reltext

Chapter 6

1 Hoort nu, wat de Heere zegt: Maak u op, twist met de bergen, en laat de heuvelen uw stem horen.1

Original Hebrew

שִׁמְעוּ\־שמעו\שִׁמְעוּ\־שמעו\shim.'u-hearH8085G\H9014HVqv2mp
נָ֕אנ֕אנָאנאna'pleaseH4994HTj
אֵ֥תא֥תאֵתאת'et<obj.>H0853HTo
אֲשֶׁר\־אשר\אֲשֶׁר\־אשר\'a.Sher-[that] whichH0834A\H9014HTr
יְהוָ֖היהו֖היְהוָהיהוהYah.wehYahwehH3068GHNpt
אֹמֵ֑ראמ֑ראֹמֵראמר'o.Mer[is] sayingH0559HVqrmsa
ק֚וּםק֚וםקוּםקוםkumariseH6965BHVqv2ms
רִ֣יבר֣יברִיבריבrivconduct a caseH7378HVqv2ms
אֶת\־את\אֶת\־את\'et-withH0854\H9014HR
הֶ/הָרִ֔יםה/הר֔יםהֶ/הָרִיםה/הריםhe./ha.Rimthe/ mountainsH9009H2022GHTd+Ncmpa
וְ/תִשְׁמַ֥עְנָהו/תשמ֥ענהוְ/תִשְׁמַעְנָהו/תשמענהve./tish.Ma'.nahso/ they may hearH9002H8085GHC+Vqu3fp
הַ/גְּבָע֖וֹתה/גבע֖ותהַ/גְּבָעוֹתה/גבעותha./ge.va.'otthe/ hillsH9009H1389IHTd+Ncfpa
קוֹלֶֽ/ךָ\׃קול/ך\קוֹלֶֽ/ךָ\׃קול/ך\ko.Le./chavoice/ yourH6963AH9021\H9016HNcmsc+Sp2ms
  1. met de bergen, Sommigen nemen dit, als tegen de bergen, verstaande door de bergen de groten, en door de heuvelen den gemenen man; maar het schijnt dat met hier zoveel is alsof de Heere zeide: Neem de bergen als te hulp, tot getuigen. Of, doe het, voor, bij, in tegenwoordigheid, enz., want God gebiedt den profeet in het volgende, de bergen aan te spreken, tot overtuiging en beschaming der mensen; verg. Deu 4:26 , en Deu 32:1 ; idem Mic 1:2 met de aantekening.

2 Hoort, gij bergen! den twist des Heeren, mitsgaders gij sterke fondamenten der aarde! want de Heere heeft een twist met Zijn volk, en Hij zal Zich met Israël in recht begeven.12

Original Hebrew

שִׁמְע֤וּשמע֤ושִׁמְעוּשמעוshim.'UhearH8085GHVqv2mp
הָרִים֙הרים֙הָרִיםהריםha.RimO mountainsH2022GHNcmpa
אֶת\־את\אֶת\־את\'et-<obj.>H0853\H9014HTo
רִ֣יבר֣יברִיבריבriv[the] case ofH7379HNcmsc
יְהוָ֔היהו֔היְהוָהיהוהYah.wehYahwehH3068GHNpt
וְ/הָ/אֵתָנִ֖יםו/ה/אתנ֖יםוְ/הָ/אֵתָנִיםו/ה/אתניםve./ha./'e.ta.Nimand/ O/ enduring [ones]H9002H9009H0386HC+Td+Aampa
מֹ֣סְדֵימ֣סדימֹסְדֵימסדיMo.se.dei[the] foundations ofH4144HNcmpc
אָ֑רֶץא֑רץאָרֶץארץ'A.retz[the] earthH0776GHNcfsa
כִּ֣יכ֣יכִּיכיkiforH3588AHTc
רִ֤יבר֤יברִיבריבriva case at lawH7379HNcmsa
לַֽ/יהוָה֙ל/יהוה֙לַֽ/יהוָהל/יהוהla./Yah.weh[belongs] to/ YahwehH9005H3068GHR+Npt
עִם\־עם\עִם\־עם\'im-withH5973A\H9014HR
עַמּ֔/וֹעמ֔/ועַמּ/וֹעמ/וa.M/opeople/ hisH5971AH9023HNcmsc+Sp3ms
וְ/עִם\־ו/עם\וְ/עִם\־ו/עם\ve./'im-and/ withH9002H5973A\H9014HC+R
יִשְׂרָאֵ֖לישרא֖ליִשְׂרָאֵלישראלYis.ra.'ElIsraelH3478HNpl
יִתְוַכָּֽח\׃יתוכח\יִתְוַכָּֽח\׃יתוכח\yit.va.Kachhe will argueH3198\H9016HVti3ms
  1. sterke fondamenten der aarde Dat is, gij vastgefondeerde aarde; of, gij gronden, wortelen, afsnijdingen [gelijk Jon 2:6 ] der bergen, rotsen en klippen, die als ene vastigheid of sterkte des aardrijks zijt.
  2. twist met Zijn volk, Of, pleit, rechtzaak. Verg. Isa 1:18 , en Isa 5:3-4 , en Isa 43:26 , met de aantekening.

