Chapter 1
1 In de achtste maand, in het tweede jaar van Darius, geschiedde het woord des Heeren tot Zacharia, den zoon van Berechja, den zoon van Iddo, den profeet, zeggende:1234
בַּ/חֹ֙דֶשׁ֙ב/ח֙דש֙בַּ/חֹדֶשׁב/חדשba./Cho.deshin the/ monthH9003H2320GHRd+Ncmsa הַ/שְּׁמִינִ֔יה/שמינ֔יהַ/שְּׁמִינִיה/שמיניha./she.mi.Ni<the>/ eighthH9009H8066HTd+Aomsa בִּ/שְׁנַ֥תב/שנ֥תבִּ/שְׁנַתב/שנתbi/sh.Natin/ yearH9003H8141HR+Ncfsc שְׁתַּ֖יִםשת֖יםשְׁתַּיִםשתיםshe.Ta.yimtwoH8147HNcfda לְ/דָרְיָ֑וֶשׁל/דרי֑ושלְ/דָרְיָוֶשׁל/דריושle./da.re.Ya.veshof/ DariusH9005H1867HHR+Npm הָיָ֣ההי֣ההָיָההיהha.Yahit cameH1961HVqp3ms דְבַר\־דבר\דְבַר\־דבר\de.var-[the] word ofH1697G\H9014HNcmsc יְהוָ֗היהו֗היְהוָהיהוהYah.wehYahwehH3068GHNpt זְכַרְיָה֙זכריה֙זְכַרְיָהזכריהze.khar.YahZechariahH2148vHNpm בֶּ֣רֶכְיָ֔הב֣רכי֔הבֶּרֶכְיָהברכיהbe.rekh.YahBerekiahH1296LHNpm עִדּ֥וֹעד֥ועִדּוֹעדוi.DoIddoH5714JHNpm הַ/נָּבִ֖יאה/נב֖יאהַ/נָּבִיאה/נביאha./na.Vi'the/ prophetH9009H5030HTd+Ncmsa - de achtste maand, Dit was twee maanden nadat Haggaï begonnen was te prediken; Hag 1:1 .
- Daríus, Van den koning van Perzië ie Ezr 4:24 .
- Beréchja, Alzo wordt hij in het Hebr. genoemd, doch bij de Grieken Barachias. Sommigen menen dat deze dezelfde is, van wien gesproken wordt Mat 23:35 . Anderen houden hen voor verscheiden; verg. 2Ch 24:21 , met de aantekening aldaar. Zie breder van de personen in dit vers genoemd Ezr 5:1 .
- den profeet, Of, van den profeet.
2 De Heere is zeer vertoornd geweest tegen uw vaderen.1
קָצַ֧ףקצ֧ףקָצַףקצףka.Tzafhe was angryH7107HVqp3ms יְהוָ֛היהו֛היְהוָהיהוהYah.wehYahwehH3068GHNpt אֲבֽוֹתֵי/כֶ֖םאבותי/כ֖םאֲבֽוֹתֵי/כֶםאבותי/כם'a.vo.tei./Khemancestors/ yourH0001GH9026HNcfpc+Sp2mp - zeer vertoornd geweest Hebr. met toorn, vertoornd.
3 Daarom zeg tot hen: Alzo zegt de Heere der heirscharen: Keert weder tot Mij, spreekt de Heere der heirscharen, zo zal Ik weder tot ulieden keren, zegt de Heere der heirscharen.1
וְ/אָמַרְתָּ֣ו/אמרת֣וְ/אָמַרְתָּו/אמרתve./'a.mar.Taand/ you will sayH9001H0559Hc+Vqq2ms אֲלֵ/הֶ֗םאל/ה֗םאֲלֵ/הֶםאל/הם'a.le./Hemto/ themH0413H9038HR+Sp3mp כֹּ֤הכ֤הכֹּהכהkohthusH3541HD אָמַר֙אמר֙אָמַראמר'a.Marhe saysH0559HVqp3ms יְהוָ֣היהו֣היְהוָהיהוהYah.wehYahwehH3068GHNpt צְבָא֔וֹתצבא֔ותצְבָאוֹתצבאותtze.va.'otof hostsH6635BHNcfpa שׁ֣וּבוּש֣ובושׁוּבוּשובוShu.vureturnH7725GHVqv2mp אֵלַ֔/יאל֔/יאֵלַ/יאל/י'e.La/ito/ meH0413H9030HR+Sp1bs נְאֻ֖םנא֖םנְאֻםנאםne.'Um[the] utterance ofH5002HNcmsc יְהוָ֣היהו֣היְהוָהיהוהYah.wehYahwehH3068GHNpt צְבָא֑וֹתצבא֑ותצְבָאוֹתצבאותtze.va.'otof hostsH6635BHNcfpa וְ/אָשׁ֣וּבו/אש֣ובוְ/אָשׁוּבו/אשובve./'a.Shuvso/ I may returnH9002H7725GHC+Vqu1cs אֲלֵי/כֶ֔םאלי/כ֔םאֲלֵי/כֶםאלי/כם'a.lei./Khemto/ youH0413H9036HR+Sp2mp אָמַ֖ראמ֖ראָמַראמר'a.Marhe saysH0559HVqp3ms יְהוָ֥היהו֥היְהוָהיהוהYah.wehYahwehH3068GHNpt צְבָאֽוֹת\׃צבאות\צְבָאֽוֹת\׃צבאות\tze.va.'otof hostsH6635B\H9016HNcfpa - Keert weder tot Mij, God keert zich tot ons als Hij ons doet gevoelen de vrucht onzer gebeden. Wij keren ons tot den Heere als wij in waar geloof en met hartelijk berouw onzer zonden zijne genade verzoeken; doch dit hebben wij van onszelven niet, maar God de Heere moet het ons geven, gelijk er staat Jer 31:18 . Heere, bekeer mij, zo zal ik bekeerd zijn.
