reltext

Chapter 4

1 Daarna wende ik mij, en zag aan al de onderdrukkingen, die onder de zon geschieden; en ziet, er waren de tranen der verdrukten, en dergenen, die geen trooster hadden; en aan de zijde hunner verdrukkers was macht, zij daarentegen hadden geen vertrooster.12

Original Hebrew

וְ/שַׁ֣בְתִּֽיו/ש֣בתיוְ/שַׁבְתִּֽיו/שבתיve./Shav.tiand/ I returnedH9001H7725JHc+Vqq1cs
אֲנִ֗יאנ֗יאֲנִיאני'a.NiIH0589HPp1bs
וָ/אֶרְאֶה֙ו/אראה֙וָ/אֶרְאֶהו/אראהva./'er.'Ehand/ I sawH9001H7200GHc+Vqw1cs
אֶת\־את\אֶת\־את\'et-<obj.>H0853\H9014HTo
כָּל\־כל\כָּל\־כל\kol-allH3605\H9014HNcmsc
הָ֣/עֲשֻׁקִ֔יםה֣/עשק֔יםהָ/עֲשֻׁקִיםה/עשקיםha./'a.shu.Kimthe/ oppression<s>H9009H6217HTd+Ncmpa
אֲשֶׁ֥ראש֥ראֲשֶׁראשר'a.SherwhichH0834AHTr
נַעֲשִׂ֖יםנעש֖יםנַעֲשִׂיםנעשיםna.'a.Sim[were being] doneH6213AHVNrmpa
תַּ֣חַתת֣חתתַּחַתתחתTa.chatunderH8478GHNcmsc
הַ/שָּׁ֑מֶשׁה/ש֑משהַ/שָּׁמֶשׁה/שמשha./Sha.meshthe/ sunH9009H8121HTd+Ncbsa
וְ/הִנֵּ֣ה\׀ו/הנ֣ה\וְ/הִנֵּה\׀ו/הנה\ve./hi.Nehand/ there!H9002H2009\H9015HC+Tj
דִּמְעַ֣תדמע֣תדִּמְעַתדמעתdim.'At[the] tear[s] ofH1832HNcfsc
הָ/עֲשֻׁקִ֗יםה/עשק֗יםהָ/עֲשֻׁקִיםה/עשקיםha./'a.shu.Kimthe/ oppressedH9009H6217HTd+Vqsmpa
וְ/אֵ֤יןו/א֤יןוְ/אֵיןו/איןve./'Einand/ notH9002H0369HC+Ncmsc
לָ/הֶם֙ל/הם֙לָ/הֶםל/הםla./Hem[belonged] to <the>/ themH9005H9038HRd+Sp3mp
מְנַחֵ֔םמנח֔םמְנַחֵםמנחםme.na.Chema comforterH5162GHVprmsa
וּ/מִ/יַּ֤דו/מ/י֤דוּ/מִ/יַּדו/מ/ידu./mi./Yadand/ [was] from/ [the] hand ofH9002H9006H3027IHC+R+Ncbsc
עֹֽשְׁקֵי/הֶם֙עשקי/הם֙עֹֽשְׁקֵי/הֶםעשקי/הם'o.she.kei./Hemoppressors/ theirH6231H9038HVqrmpc+Sp3mp
כֹּ֔חַכ֔חכֹּחַכחKo.achpowerH3581BHNcmsa
וְ/אֵ֥יןו/א֥יןוְ/אֵיןו/איןve./'Einand/ there notH9002H0369HC+Ncmsc
לָ/הֶ֖םל/ה֖םלָ/הֶםל/הםla./Hem[belonged] to <the>/ themH9005H9038HRd+Sp3mp
מְנַחֵֽם\׃מנחם\מְנַחֵֽם\׃מנחם\me.na.Chema comforterH5162G\H9016HVprmsa
  1. dergenen, Of, en zij hadden genen vertrooster.
  2. aan de zijde Hebr. aan de hand. De zin is: Zij hebben een machtige partij tegen, die hen kan overweldigen en verdrukken.

2 Dies prees ik de doden, die alrede gestorven waren, boven de levenden, die tot nog toe levend zijn.1

Original Hebrew

וְ/שַׁבֵּ֧חַו/שב֧חוְ/שַׁבֵּחַו/שבחve./sha.Be.achand/ I congratulatedH9002H7623BHC+Vpcc
אֲנִ֛יאנ֛יאֲנִיאני'a.NiIH0589HPp1bs
אֶת\־את\אֶת\־את\'et-<obj.>H0853\H9014HTo
הַ/מֵּתִ֖יםה/מת֖יםהַ/מֵּתִיםה/מתיםha./me.Timthe/ deadH9009H4191HTd+Vqrmpa
שֶׁ/כְּבָ֣רש/כב֣רשֶׁ/כְּבָרש/כברshe./ke.Varwho/ alreadyH9007H3528HTr+Ncmsa
מֵ֑תוּמ֑תומֵתוּמתוMe.tuthey had diedH4191HVqp3cp
מִן\־מן\מִן\־מן\min-more thanH4480A\H9014HR
הַ֣/חַיִּ֔יםה֣/חי֔יםהַ/חַיִּיםה/חייםha./chai.Yimthe/ livingH9009H2416AHTd+Aampa
אֲשֶׁ֛ראש֛ראֲשֶׁראשר'a.SherwhoH0834AHTr
הֵ֥מָּהה֥מההֵמָּההמהHe.mahtheyH1992HPp3mp
חַיִּ֖יםחי֖יםחַיִּיםחייםchai.Yim[were] aliveH2416AHAampa
עֲדֶֽנָ/ה\׃עדנ/ה\עֲדֶֽנָ/ה\׃עדנ/ה\'a.De.na/hstill/ <towards>H5728H9011\H9016HD+Sd
  1. Dies prees ik de doden Te weten, omdat zij bevrijd zijn van al deze ellenden en zwarigheden. Zie Job 3:17 , enz.