3 O Mijn volk! wat heb Ik u gedaan, en waarmede heb Ik u vermoeid? Betuig tegen Mij.12

Original Hebrew

עַמִּ֛/יעמ֛/יעַמִּ/יעמ/י'a.M/iO people/ myH5971AH9020HNcmsc+Sp1bs
מֶה\־מה\מֶה\־מה\meh-what?H4100\H9014HPi
עָשִׂ֥יתִיעש֥יתיעָשִׂיתִיעשיתי'a.Si.tihave I doneH6213AHVqp1cs
לְ/ךָ֖ל/ך֖לְ/ךָל/ךle./Khato/ youH9005H9031HR+Sp2ms
וּ/מָ֣הו/מ֣הוּ/מָהו/מהu./Mahand/ what?H9002H4100HC+Pi
הֶלְאֵתִ֑י/ךָהלאת֑י/ךהֶלְאֵתִי/ךָהלאתי/ךhel.'e.Ti./khahave I made weary/ youH3811H9031HVhp1cs+Sp2ms
עֲנֵ֥הענ֥העֲנֵהענה'a.NehtestifyH6030BHVqv2ms
בִֽ/י\׃ב/י\בִֽ/י\׃ב/י\V/iagainst/ meH9003H9030\H9016HR+Sp1bs
  1. wat heb Ik u gedaan, Verg. Jer 2:5 , Jer 2:31 .
  2. vermoeid Of, moede gemaakt, ben Ik u moeilijk, lastig geweest? alsof de Heere zeide: Gij zijt immers in uwe conscientiën overtuigd, dat Ik u nooit kwaad, maar integendeel alles goeds heb gedaan; wat reden hebt gij dan dat gij u zo afkerig en wrevelig tegen mij gedraagt?

4 Immers heb Ik u uit Egypteland opgevoerd, en u uit het diensthuis verlost; en Ik heb voor uw aangezicht henen gezonden Mozes, Aäron en Mirjam.123

Original Hebrew

כִּ֤יכ֤יכִּיכיkiforH3588AHTc
הֶעֱלִתִ֙י/ךָ֙העלת֙י/ך֙הֶעֱלִתִי/ךָהעלתי/ךhe.'e.li.Ti./khaI brought up/ youH5927HH9031HVhp1cs+Sp2ms
מֵ/אֶ֣רֶץמ/א֣רץמֵ/אֶרֶץמ/ארץme./'E.retzfrom/ [the] land ofH9006H0776GHR+Ncfsc
מִצְרַ֔יִםמצר֔יםמִצְרַיִםמצריםmitz.Ra.yimEgyptH4714GHNpl
וּ/מִ/בֵּ֥יתו/מ/ב֥יתוּ/מִ/בֵּיתו/מ/ביתu./mi./Beitand/ from/ a house ofH9002H9006H1004BHC+R+Ncmsc
עֲבָדִ֖יםעבד֖יםעֲבָדִיםעבדים'a.va.DimslavesH5650HNcmpa
פְּדִיתִ֑י/ךָפדית֑י/ךפְּדִיתִי/ךָפדיתי/ךpe.di.Ti./khaI ransomed/ youH6299H9031HVqp1cs+Sp2ms
וָ/אֶשְׁלַ֣חו/אשל֣חוָ/אֶשְׁלַחו/אשלחva./'esh.Lachand/ I sentH9001H7971GHc+Vqw1cs
לְ/פָנֶ֔י/ךָל/פנ֔י/ךלְ/פָנֶי/ךָל/פני/ךle./fa.Nei./kha<to>/ before/ youH9005H6440GH9021HR+Ncmpc+Sp2ms
אֶת\־את\אֶת\־את\'et-<obj.>H0853\H9014HTo
מֹשֶׁ֖המש֖המֹשֶׁהמשהmo.ShehMosesH4872HNpm
אַהֲרֹ֥ןאהר֥ןאַהֲרֹןאהרן'a.ha.RonAaronH0175HNpm
וּ/מִרְיָֽם\׃ו/מרים\וּ/מִרְיָֽם\׃ו/מרים\u./mir.Yamand/ MiriamH9002H4813G\H9016HC+Npf
  1. diensthuis verlost; Hebr. huis der dienstknechten, of slaven, gelijk dikwijls. Zie Exo 20:2 .
  2. henen gezonden Mozes, Aäron Om u in het geestelijke en lichamelijke te geleiden en te helpen. Zie Isa 63:11-12 .
  3. Mirjam Die ook ene profetes was. Zie Exo 15:20 ; Num 12:2 .

5 Mijn volk! gedenk toch wat Balak, de koning van Moab, beraadslaagde, en wat hem Bileam, de zoon van Beor, antwoordde; en wat geschied is van Sittim af tot Gilgal toe, opdat gij de gerechtigheden des Heeren kent.1234