4 Weest niet als uw vaderen, tot dewelke de vorige profeten riepen, zeggende: Alzo zegt de Heere der heirscharen: Bekeert u toch van uw boze wegen, en uw boze handelingen; maar zij hoorden niet, en zij luisterden niet naar Mij, spreekt de Heere.123
תִּהְי֣וּתהי֣ותִּהְיוּתהיוtih.Yuyou beH1961HVqj2mp כַ/אֲבֹֽתֵי/כֶ֡םכ/אבתי/כ֡םכַ/אֲבֹֽתֵי/כֶםכ/אבתי/כםkha./'a.vo.tei./Khemlike/ ancestors/ yourH9004H0001GH9026HR+Ncfpc+Sp2mp אֲשֶׁ֣ראש֣ראֲשֶׁראשר'a.SherwhomH0834AHTr קָרְאֽוּ\־קראו\קָרְאֽוּ\־קראו\ka.re.'u-they proclaimedH7121I\H9014HVqp3cp אֲלֵי/הֶם֩אלי/הם֩אֲלֵי/הֶםאלי/הם'a.lei./Hemto/ themH0413H9038HR+Sp3mp הַ/נְּבִיאִ֨יםה/נביא֨יםהַ/נְּבִיאִיםה/נביאיםha./ne.vi.'Imthe/ prophetsH9009H5030HTd+Ncmpa הָ/רִֽאשֹׁנִ֜יםה/ראשנ֜יםהָ/רִֽאשֹׁנִיםה/ראשניםha./ri.sho.Nim<the>/ formerH9009H7223HHTd+Aompa לֵ/אמֹ֗רל/אמ֗רלֵ/אמֹרל/אמרle./Mor<to>/ sayingH9005H0559HR+Vqcc כֹּ֤הכ֤הכֹּהכהkohthusH3541HD אָמַר֙אמר֙אָמַראמר'a.Marhe saysH0559HVqp3ms יְהוָ֣היהו֣היְהוָהיהוהYah.wehYahwehH3068GHNpt צְבָא֔וֹתצבא֔ותצְבָאוֹתצבאותtze.va.'otof hostsH6635BHNcfpa שׁ֤וּבוּש֤ובושׁוּבוּשובוShu.vuturn backH7725GHVqv2mp נָא֙נא֙נָאנאna'pleaseH4994HTj מִ/דַּרְכֵי/כֶ֣םמ/דרכי/כ֣םמִ/דַּרְכֵי/כֶםמ/דרכי/כםmi./dar.khei./Khemfrom/ ways/ yourH9006H1870GH9026HR+Ncmpc+Sp2mp הָ/רָעִ֔יםה/רע֔יםהָ/רָעִיםה/רעיםha./ra.'Im<the>/ evilH9009H7451HHTd+Aampa וּ/מַֽעֲלְלֵי/כֶ֖םו/מעללי/כ֖םוּ/מַֽעֲלְלֵי/כֶםו/מעללי/כםu./ma.'a.li.lei./khemand/ deeds/ yourH9002H4611H9026HC+Ncmpc+Sp2mp הָֽ/רָעִ֑יםה/רע֑יםהָֽ/רָעִיםה/רעיםha./ra.'Im<the>/ evilH9009H7451HHTd+Aampa וְ/לֹ֥או/ל֥אוְ/לֹאו/לאve./Lo'and/ notH9002H3808HC+Tn שָׁמְע֛וּשמע֛ושָׁמְעוּשמעוsha.me.'Uthey listenedH8085GHVqp3cp הִקְשִׁ֥יבוּהקש֥יבוהִקְשִׁיבוּהקשיבוhik.Shi.vuthey paid attentionH7181HVhp3cp אֵלַ֖/יאל֖/יאֵלַ/יאל/י'e.La/ito/ meH0413H9030HR+Sp1bs נְאֻם\־נאם\נְאֻם\־נאם\ne.'um-[the] utterance ofH5002\H9014HNcmsc - Weest niet als uw vaderen, Te weten, in onbekeerlijkheid. Zie 2Ch 36:15-16 .
- de vorige profeten riepen, Die vóór de Babylonische gevangenschap geprofeteerd hebben.
- luisterden niet naar Mij, Zij luisterden niet naar hetgeen Ik hun door mijne profeten liet aanzeggen.
5 Uw vaderen, waar zijn die? En de profeten, zullen zij in eeuwigheid leven?123
אֲבֽוֹתֵי/כֶ֖םאבותי/כ֖םאֲבֽוֹתֵי/כֶםאבותי/כם'a.vo.tei./Khemancestors/ yourH0001GH9026HNcfpc+Sp2mp הֵ֑םה֑םהֵםהםHem[are] theyH1992HPp3mp וְ/הַ֨/נְּבִאִ֔יםו/ה֨/נבא֔יםוְ/הַ/נְּבִאִיםו/ה/נבאיםve./Ha./ne.vi.'Imand/ the/ prophetsH9002H9009H5030HC+Td+Ncmpa הַ/לְ/עוֹלָ֖םה/ל/עול֖םהַ/לְ/עוֹלָםה/ל/עולםha/l./'o.Lam¿/ to/ foreverH9008H9005H5769GHTi+R+Ncmsa יִֽחְיֽוּ\׃יחיו\יִֽחְיֽוּ\׃יחיו\Yich.Yudo they liveH2421\H9016HVqi3mp - waar zijn die? Alsof Hij zeide: Zij zijn wel niet meer voorhanden, gij behoordet u evenwel aan hen te spiegelen. Zie 1Co 10:5-6 .
- zullen zij Anders: leven zij in eeuwigheid? Dat is, al zijn die vorige profeten dood, zo blijven evenwel hunne profetieën voor altoos. Zie vs.6, en verg. 2Pe 1:15 . Anderen vertalen en verklaren die woorden aldus, als zijnde de woorden der boze mensen: maar de profeten [die hen berispt hebben] hebben die altijd geleefd? Waar zijn die nu ook? Zij zijn immers ook al gestorven.
- in eeuwigheid leven? Dat is, altijd.
