthey will be in dreadH6342HVqi3mp
וְ/יִֽרְא֖וּו/ירא֖ווְ/יִֽרְאוּו/יראוve./yir.'Uand/ they may be afraidH9002H3372HHC+Vqu3mp
מִמֶּֽ/ךָּ\׃ממ/ך\מִמֶּֽ/ךָּ\׃ממ/ך\mi.Me./kafrom/ youH4480AH9031\H9016HR+Sp2ms
  1. stof lekken, als de slang; Tot een teken van de uiterste vrees en onderwerping, zijnde hun pracht en hoogmoed als ter aarde nedergeworpen, gelijk men in de Oosterse landen zich placht ter aarde neder te buigen, tot een teken van onderwerping en nederigheid. Zie Psa 72:9 , met de aantekening, en verg. Isa 49:23 , alwaar desgelijks gezegd wordt van de bekeerde heidenen.
  2. kruipende dieren der aarde, Of, slangen, wormen der aarde, enz. Zie Deu 32:24 met de aantekening.
  3. zich beroeren uit hun sloten; Dat is, met beroerte, al vrezende, bevende en kruipende uit hunne sloten, of vaste, besloten plaatsen voortkomende [verg. 2Sa 22:46 ; Psa 18:46 , met de aantekening] gelijk slangen, of andere kruipende dieren, uit hare holen voortkruipen.
  4. met vervaardheid komen tot den HEERE, onzen God, Hebr. zij zullen vervaard zijn, of vrezen tot den Heere, enz. gelijk Hos 3:5 ; zie aldaar, en verg. Hos 11:10-11 . Anders: zij zullen vrezen, of vervaard zijn voor den Heere, enz.
  5. U vrezen Versta, [veranderende den persoon, gelijk elders] God zelf, den Messias, dien den profeet met opheffing des harten en verwondering aanspreekt, gelijk in het volgende; of de kerk, met de heerlijkheid en macht van haar Hoofd begenadigd zijnde; verg. Isa 19:16-18 , enz. met de aantekening.

18 Wie is een God gelijk Gij, Die de ongerechtigheid vergeeft, en de overtreding van het overblijfsel Zijner erfenis voorbij gaat? Hij houdt Zijn toorn niet in eeuwigheid; want Hij heeft lust aan goedertierenheid.12345

Original Hebrew

מִי\־מי\מִי\־מי\mi-who?H4310\H9014HPi
אֵ֣לא֣לאֵלאל'el[is] a GodH0410GHNcmsa
כָּמ֗וֹ/ךָכמ֗ו/ךכָּמוֹ/ךָכמו/ךka.Mo./khalike/ youH3644GH9031HR+Sp2ms
נֹשֵׂ֤אנש֤אנֹשֵׂאנשאno.Se'[who] forgivesH5375IHVqrmsa
עָוֹן֙עון֙עָוֹןעון'a.VoniniquityH5771GHNcmsa
וְ/עֹבֵ֣רו/עב֣רוְ/עֹבֵרו/עברve./'o.Verand/ [who] passesH9002H5674AHC+Vqrmsa
עַל\־על\עַל\־על\'al-overH5921A\H9014HR
פֶּ֔שַׁעפ֔שעפֶּשַׁעפשעPe.sha'transgressionH6588HNcmsa
לִ/שְׁאֵרִ֖יתל/שאר֖יתלִ/שְׁאֵרִיתל/שאריתli/sh.'e.Ritto/ [the] remnant ofH9005H7611HR+Ncfsc
נַחֲלָת֑/וֹנחלת֑/ונַחֲלָת/וֹנחלת/וna.cha.la.T/oinheritance/ hisH5159H9023HNcfsc+Sp3ms
לֹא\־לא\לֹא\־לא\lo'-notH3808\H9014HTn
הֶחֱזִ֤יקהחז֤יקהֶחֱזִיקהחזיקhe.che.Zikhe keeps hold ofH2388GHVhp3ms
לָ/עַד֙ל/עד֙לָ/עַדל/עדla./'Adfor/ everH9005H5703HR+Ncmsa
אַפּ֔/וֹאפ֔/ואַפּ/וֹאפ/ו'a.P/oanger/ hisH0639GH9023HNcmsc+Sp3ms
כִּֽי\־כי\כִּֽי\־כי\ki-forH3588A\H9014HTc
חָפֵ֥ץחפ֥ץחָפֵץחפץcha.Fetz[is one] desirous ofH2655HAamsc
חֶ֖סֶדח֖סדחֶסֶדחסדChe.sedcovenant loyaltyH2617AHNcmsa
הֽוּא\׃הוא\הֽוּא\׃הוא\Hu'heH1931\H9016HPp3ms
  1. vergeeft, Of, wegneemt; zie Psa 25:18 .
  2. overblijfsel Zijner erfenis Dat is, zijne uitverkorenen, gelovigen, of kerk; zie vs.14.
  3. voorbijgaat? Dat is, overziet, niet toerekent, niet aanziet naar zijne gerechtigheid, of in toorn; verg. 2Sa 12:13 , met de aantekening.
  4. houdt Zijn toorn niet in eeuwigheid; Verg. Jer 3:5 , Jer 3:12 , en zie het tegendeel ten aanzien van Gods en zijns volks vijanden, Nah 1:2 .
  5. want Hij heeft lust aan goedertierenheid Of, maar.

