reltext

Chapter 1

1 Hetgeen van den beginne was, hetgeen wij gehoord hebben, hetgeen wij gezien hebben met onze ogen, hetgeen wij aanschouwd hebben, en onze handen getast hebben, van het Woord des levens;1234

Original Greek

ὋHoThat whichG3739R-NSN
ἦνēnwasG1510V-IAI-3S
ἀπ᾽ap᾽fromG0575PREP
ἀρχῆς,archēs[the] beginning,G0746N-GSF
ὃhothat whichG3739R-ASN
ἀκηκόαμεν,akēkoamenwe have heard,G0191V-2RAI-1P
ὃhothat whichG3739R-ASN
ἑωράκαμενhe'ōrakamenwe have seenG3708V-RAI-1P
τοῖςtoiswith theG3588T-DPM
ὀφθαλμοῖςophthalmoiseyesG3788N-DPM
ἡμῶν,hēmōnof us,G3165P-1GP
ὃhothat whichG3739R-ASN
ἐθεασάμεθαetheasamethawe have gazed uponG2300V-ADI-1P
καὶkaiandG2532CONJ
αἱhaitheG3588T-NPF
χεῖρεςcheireshandsG5495N-NPF
ἡμῶνhēmōnof usG3165P-1GP
ἐψηλάφησανepsēlaphēsanhandledG5584V-AAI-3P
περὶpericoncerningG4012PREP
τοῦtoutheG3588T-GSM
λόγουlogouWordG3056N-GSM
τῆςtēs<the>G3588T-GSF
ζωῆς·zōēsof life —G2222N-GSF
  1. van den beginne was, Namelijk der schepping, dat is van alle eeuwigheid; zie Mic 5:1; Joh 1:1; waarmede de Goddelijke natuur van Christus beschreven wordt; gelijk met de volgende woorden zijn menselijke natuur, naar welke hij gehoord, gezien en getast is, en in welke hij ook door wonderen en anderszins zijn heerlijkheid somwijlen heeft geopenbaard.
  2. aanschouwd hebben, Dat zegt meer dan gezien; want dat geschiedt dikwijls terloopt, maar hetgeen men aanschouwt, daarop let men met aandacht.
  3. van het Woord Dat is, van den Heere Jezus Christus, die het Woord door dezen apostel genoemd wordt; Joh 1:1, Joh 1:14; 1Jo 5:7; Rev 19:13. Zie de aantekeningen Joh 1:1.
  4. des levens; Deze titel wordt het Woord, dat is den Zoon van God toegeschreven, omdat Hij dat eeuwig levende wezen van God in zichzelf heeft, en den schepselen het leven geeft, en ons het eeuwige leven niet alleen heeft verkondigd, maar ook verworven heeft en mededeelt. Zie Joh 1:4, en Joh 14:6.

2 ( Want het Leven is geopenbaard, en wij hebben het gezien, en wij getuigen, en verkondigen ulieden dat eeuwige Leven, Hetwelk bij den Vader was, en ons is geopenbaard.)1234567

Original Greek

καὶkaiandG2532CONJ
ἡhētheG3588T-NSF
ζωὴzōēlifeG2222N-NSF
ἐφανερώθη,ephanerōthēwas made manifest,G5319V-API-3S
καὶkaiandG2532CONJ
ἑωράκαμενhe'ōrakamenwe have seenG3708V-RAI-1P
καὶkaiandG2532CONJ
μαρτυροῦμενmarturoumenbear witnessG3140V-PAI-1P
καὶkaiandG2532CONJ
ἀπαγγέλλομενapangellomenwe proclaimG0518V-PAI-1P
ὑμῖνhuminto youG4771P-2DP
τὴνtēntheG3588T-ASF
ζωὴνzōēnlifeG2222N-ASF
τὴνtēn<the>G3588T-ASF
αἰώνιονaiōnioneternalG0166A-ASF
ἥτιςhētiswhichG3748R-NSF
ἦνēnwasG1510V-IAI-3S
πρὸςproswithG4314PREP
τὸνtontheG3588T-ASM
πατέραpateraFatherG3962N-ASM-T
καὶkaiandG2532CONJ
ἐφανερώθηephanerōthēwas revealedG5319V-API-3S
ἡμῖν·hēminto us —G3165P-1DP
  1. (Want Grieks en; gelijk ook 1Jo 3:4.
  2. het Leven Dat is, de Zoon van God, die ook het leven genaamd wordt, Joh 1:4, en Joh 14:6.
  3. is geopenbaard, Namelijk in het vlees, gelijk Paulus spreekt; 1Ti 3:16.
  4. wij hebben het gezien, Namelijk apostelen hebben het Woord, dat is den Zoon van God gezien in Zijn aangenomen menselijke natuur; een wijze van spreken van den persoon van Christus gebruikelijk, als van Zijn gehelen persoon, van de ene natuur benoemd, gezegd wordt hetgeen alleen naar de andere natuur moet verstaan worden. Zie dergelijke Joh 3:13; Act 20:28 en hier vs.7.
  5. dat eeuwige Leven, Dat is, Christus, die van eeuwigheid leeft en de oorsprong en gever is van het eeuwige leven, gelijk Hij tevoren ook het Leven genaamd wordt, vs.2.
  6. Hetwelk bij den Dat is, gelijk Johannes spreekt in zijn Evangelie, Joh 1:1, dat bij God was. Zie de verklaring aldaar.
  7. en ons is geopenbaard Namelijk Zijn apostelen, die Hij tot Zijn getuigen had verkoren en geroepen, en hun gegeven te verstaan de verborgenheden van het koninkrijk Gods. Zie Mat 13:11; Act 1:8, en Act 2:32.