6 Nochtans Mijn woorden en Mijn inzettingen, die Ik Mijn knechten, den profeten, geboden had, hebben zij uw vaders niet getroffen? zodat zij wederkerende zeiden: Gelijk als de Heere der heirscharen gedacht heeft ons te doen, naar onze wegen en naar onze handelingen, alzo heeft Hij met ons gedaan.123
דְּבָרַ֣/ידבר֣/ידְּבָרַ/ידבר/יde.va.Ra/iwords/ myH1697GH9020HNcmpc+Sp1bs וְ/חֻקַּ֗/יו/חק֗/יוְ/חֻקַּ/יו/חק/יve./chu.Ka/iand/ statutes/ myH9002H2706GH9020HC+Ncmpc+Sp1bs אֲשֶׁ֤ראש֤ראֲשֶׁראשר'a.SherwhichH0834AHTr צִוִּ֙יתִי֙צו֙יתי֙צִוִּיתִיצויתיtzi.Vi.tiI commandedH6680HVpp1cs עֲבָדַ֣/יעבד֣/יעֲבָדַ/יעבד/י'a.va.Da/iservants/ myH5650H9020HNcmpc+Sp1bs הַ/נְּבִיאִ֔יםה/נביא֔יםהַ/נְּבִיאִיםה/נביאיםha./ne.vi.'Imthe/ prophetsH9009H5030HTd+Ncmpa הֲ/ל֥וֹאה/ל֥ואהֲ/לוֹאה/לואha./Lo'¿/ notH9008H3808HTi+Tn הִשִּׂ֖יגוּהש֖יגוהִשִּׂיגוּהשיגוhi.Si.gudid they overtakeH5381HVhp3cp אֲבֹתֵי/כֶ֑םאבתי/כ֑םאֲבֹתֵי/כֶםאבתי/כם'a.vo.tei./Khemancestors/ yourH0001GH9026HNcfpc+Sp2mp וַ/יָּשׁ֣וּבוּו/יש֣ובווַ/יָּשׁוּבוּו/ישובוva/i.ya.Shu.vuand/ they repentedH9001H7725OHc+Vqw3mp וַ/יֹּאמְר֗וּו/יאמר֗ווַ/יֹּאמְרוּו/יאמרוva/i.yo.me.Ruand/ they saidH9001H0559Hc+Vqw3mp כַּ/אֲשֶׁ֨רכ/אש֨רכַּ/אֲשֶׁרכ/אשרka./'a.Sherjust/ asH9004H0834DHR+Tr זָמַ֜םזמ֜םזָמַםזמםza.Mamhe plannedH2161HVqp3ms יְהוָ֤היהו֤היְהוָהיהוהYah.wehYahwehH3068GHNpt צְבָאוֹת֙צבאות֙צְבָאוֹתצבאותtze.va.'Otof hostsH6635BHNcfpa לַ/עֲשׂ֣וֹתל/עש֣ותלַ/עֲשׂוֹתל/עשותla./'a.Sotto/ doH9005H6213AHR+Vqcc לָ֔/נוּל֔/נולָ/נוּל/נוLa./nuto/ usH9005H9035HR+Sp1bp כִּ/דְרָכֵ֙י/נוּ֙כ/דרכ֙י/נו֙כִּ/דְרָכֵי/נוּכ/דרכי/נוki/d.ra.Khei./nuaccording to/ ways/ ourH9004H1870GH9025HR+Ncbpc+Sp1bp וּ/כְ/מַ֣עֲלָלֵ֔י/נוּו/כ/מ֣עלל֔י/נווּ/כְ/מַעֲלָלֵי/נוּו/כ/מעללי/נוu./khe./Ma.'a.la.Lei./nuand/ according to/ deeds/ ourH9002H9004H4611H9025HC+R+Ncmpc+Sp1bp עָשָׂ֥העש֥העָשָׂהעשה'a.Sahhe has doneH6213AHVqp3ms - geboden had, Te weten, dat zijze het volk verkondigen zouden.
- hebben zij uw vaders niet getroffen? Dat is, zijn die straffen hun niet overkomen, waarmede Ik hen gedreigd had? Ja zij. Derhalve hadt gijlieden u aan hen behoren te spiegelen.
- Gelijk als de HEERE der heirscharen Dit hebben zij gesproken door overtuiging van hunne conscientie, als hen de Heere gestraft heeft zo met andere plagen, als inzonderheid met de Babylonische gevangenschap, waarmede Hij hen meermalen gedreigd had; verg. Psa 106:6 .
7 Op den vier en twintigsten dag, in de elfde maand ( die de maand Schebat is), in het tweede jaar van Darius, geschiedde het woord des Heeren tot Zacharia, den zoon van Berechja, den zoon van Iddo, den profeet, zeggende:12
בְּ/יוֹם֩ב/יום֩בְּ/יוֹםב/יוםbe./yOmon/ dayH9003H3117GHR+Ncmsc עֶשְׂרִ֨יםעשר֨יםעֶשְׂרִיםעשרים'es.RimtwentyH6242HNcmpa וְ/אַרְבָּעָ֜הו/ארבע֜הוְ/אַרְבָּעָהו/ארבעהve./'ar.ba.'Ahand/ fourH9002H0702HC+Ncbsa לְ/עַשְׁתֵּֽי\־ל/עשתי\לְ/עַשְׁתֵּֽי\־ל/עשתי\le./'ash.tei-of/ one [plus]H9005H6249\H9014HR+Ncbsc עָשָׂ֥רעש֥רעָשָׂרעשר'a.SartenH6240HNcbsc חֹ֙דֶשׁ֙ח֙דש֙חֹדֶשׁחדשcho.deshmonthH2320GHNcmsa חֹ֣דֶשׁח֣דשחֹדֶשׁחדשCho.desh[was] [the] month ofH2320GHNcmsc שְׁבָ֔טשב֔טשְׁבָטשבטshe.VatShebatH7627HNpt בִּ/שְׁנַ֥תב/שנ֥תבִּ/שְׁנַתב/שנתbi/sh.Natin/ yearH9003H8141HR+Ncfsc שְׁתַּ֖יִםשת֖יםשְׁתַּיִםשתיםshe.Ta.yimtwoH8147HNcfda לְ/דָרְיָ֑וֶשׁל/דרי֑ושלְ/דָרְיָוֶשׁל/דריושle./da.re.Ya.veshof/ DariusH9005H1867HHR+Npm הָיָ֣ההי֣ההָיָההיהha.Yahit cameH1961HVqp3ms דְבַר\־דבר\דְבַר\־דבר\de.var-[the] word ofH1697G\H9014HNcmsc יְהוָ֗היהו֗היְהוָהיהוהYah.wehYahwehH3068GHNpt זְכַרְיָה֙זכריה֙זְכַרְיָהזכריהze.khar.YahZechariahH2148vHNpm בֶּ֣רֶכְיָ֔הוּב֣רכי֔הובֶּרֶכְיָהוּברכיהוbe.rekh.Ya.huBerekiahH1296LHNpm עִדּ֥וֹאעד֥ואעִדּוֹאעדואi.Do'IddoH5714JHNpm הַ/נָּבִ֖יאה/נב֖יאהַ/נָּבִיאה/נביאha./na.Vi'the/ prophetH9009H5030HTd+Ncmsa - de maand Schebat is Meest overeenkomende met onzen Januari, als hebbende de maan, die op het einde van januari komt en op het begin van Februari. Zodat deze profetie omtrent drie maanden op de voorgaande gevolgt is.
