reltext

Chapter 7

1 Het geschiedde nu in de dagen van Achaz, den zoon van Jotham, den zoon van Uzzia, den koning van Juda, dat Rezin, de koning van Syrië, en Pekah, de zoon van Remalia, de koning van Israël, optoog naar Jeruzalem, ten oorlog tegen haar; maar hij vermocht met strijden niet tegen haar.12345

Original Hebrew

וַ/יְהִ֡יו/יה֡יוַ/יְהִיו/יהיva/y.Hiand/ it wasH9001H1961Hc+Vqw3ms
בִּ/ימֵ֣יב/ימ֣יבִּ/ימֵיב/ימיbi./Meiin/ [the] days ofH9003H3117GHR+Ncmpc
אָ֠חָזא֠חזאָחָזאחז'A.chozAhazH0271GHNpm
בֶּן\־בן\בֶּן\־בן\ben-[the] son ofH1121A\H9014HNcmsc
יוֹתָ֨םיות֨םיוֹתָםיותםyo.TamJothamH3147HHNpm
בֶּן\־בן\בֶּן\־בן\ben-[the] son ofH1121A\H9014HNcmsc
עֻזִּיָּ֜הוּעזי֜הועֻזִּיָּהוּעזיהו'u.zi.Ya.huUzziahH5818GHNpm
מֶ֣לֶךְמ֣לךמֶלֶךְמלךMe.lekh[the] king ofH4428GHNcmsc
יְהוּדָ֗היהוד֗היְהוּדָהיהודהye.hu.DahJudahH3063GHNpl
עָלָ֣העל֣העָלָהעלה'a.Lahhe went upH5927GHVqp3ms
רְצִ֣יןרצ֣יןרְצִיןרציןre.TzinRezinH7526GHNpm
מֶֽלֶךְ\־מלך\מֶֽלֶךְ\־מלך\Me.lekh-[the] king ofH4428G\H9014HNcmsc
אֲ֠רָםא֠רםאֲרָםארם'A.romAramH0758IHNpl
וּ/פֶ֨קַחו/פ֨קחוּ/פֶקַחו/פקחu./Fe.kachand/ PekahH9002H6492HC+Npm
בֶּן\־בן\בֶּן\־בן\ben-[the] son ofH1121A\H9014HNcmsc
רְמַלְיָ֤הוּרמלי֤הורְמַלְיָהוּרמליהוre.mal.Ya.huRemaliahH7425HNpm
מֶֽלֶךְ\־מלך\מֶֽלֶךְ\־מלך\Me.lekh-[the] king ofH4428G\H9014HNcmsc
יִשְׂרָאֵל֙ישראל֙יִשְׂרָאֵלישראלYis.ra.'ElIsraelH3478HNpl
יְר֣וּשָׁלִַ֔םיר֣ושל֔םיְרוּשָׁלִַםירושלםye.Ru.sha.LimJerusalemH3389HNpl
לַ/מִּלְחָמָ֖הל/מלחמ֖הלַ/מִּלְחָמָהל/מלחמהla./mil.cha.Mahfor <the>/ battleH9005H4421HRd+Ncfsa
עָלֶ֑י/הָעל֑י/העָלֶי/הָעלי/ה'a.Lei./haon/ itH5921AH9034HRd+Sp3fs
וְ/לֹ֥או/ל֥אוְ/לֹאו/לאve./Lo'and/ notH9002H3808HC+Tn
יָכֹ֖ליכ֖ליָכֹליכלya.Kholhe was ableH3201HVqp3ms
לְ/הִלָּחֵ֥םל/הלח֥םלְ/הִלָּחֵםל/הלחםle./hi.la.Chemto/ engage in battleH9005H3898AHR+VNcc
עָלֶֽי/הָ\׃עלי/ה\עָלֶֽי/הָ\׃עלי/ה\'a.Lei./haon/ itH5921AH9034\H9016HRd+Sp3fs
  1. den zoon van Jotham . . . den zoon van Uzzia Dat is, welke Jotham was de zoon van Uzzia.
  2. den koning van Juda, Dit ziet op Achaz.
  3. Syrië, Hebreeuws, Aram; die een van de zonen van Sem geweest is, Gen 10:22 . Uit hem zijn de Syriërs gesproten.
  4. Pekah, Hij is een goddeloos afgodendienaar geweest, die zijnen koning Pekaja heeft omgebracht; 2Ki 15:25 , 2Ki 15:28 .
  5. hij vermocht Te weten de koning van Syrië, die den krijg voerde, en den koning van Israël te hulp gekomen was, en, naar sommiger gevoelen, hoofdaanlegger van dezen krijg was, alhoewel het den naam had dat hij den koning van Israël te hulp kwam.

2 Als men den huize Davids boodschapte, zeggende: De Syriërs rusten op Efraïm, zo bewoog zich zijn hart en het hart zijns volks, gelijk de bomen des wouds bewogen worden van den wind.1234

Original Hebrew

וַ/יֻּגַּ֗דו/יג֗דוַ/יֻּגַּדו/יגדva/i.yu.Gadand/ it was toldH9001H5046Hc+VHw3ms
לְ/בֵ֤יתל/ב֤יתלְ/בֵיתל/ביתle./Veitto/ [the] house ofH9005H1004MHR+Ncmsc
דָּוִד֙דוד֙דָּוִדדודda.VidDavidH1732HNpm
לֵ/אמֹ֔רל/אמ֔רלֵ/אמֹרל/אמרle./Mor<to>/ sayingH9005H0559HR+Vqcc
נָ֥חָֽהנ֥חהנָחָֽהנחהNa.chahit has stoodH5117HVqp3ms
אֲרָ֖םאר֖םאֲרָםארם'a.RamAramH0758IHNpl
עַל\־על\עַל\־על\'al-withH5921A\H9014HR
אֶפְרָ֑יִםאפר֑יםאֶפְרָיִםאפרים'ef.Ra.yimEphraimH0669GHNpm
וַ/יָּ֤נַעו/י֤נעוַ/יָּנַעו/ינעva/i.Ya.na'and/ it shookH9001H5128Hc+Vqw3ms
לְבָב/וֹ֙לבב/ו֙לְבָב/וֹלבב/וle.va.V/oheart/ hisH3824H9023HNcmsc+Sp3ms
וּ/לְבַ֣בו/לב֣בוּ/לְבַבו/לבבu./le.Vavand/ [the] heart ofH9002H3824HC+Ncmsc
עַמּ֔/וֹעמ֔/ועַמּ/וֹעמ/וa.M/opeople/ hisH5971AH9023HNcmsc+Sp3ms
כְּ/נ֥וֹעַכ/נ֥ועכְּ/נוֹעַכ/נועke./No.a'as/ shakeH9004H5128HR+Vqcc
עֲצֵי\־עצי\עֲצֵי\־עצי\'a.tzei-[the] trees ofH6086H\H9014HNcmpc
יַ֖עַרי֖עריַעַריערYa.'ar[the] forestH3293AHNcmsa
מִ/פְּנֵי\־מ/פני\מִ/פְּנֵי\־מ/פני\mi./pe.nei-from/ beforeH9006H6440G\H9014HR+Ncmpc
רֽוּחַ\׃רוח\רֽוּחַ\׃רוח\Ru.acha windH7307H\H9016HNcfsa
  1. den huize Davids Dat is, den koning Achaz en den voornaamsten heren van het rijk; of zijnen bloedverwanten.
  2. De Syriërs Dat is, de Syriërs verlaten zich op de hulp der Efraïmieten; zij zijn het eens geworden om gelijkerhand u te overvallen. Hebreeuws, Aram; dat is Syrië rust op, enz.
  3. op Efraïm, Dat is, op de tien stammen der Israëlieten. Gelijk Psa 78:9 , en Psa 80:3 , en onder vs.17; onder welke de stam van Efraïm de voornaamste was, bij welken ook de koningen van Israël hun hof hielden, te weten binnen Samaria.
  4. zijn hart en het hart Te weten het hart van den koning Achaz. Deze vrees is gesproten uit een kwade conscientie, ongeloof en misvertrouwen.