3 Ja, hij is beter dan die beiden, die nog niet geweest is, die niet gezien heeft het boze werk, dat onder de zon geschiedt.1

Original Hebrew

וְ/טוֹב֙ו/טוב֙וְ/טוֹבו/טובve./tOvand/ [is] goodH9002H2896AHC+Aamsa
מִ/שְּׁנֵי/הֶ֔םמ/שני/ה֔םמִ/שְּׁנֵי/הֶםמ/שני/הםmi./she.nei./Hemmore than/ both of/ themH9006H8147H9028HR+Acbdc+Sp3mp
אֵ֥תא֥תאֵתאת'et<obj.>H0853HTo
אֲשֶׁר\־אשר\אֲשֶׁר\־אשר\'a.Sher-[one] whoH0834A\H9014HTr
עֲדֶ֖ןעד֖ןעֲדֶןעדן'a.DenstillH5728HD
לֹ֣אל֣אלֹאלאlo'notH3808HTn
הָיָ֑ההי֑ההָיָההיהha.Yahhe has beenH1961HVqp3ms
אֲשֶׁ֤ראש֤ראֲשֶׁראשר'a.Sher[one] whoH0834AHTr
לֹֽא\־לא\לֹֽא\־לא\lo'-notH3808\H9014HTn
רָאָה֙ראה֙רָאָהראהra.'Ahhe has seenH7200GHVqp3ms
אֶת\־את\אֶת\־את\'et-<obj.>H0853\H9014HTo
הַ/מַּעֲשֶׂ֣הה/מעש֣ההַ/מַּעֲשֶׂהה/מעשהha./ma.'a.Sehthe/ activityH9009H4639KHTd+Ncmsa
הָ/רָ֔עה/ר֔עהָ/רָעה/רעha./Ra'<the>/ evilH9009H7451HHTd+Aamsa
אֲשֶׁ֥ראש֥ראֲשֶׁראשר'a.SherwhichH0834AHTr
נַעֲשָׂ֖הנעש֖הנַעֲשָׂהנעשהna.'a.Sahit is doneH6213AHVNp3ms
תַּ֥חַתת֥חתתַּחַתתחתTa.chatunderH8478GHNcmsc
הַ/שָּֽׁמֶשׁ\׃ה/שמש\הַ/שָּֽׁמֶשׁ\׃ה/שמש\ha./Sha.meshthe/ sunH9009H8121\H9016HTd+Ncbsa
  1. nog niet geweest is, Dat is, die nooit geboren is. Dit spreekt Salomo ten aanzien van de ellendigheden des levens. Zie Job 3:11-13 , Job 3:16 , Job 3:21 .

4 Verder zag ik al den arbeid en alle geschikkelijkheid des werks, dat het den mens nijd van zijn naaste aanbrengt. Dat is ook ijdelheid en kwelling des geestes.12

Original Hebrew

וְ/רָאִ֨יתִֽיו/רא֨יתיוְ/רָאִיתִֽיו/ראיתיve./ra.'I.tiand/ I consideredH9001H7200GHc+Vqq1cs
אֲנִ֜יאנ֜יאֲנִיאני'a.NiIH0589HPp1bs
אֶת\־את\אֶת\־את\'et-<obj.>H0853\H9014HTo
כָּל\־כל\כָּל\־כל\kol-allH3605\H9014HNcmsc
עָמָ֗לעמ֗לעָמָלעמל'a.Mal[the] toilH5999HNcbsa
וְ/אֵת֙ו/את֙וְ/אֵתו/אתve./'Etand/ <obj.>H9002H0853HC+To
כָּל\־כל\כָּל\־כל\kol-allH3605\H9014HNcmsc
כִּשְׁר֣וֹןכשר֣וןכִּשְׁרוֹןכשרוןkish.Ron[the] skill ofH3788HNcmsc
הַֽ/מַּעֲשֶׂ֔הה/מעש֔ההַֽ/מַּעֲשֶׂהה/מעשהha./ma.'a.Sehthe/ workH9009H4639GHTd+Ncmsa
כִּ֛יכ֛יכִּיכיkithatH3588AHTc
הִ֥יאה֥יאהִיאהיאhi'itH1931HPp3fs
קִנְאַת\־קנאת\קִנְאַת\־קנאת\kin.'at-[is] envy ofH7068\H9014HNcfsc
אִ֖ישׁא֖ישאִישׁאיש'isheveryoneH0376IHNcmsa
מֵ/רֵעֵ֑/הוּמ/רע֑/הומֵ/רֵעֵ/הוּמ/רע/הוme./re.'E./hufrom/ neighbor/ hisH9006H7453H9023HR+Ncmsc+Sp3ms
גַּם\־גם\גַּם\־גם\gam-alsoH1571\H9014HD
זֶ֥הז֥הזֶהזהzehthisH2088HTm
הֶ֖בֶלה֖בלהֶבֶלהבלHe.vel[is] futilityH1892HNcmsa
וּ/רְע֥וּתו/רע֥ותוּ/רְעוּתו/רעותu./re.'Utand/ striving ofH9002H7469HC+Ncfsc
רֽוּחַ\׃רוח\רֽוּחַ\׃רוח\Ru.achwindH7307H\H9016HNcfsa
  1. zag ik al den arbeid Dat is, betrachtte ik.
  2. dat het den mens De zin is, die zichzelven in hun beroep naarstiglijk kwijten en kloek in hunne handelingen en werken zijn, die zijn den nijd der bozen en onachtzamen onderworpen. Hetwelk dan de vrome zeer moeite en verdriet.