- Beréchja, Hebr. Berechjahu.
8 Ik zag des nachts, en ziet, een Man rijdende op een rood paard, en Hij stond tussen de mirten, die in de diepte waren; en achter Hem waren rode, bruine en witte paarden.123456
רָאִ֣יתִי\׀רא֣יתי\רָאִיתִי\׀ראיתי\ra.'I.tiI sawH7200L\H9015HVqp1cs הַ/לַּ֗יְלָהה/ל֗ילההַ/לַּיְלָהה/לילהha./Lay.lahthe/ nightH9009H3915HTd+Ncmsa אִישׁ֙איש֙אִישׁאיש'isha manH0376GHNcmsa רֹכֵב֙רכב֙רֹכֵברכבro.Khev[was] ridingH7392HVqrmsa ס֣וּסס֣וססוּססוסsusa horseH5483MHNcmsa אָדֹ֔םאד֔םאָדֹםאדם'a.DomredH0122AHAamsa וְ/ה֣וּאו/ה֣ואוְ/הוּאו/הואve./Hu'and/ heH9002H1931HC+Pp3ms עֹמֵ֔דעמ֔דעֹמֵדעמד'o.Med[was] standingH5975GHVqrmsa בֵּ֥יןב֥יןבֵּיןביןbeinbetweenH0996GHAcmsc הַ/הֲדַסִּ֖יםה/הדס֖יםהַ/הֲדַסִּיםה/הדסיםha./ha.da.Simthe/ myrtle treesH9009H1918HTd+Ncmpa אֲשֶׁ֣ראש֣ראֲשֶׁראשר'a.SherwhichH0834AHTr בַּ/מְּצֻלָ֑הב/מצל֑הבַּ/מְּצֻלָהב/מצלהba./me.tzu.Lah[were] in the/ hollowH9003H4699HRd+Ncfsa וְ/אַחֲרָי/ו֙ו/אחרי/ו֙וְ/אַחֲרָי/וו/אחרי/וve./'a.cha.Ra/vand/ [were] behind/ himH9002H0310AH9033HC+Acmpc+Sp3ms סוּסִ֣יםסוס֣יםסוּסִיםסוסיםsu.SimhorsesH5483MHNcmpa אֲדֻמִּ֔יםאדמ֔יםאֲדֻמִּיםאדמים'a.du.MimredH0122AHAampa שְׂרֻקִּ֖יםשרק֖יםשְׂרֻקִּיםשרקיםse.ru.KimsorrelH8320HAampa וּ/לְבָנִֽים\׃ו/לבנים\וּ/לְבָנִֽים\׃ו/לבנים\u./le.va.Nimand/ whiteH9002H3836\H9016HC+Aampa - een Man rijdende Dit was de Zoon Gods in de gedaante van een man. Doch anderen menen dat het een geschapen engel geweest is. Christus heeft meermalen voor een korten tijd de gedaante van een man aangenomen, gelijk Eze 1:26 , en Eze 40:3 ; Dan 7:13 .
- op een rood paard, Hiermede wordt aangewezen dat de Zoon Gods als een vuur zijne vijanden verteert; of, gelijk het anderen verstaan, de zonden van zijn volk; zie Isa 63:1-3 .
- Hij stond tussen de mirten, Of, hij hield stil onder de mirten. Door de mirten worden afgebeeld de gelovigen, die voor God groenen en een lieflijken reuk geven, gelijk de mirtebomen; en door het stilstaan van dezen man wordt betekent de gerede en altijd-tegenwoordige hulp en bijstand des Heeren.
- die in de diepte waren; Dat is, in een diepe, vochtige plaats; waarmede afgebeeld wordt de toestand van het Joodse volk, hetwelk te dien tijde ten dele nog in de Babylonische gevangenschap was, ten dele in het land, in grote onrust.
- achter Hem waren Te weten, achter dien man, die op het rode paard zat.
- rode, bruine en witte paarden Rode, bruine, witte paarden, op welke engelen zaten, die den Heere Christus dienden, vs.10. En dit betekent allerlei dienaars des Heeren, die Hem dienen om zijne oordelen uit te voeren, hetzij om zijne kinderen te verlossen, of om hunne vijanden te straffen.
9 En Ik zeide: Mijn Heere! wat zijn deze? Toen zeide tot mij de Engel, Die met mij sprak: Ik zal u tonen, wat deze zijn.123
וָ/אֹמַ֖רו/אמ֖רוָ/אֹמַרו/אמרva./'o.Marand/ I saidH9001H0559Hc+Vqw1cs אֵ֣לֶּהא֣להאֵלֶּהאלה'E.leh[are] theseH0428HTm אֲדֹנִ֑/יאדנ֑/יאֲדֹנִ/יאדנ/י'a.do.N/iO lord/ myH0113H9020HNcmsc+Sp1bs וַ/יֹּ֣אמֶרו/י֣אמרוַ/יֹּאמֶרו/יאמרva/i.Yo.merand/ he saidH9001H0559Hc+Vqw3ms אֵלַ֗/יאל֗/יאֵלַ/יאל/י'e.La/ito/ meH0413H9030HR+Sp1bs הַ/מַּלְאָךְ֙ה/מלאך֙הַ/מַּלְאָךְה/מלאךha./mal.'oKhthe/ angelH9009H4397HHTd+Ncmsa הַ/דֹּבֵ֣רה/דב֣רהַ/דֹּבֵרה/דברha./do.Verwho/ was speakingH9009H1696GHTd+Vqrmsa אֲנִ֥יאנ֥יאֲנִיאני'a.NiIH0589HPp1bs אַרְאֶ֖/ךָּארא֖/ךאַרְאֶ/ךָּארא/ך'ar.'E./kaI will show/ youH7200GH9031HVhi1cs+Sp2ms הֵ֥מָּהה֥מההֵמָּההמהHe.mahtheyH1992HPp3mp אֵֽלֶּה\׃אלה\אֵֽלֶּה\׃אלה\'E.leh[are] theseH0428\H9016HTm - wat zijn deze? Of, wie zijn deze? Te weten, die achter u zijn. De zin is: Wat heeft het te beduiden dat dezen te paard achter u staan?