19 Hij zal Zich onzer weder ontfermen; Hij zal onze ongerechtigheden dempen; ja, Gij zult al hun zonden in de diepten der zee werpen.1234

Original Hebrew

יָשׁ֣וּביש֣וביָשׁוּבישובya.Shuvhe will returnH7725JHVqi3ms
יְרַֽחֲמֵ֔/נוּירחמ֔/נויְרַֽחֲמֵ/נוּירחמ/נוye.ra.cha.Me./nuhe will have compassion on/ usH7355H9035HVpi3ms+Sp1bp
יִכְבֹּ֖שׁיכב֖שיִכְבֹּשׁיכבשyikh.Boshhe will subdueH3533HVqi3ms
עֲוֹֽנֹתֵ֑י/נוּעונת֑י/נועֲוֹֽנֹתֵי/נוּעונתי/נו'a.vo.no.Tei./nuiniquities/ ourH5771GH9025HNcfpc+Sp1bp
וְ/תַשְׁלִ֛יךְו/תשל֛יךוְ/תַשְׁלִיךְו/תשליךve./tash.Likhso/ you may castH9002H7993HC+Vhu2ms
בִּ/מְצֻל֥וֹתב/מצל֥ותבִּ/מְצֻלוֹתב/מצלותbi/m.tzu.Lotin/ [the] depths ofH9003H4688HR+Ncfpc
יָ֖םי֖םיָםיםyam[the] seaH3220GHNcmsa
כָּל\־כל\כָּל\־כל\kol-allH3605\H9014HNcmsc
חַטֹּאותָֽ/ם\׃חטאות/ם\חַטֹּאותָֽ/ם\׃חטאות/ם\cha.to.Ta/msins/ theirH2403BH9028\H9016HNcfpc+Sp3mp
  1. weder ontfermen; Hebr. Hij zal wederkeren, Hij zal zich onzer ontfermen; verg. Psa 71:20 , en Psa 85:7 met de aantekening, idem Num 11:4 ; Psa 45:5 .
  2. dempen; Of, tenonderbrengen, onderwerpen, zodat zij niet kunnen opkomen of opstaan tegen ons in het gericht; en voorts door zijne Geest de heerschappij en tirannie der zonden [onder welke wij als dienstknechten en slaven verkocht waren] afschaffen, en ons heilig maken en vernieuwen, hier aanvankelijk, hierna volkomenlijk op welke laatste weldaad dit sommigen alleen duiden. Zie Isa 52:1 ; Rom 6:7 .
  3. hun zonden Der uitverkorenen en gelovigen.
  4. diepten der zee werpen Een schone en zeer troostelijke gelijkenis, betekenende dat onze zonden van God niet aangezien, maar in eeuwige vergetenis gesteld, bedekt en als ongeacht en versmoord zullen zijn; verg. Psa 103:12 ; Isa 43:25 ; Jer 31:34 , Jer 31:37 , enz.

20 Gij zult Jakob de trouw, Abraham de goedertierenheid geven, die Gij onzen vaderen van oude dagen af gezworen hebt.123

Original Hebrew

תִּתֵּ֤ןתת֤ןתִּתֵּןתתןti.Tenyou will giveH5414PHVqi2ms
אֱמֶת֙אמת֙אֱמֶתאמת'e.MetfaithfulnessH0571GHNcfsa
לְ/יַֽעֲקֹ֔בל/יעק֔בלְ/יַֽעֲקֹבל/יעקבle./ya.'a.Koto/ JacobH9005H3290HR+Npm
חֶ֖סֶדח֖סדחֶסֶדחסדChe.sedcovenant loyaltyH2617AHNcmsa
לְ/אַבְרָהָ֑םל/אברה֑םלְ/אַבְרָהָםל/אברהםle./'av.ra.Hamto/ AbrahamH9005H0085HR+Npm
אֲשֶׁר\־אשר\אֲשֶׁר\־אשר\'a.Sher-whichH0834A\H9014HTr
נִשְׁבַּ֥עְתָּנשב֥עתנִשְׁבַּעְתָּנשבעתnish.Ba'.tayou sworeH7650HVNp2ms
לַ/אֲבֹתֵ֖י/נוּל/אבת֖י/נולַ/אֲבֹתֵי/נוּל/אבתי/נוla./'a.vo.Tei./nuto/ fathers/ ourH9005H0001GH9025HR+Ncfpc+Sp1bp
מִ֥/ימֵימ֥/ימימִ/ימֵימ/ימיMi./meifrom/ days ofH9006H3117GHR+Ncmpc
קֶֽדֶם\׃קדם\קֶֽדֶם\׃קדם\Ke.demantiquityH6924H\H9016HNcmsa
  1. Jakob de trouw, Dat is, Jakobs en Abrahams nakomelingen; zie Rom 9:6-8 . Of, de trouw, of waarheid van Jakob, de goedertierenheid, of weldadigheid van Abraham, dat is, die Gij hun beloofd hebt. Verg. Jer 2:2 , en versta hierdoor den Messias, den Middelaar van het genadeverbond, en alles met Hem. Verg. Luk 1:68-73 ; Rom 8:32 ; een heerlijk besluit der profetie, vol van geloof en verwachting van den Messias.
  2. geven, Of, leveren; dat is, daarstellen, metterdaad bewijzen en volbrengen.
  3. oude dagen af gezworen hebt Hebr. van de dagen der oudheid; dat is, voor langen tijd.