3 En de Heere zeide tot Jesaja: Ga nu uit, Achaz tegemoet, gij en uw zoon, Schear-jaschub, aan het einde van den watergang des oppersten vijvers, aan den hogen weg van het veld des vollers;123

Original Hebrew

וַ/יֹּ֣אמֶרו/י֣אמרוַ/יֹּאמֶרו/יאמרva/i.Yo.merand/ he saidH9001H0559Hc+Vqw3ms
יְהוָה֮יהוה֮יְהוָהיהוהYah.wehYahwehH3068GHNpt
אֶֽל\־אל\אֶֽל\־אל\'el-toH0413\H9014HR
יְשַׁעְיָהוּ֒ישעיהו֒יְשַׁעְיָהוּישעיהוye.sha'.ya.HuIsaiahH3470AHNpm
צֵא\־צא\צֵא\־צא\tze'-go outH3318G\H9014HVqv2ms
נָא֙נא֙נָאנאna'pleaseH4994HTj
לִ/קְרַ֣אתל/קר֣אתלִ/קְרַאתל/קראתli/k.Ratto/ meetH9005H7122GHR+Vqcc
אָחָ֔זאח֔זאָחָזאחז'a.ChazAhazH0271GHNpm
אַתָּ֕האת֕האַתָּהאתה'a.TahyouH0859AHPp2ms
וּ/שְׁאָ֖רו/שא֖רוּ/שְׁאָרו/שארu./she.'Arand/ Shear-H9002H7610HC+Npm
יָשׁ֣וּביש֣וביָשׁוּבישובya.ShuvjashubH7610HNpm
בְּנֶ֑/ךָבנ֑/ךבְּנֶ/ךָבנ/ךbe.Ne./khason/ yourH1121AH9021HNcmsc+Sp2ms
אֶל\־אל\אֶל\־אל\'el-toH0413\H9014HR
קְצֵ֗הקצ֗הקְצֵהקצהke.Tzeh[the] end ofH7097AHNcmsc
תְּעָלַת֙תעלת֙תְּעָלַתתעלתte.'a.Lat[the] conduit ofH8585AHNcfsc
הַ/בְּרֵכָ֣הה/ברכ֣ההַ/בְּרֵכָהה/ברכהha./be.re.Khahthe/ poolH9009H1295HHTd+Ncfsa
הָ/עֶלְיוֹנָ֔הה/עליונ֔ההָ/עֶלְיוֹנָהה/עליונהha./'el.yo.Nah<the>/ upperH9009H5945AHTd+Aafsa
אֶל\־אל\אֶל\־אל\'el-toH0413\H9014HR
מְסִלַּ֖תמסל֖תמְסִלַּתמסלתme.si.Lat[the] highway ofH4546HNcfsc
שְׂדֵ֥השד֥השְׂדֵהשדהse.Deh[the] field ofH7704HHNcmsc
כוֹבֵֽס\׃כובס\כוֹבֵֽס\׃כובס\kho.Ves[the] washerH3526G\H9016HVqrmsa
  1. Achaz tegemoet, Daarom wordt de profeet eigenlijk tot Achaz gezonden, omdat hij inzonderheid bevreesd was en omdat dit den welstand van het rijk betrof.
  2. Schear-Jaschub, Dit is te zeggen: Het overblijfsel zal wederkeren; te weten uit een algemenen ondergang of gevangenschap; of zal zich bekeren. Hieruit blijkt dat dezen zoon, uit Gods bevel, dien naam gegeven is; profetischer wijze, om het volk de belofte van God in gedachtenis te brengen, aangaande de wederkering van enigen uit het volk. Zie onder Isa 10:21 , en vergelijk onder Isa 8:3 , en Hos 1:4 , Hos 1:6 , Hos 1:9 .
  3. het einde Zie van de rest van vs.3 de aantekening 2Ki 18:17 .

4 En zeg tot hem: Wacht u, en zijt gerust, vrees niet, en uw hart worde niet week, vanwege die twee staarten dezer rokende vuurbranden; vanwege de ontsteking des toorns van Rezin en der Syriërs, en van den zoon van Remalia;123

Original Hebrew

וְ/אָמַרְתָּ֣ו/אמרת֣וְ/אָמַרְתָּו/אמרתve./'a.mar.Taand/ you will sayH9001H0559Hc+Vqq2ms
אֵ֠לָי/וא֠לי/ואֵלָי/ואלי/ו'E.la/vto/ himH0413H9033HR+Sp3ms
הִשָּׁמֵ֨רהשמ֨רהִשָּׁמֵרהשמרhi.sha.Mertake careH8104JHVNv2ms
וְ/הַשְׁקֵ֜טו/השק֜טוְ/הַשְׁקֵטו/השקטve./hash.Ketand/ show quietnessH9002H8252HC+Vhv2ms
אַל\־אל\אַל\־אל\'al-may notH0408\H9014HTn
תִּירָ֗אתיר֗אתִּירָאתיראti.Ra'you be afraidH3372GHVqj2ms
וּ/לְבָבְ/ךָ֙ו/לבב/ך֙וּ/לְבָבְ/ךָו/לבב/ךu./le.va.ve./Khaand/ heart/ yourH9002H3824H9021HC+Ncmsc+Sp2ms
אַל\־אל\אַל\־אל\'al-may notH0408\H9014HTn
יֵרַ֔ךְיר֔ךיֵרַךְירךye.Rakhit be weakH7401HVqj3ms
מִ/שְּׁנֵ֨ימ/שנ֨ימִ/שְּׁנֵימ/שניmi./she.Neifrom/ [the] twoH9006H8147HR+Acbdc
זַנְב֧וֹתזנב֧ותזַנְבוֹתזנבותzan.Vot[the] stumps ofH2180HNcfpc
הָ/אוּדִ֛יםה/אוד֛יםהָ/אוּדִיםה/אודיםha./'u.Dim<the>/ pieces of firewoodH9009H0181HTd+Ncmpa
הָ/עֲשֵׁנִ֖יםה/עשנ֖יםהָ/עֲשֵׁנִיםה/עשניםha./'a.she.Nim<the>/ smokingH9009H6226HTd+Aampa
הָ/אֵ֑לֶּהה/א֑לההָ/אֵלֶּהה/אלהha./'E.leh<the>/ theseH9009H0428HTd+Tm
בָּ/חֳרִי\־ב/חרי\בָּ/חֳרִי\־ב/חרי\bo./cho.ri-by/ [the] heat ofH9003H2750\H9014HR+Ncmsc
אַ֛ףא֛ףאַףאף'af[the] anger ofH0639GHNcmsc
רְצִ֥יןרצ֥יןרְצִיןרציןre.TzinRezinH7526GHNpm
וַ/אֲרָ֖םו/אר֖םוַ/אֲרָםו/ארםva./'a.Ramand/ AramH9002H0758IHC+Npl
וּ/בֶן\־ו/בן\וּ/בֶן\־ו/בן\u./ven-and/ [the] son ofH9002H1121A\H9014HC+Ncmsc
רְמַלְיָֽהוּ\׃רמליהו\רְמַלְיָֽהוּ\׃רמליהו\re.mal.Ya.huRemaliahH7425\H9016HNpm
  1. Wacht u, Te weten van te vrezen.
  2. die twee staarten Aldus noemt de profeet verachtzaamlijk den koning van Syrië en den koning van Israël, en hij geeft te kennen dat hun toorn [die als een brandend vuur scheen te zijn en alsof zij de gehele wereld zouden in brand gebracht hebben] weinig te achten was en haast vergaan of gene kracht meer hebben zou, hen vergelijkende bij een hout, dat schier verbrand was en weinig of geen vuur meer had, maar alleenlijk nog rook van zich gaf. De koning van Syrië was bijna uitgebrand, of ten onder gebracht door Joas, den zoon van Joahas; 2Ki 13:25 . De koning van Israël was schier teniet gekomen door inlandse muiterij en krijg, 2Ki 15:10 , 2Ki 15:14 , 2Ki 15:16 , en zij beiden door Pul, den koning van Assyrië, 2Ki 15:19 , en 1Ch 5:26 .
  3. van den zoon van Remália; De profeet verwaardigt zich niet hem bij zijnen naam te noemen, of den titel van koning te geven, bedoelende nochtans Pekah, den koning van Israël, zoon van Remalia.

5 Omdat de Syriër kwaad tegen u beraadslaagd heeft, met Efraïm en den zoon van Remalia, zeggende:12

Original Hebrew

יַ֗עַןי֗עןיַעַןיעןYa.'anbecauseH3282HC
כִּֽי\־כי\כִּֽי\־כי\ki-forH3588A\H9014HTc
יָעַ֥ץיע֥ץיָעַץיעץya.'Atzit has plannedH3289HVqp3ms
עָלֶ֛י/ךָעל֛י/ךעָלֶי/ךָעלי/ך'a.Lei./khaon/ youH5921AH9031HR+Sp2ms
אֲרָ֖םאר֖םאֲרָםארם'a.RamAramH0758IHNpl
רָעָ֑הרע֑הרָעָהרעהra.'AhharmH7451IHNcfsa
אֶפְרַ֥יִםאפר֥יםאֶפְרַיִםאפרים'ef.Ra.yimEphraimH0669GHNpm
וּ/בֶן\־ו/בן\וּ/בֶן\־ו/בן\u./ven-and/ [the] son ofH9002H1121A\H9014HC+Ncmsc
רְמַלְיָ֖הוּרמלי֖הורְמַלְיָהוּרמליהוre.mal.Ya.huRemaliahH7425HNpm
לֵ/אמֹֽר\׃ל/אמר\לֵ/אמֹֽר\׃ל/אמר\le./Mor<to>/ sayingH9005H0559\H9016HR+Vqcc
  1. de Syriër Aldus noemt de profeet verachtelijk Rezin, den koning van Syrië.
  2. met Efraïm Dat is, met de tien stammen van Israël.