Original Hebrew

עַמִּ֗/יעמ֗/יעַמִּ/יעמ/י'a.M/iO people/ myH5971AH9020HNcmsc+Sp1bs
זְכָר\־זכר\זְכָר\־זכר\ze.khor-rememberH2142\H9014HVqv2ms
נָא֙נא֙נָאנאna'pleaseH4994HTj
מַה\־מה\מַה\־מה\mah-what?H4100\H9014HPi
יָּעַ֗ץיע֗ץיָּעַץיעץya.'Atzdid he planH3289HVqp3ms
בָּלָק֙בלק֙בָּלָקבלקba.LakBalakH1111HNpm
מֶ֣לֶךְמ֣לךמֶלֶךְמלךMe.lekh[the] king ofH4428GHNcmsc
מוֹאָ֔במוא֔במוֹאָבמואבmo.'AvMoabH4124GHNpl
וּ/מֶה\־ו/מה\וּ/מֶה\־ו/מה\u./meh-and/ what?H9002H4100\H9014HC+Pi
עָנָ֥הענ֥העָנָהענה'a.Nahdid he answerH6030BHVqp3ms
אֹת֖/וֹאת֖/ואֹת/וֹאת/ו'o.T/o<obj.>/ himH0853H9033HTo+Sp3ms
בִּלְעָ֣םבלע֣םבִּלְעָםבלעםbil.'AmBalaamH1109AHNpm
בֶּן\־בן\בֶּן\־בן\ben-[the] son ofH1121A\H9014HNcmsc
בְּע֑וֹרבע֑ורבְּעוֹרבעורbe.'orBeorH1160HHNpm
מִן\־מן\מִן\־מן\min-fromH4480A\H9014HR
הַ/שִּׁטִּים֙ה/שטים֙הַ/שִּׁטִּיםה/שטיםha./shi.Tim<the>/ ShittimH9009H7851GHTd+Npl
עַד\־עד\עַד\־עד\'ad-toH5704\H9014HR
הַ/גִּלְגָּ֔לה/גלג֔להַ/גִּלְגָּלה/גלגלha./gil.Gal<the>/ GilgalH9009H1537GHTd+Npl
לְמַ֕עַןלמ֕עןלְמַעַןלמעןle.Ma.'anso asH4616HTc
דַּ֖עַתד֖עתדַּעַתדעתDa.'atto knowH3045HVqcc
צִדְק֥וֹתצדק֥ותצִדְקוֹתצדקותtzid.Kot[the] righteousness<es> ofH6666HNcfpc
יְהוָֽה\׃יהוה\יְהוָֽה\׃יהוה\Yah.wehYahwehH3068G\H9016HNpt
  1. beraadslaagde, Hoe hij met alle middelen mijn vloek over u zocht te brengen, en hoe Ik dien in zulk een heerlijken zegen veranderde. Zie Num 22:5 , en Num 23:7 , en Num 24:1 , Num 24:14 ; Deu 23:4-5 ; Jos 24:9-10 ; Rev 2:14 .
  2. Sittim Waar gij zo schandelijk hoereerdet met den Baäl-Peor, Num 25 .
  3. Gilgal Waar Ik, volgens mijne beloften, u, niettegenstaande uw veelvoudige ondankbaarheid, droogvoets door de Jordaan geleid en in het beloofde land gebracht hebbende, mijn verbond als opnieuw met u bevestigd heb door de besnijdenis. Zie Jos 3 en Jos 5:2 .
  4. gerechtigheden des HEEREN kent Dat is, de rechtvaardige daden, die de Heere voor u gedaan heeft tegen uwe vijanden, verlenende u die heerlijke overwinningen, van de koningen der Midianieten, idem Sihon en Og. Zie Num 31:7-8 ; Deu 2:33 , en Deu 3:3 . Sommigen verstaan door de gerechtigheden des Heeren zijn grote getrouwheid in het houden zijner beloften, of zijn oneindige barmhartigheid. Verg. Jdg 5:11 ; 1Sa 12:7 ; Dan 9:16 , met de aantekening.

6 Waarmede zal ik den Heere tegenkomen, en mij bukken voor den hogen God? Zal ik Hem tegenkomen met brandofferen, met eenjarige kalveren?1234

Original Hebrew

בַּ/מָּה֙ב/מה֙בַּ/מָּהב/מהba./Mahwith/ what?H9003H4100HR+Pi
אֲקַדֵּ֣םאקד֣םאֲקַדֵּםאקדם'a.ka.Demwill I come to meetH6923HVpi1cs
יְהוָ֔היהו֔היְהוָהיהוהYah.wehYahwehH3068GHNpt
אִכַּ֖ףאכ֖ףאִכַּףאכף'i.Kafwill I bend myself down?H3721HVNi1cs
לֵ/אלֹהֵ֣יל/אלה֣ילֵ/אלֹהֵיל/אלהיle./lo.Heito/ [the] God ofH9005H0430GHR+Ncmpc
מָר֑וֹםמר֑וםמָרוֹםמרוםma.RomheightH4791HNcmsa
הַ/אֲקַדְּמֶ֣/נּוּה/אקדמ֣/נוהַ/אֲקַדְּמֶ/נּוּה/אקדמ/נוha./'a.kad.de.Me./nu¿/ will I come to meet/ himH9008H6923H9033HTi+Vpi1cs+Sp3ms
בְ/עוֹל֔וֹתב/עול֔ותבְ/עוֹלוֹתב/עולותve./'o.Lotwith/ burnt offeringsH9003H5930AHR+Ncfpa
בַּ/עֲגָלִ֖יםב/עגל֖יםבַּ/עֲגָלִיםב/עגליםba./'a.ga.Limwith/ calvesH9003H5695HR+Ncmpa
בְּנֵ֥יבנ֥יבְּנֵיבניbe.Neisons ofH1121LHNcmpc
שָׁנָֽה\׃שנה\שָׁנָֽה\׃שנה\sha.Naha yearH8141\H9016HNcfsa
  1. Waarmede zal ik den HEERE Hier wordt het volk ingevoerd, als antwoordende op de voorgaande woorden van den profeet, en vragende wat zij dan zouden moeten doen, dat God behagen mocht.
  2. tegenkomen, Dat is, bejegenen, tegemoet gaan. Alzo wordt het Hebr. woord genoemn, Deu 23:4 ; Neh 13:2 , enz.; of voorkomen, dat is, zijn toorn en straf ontgaan.
  3. hogen God? Hebr. den God der hoogheid.
  4. eenjarige kalveren? Hebr. zonen, of kinderen van een jaar.