- met mij sprak Anders: in mij, gelijk eigenlijk de Hebr. woorden luiden, betekenende een inwendige openbaring der dingen, die hij uitwendig gezien had. Alzo onder vs.13,14, en Zech 2:3 , en Zech 4:1, Zech 4:4-5, en Zech 5:5, Zech 5:10, en Zech 6:4. Zie ook Num 12:2 ; en 2Sa 23:2 , en Hos 1:2 , enz.
- wat deze zijn Of, wie dezen zijn; dat is, wat zij voorhebben.
10 Toen antwoordde de Man, Die tussen de mirten stond, en zeide: Deze zijn het, die de Heere uitgezonden heeft, om het land te doorwandelen.123
וַ/יַּ֗עַןו/י֗עןוַ/יַּעַןו/יעןva/i.Ya.'anand/ he answeredH9001H6030BHc+Vqw3ms הָ/אִ֛ישׁה/א֛ישהָ/אִישׁה/אישha./'Ishthe/ manH9009H0376GHTd+Ncmsa הָ/עֹמֵ֥דה/עמ֥דהָ/עֹמֵדה/עמדha./'o.Medwho/ was standingH9009H5975GHTd+Vqrmsa הַ/הַדַסִּ֖יםה/הדס֖יםהַ/הַדַסִּיםה/הדסיםha./ha.da.Simthe/ myrtle treesH9009H1918HTd+Ncmpa וַ/יֹּאמַ֑רו/יאמ֑רוַ/יֹּאמַרו/יאמרva/i.yo.Marand/ he saidH9001H0559Hc+Vqw3ms אֵ֚לֶּהא֚להאֵלֶּהאלה'E.lehtheseH0428HTm אֲשֶׁ֣ראש֣ראֲשֶׁראשר'a.Sher[are those] whomH0834AHTr שָׁלַ֣חשל֣חשָׁלַחשלחsha.Lachhe has sentH7971GHVqp3ms יְהוָ֔היהו֔היְהוָהיהוהYah.wehYahwehH3068GHNpt לְ/הִתְהַלֵּ֖ךְל/התהל֖ךלְ/הִתְהַלֵּךְל/התהלךle./hit.ha.Lekhto/ go aboutH9005H1980IHR+Vtcc בָּ/אָֽרֶץ\׃ב/ארץ\בָּ/אָֽרֶץ\׃ב/ארץ\ba./'A.retzon the/ earthH9003H0776G\H9016HRd+Ncfsa - de HEERE Dat is, God de Vader, want de Zoon Gods spreekt hier.
- uitgezonden heeft, Of, uitgezonden had; want zij hadden toen het land doorgetrokken en waren wederom gekomen.
- om het land te doorwandelen Om te zien en te merken hoe het overal toeging, en den Heere daarvan bericht te komen doen. Dit wordt als bij gelijkenis gesproken, ziende op de wijze en het gebruik der koningen, die hunne dienaren overal uitzenden. Verg. Job 1:7 , en Job 2:2 . Gode onze Heere zijn alle dingen bekend; Psa 113:6 ; Jer 23:24 ; Heb 4:13 . Nochtans belieft het Hem de engelen te gebruiken, om van zijne wijsheid en regering te getuigen.
11 En zij antwoordden den Engel des Heeren, Die tussen de mirten stond, en zeiden: Wij hebben het land doorwandeld, en ziet, het ganse land zit en het is stil.12345
וַֽ/יַּעֲנ֞וּו/יענ֞ווַֽ/יַּעֲנוּו/יענוva/i.ya.'a.Nuand/ they answeredH9001H6030BHc+Vqw3mp מַלְאַ֣ךְמלא֣ךמַלְאַךְמלאךmal.'Akh[the] angel ofH4397HHNcmsc יְהוָ֗היהו֗היְהוָהיהוהYah.wehYahwehH3068GHNpt הָֽ/עֹמֵד֙ה/עמד֙הָֽ/עֹמֵדה/עמדha./'o.Medwho/ was standingH9009H5975GHTd+Vqrmsa בֵּ֣יןב֣יןבֵּיןביןbeinbetweenH0996HHAcmsc הַ/הֲדַסִּ֔יםה/הדס֔יםהַ/הֲדַסִּיםה/הדסיםha./ha.da.Simthe/ myrtle treesH9009H1918HTd+Ncmpa וַ/יֹּאמְר֖וּו/יאמר֖ווַ/יֹּאמְרוּו/יאמרוva/i.yo.me.Ruand/ they saidH9001H0559Hc+Vqw3mp הִתְהַלַּ֣כְנוּהתהל֣כנוהִתְהַלַּכְנוּהתהלכנוhit.ha.Lakh.nuwe have gone aboutH1980IHVtp1cp בָ/אָ֑רֶץב/א֑רץבָ/אָרֶץב/ארץva./'A.retzon the/ earthH9003H0776GHRd+Ncfsa וְ/הִנֵּ֥הו/הנ֥הוְ/הִנֵּהו/הנהve./hi.Nehand/ there!H9002H2009HC+Tj הָ/אָ֖רֶץה/א֖רץהָ/אָרֶץה/ארץha./'A.retzthe/ earthH9009H0776GHTd+Ncfsa יֹשֶׁ֥בֶתיש֥בתיֹשֶׁבֶתישבתyo.She.vet[is] dwellingH3427HVqrfsa וְ/שֹׁקָֽטֶת\׃ו/שקטת\וְ/שֹׁקָֽטֶת\׃ו/שקטת\ve./sho.Ka.tetand/ [is] undisturbedH9002H8252\H9016HC+Vqrfsa - antwoordden Antwoorden is hier, en elders meer te zeggen spreken, of beginnen te spreken, gelijk onder vs.12, en elders.
- den Engel des HEEREN, Dat is, Christus den Heere, die de overste is over al de engelen.
- het land doorwandeld, Te weten, het land van Chaldea. Anders: de aarde; dat is alle landen.