6 Laat ons optrekken tegen Juda, en het verdriet aandoen, en het onder ons delen, en den zoon van Tabeal koning maken in het midden van hen.1234

Original Hebrew

נַעֲלֶ֤הנעל֤הנַעֲלֶהנעלהna.'a.Lehlet us go upH5927GHVqi1cp
בִֽ/יהוּדָה֙ב/יהודה֙בִֽ/יהוּדָהב/יהודהvi./hu.Dahon/ JudahH9003H3063GHR+Npl
וּ/נְקִיצֶ֔/נָּהו/נקיצ֔/נהוּ/נְקִיצֶ/נָּהו/נקיצ/נהu./ne.ki.Tze./nahand/ let us demolish/ itH9002H6973H9034HC+Vhu1cp+Sp3fs
וְ/נַבְקִעֶ֖/נָּהו/נבקע֖/נהוְ/נַבְקִעֶ/נָּהו/נבקע/נהve./nav.ki.'E./nahand/ let us break into/ itH9002H1234H9034HC+Vhu1cp+Sp3fs
אֵלֵ֑י/נוּאל֑י/נואֵלֵי/נוּאלי/נו'e.Lei./nuto/ ourselvesH0413H9035HR+Sp1bp
וְ/נַמְלִ֥יךְו/נמל֥יךוְ/נַמְלִיךְו/נמליךve./nam.Likhand/ let us make kingH9002H4427AHC+Vhu1cp
מֶ֙לֶךְ֙מ֙לך֙מֶלֶךְמלךMe.lekha kingH4428GHNcmsa
בְּ/תוֹכָ֔/הּב/תוכ֔/הבְּ/תוֹכָ/הּב/תוכ/הbe./to.Kha/hin/ [the] midst of/ itH9003H8432H9024HR+Ncmsc+Sp3fs
אֵ֖תא֖תאֵתאת'et<obj.>H0853HTo
בֶּן\־בן\בֶּן\־בן\ben-[the] son ofH1121A\H9014HNcmsc
טָֽבְאַֽל\׃\ \סטבאל\\ \סטָֽבְאַֽל\׃\ \סטבאל\\ \סTa.ve.'AlTabeelH2870B\H9016\ \H9018HNpm
  1. tegen Juda, Te weten tot in het land Juda.
  2. het verdriet aandoen, Te weten door de lange belegering der stad Jeruzalem, alzo dat zij genoodzaakt worden zich eindelijk in onze handen over te geven. Anders: verdrietig maken, of moede maken.
  3. en het onder ons Zij geven te kennen dat hun voornemen was het land van Juda in tweeën te scheuren en onder hen beiden te delen, en in hun beider naam den zoon van Tabeal daarin stadhouder te maken.
  4. Tábeal Wie deze Tabeal of zijn zoon geweest is, is onzeker; het is gelooflijk dat hij een Syriër van voortreffelijken huize en een vermaard krijgsman geweest is.

7 Alzo zegt de Heere Heere: Het zal niet bestaan, en het zal niet geschieden.1

Original Hebrew

כֹּ֥הכ֥הכֹּהכהkohthusH3541HD
אָמַ֖ראמ֖ראָמַראמר'a.Marhe saysH0559HVqp3ms
אֲדֹנָ֣יאדנ֣יאֲדֹנָיאדני'a.do.Nai[the] LordH0136HNpt
יְהוִ֑היהו֑היְהוִהיהוהYah.wehYahwehH3069HNpt
לֹ֥אל֥אלֹאלאlo'notH3808HTn
תָק֖וּםתק֖וםתָקוּםתקוםta.Kumit will standH6965IHVqi3fs
וְ/לֹ֥או/ל֥אוְ/לֹאו/לאve./Lo'and/ notH9002H3808HC+Tn
תִֽהְיֶֽה\׃תהיה\תִֽהְיֶֽה\׃תהיה\Tih.Yehit will happenH1961\H9016HVqi3fs
  1. Het zal niet bestaan, Te weten het kwaad, dat die beide koningen voorhebben. Het zal niet in het werk gesteld worden. Zie Job 22:28 , gelijke manier van spreken.

8 Maar Damaskus zal het hoofd van Syrië zijn, en Rezin het hoofd van Damaskus; en in nog vijf en zestig jaren zal Efraïm verbroken worden, dat het geen volk zij.123

Original Hebrew

כִּ֣יכ֣יכִּיכיkiforH3588AHTc
רֹ֤אשׁר֤אשרֹאשׁראשrosh[is] [the] head ofH7218HHNcmsc
אֲרָם֙ארם֙אֲרָםארם'a.RamAramH0758IHNpl
דַּמֶּ֔שֶׂקדמ֔שקדַּמֶּשֶׂקדמשקda.Me.sekDamascusH1834HNpl
וְ/רֹ֥אשׁו/ר֥אשוְ/רֹאשׁו/ראשve./Roshand/ [is] [the] head ofH9002H7218HHC+Ncmsc
דַּמֶּ֖שֶׂקדמ֖שקדַּמֶּשֶׂקדמשקda.Me.sekDamascusH1834HNpl
רְצִ֑יןרצ֑יןרְצִיןרציןre.TzinRezinH7526GHNpm
וּ/בְ/ע֗וֹדו/ב/ע֗ודוּ/בְ/עוֹדו/ב/עודu./ve./'odand/ in/ yetH9002H9003H5750HC+R+Acmsa
שִׁשִּׁ֤יםשש֤יםשִׁשִּׁיםששיםshi.ShimsixtyH8346HAcmpa
וְ/חָמֵשׁ֙ו/חמש֙וְ/חָמֵשׁו/חמשve./cha.Meshand/ fiveH9002H2568HC+Acbsa
שָׁנָ֔השנ֔השָׁנָהשנהsha.Nahyear[s]H8141HNcfsa
יֵחַ֥תיח֥תיֵחַתיחתye.Chatit will be shatteredH2865HVNi3ms
אֶפְרַ֖יִםאפר֖יםאֶפְרַיִםאפרים'ef.Ra.yimEphraimH0669GHNpm
מֵ/עָֽם\׃מ/עם\מֵ/עָֽם\׃מ/עם\me./'Amfrom/ a peopleH9006H5971A\H9016HR+Ncmsa
  1. Damaskus Dat is, Damaskus zal de hoofdstad des koninkrijks van Syrië zijn.
  2. Rezin De zin is: Rezin zal hoofd of regent zijn en blijven alleen te Damaskus, maar niet te Jeruzalem, gelijk hij en zijne bondgenoten zich inbeelden; hun voornemen zal niet gelukken, elkeen zal binnen de bepaling zijns lands blijven.
  3. zal Efraïm Dat is, zij zullen geen eigen koninkrijk, noch staat, of landsregering op hun eigen hand meer hebben, zover is het vandaar, dat zij hun rijk zouden vermeerderen met den aanwas van het land van Juda of enig deel daarvan. Deze verwoesting is ten dele geschied door Salmanasser, 2Ki 17:3 , maar ten volle door Esar haddon , 2Ki 17:24 , den zoon van Sanherib, 2Ki 19:37 .

9 Ondertussen zal Samaria Efraïms hoofd zijn, en de zoon van Remalia het hoofd van Samaria. Indiën gijlieden niet gelooft, zekerlijk, gij zult niet bevestigd worden.123

Original Hebrew

וְ/רֹ֤אשׁו/ר֤אשוְ/רֹאשׁו/ראשve./Roshand/ [is] [the] head ofH9002H7218HHC+Ncmsc
אֶפְרַ֙יִם֙אפר֙ים֙אֶפְרַיִםאפרים'ef.Ra.yimEphraimH0669GHNpm
שֹׁמְר֔וֹןשמר֔וןשֹׁמְרוֹןשמרוןsho.me.RonSamariaH8111HNpl
וְ/רֹ֥אשׁו/ר֥אשוְ/רֹאשׁו/ראשve./Roshand/ [is] [the] head ofH9002H7218HHC+Ncmsc
שֹׁמְר֖וֹןשמר֖וןשֹׁמְרוֹןשמרוןsho.me.RonSamariaH8111HNpl
בֶּן\־בן\בֶּן\־בן\ben-[the] son ofH1121A\H9014HNcmsc
רְמַלְיָ֑הוּרמלי֑הורְמַלְיָהוּרמליהוre.mal.Ya.huRemaliahH7425HNpm
אִ֚םא֚םאִםאם'imifH0518AHTc
לֹ֣אל֣אלֹאלאlo'notH3808HTn
תַאֲמִ֔ינוּתאמ֔ינותַאֲמִינוּתאמינוta.'a.Mi.nuyou will believeH0539HVhi2mp
כִּ֖יכ֖יכִּיכיkiforH3588AHTc
לֹ֥אל֥אלֹאלאlo'notH3808HTn
תֵאָמֵֽנוּ\׃\ \סתאמנו\\ \סתֵאָמֵֽנוּ\׃\ \סתאמנו\\ \סte.'a.Me.nuyou will be establishedH0539\H9016\ \H9018HVNi2mp
  1. zal Samaria Dat is, Samaria zal de hoofdstad zijn van Efraïm, dat is van het koninkrijk der tien stammen, en die daarin het opperste gebied heeft, is Pekah de zoon van Remalia.
  2. het hoofd van Samaria Dat is, koning of regent.
  3. Indien gijlieden De zin is: Indien gijlieden de belofte Gods, die ik u verkondigd heb, te weten dat deze twee koningen u niet zullen overweldigen, niet gelooft, zo zult gij niet bevestigd worden, of gij kunt gene verzekering hebben tegen de grote vrees, die gij hebt vanwege uwe vijanden, maar gij zult altijd ongerust van harte zijn. Anders: indien gijlieden [dit] niet gelooft, dat geschiedt [daarom] omdat gij niet vast zijt; te weten in het geloof. Anders: gelooft gijlieden [dit] niet, omdat gij niet verzekerd noch in uw geloof versterkt wordt; te weten door een teken of mirakel?