5 De zot vouwt zijn handen samen, en eet zijn eigen vlees.12

Original Hebrew

הַ/כְּסִיל֙ה/כסיל֙הַ/כְּסִילה/כסילha./ke.Silthe/ foolH9009H3684HTd+Aamsa
חֹבֵ֣קחב֣קחֹבֵקחבקcho.Vek[is] foldingH2263HVqrmsa
אֶת\־את\אֶת\־את\'et-<obj.>H0853\H9014HTo
יָדָ֔י/ויד֔י/ויָדָי/וידי/וya.Da/vhands/ hisH3027GH9023HNcbdc+Sp3ms
וְ/אֹכֵ֖לו/אכ֖לוְ/אֹכֵלו/אכלve./'o.Kheland/ [is] eatingH9002H0398HC+Vqrmsa
אֶת\־את\אֶת\־את\'et-<obj.>H0853\H9014HTo
בְּשָׂרֽ/וֹ\׃בשר/ו\בְּשָׂרֽ/וֹ\׃בשר/ו\be.sa.R/oown flesh/ hisH1320H9023\H9016HNcmsc+Sp3ms
  1. De zot De schrift noemt zotheid, of dwaasheid, al hetgeen tegen Gods Woord strijdt; hier is een zot zoveel te zeggen als een luiaard; en hier wordt de aard der luiaards en der achtelozen, die de handen niet uitsteken tot de arbeid, van de Prediker gesteld tegen de aard der naarstigen en der kloeken, van wie hij vs.4 gesproken heeft; en hij wil te verstaan geven dat onaangezien het zeer verdrietig is de haat der bozen onderworpen te zijn vanwege zijne kloekheid en naarstigheid, het desniettemin grote dwaasheid is, luiledig zijn leven te verslijten.
  2. eet zijn eigen vlees Dat is gelijk wij gemeenlijk spreken de dwaas eet zichzelven op; dat is hij verteert al wat hij heeft en hij vervalt eindelijk in zulke armoede dat hij in hartzeer en armoede zijn vlees en bloed verteert.

6 Een hand vol met rust is beter, dan beide de vuisten vol met arbeid en kwelling des geestes.1

Original Hebrew

ט֕וֹבט֕ובטוֹבטובTov[is] goodH2896AHAamsa
מְלֹ֥אמל֥אמְלֹאמלאme.Lo'fullness ofH4393HNcmsc
כַ֖ףכ֖ףכַףכףkhafhand ofH3709GHNcfsc
נָ֑חַתנ֑חתנָחַתנחתNa.chatquietnessH5183AHNcfsa
מִ/מְּלֹ֥אמ/מל֥אמִ/מְּלֹאמ/מלאmi./me.Lo'more than/ [the] fullness ofH9006H4393HR+Ncmsc
חָפְנַ֛יִםחפנ֛יםחָפְנַיִםחפניםcha.fe.Na.yimtwo handsH2651HNcmda
עָמָ֖לעמ֖לעָמָלעמל'a.MaltoilH5999HNcbsa
וּ/רְע֥וּתו/רע֥ותוּ/רְעוּתו/רעותu./re.'Utand/ striving ofH9002H7469HC+Ncfsc
רֽוּחַ\׃רוח\רֽוּחַ\׃רוח\Ru.achwindH7307H\H9016HNcfsa
  1. Een hand vol Hebr. een palm vol. Sommigen nemen dit als woorden van den zot tot verschoning zijner luiheid, waarvan vs.5 te zien is. Alsof hij zeide: waartoe zal ik zulke moeite en arbeid doen, gelijk vele mensen doen? Ik heb aan een kleintje genoeg, ik wil het zachtjes opnemen. De woorden zijn goed, het is beter met matige rijkdom in gerustheid te leven dan grote rijkdom te bezitten met grote zorg en bekommernis. Zie Pro 15:16-17 en Pro 17:1 . Maar de luiaards misbruiken dezelve tot bedekking hunner luiheid. Zie Eph 4:28 . Anderen verstaan deze woorden als woorden des Predikers, dienende tot vermaning des luiaards, dat hij vlijtig behoort te arbeiden, al zou hij maar een weinig daarvan bekomen om eerlijk te leven.