7 Zou de Heere een welgevallen hebben aan duizenden van rammen, aan tien duizenden van oliebeken? Zal ik mijn eerstgeborene geven voor mijn overtreding, de vrucht mijns buiks voor de zonde mijner ziel?12

Original Hebrew

הֲ/יִרְצֶ֤הה/ירצ֤ההֲ/יִרְצֶהה/ירצהha./yir.Tzeh¿/ will he take pleasureH9008H7521HTi+Vqi3ms
יְהוָה֙יהוה֙יְהוָהיהוהYah.wehYahwehH3068GHNpt
בְּ/אַלְפֵ֣יב/אלפ֣יבְּ/אַלְפֵיב/אלפיbe./'al.Feiin/ thousands ofH9003H0505GHR+Ncbpc
אֵילִ֔יםאיל֔יםאֵילִיםאילים'ei.LimramsH0352AHNcmpa
בְּ/רִֽבְב֖וֹתב/רבב֖ותבְּ/רִֽבְבוֹתב/רבבותbe./ri.Votin/ tens of thousands ofH9003H7233HR+Ncfpc
נַֽחֲלֵי\־נחלי\נַֽחֲלֵי\־נחלי\na.cha.lei-torrents ofH5158A\H9014HNcmpc
שָׁ֑מֶןש֑מןשָׁמֶןשמןSha.menoilH8081HNcmsa
הַ/אֶתֵּ֤ןה/את֤ןהַ/אֶתֵּןה/אתןha./'e.Ten¿/ will I giveH9008H5414GHTi+Vqi1cs
בְּכוֹרִ/י֙בכור/י֙בְּכוֹרִ/יבכור/יbe.kho.R/ifirstborn/ myH1060H9020HNcmsc+Sp1bs
פִּשְׁעִ֔/יפשע֔/יפִּשְׁעִ/יפשע/יpish.'/Itransgression/ myH6588H9020HNcmsc+Sp1bs
פְּרִ֥יפר֥יפְּרִיפריpe.Ri[the] fruit ofH6529HNcmsc
בִטְנִ֖/יבטנ֖/יבִטְנִ/יבטנ/יvit.N/ibelly/ myH0990JH9020HNcfsc+Sp1bs
חַטַּ֥אתחט֥אתחַטַּאתחטאתcha.Tat[the] sin ofH2403BHNcfsc
נַפְשִֽׁ/י\׃נפש/י\נַפְשִֽׁ/י\׃נפש/י\naf.Sh/iself/ myH5315GH9020\H9016HNcfsc+Sp1bs
  1. Zou de HEERE een welgevallen hebben aan duizenden van rammen, Dit kan men nemen als het antwoord van den profeet op de voorgaande vraag van het volk, waarop hij met deze manier van vragen wel uitdrukkelijk ontkent dat het met het uiterlijk offeren zou te doen zijn, al deden zij dat nog zoveel.
  2. Zal ik mijn eerstgeborene geven voor mijn overtreding, Tegenbewijs des volks, alsof zij zeiden: Is het met beesten te offeren niet te doen, zullen wij dan mensen, ja onze eerstgeboren zonen, offeren? Zouden wij daarmede den vrede met God kunnene maken? Gelijk zij gewoon waren hunne kinderen, op zijn heidens, den afgoden te offeren; zie Lev 18:21 ; 2Ki 23:10 ; Jer 7:31 , en Jer 19:5-6 ; Eze 16:20-21 , en Eze 23:39 met de aantekening. Aldus drukt de profeet zeer levendig uit met hoedanige gedachten zij zwanger gingen, en waarin zij [als huichelaars] den waren godsdienst en bekering stelden.

8 Hij heeft u bekend gemaakt, o mens! wat goed is; en wat eist de Heere van u, dan recht te doen, en weldadigheid lief te hebben, en ootmoediglijk te wandelen met uw God?12345

Original Hebrew

הִגִּ֥ידהג֥ידהִגִּידהגידhi.Gidhe has toldH5046HVhp3ms
לְ/ךָ֛ל/ך֛לְ/ךָל/ךle./Khato/ youH9005H9031HR+Sp2ms
אָדָ֖םאד֖םאָדָםאדם'a.DamO humankindH0120GHNcmsa
מַה\־מה\מַה\־מה\mah-what?H4100\H9014HPi
טּ֑וֹבט֑ובטּוֹבטובTov[is] goodH2896AHAamsa
וּ/מָֽה\־ו/מה\וּ/מָֽה\־ו/מה\u./mah-and/ what?H9002H4100\H9014HC+Pi
יְהוָ֞היהו֞היְהוָהיהוהYah.weh[is] YahwehH3068GHNpt
דּוֹרֵ֣שׁדור֣שדּוֹרֵשׁדורשdo.ReshrequiringH1875HVqrmsa
מִמְּ/ךָ֗ממ/ך֗מִמְּ/ךָממ/ךmi.me./Khafrom/ youH4480AH9031HR+Sp2ms
כִּ֣יכ֣יכִּיכיkithatH3588BHTc
אִם\־אם\אִם\־אם\'im-exceptH0518B\H9014HTc
עֲשׂ֤וֹתעש֤ותעֲשׂוֹתעשותa.Sotto doH6213AHVqcc
מִשְׁפָּט֙משפט֙מִשְׁפָּטמשפטmish.PatjusticeH4941HHNcmsa
וְ/אַ֣הֲבַתו/א֣הבתוְ/אַהֲבַתו/אהבתve./'A.ha.vatand/ to loveH9002H0157GHC+Vqcc
חֶ֔סֶדח֔סדחֶסֶדחסדChe.sedcovenant loyaltyH2617AHNcmsa
וְ/הַצְנֵ֥עַו/הצנ֥עוְ/הַצְנֵעַו/הצנעve./hatz.Ne.a'and/ to be modestH9002H6800AHC+Vhaa
לֶ֖כֶתל֖כתלֶכֶתלכתLe.khetto walkH1980IHVqcc
עִם\־עם\עִם\־עם\'im-withH5973A\H9014HR
אֱלֹהֶֽי/ךָ\׃\ \פאלהי/ך\\ \פאֱלֹהֶֽי/ךָ\׃\ \פאלהי/ך\\ \פ'e.lo.Hei./khaGod/ yourH0430GH9021\H9016\ \H9017HNcmpc+Sp2ms
  1. Hij heeft Namelijk den Heere.
  2. bekend gemaakt, o mens Door zijn woord; zodat gij gene ontwetendheid kunt voorwenden, en evenwel doet gij regelrecht daartegen, [gelijk hun in het volgende verweten wordt] en dan wilt gij u nog wijsmaken dat God met uw offeren moet tevreden zijn, alsof er dan niets aan schortte en niets anders van u te eisen zij.
  3. recht te doen, Of, gericht. Zie Gen 18:19 ; 1Ki 10:9 ; Jer 4:2 met de aantekening. Deze eis Gods was zo klaar en overvloedig in zijn Woord uitgedrukt, dat zij, het tegendeel doende [gelijk zij deden] zonder alle onschuld waren.
  4. ootmoediglijk te wandelen Hebr. ootmoedig zijn wandelen, of zich verootmoedigen [met wandelen, of wandelende. Zie van zulke samenvoeging van twee woorden Psa 45:5 .
  5. met uw God? Zie Gen 5:22 .