10 En de Heere voer voort te spreken tot Achaz, zeggende:12

Original Hebrew

וַ/יּ֣וֹסֶףו/י֣וסףוַ/יּוֹסֶףו/יוסףva/i.Yo.sefand/ he repeatedH9001H3254GHc+Vhw3ms
יְהוָ֔היהו֔היְהוָהיהוהYah.wehYahwehH3068GHNpt
דַּבֵּ֥רדב֥רדַּבֵּרדברda.Berto speakH1696GHVpcc
אֶל\־אל\אֶל\־אל\'el-toH0413\H9014HR
אָחָ֖זאח֖זאָחָזאחז'a.ChazAhazH0271GHNpm
לֵ/אמֹֽר\׃ל/אמר\לֵ/אמֹֽר\׃ל/אמר\le./Mor<to>/ sayingH9005H0559\H9016HR+Vqcc
  1. En de HEERE Anders, daarom.
  2. te spreken Te weten door mij, zijn profeet, omdat hij zag dat Achaz deze belofte geen geloof gaf, noch ook zijn volk, hetwelk genoegzaam bleek aan hun sidderen en beven.

11 Eis u een teken van den Heere, uw God; eis beneden in de diepte, of eis boven uit de hoogte.123

Original Hebrew

שְׁאַל\־שאל\שְׁאַל\־שאל\she.'al-askH7592\H9014HVqv2ms
לְ/ךָ֣ל/ך֣לְ/ךָל/ךle./Khafor/ yourselfH9005H9031HR+Sp2ms
א֔וֹתא֔ותאוֹתאות'ota signH0226GHNcfsa
מֵ/עִ֖םמ/ע֖םמֵ/עִםמ/עםme./'Imfrom/ withH9006H5973BHR+R
יְהוָ֣היהו֣היְהוָהיהוהYah.wehYahwehH3068GHNpt
אֱלֹהֶ֑י/ךָאלה֑י/ךאֱלֹהֶי/ךָאלהי/ך'e.lo.Hei./khaGod/ yourH0430GH9021HNcmpc+Sp2ms
הַעְמֵ֣קהעמ֣קהַעְמֵקהעמקha'.Mekmake deepH6009HVhaa
שְׁאָ֔לָהשא֔להשְׁאָלָהשאלהshe.'A.lah[as] SheolH7585HNcbsa
א֖וֹא֖ואוֹאו'oorH0176AHC
הַגְבֵּ֥הַּהגב֥ההַגְבֵּהַּהגבהhag.Be.ahmake highH1361HVhaa
לְ/מָֽעְלָ/ה\׃ל/מעל/ה\לְ/מָֽעְלָ/ה\׃ל/מעל/ה\le./Ma.'e.la/h<to>/ upwards/ <towards>H9005H4605H9011\H9016HR+Acbsa+Sd
  1. u Dat is, tot uw best, namelijk tot versterking van uw geloof in hetgeen u straks beloofd is.
  2. een teken Waaruit gij kunt vernemen dat God een profeet tot u gezonden heeft, die de waarheid spreekt.
  3. eis beneden Dat is, bid dat God u een wonderteken geve, òf op de aarde, òf aan den hemel. Hebreeuws, maak den eis diep, of maak [hem] hoog naar boven.

12 Doch Achaz zeide: Ik zal het niet eisen, en ik zal den Heere niet verzoeken.12

Original Hebrew

וַ/יֹּ֖אמֶרו/י֖אמרוַ/יֹּאמֶרו/יאמרva/i.Yo.merand/ he saidH9001H0559Hc+Vqw3ms
אָחָ֑זאח֑זאָחָזאחז'a.ChazAhazH0271GHNpm
לֹא\־לא\לֹא\־לא\lo'-notH3808\H9014HTn
אֶשְׁאַ֥לאשא֥לאֶשְׁאַלאשאל'esh.'AlI will askH7592HVqi1cs
וְ/לֹֽא\־ו/לא\וְ/לֹֽא\־ו/לא\ve./lo'-and/ notH9002H3808\H9014HC+Tn
אֲנַסֶּ֖האנס֖האֲנַסֶּהאנסה'a.na.SehI will put to [the] testH5254GHVpi1cs
אֶת\־את\אֶת\־את\'et-<obj.>H0853\H9014HTo
יְהוָֽה\׃יהוה\יְהוָֽה\׃יהוה\Yah.wehYahwehH3068G\H9016HNpt
  1. Ik zal het niet Te weten een teken van den Heere.
  2. ik zal den HEERE Dit spreekt Achaz op huichelachtige wijze, als een huichelaar, kwanswijs ik wil niets doen tegen Gods gebod, Deu 6:16 , opdat ik God niet vertoorne. God verbiedt dat men uit ongeloof of met een kwaad voornemen een teken van Hem verzoeken zal; maar Hij verbiedt niet dat men uit gehoorzaamheid en naar Gods bijzonder bevel, tot versterking van het geloof een teken begere. Zie de aantekening Deu 6:16 .

13 Toen zeide hij: Hoort gijlieden nu, gij, huis van David! is het ulieden te weinig, dat gij de mensen moede maakt, dat gij ook mijn God moede maakt?123

Original Hebrew

וַ/יֹּ֕אמֶרו/י֕אמרוַ/יֹּאמֶרו/יאמרva/i.Yo.merand/ he saidH9001H0559Hc+Vqw3ms
שִׁמְעוּ\־שמעו\שִׁמְעוּ\־שמעו\shim.'u-hearH8085G\H9014HVqv2mp
נָ֖אנ֖אנָאנאna'pleaseH4994HTj
בֵּ֣יתב֣יתבֵּיתביתbeitO house ofH1004MHNcmsc
דָּוִ֑דדו֑דדָּוִדדודda.VidDavidH1732HNpm
הַ/מְעַ֤טה/מע֤טהַ/מְעַטה/מעטha/m.'At¿/ [too] littleH9008H4592HTi+Ncmsa
מִ/כֶּם֙מ/כם֙מִ/כֶּםמ/כםmi./Kemfor/ youH9006H9036HR+Sp2mp
הַלְא֣וֹתהלא֣ותהַלְאוֹתהלאותhal.'ot[is] to make wearyH3811HVhcc
אֲנָשִׁ֔יםאנש֔יםאֲנָשִׁיםאנשים'a.na.ShimpeopleH0582HNcmpa
כִּ֥יכ֥יכִּיכיkithatH3588AHTc
תַלְא֖וּתלא֖ותַלְאוּתלאוtal.'Uyou will make wearyH3811HVhi2mp
גַּ֥םג֥םגַּםגםgamalsoH1571HD
אֶת\־את\אֶת\־את\'et-<obj.>H0853\H9014HTo
אֱלֹהָֽ/י\׃אלה/י\אֱלֹהָֽ/י\׃אלה/י\'e.lo.Ha/iGod/ myH0430GH9020\H9016HNcmpc+Sp1bs
  1. hij Te weten de profeet Jesaja.
  2. gij, huis van David Te weten gijlieden, die ontaard zijt, niet volgende de godzalige voetstappen van David. Hieruit is af te nemen dat de naasten bij den koning Achaz zowel ongelovigen waren, en het teken zowel verwierpen als hijzelf.
  3. is het ulieden De zin is: Totnogtoe hebt gij mij en andere profeten des Heeren klein geacht, ja veracht, onze vermaningen niet gelovende noch aannemende; maar nu zijt gij God den Heere zelfs lastig of moeilijk, dewijl gij de genade, die Hij u aanbiedt, veracht.