7 Ik wendde mij wederom, en ik zag een ijdelheid onder de zon;

Original Hebrew

וְ/שַׁ֧בְתִּיו/ש֧בתיוְ/שַׁבְתִּיו/שבתיve./Shav.tiand/ I returnedH9001H7725JHc+Vqq1cs
אֲנִ֛יאנ֛יאֲנִיאני'a.NiIH0589HPp1bs
וָ/אֶרְאֶ֥הו/ארא֥הוָ/אֶרְאֶהו/אראהva./'er.'Ehand/ I sawH9001H7200GHc+Vqw1cs
הֶ֖בֶלה֖בלהֶבֶלהבלHe.velfutilityH1892HNcmsa
תַּ֥חַתת֥חתתַּחַתתחתTa.chatunderH8478GHNcmsc
הַ/שָּֽׁמֶשׁ\׃ה/שמש\הַ/שָּֽׁמֶשׁ\׃ה/שמש\ha./Sha.meshthe/ sunH9009H8121\H9016HTd+Ncbsa

8 Daar is er een, en geen tweede; hij heeft ook geen kind, noch broeder; nochtans is van al zijn arbeid geen einde; ook wordt zijn oog niet verzadigd van den rijkdom, en zegt niet: Voor wien arbeide ik toch, en doe mijn ziel gebrek hebben van het goede? Dit is ook ijdelheid, en het is een moeilijke bezigheid.1234567

Original Hebrew

יֵ֣שׁי֣שיֵשׁישyeshthereH3426HAcbsa
אֶחָד֩אחד֩אֶחָדאחד'e.Chad[was] one [person]H0259HAcfsa
וְ/אֵ֨יןו/א֨יןוְ/אֵיןו/איןve./'Einand/ there notH9002H0369HC+Ncmsc
שֵׁנִ֜ישנ֜ישֵׁנִישניshe.Ni[was] a secondH8145HAomsa
גַּ֣םג֣םגַּםגםgamalsoH1571HD
בֵּ֧ןב֧ןבֵּןבןbena sonH1121AHNcmsa
וָ/אָ֣חו/א֣חוָ/אָחו/אחva./'Achand/ a brotherH9002H0251GHC+Ncmsa
אֵֽין\־אין\אֵֽין\־אין\'ein-notH0369\H9014HNcmsc
ל֗/וֹל֗/ול/וֹל/וl/o[belonged] to <the>/ himH9005H9033HRd+Sp3ms
וְ/אֵ֥יןו/א֥יןוְ/אֵיןו/איןve./'Einand/ there notH9002H0369HC+Ncmsc
קֵץ֙קץ֙קֵץקץketz[was] an endH7093HNcmsa
לְ/כָל\־ל/כל\לְ/כָל\־ל/כל\le./kholto/ allH9005H3605\H9014HR+Ncmsc
עֲמָל֔/וֹעמל֔/ועֲמָל/וֹעמל/וa.ma.L/otoil/ hisH5999H9023HNcbsc+Sp3ms
גַּם\־גם\גַּם\־גם\gam-alsoH1571\H9014HD
עֵינ֖/וֹעינ֖/ועֵינ/וֹעינ/וei.na/veye/ hisH5869AH9023HNcfsc+Sp3ms
לֹא\־לא\לֹא\־לא\lo'-notH3808\H9014HTn
תִשְׂבַּ֣עתשב֣עתִשְׂבַּעתשבעtis.Ba'it was satisfiedH7646HVqi3fs
עֹ֑שֶׁרע֑שרעֹשֶׁרעשר'O.sherwealthH6239HNcmsa
וּ/לְ/מִ֣י\׀ו/ל/מ֣י\וּ/לְ/מִי\׀ו/ל/מי\u./le./Miand/ for/ whom?H9002H9005H4310\H9015HC+R+Pi
אֲנִ֣יאנ֣יאֲנִיאני'a.Ni[am] IH0589HPp1bs
עָמֵ֗לעמ֗לעָמֵלעמל'a.Mela laborerH6001BHAamsa
וּ/מְחַסֵּ֤רו/מחס֤רוּ/מְחַסֵּרו/מחסרu./me.cha.Serand/ deprivingH9002H2637HC+Vprmsa
אֶת\־את\אֶת\־את\'et-<obj.>H0853\H9014HTo
נַפְשִׁ/י֙נפש/י֙נַפְשִׁ/ינפש/יnaf.Sh/iself/ myH5315IH9020HNcfsc+Sp1bs
מִ/טּוֹבָ֔המ/טוב֔המִ/טּוֹבָהמ/טובהmi./to.Vahfrom/ goodH9006H2896CHR+Ncfsa
גַּם\־גם\גַּם\־גם\gam-alsoH1571\H9014HD
זֶ֥הז֥הזֶהזהzehthisH2088HTm
הֶ֛בֶלה֛בלהֶבֶלהבלHe.vel[is] futilityH1892HNcmsa
וְ/עִנְיַ֥ןו/עני֥ןוְ/עִנְיַןו/עניןve./'in.Yanand/ [is] a task ofH9002H6045HC+Ncmsc
רָ֖ער֖ערָערעra'evilH7451AHAamsa
הֽוּא\׃הוא\הֽוּא\׃הוא\Hu'itH1931\H9016HPp3ms
  1. Daar is er een, Dit wordt gesproken van de vrekkige gierigaards, die zich nimmermeer laten genoegen, maar altoos liggen wroeten, ofschoon zij niet weten wie hunne goederen zullen erven.
  2. kind, Bij de kinderen worden verstaan de afstammelingen [zo men die noemt] in de rechte lijn; en bij de broeders alle zijverwanten of vrienden, die ter zijde aankomen.
  3. broeder; Bij de kinderen worden verstaan de afstammelingen [zo men die noemt] in de rechte lijn; en bij de broeders alle zijverwanten of vrienden, die ter zijde aankomen.
  4. niet verzadigd Dat is, al bezat hij al wat hij ziet, zo zou hij nog niet tevreden of verzadigd wezen.
  5. en zegt niet De zin is: Hij denkt niet bij zichzelven: Is het niet een grote dwaasheid, dat ik mijzelven geen goeddoe of gun; maar steeds voor vreemden slaaf? Zie Psa 39:7 , enz.
  6. doe Alsof hij zeide: Waarom durf ik mijne nooddruft van mijn goed niet nemen? Of, waarom behelp ik mijzelven dus armelijk en bekommerlijk?
  7. mijn ziel Dat is, mijzelven.