9 De stem des Heeren roept tot de stad (want Uw Naam ziet het wezen): Hoort de roede, en wie ze besteld heeft!123456

Original Hebrew

ק֤וֹלק֤ולקוֹלקולKol[the] voice ofH6963AHNcmsc
יְהוָה֙יהוה֙יְהוָהיהוהYah.wehYahwehH3068GHNpt
לָ/עִ֣ירל/ע֣ירלָ/עִירל/עירla./'Irto the/ cityH9005H5892BHRd+Ncfsa
יִקְרָ֔איקר֔איִקְרָאיקראyik.Ra'it calls outH7121GHVqi3ms
וְ/תוּשִׁיָּ֖הו/תושי֖הוְ/תוּשִׁיָּהו/תושיהve./tu.shi.Yahand/ successH9002H8454HC+Ncfsa
יִרְאֶ֣הירא֣היִרְאֶהיראהyir.'Ehit will seeH7200GHVqi3ms
שְׁמֶ֑/ךָשמ֑/ךשְׁמֶ/ךָשמ/ךshe.Me./khaname/ yourH8034H9021HNcmsc+Sp2ms
שִׁמְע֥וּשמע֥ושִׁמְעוּשמעוshim.'UhearH8085GHVqv2mp
מַטֶּ֖המט֖המַטֶּהמטהma.TehO tribeH4294GHNcmsa
וּ/מִ֥יו/מ֥יוּ/מִיו/מיu./Miand/ whoeverH9002H4310HC+Pi
יְעָדָֽ/הּ\׃יעד/ה\יְעָדָֽ/הּ\׃יעד/ה\ye.'a.Da/hhe appointed/ itH3259H9034\H9016HVqp3ms+Sp3fs
  1. stem des HEEREN roept Alsof de profeet zeide: Dat gij nu geheel anders doet dan gij wel weet dat God van u eist, en dat gij daarmede zijne straffen verdient en veroorzaakt, zulks wordt dagelijks door zijne profeten, en nu door mij, gepredikt en openlijk aangezegd.
  2. stad Jeruzalem: sommigen duiden het op Samaria uit vs.16, of op beide deze hoofdsteden.
  3. Naam ziet Dat is, Gij zelf, o Heere, [vol van heerlijkheid en majesteit] weet alles. Zie Deu 28:58 .
  4. het wezen) Of, water is, dat is alle ding; of wat er omgaat, hoe het er gesteld is. Anders: ziet naar de wijsheid [die in de ware bekering bestaat]. Anders: de wijsheid [dat is een wijs man] zal uwen naam zien; dat is, zal merken dat Gij het zijt, dat het uwe woorden en werken zijn, en zich daarnaar regelen. Zie van het Hebr. woord Job 5:12 .
  5. roede, Dat is, de profetie van Gods roede, dat is, straffen en plagen. Zie Job 9:34 ; Isa 10:5 ; Lam 3:1 met de aantekening.
  6. wie ze besteld heeft Dat is, dien die deze roede, of dat [kwaad] verordineerd, plaats en tijd bestemd heeft. Of, vragenderwijze: Wie heeft ze besteld? Te weten, anders dan God. Zie gelijke woorden van het zwaard des Heeren, Jer 47:7 , en verg. Isa 30:32 met de aantekening.

10 Zijn er niet nog, in eens ieders goddelozen huis, schatten der goddeloosheid en een schaarse efa, dat te verfoeien is?123456