14 Daarom zal de Heere Zelf ulieden een teken geven; ziet, een maagd zal zwanger worden, en zij zal een Zoon baren, en Zijn naam IMMANUEL heten.12345

Original Hebrew

לָ֠/כֵןל֠/כןלָ/כֵןל/כןLa./khen<to>/ thereforeH9005H3651CHR+D
יִתֵּ֨ןית֨ןיִתֵּןיתןyi.Tenhe will giveH5414GHVqi3ms
אֲדֹנָ֥יאדנ֥יאֲדֹנָיאדני'a.do.Nai[the] LordH0136HNpt
ה֛וּאה֛ואהוּאהואhu'heH1931HPp3ms
לָ/כֶ֖םל/כ֖םלָ/כֶםל/כםla./Khemto/ youH9005H9036HR+Sp2mp
א֑וֹתא֑ותאוֹתאות'ota signH0226GHNcfsa
הִנֵּ֣ההנ֣ההִנֵּההנהhi.Nehthere!H2009HTj
הָ/עַלְמָ֗הה/עלמ֗ההָ/עַלְמָהה/עלמהha./'al.Mahthe/ young womanH9009H5959HTd+Ncfsa
הָרָה֙הרה֙הָרָההרהha.Rah[will be] pregnantH2030AHAafsa
וְ/יֹלֶ֣דֶתו/יל֣דתוְ/יֹלֶדֶתו/ילדתve./yo.Le.detand/ [will] bearH9002H3205HC+Vqrfsa
בֵּ֔ןב֔ןבֵּןבןBena sonH1121AHNcmsa
וְ/קָרָ֥אתו/קר֥אתוְ/קָרָאתו/קראתve./ka.Ratand/ she will callH9001H7121HHc+Vqq3fs
שְׁמ֖/וֹשמ֖/ושְׁמ/וֹשמ/וshe.M/oname/ hisH8034H9023HNcmsc+Sp3ms
עִמָּ֥נוּעמ֥נועִמָּנוּעמנו'i.Ma.nuImmanu-H6005HNpm
אֵֽל\׃אל\אֵֽל\׃אל\'El-elH6005\H9016HNpm
  1. Daarom Te weten dewijl gijlieden het aangeboden teken versmaadt en evenwel de gelovige versterking in het geloof van node hebt; zo zal God een wonderlijk teken geven.
  2. Ziet, Dit wordt vermaant tot naarstige opmerking van hetgeen er gezegd zal worden, en dit is de zin: God zal zekerlijk de belofte van het zenden van zijnen Zoon, die in de volheid des tijds, uit den stam van Juda, van ene maagd zal geboren worden, volbrengen; daarom zal Hij ook die belofte nog veel meer kunnen en willen voltrekken, die Hij doet, belangende de verlossing uit de handen en macht der vijanden; die gaat de geestelijke en eeuwige verlossing aan, deze alleen de lichamelijke en tijdelijke verlossing.
  3. een maagd Of, die maagd.
  4. Zijn naam Anders: gij [o maagd] zult zijnen naam Immanuel heten; hiermede beduidende dat Christus naar het vlees geen vader hebben zou, die hem den naam geven zou, gelijk de vaders hunnen kinderen plegen te doen; Luk 1:63 .
  5. IMMANUËL heten Dat is, God met ons, waar God en waar mens, die de mensen weder met God verzoenen, ja als verenigen zal.

15 Boter en honig zal Hij eten, totdat Hij wete te verwerpen het kwade, en te verkiezen het goede.12

Original Hebrew

חֶמְאָ֥החמא֥החֶמְאָהחמאהchem.'Ahcurd<s>H2529AHNcfsa
וּ/דְבַ֖שׁו/דב֖שוּ/דְבַשׁו/דבשu./de.Vashand/ honeyH9002H1706HC+Ncmsa
יֹאכֵ֑ליאכ֑ליֹאכֵליאכלyo.Khelhe will eatH0398HVqi3ms
לְ/דַעְתּ֛/וֹל/דעת֛/ולְ/דַעְתּ/וֹל/דעת/וle./da'.T/oto/ knowing/ hisH9005H3045H9033HR+Vqcc+Sp3ms
מָא֥וֹסמא֥וסמָאוֹסמאוסma.'osto rejectH3988AHVqaa
בָּ/רָ֖עב/ר֖עבָּ/רָעב/רעba./Ra'<in> the/ evilH9003H7451BHRd+Aamsa
וּ/בָח֥וֹרו/בח֥ורוּ/בָחוֹרו/בחורu./va.Chorand/ to chooseH9002H0977HC+Vqaa
בַּ/טּֽוֹב\׃ב/טוב\בַּ/טּֽוֹב\׃ב/טוב\ba./Tov<in> the/ goodH9003H2896B\H9016HRd+Aamsa
  1. Hij eten, Te weten, de zoon der maagd. De zin is: Hij zal opgevoed worden in zijne kinderjaren gelijk andere kinderen, opdat men zie en daaruit merke dat Hij van dezelfde natuur is, waarvan andere kinderen zijn.
  2. totdat Hij Dat is, totdat Hij kome tot de jaren van zijn verstand en des onderscheids, dat Hij het goede van het kwade wete te onderscheiden.

16 Zekerlijk, eer dit Knechtje weet te verwerpen het kwade, en te verkiezen het goede, zal dat land, waarover gij verdrietig zijt, verlaten zijn van zijn twee koningen.123456

Original Hebrew

כִּ֠יכ֠יכִּיכיkiforH3588AHTc
בְּ/טֶ֨רֶםב/ט֨רםבְּ/טֶרֶםב/טרםbe./Te.rem<in>/ beforeH9003H2962HR+Acbsa
יֵדַ֥עיד֥עיֵדַעידעye.Da'he will knowH3045HVqi3ms
הַ/נַּ֛עַרה/נ֛ערהַ/נַּעַרה/נערha./Na.'arthe/ ladH9009H5288HTd+Ncmsa
מָאֹ֥סמא֥סמָאֹסמאסma.'Osto rejectH3988AHVqaa
בָּ/רָ֖עב/ר֖עבָּ/רָעב/רעba./Ra'<in> the/ evilH9003H7451BHRd+Aamsa
וּ/בָחֹ֣רו/בח֣רוּ/בָחֹרו/בחרu./va.Chorand/ to chooseH9002H0977HC+Vqaa
בַּ/טּ֑וֹבב/ט֑ובבַּ/טּוֹבב/טובba./Tov<in> the/ goodH9003H2896BHRd+Aamsa
תֵּעָזֵ֤בתעז֤בתֵּעָזֵבתעזבte.'a.Zevit will be forsakenH5800AHVNi3fs
הָ/אֲדָמָה֙ה/אדמה֙הָ/אֲדָמָהה/אדמהha./'a.da.Mahthe/ landH9009H0127GHTd+Ncfsa
אֲשֶׁ֣ראש֣ראֲשֶׁראשר'a.SherwhichH0834AHTr
אַתָּ֣האת֣האַתָּהאתה'a.TahyouH0859AHPp2ms
קָ֔ץק֔ץקָץקץKatz[are] feeling dreadH6973HVqrmsa
מִ/פְּנֵ֖ימ/פנ֖ימִ/פְּנֵימ/פניmi./pe.Neiof/ <the face of>H9006H6440LHR+Ncmpc
שְׁנֵ֥ישנ֥ישְׁנֵישניshe.Nei[the] twoH8147HAcbdc
מְלָכֶֽי/הָ\׃מלכי/ה\מְלָכֶֽי/הָ\׃מלכי/ה\me.la.Khei./hakings/ itsH4428GH9024\H9016HNcmpc+Sp3fs
  1. eer dit Knechtje Deze woorden zijn, naar veler gevoelen, geen gevolg van de naastvoorgaande woorden, sprekende van de menschwording des Zoons Gods, maar de profeet spreekt hier weder van de verlossing, die hij Achaz beloofd heeft, aangaande de bescherming der Israëlieten tegen hunne vijanden. En door het jonge knechtje kan men hier verstaan des profeten zoontje Schear-Jaschub, hetwelk hij op bevel van God met zich genomen had, vs.3; of enig ander kind, alrede geboren, of korts geboren te worden; want op Christus kunnen deze woorden niet zo wel passen; de profeet hier sprekende van een korten tijd, in welken die beide koningen zouden omkomen, daar Christus eerst vele jaren hierna geboren en in deze wereld verschenen is. Sommigen nochtans duiden dit vs. ook op den Heere Christus, in zulken zin, dat deze profetie in zo korten tijd zou vervuld worden, als er zou wezen tussen de geboorte van Christus en de jaren zijns onderscheids.
  2. zal De zin is: Die twee koningen zullen niet alleen het land van Juda niet innemen, maar zij zullen binnen kort zelf omkomen.
  3. dat land, Te weten het land van Israël en van Syrië, vanwaar den koning Achaz alle ellende en verderf was overkomende.
  4. waarover Of, daar gij een afkeer van hebt. Om de reden straks verhaald.
  5. gij verdrietig zijt, O koning Achaz.
  6. van zijn twee koningen Hebreeuws, van het aangezicht zijner twee koningen; te weten Pekah en Rezin. Deze beide koningen zijn kort na deze profetie, gelijk sommigen rekenen, met een geweldigen dood omgekomen, gelijk te zien is 2Ki 15:30 , en 2Ki 16:9 ; eer Achaz vier volle jaren was koning geweest.