9 Twee zijn beter dan een; want zij hebben een goede beloning van hun arbeid;12

Original Hebrew

טוֹבִ֥יםטוב֥יםטוֹבִיםטוביםto.Vim[are] goodH2896AHAampa
הַ/שְּׁנַ֖יִםה/שנ֖יםהַ/שְּׁנַיִםה/שניםha./she.Na.yim<the>/ two [people]H9009H8147HTd+Acbda
מִן\־מן\מִן\־מן\min-more thanH4480A\H9014HR
הָ/אֶחָ֑דה/אח֑דהָ/אֶחָדה/אחדha./'e.Chad<the>/ oneH9009H0259HTd+Acfsa
אֲשֶׁ֧ראש֧ראֲשֶׁראשר'a.SherthatH0834AHTr
יֵשׁ\־יש\יֵשׁ\־יש\yesh-thereH3426\H9014HAcbsa
לָ/הֶ֛םל/ה֛םלָ/הֶםל/הםla./Hemfor <the>/ themH9005H9038HRd+Sp3mp
שָׂכָ֥רשכ֥רשָׂכָרשכרsa.Khar[is] a rewardH7939HNcmsa
ט֖וֹבט֖ובטוֹבטובTovgoodH2896AHAamsa
בַּ/עֲמָלָֽ/ם\׃ב/עמל/ם\בַּ/עֲמָלָֽ/ם\׃ב/עמל/ם\ba./'a.ma.La/mfor/ toil/ theirH9003H5999H9028\H9016HR+Ncbsc+Sp3mp
  1. Twee zijn beter Dat is, de staat van twee, die samenleven, is beter dan een. Het schijnt dat de gierigen met deze woorden bestraft worden, die voor niemand dan voor zichzelven alleen zijn, en met gene mensen begeren gemeenschap te houden, uit vrees dat de vriendschap hun wat zou kosten, daar nochtans goede vriendschap beter is dan tijdelijke rijkdom.
  2. zij hebben een goede beloning Te weten voorzoveel zij lichter hun voornemen kunnen volbrengen, dan dat zij alleen waren zonder iemands hulp; want dewijl zij elkander helpen, zo gaat hun arbeid beter voort, en hebben zij beter gewin.

10 Want indien zij vallen, de een richt zijn metgezel op; maar wee den ene, die gevallen is, want er is geen tweede om hem op te helpen.12

Original Hebrew

כִּ֣יכ֣יכִּיכיkithatH3588BHTc
אִם\־אם\אִם\־אם\'im-exceptH0518B\H9014HTc
יִפֹּ֔לוּיפ֔לויִפֹּלוּיפלוyi.Po.luthey will fall downH5307GHVqi3mp
הָ/אֶחָ֖דה/אח֖דהָ/אֶחָדה/אחדha./'e.Chadthe/ oneH9009H0259HTd+Acfsa
יָקִ֣יםיק֣יםיָקִיםיקיםya.Kimhe will raiseH6965HHVhi3ms
אֶת\־את\אֶת\־את\'et-<obj.>H0853\H9014HTo
חֲבֵר֑/וֹחבר֑/וחֲבֵר/וֹחבר/וcha.ve.R/ocompanion/ hisH2270H9023HNcmsc+Sp3ms
וְ/אִ֣י/ל֗/וֹו/א֣י/ל֗/ווְ/אִי/ל/וֹו/אי/ל/וve./'I./L/oand/ woe! to/ <the>/ himH9002H9005H0337H9033HC+Ti+Rd+Sp3ms
הָֽ/אֶחָד֙ה/אחד֙הָֽ/אֶחָדה/אחדha./'e.Chadthe/ oneH9009H0259HTd+Acfsa
שֶׁ/יִּפּ֔וֹלש/יפ֔ולשֶׁ/יִּפּוֹלש/יפולshei./yi.Polwho/ <he> will fall downH9007H5307GHTr+Vqi3ms
וְ/אֵ֥יןו/א֥יןוְ/אֵיןו/איןve./'Einand/ there notH9002H0369HC+Ncmsc
שֵׁנִ֖ישנ֖ישֵׁנִישניshe.Ni[is] a second [person]H8145HAomsa
לַ/הֲקִימֽ/וֹ\׃ל/הקימ/ו\לַ/הֲקִימֽ/וֹ\׃ל/הקימ/ו\la./ha.ki.M/oto/ raise/ himH9005H6965HH9033\H9016HR+Vhcc+Sp3ms
  1. zij Dat is, hunner een, of een van hen beiden. Zie Jdg 12:7 .
  2. vallen, Te weten, in ziekte, of ellende, of zonde.