- het ganse land Dat is, alle inwoners van het land, gelijk af te leiden is uit vs.15. Of, het ganse land, uitgezonderd het arme Joodse land, hetwelk van zijne vijanden jammerlijk werd verwoest en bedorven; of uitgezonderd de Joden, die lange jaren in Babel zijn gevangen geweest en nog veel aanstoot lijden.
- zit en het is stil Dat is, de Babylonieërs en andere natiën hebben rust en vrede.
12 Toen antwoordde de Engel des Heeren, en zeide: Heere der heirscharen! hoe lang zult Gij U niet ontfermen over Jeruzalem, en over de steden van Juda, op welke Gij gram geweest zijt, deze zeventig jaren?123
וַ/יַּ֣עַןו/י֣עןוַ/יַּעַןו/יעןva/i.Ya.'anand/ he answeredH9001H6030BHc+Vqw3ms מַלְאַךְ\־מלאך\מַלְאַךְ\־מלאך\mal.'akh-[the] angel ofH4397H\H9014HNcmsc יְהוָה֮יהוה֮יְהוָהיהוהYah.wehYahwehH3068GHNpt וַ/יֹּאמַר֒ו/יאמר֒וַ/יֹּאמַרו/יאמרva/i.yo.Marand/ he saidH9001H0559Hc+Vqw3ms יְהוָ֣היהו֣היְהוָהיהוהYah.wehO YahwehH3068GHNpt צְבָא֔וֹתצבא֔ותצְבָאוֹתצבאותtze.va.'otof hostsH6635BHNcfpa מָתַ֗ימת֗ימָתַימתיma.Taiwhen?H4970HTi אַתָּה֙אתה֙אַתָּהאתה'a.TahyouH0859AHPp2ms תְרַחֵ֣םתרח֣םתְרַחֵםתרחםte.ra.Chemwill you have compassion onH7355HVpi2ms יְרוּשָׁלִַ֔םירושל֔םיְרוּשָׁלִַםירושלםye.ru.sha.LimJerusalemH3389HNpl וְ/אֵ֖תו/א֖תוְ/אֵתו/אתve./'Etand/ <obj.>H9002H0853HC+To עָרֵ֣יער֣יעָרֵיערי'a.Rei[the] cities ofH5892BHNcmpc יְהוּדָ֑היהוד֑היְהוּדָהיהודהye.hu.DahJudahH3063GHNpl אֲשֶׁ֣ראש֣ראֲשֶׁראשר'a.SherwhichH0834AHTr זָעַ֔מְתָּהזע֔מתהזָעַמְתָּהזעמתהza.'Am.tahyou have been indignantH2194HVqp2ms זֶ֖הז֖הזֶהזהzehthisH2088HTm שִׁבְעִ֥יםשבע֥יםשִׁבְעִיםשבעיםshiv.'ImseventyH7657HNcmpa שָׁנָֽה\׃שנה\שָׁנָֽה\׃שנה\sha.Nahyear[s]H8141\H9016HNcfsa - den Engel des HEEREN, Christus Jezus, de Voorbidder en Middelaar zijne kerk bij zijn hemelsen Vader, welke kerk in beroerte en vervolging was terwijl alle andere landen rondom haar in rust waren.
- Jeruzalem, Onder Jeruzalem en Juda moet men hier verstaan de kerk Gods, hoewel dit ook naar de letter te verstaan is.
- deze zeventig jaren? Hieruit nemen sommigen af dat Zacharia dit gesproken heeft kort na het einde van de Babylonische gevangenschap, uit welke de Joden door het voorbidden van Christus zijn verlost geworden; de tijd nu vervuld zijnde, waarvan geschreven staat 2Ch 36:14-15 , 2Ch 36:21 ; Jer 25:3-5 , Jer 25:12 , en Jer 29:10 .
13 En de Heere antwoordde den Engel, Die met mij sprak, goede woorden, troostelijke woorden.123
וַ/יַּ֣עַןו/י֣עןוַ/יַּעַןו/יעןva/i.Ya.'anand/ he answeredH9001H6030BHc+Vqw3ms יְהוָ֗היהו֗היְהוָהיהוהYah.wehYahwehH3068GHNpt הַ/מַּלְאָ֛ךְה/מלא֛ךהַ/מַּלְאָךְה/מלאךha./mal.'Akhthe/ angelH9009H4397HHTd+Ncmsa הַ/דֹּבֵ֥רה/דב֥רהַ/דֹּבֵרה/דברha./do.Verwho/ was speakingH9009H1696GHTd+Vqrmsa בִּ֖/יב֖/יבִּ/יב/יb/iwith <the>/ meH9003H9030HRd+Sp1bs דְּבָרִ֣יםדבר֣יםדְּבָרִיםדבריםde.va.RimwordsH1697GHNcmpa טוֹבִ֑יםטוב֑יםטוֹבִיםטוביםto.VimgoodH2896AHAampa דְּבָרִ֖יםדבר֖יםדְּבָרִיםדבריםde.va.RimwordsH1697GHNcmpa נִחֻמִֽים\׃נחמים\נִחֻמִֽים\׃נחמים\ni.chu.Mimcomfort<s>H5150\H9016HNcmpa - met mij sprak, Of, in mij. Zie boven vs.9, en versta dat de Heere, dat is God de Vader, tot den Zoon, en de Zoon tot den profeet sprak van de liefde Gods tot zijne kerk, en den toorn over hare vijanden, gelijk breder gezegd wordt in vs.14,15.
- goede woorden, Dat is, vriendelijke, aangename, zoete woorden.
- troostelijke woorden Te weten, troostelijk voor zijne kerk.