17 Doch de Heere zal over u, en over uw volk, en over uws vaders huis, dagen doen komen, hoedanige niet gekomen zijn van dien dag af, dat Efraïm van Juda is afgeweken, door den koning van Assyrië.123

Original Hebrew

יָבִ֨יאיב֨יאיָבִיאיביאya.Vi'he will bringH0935PHVhi3ms
יְהוָ֜היהו֜היְהוָהיהוהYah.wehYahwehH3068GHNpt
עָלֶ֗י/ךָעל֗י/ךעָלֶי/ךָעלי/ך'a.Lei./khaon/ youH5921AH9031HR+Sp2ms
וְ/עַֽל\־ו/על\וְ/עַֽל\־ו/על\ve./'al-and/ onH9002H5921A\H9014HC+R
עַמְּ/ךָ֮עמ/ך֮עַמְּ/ךָעמ/ך'a.me./Khapeople/ yourH5971AH9021HNcmsc+Sp2ms
וְ/עַל\־ו/על\וְ/עַל\־ו/על\ve./'al-and/ onH9002H5921A\H9014HC+R
בֵּ֣יתב֣יתבֵּיתביתbeit[the] house ofH1004MHNcmsc
אָבִי/ךָ֒אבי/ך֒אָבִי/ךָאבי/ך'a.vi./Khafather/ yourH0001GH9021HNcmsc+Sp2ms
יָמִים֙ימים֙יָמִיםימיםya.MimdaysH3117GHNcmpa
אֲשֶׁ֣ראש֣ראֲשֶׁראשר'a.SherwhichH0834AHTr
לֹא\־לא\לֹא\־לא\lo'-notH3808\H9014HTn
בָ֔אוּב֔אובָאוּבאוVa.'uthey have comeH0935GHVqp3cp
לְ/מִ/יּ֥וֹםל/מ/י֥וםלְ/מִ/יּוֹםל/מ/יוםle./mi./Yom<to>/ from/ [the] dayH9005H9006H3117GHR+R+Ncmsa
סוּר\־סור\סוּר\־סור\sur-departedH5493H\H9014HVqcc
אֶפְרַ֖יִםאפר֖יםאֶפְרַיִםאפרים'ef.Ra.yimEphraimH0669GHNpm
מֵ/עַ֣למ/ע֣למֵ/עַלמ/עלme./'Alfrom/ withH9006H5921AHR+R
יְהוּדָ֑היהוד֑היְהוּדָהיהודהye.hu.DahJudahH3063GHNpl
אֵ֖תא֖תאֵתאת'et<obj.>H0853HTo
מֶ֥לֶךְמ֥לךמֶלֶךְמלךMe.lekh[the] king ofH4428GHNcmsc
אַשּֽׁוּר\׃\ \פאשור\\ \פאַשּֽׁוּר\׃\ \פאשור\\ \פ'a.ShurAssyriaH0804G\H9016\ \H9017HNpl
  1. hoedanige Te weten, zware, bedroefde, jammerlijke dagen.
  2. dat Efraïm Dat is, van dien tijd af, dat de tien stammen gescheurd zijn van den stam van Juda, ten tijde van Rehabeam en Jerobeam, waarvan te lezen is 1Ki 12 ; en hier wordt Efraïm alleen genoemd, maar de tien stammen Israëls gemeend, niet alleen omdat Efraïm geweest is de voornaamste der tien stammen, maar ook daarom, omdat die scheuring uit den stam van Efraïm eerst haar oorsprong genomen heeft, en omdat Jerobeam uit dien stam afkomstig was, die de eerste koning over Efraïm en de andere negen stammen geweest is, 1Ki 12 .
  3. door Te weten, zal de Heere zulks doen. De Joden verlieten zich zeer op de koningen van Assyrië, en bij name Achaz, gelijk te zien is 2Ki 16:7 . Maar hier dreigt hen God dat Hij hen allermeest door den koning van Assyrië zou laten straffen en verderven, namelijk [zo enigen menen] door Nebukadnezar, die toen ook Assyrië onder zijne heerschappij gebracht had. Zie onder vs.20. Doch enigen verstaan hier Tiglath Pilneser, waarvan te lezen is 2Ch 28:20 ; anderen Sanhebrib, waarvan gesproken wordt 2Ki 18:13 , enz.

18 Want het zal te dien dage geschieden, dat de Heere zal toesissen de vliegen, die aan het einde der rivieren van Egypte zijn, en de bijen die in het land van Assur zijn.123

Original Hebrew

וְ/הָיָ֣ה\׀ו/הי֣ה\וְ/הָיָה\׀ו/היה\ve./ha.Yahand/ it will beH9001H1961\H9015Hc+Vqq3ms
בַּ/יּ֣וֹםב/י֣וםבַּ/יּוֹםב/יוםba/i.Yomin the/ dayH9003H3117GHRd+Ncmsa
הַ/ה֗וּאה/ה֗ואהַ/הוּאה/הואha./Hu'<the>/ thatH9009H1931HTd+Pp3ms
יִשְׁרֹ֤קישר֤קיִשְׁרֹקישרקyish.Rokhe will whistleH8319HVqi3ms
יְהוָה֙יהוה֙יְהוָהיהוהYah.wehYahwehH3068GHNpt
לַ/זְּב֔וּבל/זב֔ובלַ/זְּבוּבל/זבובla./ze.Vuvfor the/ flyH9005H2070HRd+Ncmsa
אֲשֶׁ֥ראש֥ראֲשֶׁראשר'a.SherwhichH0834AHTr
בִּ/קְצֵ֖הב/קצ֖הבִּ/קְצֵהב/קצהbi/k.Tzeh[is] at/ [the] end ofH9003H7097AHR+Ncmsc
יְאֹרֵ֣ייאר֣ייְאֹרֵייאריye.'o.Rei[the] canals ofH2975HHNcmpc
מִצְרָ֑יִםמצר֑יםמִצְרָיִםמצריםmitz.Ra.yimEgyptH4714GHNpl
וְ/לַ֨/דְּבוֹרָ֔הו/ל֨/דבור֔הוְ/לַ/דְּבוֹרָהו/ל/דבורהve./La./de.vo.Rahand/ for the/ beeH9002H9005H1682HC+Rd+Ncfsa
אֲשֶׁ֖ראש֖ראֲשֶׁראשר'a.SherwhichH0834AHTr
בְּ/אֶ֥רֶץב/א֥רץבְּ/אֶרֶץב/ארץbe./'E.retz[is] in/ [the] land ofH9003H0776GHR+Ncfsc
אַשּֽׁוּר\׃אשור\אַשּֽׁוּר\׃אשור\'a.ShurAssyriaH0804G\H9016HNpl
  1. te dien dage Te weten, in welken Hij besloten heeft u en uwe nakomelingen te straffen.
  2. toesissen Dat is, Hij zal hen met sissen, schuifelen, of fluiten tot zich doen komen; zie boven Isa 5:26 .
  3. Vliegen . . . bijen Aldus noemt hij de Filistijnen; Idumeën en Moren, die aan de grenzen van Egypte hunne woonplaatsen hadden. Zie de vervulling dezer profetie 2Ki 19:9 , en 2Ch 28:17 . De profeet noemt dat volk vliegen, ten aanzien van hun grote menigte; bijen, zo vanwege het steken met den angel en hun groot getal, als vanwege hunne ervarenheid in den krijg en kunst van een leger in orde te stellen. Vergelijk Deu 1:44 ; Psa 118:2 .

19 En zij zullen komen, en zij allen zullen rusten in de woeste dalen, en in de kloven der steenrotsen, en in al de doornhagen, en in alle geprezene plaatsen.123

Original Hebrew

וּ/בָ֨אוּו/ב֨אווּ/בָאוּו/באוu./Va.'uand/ they will comeH9001H0935GHc+Vqq3cp
וְ/נָח֤וּו/נח֤ווְ/נָחוּו/נחוve./na.Chuand/ they will settleH9001H5117Hc+Vqq3cp
כֻלָּ/ם֙כל/ם֙כֻלָּ/םכל/םkhu.La/mall of/ themH3605H9028HNcmsc+Sp3mp
בְּ/נַחֲלֵ֣יב/נחל֣יבְּ/נַחֲלֵיב/נחליbe./na.cha.Leiin/ [the] wadis ofH9003H5158NHR+Ncmpc
הַ/בַּתּ֔וֹתה/בת֔ותהַ/בַּתּוֹתה/בתותha./ba.Totthe/ cliffsH9009H1327HTd+Ncfpa
וּ/בִ/נְקִיקֵ֖יו/ב/נקיק֖יוּ/בִ/נְקִיקֵיו/ב/נקיקיu./vi/n.ki.Keiand/ in/ [the] clefts ofH9002H9003H5357HC+R+Ncmpc
הַ/סְּלָעִ֑יםה/סלע֑יםהַ/סְּלָעִיםה/סלעיםha./se.la.'Imthe/ rocksH9009H5553HHTd+Ncmpa
וּ/בְ/כֹל֙ו/ב/כל֙וּ/בְ/כֹלו/ב/כלu./ve./Kholand/ on/ allH9002H9003H3605HC+R+Ncmsc
הַ/נַּ֣עֲצוּצִ֔יםה/נ֣עצוצ֔יםהַ/נַּעֲצוּצִיםה/נעצוציםha./Na.'a.tzu.Tzimthe/ thornbushesH9009H5285HTd+Ncmpa
וּ/בְ/כֹ֖לו/ב/כ֖לוּ/בְ/כֹלו/ב/כלu./ve./Kholand/ in/ allH9002H9003H3605HC+R+Ncmsc
הַ/נַּהֲלֹלִֽים\׃ה/נהללים\הַ/נַּהֲלֹלִֽים\׃ה/נהללים\ha./na.ha.lo.Limthe/ watering-placesH9009H5097\H9016HTd+Ncmpa
  1. zij zullen komen, Te weten, die vliegen en die bijen.
  2. rusten Of, nederliggen. De zin is: De legers der vijanden zullen zich nederleggen in alle plaatsen van het ganse Joodse land, zo in de bekwame als in de onbekwame plaatsen, zij zijn diep, of hoog, vruchtbaar of onvruchtbaar.
  3. geprezene plaatsen Anders, lofwaardige; dat is vruchtbare.