11 Ook, indien twee te zamen liggen, zo hebben zij warmte; maar hoe zou een alleen warm worden?1

Original Hebrew

גַּ֛םג֛םגַּםגםgamalsoH1571HD
אִם\־אם\אִם\־אם\'im-ifH0518A\H9014HTc
יִשְׁכְּב֥וּישכב֥ויִשְׁכְּבוּישכבוyish.ke.Vuthey will lie downH7901GHVqi3mp
שְׁנַ֖יִםשנ֖יםשְׁנַיִםשניםshe.Na.yimtwo [people]H8147HAcbda
וְ/חַ֣םו/ח֣םוְ/חַםו/חםve./Chamand/ it will be warmH9001H2552Hc+Vqq3ms
לָ/הֶ֑םל/ה֑םלָ/הֶםל/הםla./Hemto <the>/ themH9005H9038HRd+Sp3mp
וּ/לְ/אֶחָ֖דו/ל/אח֖דוּ/לְ/אֶחָדו/ל/אחדu./le./'e.Chadand/ to/ one [person]H9002H9005H0259HC+R+Acfsa
אֵ֥יךְא֥יךאֵיךְאיך'eikhhow?H0349AHTi
יֵחָֽם\׃יחם\יֵחָֽם\׃יחם\ye.Chamwill it be warmH2552\H9016HVqi3ms
  1. liggen, Of, slapen.

12 En indien iemand den een mocht overweldigen, zo zullen de twee tegen hem bestaan; en een drievoudig snoer wordt niet haast gebroken.1

Original Hebrew

וְ/אִֽם\־ו/אם\וְ/אִֽם\־ו/אם\ve./'im-and/ thoughH9002H0518A\H9014HC+Tc
יִתְקְפ/וֹ֙יתקפ/ו֙יִתְקְפ/וֹיתקפ/וyit.ke.F/osomeone will overpower/ himH8630H9033HVqi3ms+Sp3ms
הָ/אֶחָ֔דה/אח֔דהָ/אֶחָדה/אחדha./'e.Chadthe/ one [person]H9009H0259HTd+Acfsa
הַ/שְּׁנַ֖יִםה/שנ֖יםהַ/שְּׁנַיִםה/שניםha./she.Na.yimthe/ two [people]H9009H8147HTd+Acbda
יַעַמְד֣וּיעמד֣ויַעַמְדוּיעמדוya.'am.Duthey will standH5975GHVqi3mp
נֶגְדּ֑/וֹנגד֑/ונֶגְדּ/וֹנגד/וneg.D/obefore/ himH5048H9033HAcmsc+Sp3ms
וְ/הַ/חוּט֙ו/ה/חוט֙וְ/הַ/חוּטו/ה/חוטve./ha./Chutand/ the/ threadH9002H9009H2339HC+Td+Ncmsa
הַֽ/מְשֻׁלָּ֔שׁה/משל֔שהַֽ/מְשֻׁלָּשׁה/משלשha/m.shu.Lash<the>/ threefoldH9009H8027HTd+VPsmsa
לֹ֥אל֥אלֹאלאlo'notH3808HTn
בִ/מְהֵרָ֖הב/מהר֖הבִ/מְהֵרָהב/מהרהvi/m.he.Rah<in>/ quicklyH9003H4120HR+D
יִנָּתֵֽק\׃ינתק\יִנָּתֵֽק\׃ינתק\yi.na.Tekit will be torn apartH5423\H9016HVNi3ms
  1. een drievoudig snoer De zin is: Indien zij nog meer dan met hun tweeën zijn, ja zo zij velen met alkander verbonden zijn, zo zullen zij des te beter hun vijand, die hen wil beschadigen, kunnen weerstaan.