Original Hebrew

ע֗וֹדע֗ודעוֹדעודodstillH5750HAcmsa
הַ/אִשׁ֙ה/אש֙הַ/אִשׁה/אשha./'Ish¿/ [are] thereH9008H0786HTi+Ncbsa
בֵּ֣יתב֣יתבֵּיתביתbeithouse ofH1004BHNcmsc
רָשָׁ֔ערש֔ערָשָׁערשעra.Sha'[the] wickedH7563HNcmsa
אֹצְר֖וֹתאצר֖ותאֹצְרוֹתאצרות'o.tze.Rottreasures ofH0214HNcfpc
רֶ֑שַׁער֑שערֶשַׁערשעRe.sha'wickednessH7562HNcmsa
וְ/אֵיפַ֥תו/איפ֥תוְ/אֵיפַתו/איפתve./'ei.Fatand/ an ephah ofH9002H0374HC+Ncfsc
רָז֖וֹןרז֖וןרָזוֹןרזוןra.ZonscantnessH7332HNcmsa
זְעוּמָֽה\׃זעומה\זְעוּמָֽה\׃זעומה\ze.'u.MahaccursedH2194\H9016HVqsfsa
  1. Zijn er niet nog, Of, [heeft niet] nog een ieder een goddeloos huis? [of] een huis eens goddelozen? [en] schatten der goddeloosheid? of, [met sommigen] aldus: Zijn er niet nog, in het huis der goddelozen, schatten der goddeloosheid? maar het schijnt dat de profeet ziet op de algemeenheid der boosheid, dat een ieder doorgaans met onrechtvaardigheid omging. Verg. Mic 7:2-3 , enz. Doch het Hebr. woord, [zoals het hier in den Hebr. tekst staat] kan ook genomen worden voor is, of zijn. Zie dergelijke 2Sa 14:19 , in de aantekening, waaruit deze verscheidenheid ontstaat.
  2. goddelozen huis, Na zoveel goddelijke waarschuwingen en kastijdingen, is het nog evenwel overal vol van goddeloosheid en onrecht.
  3. goddeloosheid Die met goddeloosheid, schenderij en onrecht verkregen zijn.
  4. schaarse Of, scherp, dat is, wat te klein is. Hebr. ene efa der magerheid.
  5. efa, Zie Exo 16:36 , en Deu 25:15-16 ; Eze 45:10-11 , enz.
  6. te verfoeien is? Of, verfoeid wordt, behoort verfoeid te worden.

11 Zou ik rein zijn, met een goddeloze weegschaal en met een zak van bedriegelijke weegstenen?123

Original Hebrew

הַ/אֶזְכֶּ֖הה/אזכ֖ההַ/אֶזְכֶּהה/אזכהha./'ez.Keh¿/ will I be clearH9008H2135HTi+Vqi1cs
בְּ/מֹ֣אזְנֵיב/מ֣אזניבְּ/מֹאזְנֵיב/מאזניbe./Mo.ze.neiwith/ balances ofH9003H3976HR+Ncmdc
רֶ֑שַׁער֑שערֶשַׁערשעRe.sha'wickednessH7562HNcmsa
וּ/בְ/כִ֖יסו/ב/כ֖יסוּ/בְ/כִיסו/ב/כיסu./ve./Khisand/ with/ a bag ofH9002H9003H3599HC+R+Ncmsc
אַבְנֵ֥יאבנ֥יאַבְנֵיאבני'av.Neiweights ofH0068HHNcfpc
מִרְמָֽה\׃מרמה\מִרְמָֽה\׃מרמה\mir.MahdeceitH4820\H9016HNcfsa
  1. Zou ik rein zijn, Dat is, zou iemand kunnen rein zijn, enz.
  2. goddeloze weegschaal Hebr. weegschalen der goddeloosheid, en alzo weegstenen des bedrogs.
  3. weegstenen? Namelijk van gewicht, dat zij in zakken hadden. Zie Lev 19:36 , en Deu 25:13 , enz. Geenszins [wil de Heere zeggen] zal Ik zulken voor rein houden; maar voor alzulken houden, en alzo behandelen, gelijk volgt.

12 Dewijl haar rijke lieden vol zijn van geweld, en haar inwoners leugen spreken, en haar tong bedriegelijk is in haar mond;123

Original Hebrew

אֲשֶׁ֤ראש֤ראֲשֶׁראשר'a.SherwhichH0834AHTr
עֲשִׁירֶ֙י/הָ֙עשיר֙י/ה֙עֲשִׁירֶי/הָעשירי/ה'a.shi.Rei./harich [people]/ itsH6223H9024HAampc+Sp3fs
מָלְא֣וּמלא֣ומָלְאוּמלאוmal.'Uthey are fullH4390HVqp3cp
חָמָ֔סחמ֔סחָמָסחמסcha.MasviolenceH2555HNcmsa
וְ/יֹשְׁבֶ֖י/הָו/ישב֖י/הוְ/יֹשְׁבֶי/הָו/ישבי/הve./yo.she.Vei./haand/ inhabitants/ itsH9002H3427H9024HC+Vqrmpc+Sp3fs
דִּבְּרוּ\־דברו\דִּבְּרוּ\־דברו\di.be.ru-they speakH1696G\H9014HVpp3cp
שָׁ֑קֶרש֑קרשָׁקֶרשקרSha.kerfalsehoodH8267HNcmsa
וּ/לְשׁוֹנָ֖/םו/לשונ֖/םוּ/לְשׁוֹנָ/םו/לשונ/םu./le.sho.Na/mand/ tongue/ theirH9002H3956GH9028HC+Ncbsc+Sp3mp
רְמִיָּ֥הרמי֥הרְמִיָּהרמיהre.mi.Yah[is] deceitH7423AHNcfsa
בְּ/פִי/הֶֽם\׃ב/פי/הם\בְּ/פִי/הֶֽם\׃ב/פי/הם\be./fi./Hemin/ mouth/ theirH9003H6310GH9028\H9016HR+Ncmsc+Sp3mp
  1. haar rijke lieden vol zijn van geweld, Van Jeruzalem, in vs.9, of aldus, welker, [namelijk, stad Jeruzalem] rijken, enz., en welker inwoners, enz.
  2. haar tong Der inwoners.
  3. bedriegelijk is in haar mond; Hebr. bedrog.