20 Te dien dage zal de Heere door een gehuurd scheermes, hetwelk aan gene zijde der rivier is, door den koning van Assyrië, afscheren het hoofd, en het haar der voeten; ja, het zal ook den baard gans wegnemen.12345

Original Hebrew

בַּ/יּ֣וֹםב/י֣וםבַּ/יּוֹםב/יוםba/i.Yomin the/ dayH9003H3117GHRd+Ncmsa
הַ/ה֡וּאה/ה֡ואהַ/הוּאה/הואha./Hu'<the>/ thatH9009H1931HTd+Pp3ms
יְגַלַּ֣חיגל֣חיְגַלַּחיגלחye.ga.Lachhe will shaveH1548HVpi3ms
אֲדֹנָי֩אדני֩אֲדֹנָיאדני'a.do.Nai[the] LordH0136HNpt
בְּ/תַ֨עַרב/ת֨ערבְּ/תַעַרב/תערbe./Ta.'arwith/ a razorH9003H8593HR+Ncbsa
הַ/שְּׂכִירָ֜הה/שכיר֜ההַ/שְּׂכִירָהה/שכירהha./se.khi.Rah<the>/ hiredH9009H7917HTd+Aafsa
בְּ/עֶבְרֵ֤יב/עבר֤יבְּ/עֶבְרֵיב/עבריbe./'ev.Reion/ [the] other sidesH9003H5676HHR+Ncmpc
נָהָר֙נהר֙נָהָרנהרna.Har<of> [the] RiverH5104GHNcmsa
בְּ/מֶ֣לֶךְב/מ֣לךבְּ/מֶלֶךְב/מלךbe./Me.lekhwith/ [the] king ofH9003H4428GHR+Ncmsc
אַשּׁ֔וּראש֔וראַשּׁוּראשור'a.ShurAssyriaH0804GHNpl
אֶת\־את\אֶת\־את\'et-<obj.>H0853\H9014HTo
הָ/רֹ֖אשׁה/ר֖אשהָ/רֹאשׁה/ראשha./Roshthe/ headH9009H7218AHTd+Ncmsa
וְ/שַׂ֣עַרו/ש֣ערוְ/שַׂעַרו/שערve./Sa.'arand/ [the] hair ofH9002H8181HC+Ncmsc
הָ/רַגְלָ֑יִםה/רגל֑יםהָ/רַגְלָיִםה/רגליםha./rag.La.yimthe/ feetH9009H7272HTd+Ncfda
וְ/גַ֥םו/ג֥םוְ/גַםו/גםve./Gamand/ alsoH9002H1571HC+D
אֶת\־את\אֶת\־את\'et-<obj.>H0853\H9014HTo
הַ/זָּקָ֖ןה/זק֖ןהַ/זָּקָןה/זקןha./za.Kanthe/ beardH9009H2206HTd+Ncmsa
תִּסְפֶּֽה\׃\ \סתספה\\ \סתִּסְפֶּֽה\׃\ \סתספה\\ \סtis.Pehit will sweep awayH5595\H9016\ \H9018HVqi3fs
  1. een gehuurd Te weten, door den koning Achaz gehuurd, om hem te beschermen tegen de Syriërs en Israëlieten. Zie 2Ki 16:7-8 . De zin is: Gij hebt gezondigd, stellende uw vertrouwen op den koning van Assyrië, maar Ik zal u door denzelve straffen.
  2. der rivier is, Versta, de rivier Eufraat.
  3. door den koning Niet juist door denzelfden koning van Assyrië, dien Achaz gehuurd had, te weten Tiglat-Pilneser; want, of hij wel gezegd wordt Achaz benauwd te hebben, 2Ch 28:20-21 , nochtans heeft hij het Joodse volk zo grote schade niet aangedaan als hun God hier dreigt; derhalve is dit te verstaan van een anderen koning van Assyrië. Eenigen verstaan dat hier gesproken wordt van verscheidene koningen van Assyrië, die de een voor, de ander na, het Joodse volk jammerlijk geplaagd hebben, gelijk gedaan heeft Sanherib, Esar haddon , en eindelijk Nebukadnezar. Zie 2Ki 18 , 2Ki 19 , 2Ch 24 en 2Ch 25 , en 2Ch 33 . Doch die overgrote schade en ellende, waarvan hier gesproken wordt, schijnt op niemand anders, immers op niemand volkomenlijker te passen dan op Nebukadnezar, die, een machtig leger hebbende, gedaan heeft hetgeen de profeet hier dreigt. Zie 2Ki 24 , 2Ki 25 . Deze koning Nebukadnezar, koning van Babylonië, wordt hier genoemd de koning van Assyrië, omdat hij Assyrië onder zijne heerschappij gebracht had.
  4. het hoofd, Te weten het haar van het hoofd en de voeten; dat is, hij zal allen man kwalijk behandelen, niemand verschonende.
  5. den baard Door den baard wordt te verstaan gegeven het sieraad en de aanzienlijkheid onder de gemeente van het Joodse volk; zie de volvoering 2Ki 24 , 2Ki 25 .

21 En het zal geschieden te dien dage, dat iemand een koetje in het leven zal behouden hebben, en twee schapen;123

Original Hebrew

וְ/הָיָ֖הו/הי֖הוְ/הָיָהו/היהve./ha.Yahand/ it will beH9001H1961Hc+Vqq3ms
בַּ/יּ֣וֹםב/י֣וםבַּ/יּוֹםב/יוםba/i.Yomin the/ dayH9003H3117GHRd+Ncmsa
הַ/ה֑וּאה/ה֑ואהַ/הוּאה/הואha./Hu'<the>/ thatH9009H1931HTd+Pp3ms
יְחַיֶּה\־יחיה\יְחַיֶּה\־יחיה\ye.chai.yeh-he will preserve aliveH2421\H9014HVpi3ms
אִ֛ישׁא֛ישאִישׁאיש'isha personH0376GHNcmsa
עֶגְלַ֥תעגל֥תעֶגְלַתעגלת'eg.Lata heifer ofH5697AHNcfsc
בָּקָ֖רבק֖רבָּקָרבקרba.Kar[the] herdH1241HNcbsa
וּ/שְׁתֵּי\־ו/שתי\וּ/שְׁתֵּי\־ו/שתי\u./she.tei-and/ twoH9002H8147\H9014HC+Acfdc
צֹֽאן\׃צאן\צֹֽאן\׃צאן\TzonsheepH6629G\H9016HNcbsa
  1. een koetje Of, een jonge koe, of vaarskalf van een rund.
  2. in het leven Of, opgevoed zal hebben; namelijk zonder dat de vijanden hem dezelve zullen benomen of geslacht hebben.
  3. twee schapen; Of, twee geiten; hij stelt een zeker getal voor een onzeker. De zin is: Weinig melkbeesten zullen melk genoeg geven voor die weinige mensen, die daar zullen overig gebleven zijn.

22 En het zal geschieden, dat hij vanwege de veelheid der melk, die zij geven zullen, boter zal eten; ja, een ieder, die overgebleven zal zijn in het midden des lands, die zal boter en honig eten.12345

Original Hebrew

וְ/הָיָ֗הו/הי֗הוְ/הָיָהו/היהve./ha.Yahand/ it will beH9001H1961Hc+Vqq3ms
מֵ/רֹ֛במ/ר֛במֵ/רֹבמ/רבme./Rofrom/ [the] abundance ofH9006H7230HR+Ncmsc
עֲשׂ֥וֹתעש֥ותעֲשׂוֹתעשותa.Sotproducing ofH6213IHVqcc
חָלָ֖בחל֖בחָלָבחלבcha.LavmilkH2461HNcmsa
יֹאכַ֣ליאכ֣ליֹאכַליאכלyo.Khalhe will eatH0398HVqi3ms
חֶמְאָ֑החמא֑החֶמְאָהחמאהchem.'Ahcurd<s>H2529AHNcfsa
כִּֽי\־כי\כִּֽי\־כי\ki-forH3588A\H9014HTc
חֶמְאָ֤החמא֤החֶמְאָהחמאהchem.'Ahcurd<s>H2529AHNcfsa
וּ/דְבַשׁ֙ו/דבש֙וּ/דְבַשׁו/דבשu./de.Vashand/ honeyH9002H1706HC+Ncmsa
יֹאכֵ֔ליאכ֔ליֹאכֵליאכלyo.Khelhe will eatH0398HVqi3ms
כָּל\־כל\כָּל\־כל\kol-everyH3605\H9014HNcmsc
הַ/נּוֹתָ֖רה/נות֖רהַ/נּוֹתָרה/נותרha./no.Tar<the>/ [one who] remainsH9009H3498HTd+VNrmsa
בְּ/קֶ֥רֶבב/ק֥רבבְּ/קֶרֶבב/קרבbe./Ke.revin/ [the] midst ofH9003H7130GHR+Ncmsc
הָ/אָֽרֶץ\׃ה/ארץ\הָ/אָֽרֶץ\׃ה/ארץ\ha./'A.retzthe/ landH9009H0776G\H9016HTd+Ncfsa
  1. geven zullen, Hebreeuws, maken; zie boven Isa 5:10 .
  2. boter Te weten de volheid, als niemand wetende aan wien hij de melk en boter verkopen zal, het land van zijne inwoners ontbloot zijnde; of dewijl hij tehuis niet vele mede eters hebben zal, want zij zullen van de vijanden verslagen of verdreven zijn.
  3. die overgebleven Te weten na zoveel verwoestingen en moorderijen.
  4. in het midden Te weten van het Joodse land.
  5. boter en honig eten Maar van andere eetwaren zal er niet veel ten beste zijn, het gehele land onbebouwd liggende.