13 Beter is een arm en wijs jongeling, dan een oud en zot koning, die niet weet van meer vermaand te worden.1

Original Hebrew

ט֛וֹבט֛ובטוֹבטובTov[is] goodH2896AHAamsa
יֶ֥לֶדי֥לדיֶלֶדילדYe.leda youthH3206HNcmsa
מִסְכֵּ֖ןמסכ֖ןמִסְכֵּןמסכןmis.KenpoorH4542HAamsa
וְ/חָכָ֑םו/חכ֑םוְ/חָכָםו/חכםve./cha.Khamand/ wiseH9002H2450HC+Aamsa
מִ/מֶּ֤לֶךְמ/מ֤לךמִ/מֶּלֶךְמ/מלךmi./Me.lekhmore than/ a kingH9006H4428GHR+Ncmsa
זָקֵן֙זקן֙זָקֵןזקןza.KenoldH2205HHAamsa
וּ/כְסִ֔ילו/כס֔ילוּ/כְסִילו/כסילu./khe.Siland/ a foolH9002H3684HC+Aamsa
אֲשֶׁ֛ראש֛ראֲשֶׁראשר'a.SherwhoH0834AHTr
לֹא\־לא\לֹא\־לא\lo'-notH3808\H9014HTn
יָדַ֥עיד֥עיָדַעידעya.Da'he knowsH3045HVqp3ms
לְ/הִזָּהֵ֖רל/הזה֖רלְ/הִזָּהֵרל/הזהרle./hi.za.Herto/ be warnedH9005H2094BHR+VNcc
עֽוֹד\׃עוד\עֽוֹד\׃עוד\odstillH5750\H9016HAcmsa
  1. Beter is een arm Alsof hij zeide: De koninklijke staat wordt wel zeer groot geacht in deze wereld, en die daartoe komen, achten wel zichzelven zeer gelukzalig boven andere mensen, maar daar is geen rechte gelukzaligheid in te vinden. Immers, als een koning geen noodzakelijke wijsheid heeft al is hij tot ouderdom gekomen om zichzelven en zijne onderzaten wel te regeren, en daarenboven van anderen, die wijzer zijn dan hij, niet wil bestuurd of vermaand zijn, zo is van een arm man, die verstandig is hoewel jong zijnde van jaren, meer te houden dan van zulk een koning. Van het woord jongeling, zie Gen 44:20 .

14 Want een komt uit het gevangenhuis, om koning te zijn; daar ook een, die in zijn koninkrijk geboren is, verarmt.1234

Original Hebrew

כִּֽי\־כי\כִּֽי\־כי\ki-forH3588A\H9014HTc
מִ/בֵּ֥יתמ/ב֥יתמִ/בֵּיתמ/ביתmi./Beitfrom/ [the] house ofH9006H1004BHR+Ncmsc
הָ/סוּרִ֖יםה/סור֖יםהָ/סוּרִיםה/סוריםha./su.Rimthe/ prisonersH9009H0631HTd+Vqsmpa
יָצָ֣איצ֣איָצָאיצאya.Tza'he came outH3318GHVqp3ms
לִ/מְלֹ֑ךְל/מל֑ךלִ/מְלֹךְל/מלךli/m.Lokhto/ become kingH9005H4427AHR+Vqcc
כִּ֛יכ֛יכִּיכיkiforH3588AHTc
גַּ֥םג֥םגַּםגםgamalsoH1571HD
בְּ/מַלְכוּת֖/וֹב/מלכות֖/ובְּ/מַלְכוּת/וֹב/מלכות/וbe./mal.khu.T/oin/ own kingdom/ hisH9003H4438H9023HR+Ncfsc+Sp3ms
נוֹלַ֥דנול֥דנוֹלַדנולדno.Ladhe had been bornH3205HVNp3ms
רָֽשׁ\׃רש\רָֽשׁ\׃רש\Rasha poor [person]H7326\H9016HVqrmsa
  1. een komt Te weten een arm jongeling vs.13. Het schijnt dat de Prediker hier ziet op hetgeen Jozef is wedervaren, Gen 41:14 , Gen 41:39 , Gen 41:43 , en Psa 105:18-21 . Dit is ook aan Mordechai te zien; Est 6 , en aan veel anderen meer.
  2. uit het gevangenhuis, Hebr. uit het huis der gebondenen.
  3. ook een, Dat is, die een geboren en erfkoning is, niet een verkoren koning.
  4. verarmt Dit is den koning Zedekia overkomen, 2Ki 25 , en Nebukadnezar den koning te Babel. Dan 4:30 , en anderen meer. Zodat het ijdelheid is, op de koninklijke hoogheid en macht zich te verhovaardigen of te verlaten, ten aanzien van de ongestadigheid en onvastheid derzelve.