13 Zo zal Ik u ook krenken, u slaande, en verwoestende om uw zonden.1

Original Hebrew

וְ/גַם\־ו/גם\וְ/גַם\־ו/גם\ve./gam-and/ alsoH9002H1571\H9014HC+D
אֲנִ֖יאנ֖יאֲנִיאני'a.NiIH0589HPp1bs
הֶחֱלֵ֣יתִיהחל֣יתיהֶחֱלֵיתִיהחליתיhe.che.Lei.tiI will make sickH2470HHVhp1cs
הַכּוֹתֶ֑/ךָהכות֑/ךהַכּוֹתֶ/ךָהכות/ךha.ko.Te./kha[by] striking/ youH5221H9031HVhcc+Sp2ms
הַשְׁמֵ֖םהשמ֖םהַשְׁמֵםהשמםhash.MemI will make desolate [you]H8074GHVhaa
עַל\־על\עַל\־על\'al-onH5921A\H9014HR
חַטֹּאתֶֽ/ךָ\׃חטאת/ך\חַטֹּאתֶֽ/ךָ\׃חטאת/ך\cha.to.Te./khasins/ yourH2403BH9021\H9016HNcfpc+Sp2ms
  1. u ook krenken, Gij inwoners van Jeruzalem, of gij volk, Ik zal u krenken, krank, zwak maken, enz.

14 Gij zult eten, maar niet verzadigd worden, en uw nederdrukking zal in het midden van u zijn; en gij zult aangrijpen, maar niet wegbrengen, en wat gij zult wegbrengen, zal Ik aan het zwaard overgeven.1234

Original Hebrew

אַתָּ֤האת֤האַתָּהאתה'a.TahyouH0859AHPp2ms
תֹאכַל֙תאכל֙תֹאכַלתאכלto.Khalyou will eatH0398HVqi2ms
וְ/לֹ֣או/ל֣אוְ/לֹאו/לאve./Lo'and/ notH9002H3808HC+Tn
תִשְׂבָּ֔עתשב֔עתִשְׂבָּעתשבעtis.Ba'you will be satisfiedH7646HVqi2ms
וְ/יֶשְׁחֲ/ךָ֖ו/ישח/ך֖וְ/יֶשְׁחֲ/ךָו/ישח/ךve./yesh.cha./Khaand/ emptiness/ yourH9002H3445H9021HC+Ncmsc+Sp2ms
בְּ/קִרְבֶּ֑/ךָב/קרב֑/ךבְּ/קִרְבֶּ/ךָב/קרב/ךbe./kir.Be./cha[will be] in/ midst/ yourH9003H7130GH9021HR+Ncmsc+Sp2ms
וְ/תַסֵּג֙ו/תסג֙וְ/תַסֵּגו/תסגve./ta.Segand/ you will carry awayH9002H5253HC+Vhj2ms
וְ/לֹ֣או/ל֣אוְ/לֹאו/לאve./Lo'and/ notH9002H3808HC+Tn
תַפְלִ֔יטתפל֔יטתַפְלִיטתפליטtaf.Lityou will bring to safetyH6403HVhi2ms
וַ/אֲשֶׁ֥רו/אש֥רוַ/אֲשֶׁרו/אשרva./'a.Sherand/ [that] whichH9002H0834AHC+Tr
תְּפַלֵּ֖טתפל֖טתְּפַלֵּטתפלטte.fa.Letyou will bring to safetyH6403HVpi2ms
לַ/חֶ֥רֶבל/ח֥רבלַ/חֶרֶבל/חרבla./Che.revto the/ swordH9005H2719HRd+Ncfsa
אֶתֵּֽן\׃אתן\אֶתֵּֽן\׃אתן\'e.TenI will giveH5414G\H9016HVqi1cs
  1. nederdrukking Gij die nu zo fier daarhenen praalt en het hoofd omhoog steekt. Zie Mic 2:3 .
  2. midden van u zijn; Of, binnen in u, in uw binnenste. Dit kan men duiden op de grote benauwdheid, die zij binnen de stad zouden lijden ten tijde der Babylonische belegering. Sommigen nemen het alsof God zeide: Gij zelf zult de oorzaak zijn van uwe ellenden, en niemand anders: of, gij zult voor uwe ogen moeten zien, dat gij van tijd tot tijd zult vervallen, totdat gij te gronde gaat.
  3. aangrijpen, Of, verrukken, verroeren, verbrengen, van ene plaats in de andere, te weten, vrouw en kinderen, idem, goed en have, om die te behouden en daarvan te brengen, of te bergen, maar tevergeefs.
  4. wegbrengen, Dat is, zoudt mogen verkrijgen en menen al vrij en geborgen te zijn.

15 Gij zult zaaien, maar niet maaien; gij zult olijven treden, maar u met olie niet zalven, en most, maar geen wijn drinken.123

Original Hebrew

אַתָּ֥האת֥האַתָּהאתה'a.TahyouH0859AHPp2ms
תִזְרַ֖עתזר֖עתִזְרַעתזרעtiz.Ra'you will sowH2232HVqi2ms
וְ/לֹ֣או/ל֣אוְ/לֹאו/לאve./Lo'and/ notH9002H3808HC+Tn
תִקְצ֑וֹרתקצ֑ורתִקְצוֹרתקצורtik.Tzoryou will reapH7114BHVqi2ms
אַתָּ֤האת֤האַתָּהאתה'a.TahyouH0859AHPp2ms
תִדְרֹֽךְ\־תדרך\תִדְרֹֽךְ\־תדרך\tid.rokh-you will treadH1869\H9014HVqi2ms
זַ֙יִת֙ז֙ית֙זַיִתזיתza.yitolive[s]H2132HHNcmsa
וְ/לֹא\־ו/לא\וְ/לֹא\־ו/לא\ve./lo'-and/ notH9002H3808\H9014HC+Tn
תָס֣וּךְתס֣וךתָסוּךְתסוךta.Sukhyou will anoint yourselfH5480HVqi2ms
שֶׁ֔מֶןש֔מןשֶׁמֶןשמןShe.menoilH8081HNcmsa
וְ/תִיר֖וֹשׁו/תיר֖ושוְ/תִירוֹשׁו/תירושve./ti.Ro.oshand/ new wineH9002H8492HC+Ncmsa
וְ/לֹ֥או/ל֥אוְ/לֹאו/לאve./Lo'and/ notH9002H3808HC+Tn
תִשְׁתֶּה\־תשתה\תִשְׁתֶּה\־תשתה\tish.teh-you will drinkH8354\H9014HVqi2ms
יָּֽיִן\׃יין\יָּֽיִן\׃יין\Ya.yinwineH3196\H9016HNcmsa
  1. olijven Hebr. den olijfboom.
  2. treden, Dat is, persen.
  3. most, Dat is, druiven treden. Verg. Amo 5:11 ; Zep 1:13 .