14 En de Engel, Die met mij sprak, zeide tot mij: Roep uit, zeggende: Alzo zegt de Heere der heirscharen: Ik ijver over Jeruzalem en over Sion met een groten ijver.1
וַ/יֹּ֣אמֶרו/י֣אמרוַ/יֹּאמֶרו/יאמרva/i.Yo.merand/ he saidH9001H0559Hc+Vqw3ms אֵלַ֗/יאל֗/יאֵלַ/יאל/י'e.La/ito/ meH0413H9030HR+Sp1bs הַ/מַּלְאָךְ֙ה/מלאך֙הַ/מַּלְאָךְה/מלאךha./mal.'oKhthe/ angelH9009H4397HHTd+Ncmsa הַ/דֹּבֵ֣רה/דב֣רהַ/דֹּבֵרה/דברha./do.Verwho/ was speakingH9009H1696GHTd+Vqrmsa קְרָ֣אקר֣אקְרָאקראke.Ra'proclaimH7121IHVqv2ms לֵ/אמֹ֔רל/אמ֔רלֵ/אמֹרל/אמרle./Mor<to>/ sayingH9005H0559HR+Vqcc כֹּ֥הכ֥הכֹּהכהkohthusH3541HD אָמַ֖ראמ֖ראָמַראמר'a.Marhe saysH0559HVqp3ms יְהוָ֣היהו֣היְהוָהיהוהYah.wehYahwehH3068GHNpt צְבָא֑וֹתצבא֑ותצְבָאוֹתצבאותtze.va.'otof hostsH6635BHNcfpa קִנֵּ֧אתִיקנ֧אתיקִנֵּאתִיקנאתיki.Ne.tiI am jealousH7065HVpp1cs לִ/ירוּשָׁלִַ֛םל/ירושל֛םלִ/ירוּשָׁלִַםל/ירושלםli./ru.sha.Limfor/ JerusalemH9005H3389HR+Npl וּ/לְ/צִיּ֖וֹןו/ל/צי֖וןוּ/לְ/צִיּוֹןו/ל/ציוןu./le./tzi.Yonand/ for/ ZionH9002H9005H6726HC+R+Npl קִנְאָ֥הקנא֥הקִנְאָהקנאהkin.'AhjealousyH7068HNcfsa גְדוֹלָֽה\׃גדולה\גְדוֹלָֽה\׃גדולה\ge.do.LahgreatH1419A\H9016HAafsa - over Jeruzalem en over Sion Te weten, om hetzelve te verlossen, uit de handen hunner vijanden; zie Isa 9:6 ; Jer 31:20 ; Zep 1:16 , en onder 8:2. Ofschoon de Heere een tijdlang zijn hulp en bijstand aan zijne kerk onthouden had, nochtans beminde Hij haar als een vader zijne kinderen, of een man zijne vrouw, en Hij heeft haar ter bekwamer tijd gered uit allen nood en wederwaardigheid.
15 En Ik ben met een zeer groten toorn vertoornd tegen die geruste heidenen; want Ik was een weinig toornig, maar zij hebben ten kwade geholpen.12
וְ/קֶ֤צֶףו/ק֤צףוְ/קֶצֶףו/קצףve./Ke.tzefand/ angerH9002H7110AHC+Ncmsa גָּדוֹל֙גדול֙גָּדוֹלגדולga.dOlgreatH1419AHAamsa אֲנִ֣יאנ֣יאֲנִיאני'a.NiIH0589HPp1bs קֹצֵ֔ףקצ֔ףקֹצֵףקצףko.Tzef[am] angryH7107HVqrmsa הַ/גּוֹיִ֖םה/גוי֖םהַ/גּוֹיִםה/גויםha./go.Yimthe/ nationsH9009H1471AHTd+Ncmpa הַ/שַּֽׁאֲנַנִּ֑יםה/שאננ֑יםהַ/שַּֽׁאֲנַנִּיםה/שאנניםha./sha.'a.na.Nim<the>/ at easeH9009H7600HTd+Aampa אֲשֶׁ֤ראש֤ראֲשֶׁראשר'a.SherwhichH0834AHTr אֲנִי֙אני֙אֲנִיאני'a.NiIH0589HPp1bs קָצַ֣פְתִּיקצ֣פתיקָצַפְתִּיקצפתיka.Tzaf.tiI was angryH7107HVqp1cs מְּעָ֔טמע֔טמְּעָטמעטme.'Ata littleH4592HNcmsa וְ/הֵ֖מָּהו/ה֖מהוְ/הֵמָּהו/המהve./He.mahand/ theyH9002H1992HC+Pp3mp עָזְר֥וּעזר֥ועָזְרוּעזרו'a.ze.Ruthey have helpedH5826HVqp3cp - tegen die geruste heidenen; Dat is, tegen de Chaldeën of Babyloniërs en hunne aanhangers, die nu in rust en vrede zitten, middelerwijl mijn volk geplaagd wordt. Zie vs.11.
- toornig, Te weten, op het Joodse volk; Alsof God zeide: Zij zien niet op mijn wil of voornemen, die was mijn volk vaderlijk te kastijden om het tot boete en bekering te brengen, maar al hun doen en trachten strekt daarheen om mijn volk ganselijk te verderven en uit te roeien; zie Isa 10:7 , en Isa 47:6 ; zie ook Psa 83:4-5 ; Jer 30:11 ; Eze 25:3 , Eze 25:6 .
16 Daarom zegt de Heere alzo: Ik ben tot Jeruzalem wedergekeerd met ontfermingen; Mijn huis zal daarin gebouwd worden, spreekt de Heere der heirscharen, en het richtsnoer zal over Jeruzalem uitgestrekt worden.1
לָ/כֵ֞ןל/כ֞ןלָ/כֵןל/כןla./Khen<to>/ thereforeH9005H3651CHR+D אָמַ֣ראמ֣ראָמַראמר'a.Marhe saysH0559HVqp3ms יְהוָ֗היהו֗היְהוָהיהוהYah.wehYahwehH3068GHNpt שַׁ֤בְתִּיש֤בתישַׁבְתִּישבתיShav.tiI have returnedH7725GHVqp1cs לִ/ירוּשָׁלִַ֙ם֙ל/ירושל֙ם֙לִ/ירוּשָׁלִַםל/ירושלםli./ru.sha.Limto/ JerusalemH9005H3389HR+Npl בְּֽ/רַחֲמִ֔יםב/רחמ֔יםבְּֽ/רַחֲמִיםב/רחמיםbe./ra.cha.Mimwith/ compassion<s>H9003H7356BHR+Ncmpa בֵּיתִ/י֙בית/י֙בֵּיתִ/יבית/יbei.T/ihouse/ myH1004BH9020HNcmsc+Sp1bs יִבָּ֣נֶהיב֣נהיִבָּנֶהיבנהyi.Ba.nehit will be rebuiltH1129HVNi3ms נְאֻ֖םנא֖םנְאֻםנאםne.'Um[the] utterance ofH5002HNcmsc יְהוָ֣היהו֣היְהוָהיהוהYah.wehYahwehH3068GHNpt צְבָא֑וֹתצבא֑ותצְבָאוֹתצבאותtze.va.'otof hostsH6635BHNcfpa וְ/קָ֥וו/ק֥ווְ/קָוו/קוve./ka.vahand/ a measuring-lineH9002H6957BHC+Ncmsa יִנָּטֶ֖הינט֖היִנָּטֶהינטהyi.na.Tehit will be stretched outH5186HVNi3ms יְרוּשָׁלִָֽם\׃ירושלם\יְרוּשָׁלִָֽם\׃ירושלם\ye.ru.sha.LimJerusalemH3389\H9016HNpl - het richtsnoer Gelijk de timmerlieden doen als zij een nieuw gebouw zullen maken. De zin is: Jeruzalem zal weder herbouwd worden, de vijanden mogen daartegen doen al wat zij kunnen. Dit is volbracht door het beleid en de aandrijving van Nehemia. Verg. Neh 2:3-4 , enz., en Hag 1:13 . Onder de opbouwing van de stad Jeruzalem worden ook den godzaligen beloofd alle geestelijke genaden en weldaden.