23 Ook zal het te dienzelfden dage geschieden, dat iedere plaats, alwaar duizend wijnstokken geweest zijn, van duizend zilverlingen, tot doornen en distelen zal zijn;123

Original Hebrew

וְ/הָיָה֙ו/היה֙וְ/הָיָהו/היהve./ha.Yahand/ it will beH9001H1961Hc+Vqq3ms
בַּ/יּ֣וֹםב/י֣וםבַּ/יּוֹםב/יוםba/i.Yomin the/ dayH9003H3117GHRd+Ncmsa
הַ/ה֔וּאה/ה֔ואהַ/הוּאה/הואha./Hu'<the>/ thatH9009H1931HTd+Pp3ms
יִֽהְיֶ֣היהי֣היִֽהְיֶהיהיהyih.Yehit will beH1961HVqi3ms
כָל\־כל\כָל\־כל\khol-everyH3605\H9014HNcmsc
מָק֗וֹםמק֗וםמָקוֹםמקוםma.KomplaceH4725HNcmsa
אֲשֶׁ֧ראש֧ראֲשֶׁראשר'a.SherwhereH0834AHTr
יִֽהְיֶה\־יהיה\יִֽהְיֶה\־יהיה\yih.yeh-it wasH1961\H9014HVqi3ms
שָּׁ֛םש֛םשָּׁםשםshamthereH8033GHD
אֶ֥לֶףא֥לףאֶלֶףאלף'E.lefa thousandH0505GHAcbsc
גֶּ֖פֶןג֖פןגֶּפֶןגפןGe.fenvine[s]H1612HNcbsa
בְּ/אֶ֣לֶףב/א֣לףבְּ/אֶלֶףב/אלףbe./'E.leffor/ a thousandH9003H0505GHR+Acbsc
כָּ֑סֶףכ֑סףכָּסֶףכסףKa.sefsilverH3701GHNcmsa
לַ/שָּׁמִ֥ירל/שמ֥ירלַ/שָּׁמִירל/שמירla./sha.Mir<into> the/ thorn[s]H9005H8068HRd+Ncmsa
וְ/לַ/שַּׁ֖יִתו/ל/ש֖יתוְ/לַ/שַּׁיִתו/ל/שיתve./la./Sha.yitand/ <into> the>/ bush[es]H9002H9005H7898HC+Rd+Ncmsa
יִֽהְיֶֽה\׃יהיה\יִֽהְיֶֽה\׃יהיה\Yih.Yehit will becomeH1961\H9016HVqi3ms
  1. iedere plaats, De zin is: Het ganse land, zelfs de allervruchtbaarste plaatsen en die allerbest plachten gebouwd te worden, zullen woest liggen.
  2. duizend wijnstokken Dat is, vele. Hebreeuws, duizend wijnstok; gelijk wij zeggen; duizend man.
  3. van duizend zilverlingen, Van duizend zilverlingen; dat is, waard duizend zilverlingen.

24 Dat men met pijlen en met den boog aldaar zal moeten gaan; want het ganse land zal doornen en distelen zijn.12

Original Hebrew

בַּ/חִצִּ֥יםב/חצ֥יםבַּ/חִצִּיםב/חציםba./chi.Tzimwith <the>/ arrowsH9003H2671HRd+Ncmpa
וּ/בַ/קֶּ֖שֶׁתו/ב/ק֖שתוּ/בַ/קֶּשֶׁתו/ב/קשתu./va./Ke.shetand/ with <the>/ bowH9002H9003H7198HC+Rd+Ncfsa
יָ֣בוֹאי֣בואיָבוֹאיבואYa.Vo'anyone will goH0935GHVqi3ms
שָׁ֑מָּ/הש֑מ/השָׁמָּ/השמ/הSha.ma/hthere/ <towards>H8033GH9011HD+Sd
כִּי\־כי\כִּי\־כי\ki-forH3588A\H9014HTc
שָׁמִ֥ירשמ֥ירשָׁמִירשמירsha.Mirthorn[s]H8068HNcmsa
וָ/שַׁ֖יִתו/ש֖יתוָ/שַׁיִתו/שיתva./Sha.yitand/ bush[es]H9002H7898HC+Ncmsa
תִּֽהְיֶ֥התהי֥התִּֽהְיֶהתהיהtih.Yehit will beH1961HVqi3fs
כָל\־כל\כָל\־כל\khol-allH3605\H9014HNcmsc
הָ/אָֽרֶץ\׃ה/ארץ\הָ/אָֽרֶץ\׃ה/ארץ\ha./'A.retzthe/ landH9009H0776G\H9016HTd+Ncfsa
  1. zal moeten gaan; Te weten om zich te verweren tegen de wilde dieren, die zich bij menigten in de distelen en doornen zullen ophouden, nadat het land verwoest en ledig, onbewoond en onbebouwd zal liggen. Dit is het, dat God den overtreders zijner wet dreigt; Lev 26:22 .
  2. het ganse land En dienvolgens zal er niet veel ten beste zijn aan koren en andere eetwaren.

25 Ook al de bergen, die men met houwelen pleegt om te hakken, daar zal men niet komen uit vrees der doornen en der distelen; maar die zullen wezen tot inzending van den os, en tot vertreding van het kleinvee.1234

Original Hebrew

וְ/כֹ֣לו/כ֣לוְ/כֹלו/כלve./Kholand/ allH9002H3605HC+Ncmsc
הֶ/הָרִ֗יםה/הר֗יםהֶ/הָרִיםה/הריםhe./ha.Rimthe/ hillsH9009H2022GHTd+Ncmpa
אֲשֶׁ֤ראש֤ראֲשֶׁראשר'a.SherwhichH0834AHTr
בַּ/מַּעְדֵּר֙ב/מעדר֙בַּ/מַּעְדֵּרב/מעדרba./ma'.Derwith the/ hoeH9003H4576HRd+Ncmsa
יֵעָ֣דֵר֔וּ/ןיע֣דר֔ו/ןיֵעָדֵרוּ/ןיעדרו/ןye.'A.de.Ru/nthey were hoed/ !H5737BH9013HVNi3mp+Sn
לֹֽא\־לא\לֹֽא\־לא\lo'-notH3808\H9014HTn
תָב֣וֹאתב֣ואתָבוֹאתבואta.Vo'you will goH0935GHVqi2ms
שָׁ֔מָּ/הש֔מ/השָׁמָּ/השמ/הSha.ma/hthere/ <towards>H8033GH9011HD+Sd
יִרְאַ֖תירא֖תיִרְאַתיראתyir.'Atfear ofH3374HNcfsc
שָׁמִ֣ירשמ֣ירשָׁמִירשמירsha.Mirthorn[s]H8068HNcmsa
וָ/שָׁ֑יִתו/ש֑יתוָ/שָׁיִתו/שיתva./Sha.yitand/ bush[es]H9002H7898HC+Ncmsa
וְ/הָיָה֙ו/היה֙וְ/הָיָהו/היהve./ha.Yahand/ it will becomeH9001H1961Hc+Vqq3ms
לְ/מִשְׁלַ֣חל/משל֣חלְ/מִשְׁלַחל/משלחle./mish.Lach<into>/ pastureland ofH9005H4916AHR+Ncmsc
שׁ֔וֹרש֔ורשׁוֹרשורShorox[en]H7794HNcmsa
וּ/לְ/מִרְמַ֖סו/ל/מרמ֖סוּ/לְ/מִרְמַסו/ל/מרמסu./le./mir.Masand/ <into>/ a trampling place ofH9002H9005H4823HC+R+Ncmsc
שֶֽׂה\׃\ \פשה\\ \פשֶֽׂה\׃\ \פשה\\ \פSehsheepH7716\H9016\ \H9017HNcbsa
  1. al de bergen, Te weten wijnbergen en andere vruchtbare plaatsen, die men pleegt te bezaaien, of te beplanten en te bepoten.
  2. pleegt Te weten om daarna met wijnstokken te beplanten.
  3. die zullen wezen Te weten bergen en landerijen, die goede en vele vruchten plachten te dragen.
  4. tot inzending Dat is, dat men de ossen of klein vee, hetzij schapen of geiten, inschikke. Zie Exo 22:5 . Anders aldus: Aangaande al de bergen, die met houwelen zullen omgehakt worden, daar zal de vrees der doornen en distelen niet komen, maar, enz. In dezen zin, dat de mensen zich nergens zullen kunnen bergen dan op hoge bergen, waar zij nog plaats zullen bereiden om enig vee daarin te zenden.