16 Want de inzettingen van Omri worden onderhouden, en het ganse werk van het huis van Achab; en gij wandelt in derzelver raadslagen; opdat Ik u stelle tot verwoesting, en haar inwoners tot aanfluiting; alzo zult gij de smaadheid Mijns volks dragen.123456

Original Hebrew

וְ/יִשְׁתַּמֵּ֞רו/ישתמ֞רוְ/יִשְׁתַּמֵּרו/ישתמרve./yish.ta.Merso/ <it> may be keptH9002H8104GHC+Vtu3ms
חֻקּ֣וֹתחק֣ותחֻקּוֹתחקותchu.Kot[the] statutes ofH2708HNcfpc
עָמְרִ֗יעמר֗יעָמְרִיעמרי'a.me.RiOmriH6018GHNpm
וְ/כֹל֙ו/כל֙וְ/כֹלו/כלve./Kholand/ everyH9002H3605HC+Ncmsc
מַעֲשֵׂ֣המעש֣המַעֲשֵׂהמעשהma.'a.Seh<the> deed ofH4639KHNcmsc
בֵית\־בית\בֵית\־בית\veit-[the] house ofH1004M\H9014HNcmsc
אַחְאָ֔באחא֔באַחְאָבאחאב'ach.'AvAhabH0256GHNpm
וַ/תֵּלְכ֖וּו/תלכ֖ווַ/תֵּלְכוּו/תלכוva./te.le.Khuand/ you have walkedH9001H1980IHc+Vqw2mp
בְּ/מֹֽעֲצוֹתָ֑/םב/מעצות֑/םבְּ/מֹֽעֲצוֹתָ/םב/מעצות/םbe./mo.'a.tzo.Ta/min/ schemes/ theirH9003H4156H9028HR+Ncfpc+Sp3mp
לְמַעַן֩למען֩לְמַעַןלמעןle.ma.'Anso asH4616HTc
תִּתִּ֨/יתת֨/יתִּתִּ/יתת/יti.T/ito make/ IH5414IH9040HVqcc+Sp1bs
אֹתְ/ךָ֜את/ך֜אֹתְ/ךָאת/ך'o.te./Kha<obj.>/ youH0853H9031HTo+Sp2ms
לְ/שַׁמָּ֗הל/שמ֗הלְ/שַׁמָּהל/שמהle./sha.Mahinto/ a horrorH9005H8047GHR+Ncfsa
וְ/יֹשְׁבֶ֙י/הָ֙ו/ישב֙י/ה֙וְ/יֹשְׁבֶי/הָו/ישבי/הve./yo.she.Vei./haand/ inhabitants/ itsH9002H3427H9024HC+Vqrmpc+Sp3fs
לִ/שְׁרֵקָ֔הל/שרק֔הלִ/שְׁרֵקָהל/שרקהli/sh.re.Kahinto/ hissingH9005H8322HR+Ncfsa
וְ/חֶרְפַּ֥תו/חרפ֥תוְ/חֶרְפַּתו/חרפתve./cher.Patand/ [the] reproach ofH9002H2781HC+Ncfsc
עַמִּ֖/יעמ֖/יעַמִּ/יעמ/י'a.M/ipeople/ myH5971AH9020HNcmsc+Sp1bs
תִּשָּֽׂאוּ\׃\ \פתשאו\\ \פתִּשָּֽׂאוּ\׃\ \פתשאו\\ \פti.Sa.'uyou will bearH5375H\H9016\ \H9017HVqi2mp
  1. inzettingen van Omri worden onderhouden, Versta, de afgoderijen die Omri en zijn zoon Achab onder de tien stammen op het allerhoogste hebben bevorderd; zie 1Ki 16:16 , 1Ki 16:25 , 1Ki 16:30-31 met de aantekening.
  2. derzelver raadslagen; Raadslagen van Omri en Achab, om bij alle wegen en met alle handelingen de afgoderij te stijven en den gansen staat van het land daarnaar te vormen.
  3. opdat Ik u stelle tot verwoesting, Waardoor gij het alzo maakt, dat Ik u zal moeten stellen, enz.; verg. Jer 18:16 , en Jer 27:10 , Jer 27:15 , en Jer 32:31 ; Lam 2:14 ; Eze 8:6 , enz. met de aantekening.
  4. haar inwoners Van Jeruzalem.
  5. aanfluiting; Zie 1Ki 9:8 .
  6. smaadheid Mijns volks dragen Dat is, de straf der smaadheid en schande, die gij mijn volk, [bijzonderlijk den armen en nooddruftigen] met de voorzeide schandelijke werken hebt aangedaan. Of, de smadheid van mijn volk; dat is, die mijn volk verdiend heeft. Alzo, smaadheid mijner jeugd; dat is, die ik in mijne jeugd verdiend, of op mijn hals gehaald heb; Jer 31:19 .