15 Ik zag al de levenden wandelen onder de zon, met den jongeling, den tweede, die in diens plaats staan zal.123456

Original Hebrew

רָאִ֙יתִי֙רא֙יתי֙רָאִיתִיראיתיra.'I.tiI sawH7200GHVqp1cs
אֶת\־את\אֶת\־את\'et-<obj.>H0853\H9014HTo
כָּל\־כל\כָּל\־כל\kol-allH3605\H9014HNcmsc
הַ֣/חַיִּ֔יםה֣/חי֔יםהַ/חַיִּיםה/חייםha./chai.Yimthe/ livingH9009H2416AHTd+Aampa
הַֽ/מְהַלְּכִ֖יםה/מהלכ֖יםהַֽ/מְהַלְּכִיםה/מהלכיםha/m.ha.le.Khimwho/ are walking aboutH9009H1980IHTd+Vprmpa
תַּ֣חַתת֣חתתַּחַתתחתTa.chatunderH8478GHNcmsc
הַ/שָּׁ֑מֶשׁה/ש֑משהַ/שָּׁמֶשׁה/שמשha./Sha.meshthe/ sunH9009H8121HTd+Ncbsa
עִ֚םע֚םעִםעם'imwithH5973AHR
הַ/יֶּ֣לֶדה/י֣לדהַ/יֶּלֶדה/ילדhai./Ye.ledthe/ youthH9009H3206HTd+Ncmsa
הַ/שֵּׁנִ֔יה/שנ֔יהַ/שֵּׁנִיה/שניha./she.Ni<the>/ secondH9009H8145HTd+Aomsa
אֲשֶׁ֥ראש֥ראֲשֶׁראשר'a.SherwhoH0834AHTr
יַעֲמֹ֖דיעמ֖דיַעֲמֹדיעמדya.'a.Modhe will ariseH5975GHVqi3ms
תַּחְתָּֽי/ו\׃תחתי/ו\תַּחְתָּֽי/ו\׃תחתי/ו\tach.Ta/vin place of/ himH8478HH9033\H9016HNcmpc+Sp3ms
  1. Ik zag Dat is: ik merkte dat in het algemeen de wereld zich voegt aan de zijde des jongelings, dat is des konings, die zijnen vader in het koninkrijk zal navolgen, en dat de koning oud geworden zijnde, zozeer niet geacht wordt. Dit is mede ene ijdelheid en moeilijkheid in den koninklijken staat.
  2. al de levenden Versta hier door allen die allen, die in een koninkrijk of land wonen.
  3. wandelen Dat is openlijk converserende, of omgaande te weten om bijtijds zijn goede gratie of gunst te verwerven.
  4. den tweede, Dat is, die de tweede is, te weten van den vader af te rekenen, de vader zijnde de eerste, de oudste zoon de tweede.
  5. in diens plaats Te weten in de nu regerenden konings plaats.
  6. staan zal Dat is, regeren zal. Hij wil zeggen dat er ten allen tijde meer geweest zijn, die de opgaande zon hebben geeerd of aangebeden hebben dan de ondergaande.

16 Er is geen einde van al het volk, van allen, die voor hen geweest zijn; de nakomelingen zullen zich ook over hem niet verblijden; gewisselijk, dat is ook ijdelheid en kwelling des geestes.123

Original Hebrew

אֵֽין\־אין\אֵֽין\־אין\'ein-there notH0369\H9014HNcmsc
קֵ֣ץק֣ץקֵץקץketz[is] an endH7093HNcmsa
לְ/כָל\־ל/כל\לְ/כָל\־ל/כל\le./kholto/ allH9005H3605\H9014HR+Ncmsc
הָ/עָ֗םה/ע֗םהָ/עָםה/עםha./'Amthe/ peopleH9009H5971AHTd+Ncmsa
לְ/כֹ֤לל/כ֤ללְ/כֹלל/כלle./Kholto/ allH9005H3605HR+Ncmsa
אֲשֶׁר\־אשר\אֲשֶׁר\־אשר\'a.Sher-[those] whomH0834A\H9014HTr
הָיָה֙היה֙הָיָההיהha.Yahhe wasH1961HVqp3ms
לִ/פְנֵי/הֶ֔םל/פני/ה֔םלִ/פְנֵי/הֶםל/פני/הםli/f.nei./Hem<to>/ before/ themH9005H6440GH9028HR+Ncmpc+Sp3mp
גַּ֥םג֥םגַּםגםgamalsoH1571HD
הָ/אַחֲרוֹנִ֖יםה/אחרונ֖יםהָ/אַחֲרוֹנִיםה/אחרוניםha./'a.cha.ro.Nimthe/ subsequent [people]H9009H0314HTd+Aampa
לֹ֣אל֣אלֹאלאlo'notH3808HTn
יִשְׂמְחוּ\־ישמחו\יִשְׂמְחוּ\־ישמחו\yis.me.chu-they will rejoiceH8055\H9014HVqi3mp
ב֑/וֹב֑/וב/וֹב/וv/oin <the>/ himH9003H9033HRd+Sp3ms
כִּֽי\־כי\כִּֽי\־כי\ki-forH3588A\H9014HTc
גַם\־גם\גַם\־גם\gam-alsoH1571\H9014HD
זֶ֥הז֥הזֶהזהzehthisH2088HTm
הֶ֖בֶלה֖בלהֶבֶלהבלHe.vel[is] futilityH1892HNcmsa
וְ/רַעְי֥וֹןו/רעי֥וןוְ/רַעְיוֹןו/רעיוןve./ra'.Yonand/ a striving ofH9002H7475HC+Ncmsc
רֽוּחַ\׃רוח\רֽוּחַ\׃רוח\Ru.achwindH7307H\H9016HNcfsa
  1. Er is geen einde Dat is, van het volk is geen getal. De zin schijnt deze te zijn: Het ongestadige volk zal altoos naar verandering verlangen, en als hij koning zal geworden zijn, waar zij om gewenst hebben, dan zullen zij over hem niet vrolijk zijn, maar zij zullen haast weder naar een ander verlangen. Dit is een verdrietige zaak in het hart der koningen; en derhalve kan ook de ware gelukzaligheid in den koninklijken staat niet gevonden worden.
  2. voor hen geweest zijn Te weten voor den tegenwoordigen koning en zijn zoon, den toekomenden koning, van welke in vs.15 gesproken is.
  3. over hem Hebr. in hem; dat is over dezen. Hij wil zeggen, zij zullen ook geen tevredenheid aan de regering van des konings opvolger hebben, als hij oud zal geworden zijn.