17 Roep nog, zeggende: Alzo zegt de Heere der heirscharen: Mijn steden zullen nog uitgespreid worden vanwege het goede; want de Heere zal Sion nog troosten, en Hij zal Jeruzalem nog verkiezen.1234
קְרָ֣אקר֣אקְרָאקראke.Ra'proclaimH7121IHVqv2ms לֵ/אמֹ֗רל/אמ֗רלֵ/אמֹרל/אמרle./Mor<to>/ sayingH9005H0559HR+Vqcc כֹּ֤הכ֤הכֹּהכהkohthusH3541HD אָמַר֙אמר֙אָמַראמר'a.Marhe saysH0559HVqp3ms יְהוָ֣היהו֣היְהוָהיהוהYah.wehYahwehH3068GHNpt צְבָא֔וֹתצבא֔ותצְבָאוֹתצבאותtze.va.'otof hostsH6635BHNcfpa ע֛וֹדע֛ודעוֹדעודodagainH5750HAcmsa תְּפוּצֶ֥ינָהתפוצ֥ינהתְּפוּצֶינָהתפוצינהte.fu.Tzei.nahthey will overflowH6327CHVqi3fp עָרַ֖/יער֖/יעָרַ/יער/י'a.Ra/icities/ myH5892BH9020HNcmpc+Sp1bs מִ/טּ֑וֹבמ/ט֑ובמִ/טּוֹבמ/טובmi./Tovfrom/ goodH9006H2896BHR+Aamsa וְ/נִחַ֨םו/נח֨םוְ/נִחַםו/נחםve./ni.Chamand/ he will comfortH9001H5162GHc+Vpq3ms יְהוָ֥היהו֥היְהוָהיהוהYah.wehYahwehH3068GHNpt עוֹד֙עוד֙עוֹדעוד'OdagainH5750HAcmsa צִיּ֔וֹןצי֔וןצִיּוֹןציוןtzi.YonZionH6726HNpl וּ/בָחַ֥רו/בח֥רוּ/בָחַרו/בחרu./va.Charand/ he will chooseH9001H0977Hc+Vqq3ms ע֖וֹדע֖ודעוֹדעודodagainH5750HAcmsa בִּ/ירוּשָׁלִָֽם\׃\ \סב/ירושלם\\ \סבִּ/ירוּשָׁלִָֽם\׃\ \סב/ירושלם\\ \סbi./ru.sha.Lim<in>/ JerusalemH9003H3389\H9016\ \H9018HR+Npl - Roep nog, Anders: predik verder.
- Mijn steden zullen nog uitgespreid worden Dat is, de steden van Juda zullen te eng zijn, zij zullen moeten vergroot worden.
- vanwege het goede; Dat is, vanwege den groten en overvloedigen zegen, dien de Heer hun geven zal. Geestelijkerwijze dit genomen zijnde, betekent het dat God zijne kerk zo zou zegenen en doen aanwassen, dat het Joodse land te eng zou wezen om haar te bevatten, maar dat zij met hare gaven door de ganse wereld zou verspreid worden. Verg. Isa 49:18 , enz., en het gehele boek van de Handelingen der Apostelen.
- verkiezen Te weten, tot zijn volk. De zin is: Hij zal hen zo overvloedig met allerlei goed zegenen, dat het genoegzaam blijken zal dat God hen tot zijn volk verkoren heeft; inzonderheid zal Hij hen zegenen met herstelling van den waren godsdienst.
18 En ik hief mijn ogen op, en zag; en ziet, er waren vier hoornen.1
No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.
- vier hoornen Betekenende de volken en natiën, die vijandelijk het volk Gods bestreden en aanstieten van alle hoeken en gewesten der aarde. Zie vs.19.
19 En ik zeide tot den Engel, Die met mij sprak: Wat zijn deze? En Hij zeide tot mij: Dat zijn de hoornen, welke Juda, Israël en Jeruzalem verstrooid hebben.12
No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.
- Wat zijn deze? Waarvan zijn deze hoornen een teken? Wat beduiden zij?
- Dat zijn de hoornen, Dat is, die betekenen de Babyloniërs en andere machtige natiën, die het met hen houden.
20 En de Heere toonde mij vier smeden.1
No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.
- smeden Of, timmerlieden. Dit betekent ook de volken en natiën, die als medearbeiders Gods zijn, die God de Heere uit alle hoeken der wereld vergaderen zou, om die sterke hoornen, dat is om de vijanden van Gods kerk te breken en te vernielen, dewijl zij den opbouw van den tempel en de kerk Gods verhinderden.
21 Toen zeide ik: Wat komen die maken? En Hij sprak, zeggende: Dat zijn de hoornen, die Juda verstrooid hebben, zodat niemand zijn hoofd ophief; maar deze zijn gekomen om die te verschrikken, om de hoornen der heidenen neder te werpen, welke den hoorn verheven hebben tegen het land van Juda, om dat te verstrooien.123
No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.
- die te verschrikken, Te weten, hoornen, dat is koninkrijken.
- de hoornen der heidenen Dat is, het geweld, macht, koninkrijk te verstoren.
- welke den hoorn verheven hebben Dat is, die het land Juda met krijgsmacht overvallen en overheerd habben. Verg. Eze 34:21 .