3 Hetgeen wij dan gezien en gehoord hebben, dat verkondigen wij u, opdat ook gij met ons gemeenschap zoudt hebben, en deze onze gemeenschap ook zij met den Vader, en met Zijn Zoon Jezus Christus.123456

Original Greek

ὃhothat whichG3739R-ASN
ἑωράκαμενhe'ōrakamenwe have seenG3708V-RAI-1P
καὶkaiandG2532CONJ
ἀκηκόαμεν,akēkoamenhave heard,G0191V-2RAI-1P
ἀπαγγέλλομενapangellomenwe proclaimG0518V-PAI-1P
καὶkaialsoG2532CONJ
ὑμῖνhuminto youG4771P-2DP
ἵναinaso thatG2443CONJ
καὶkaialsoG2532CONJ
ὑμεῖςhumeisyou yourselvesG4771P-2NP
κοινωνίανkoinōnianfellowshipG2842N-ASF
ἔχητεechētemay haveG2192V-PAS-2P
μεθ᾽meth᾽withG3326PREP
ἡμῶν·hēmōnus;G3165P-1GP
καὶkaiIndeedG2532CONJ
ἡhētheG3588T-NSF
κοινωνίαkoinōniafellowshipG2842N-NSF
δὲdenowG1161CONJ
ἡhē<the>G3588T-NSF
ἡμετέραhēmeteraour ownG1473S-1PNSF
μετὰmeta[is] withG3326PREP
τοῦtoutheG3588T-GSM
πατρὸςpatrosFatherG3962N-GSM-T
καὶkaiandG2532CONJ
μετὰmetawithG3326PREP
τοῦtoutheG3588T-GSM
υἱοῦhuiouSonG5207N-GSM
αὐτοῦautouof HimG0846P-GSM
ἸησοῦIēsouJesusG2424GN-GSM-P
Χριστοῦ.ChristouChrist.G5547N-GSM-T
  1. met ons Apostelen van Christus en alle andere gelovigen met elkander, vs.7.
  2. gemeenschap zoudt Namelijk aan al de geestelijke weldaden, die Christus ons heeft verworven, en die in het Evangelie worden verkondigd.
  3. onze gemeenschap Namelijk die wij gelovigen gezamenlijk hebben.
  4. ook zij Of is.
  5. met den Vader, Namelijk die nu met ons door Christus verzoend is en ons Zijn hemelse goederen deelachtig maakt.
  6. met Zijn Zoon Namelijk door het geloof deelachtig wordende aan Zijn gerechtigheid en heerlijkheid; en het blijkt dat de apostel hier spreekt van een geestelijke gemeenschap, die wij met Christus hebben.

4 En deze dingen schrijven wij u, opdat uw blijdschap vervuld zij.12

Original Greek

καὶkaiAndG2532CONJ
ταῦταtautathese thingsG3778D-APN
γράφομενgraphomenwriteG1125V-PAI-1P
ἡμεῖςhēmeiswe ourselvesG3165P-1NP
ἵναinaso thatG2443CONJ
ἡhētheG3588T-NSF
χαρὰcharajoyG5479N-NSF
ἡμῶνhēmōnof usG3165P-1GP
ᾖēmay beG1510V-PAS-3S
πεπληρωμένη.peplērōmenēcompleted.G4137V-RPP-NSF
  1. uw blijdschap Namelijk die door de prediking van het Evangelie en de werking van den Heiligen Geest in uwe harten reeds ontstoken is; Rom 14:17.
  2. vervuld zij Dat is, hier meer en meer toeneme en hiernamaals volmaakt zij. Zie Joh 15:11, en Joh 16:24.

5 En dit is de verkondiging, die wij van Hem gehoord hebben, en wij u verkondigen, dat God een Licht is, en gans geen duisternis in Hem is.1234

Original Greek

καὶkaiAndG2532CONJ
ἔστινestinisG1510V-PAI-3S
αὕτηhautēthisG3778D-NSF
ἡhētheG3588T-NSF
ἀγγελίαangeliamessageG0031N-NSF
ἣνhēnthatG3739R-ASF
ἀκηκόαμενakēkoamenwe have heardG0191V-2RAI-1P
ἀπ᾽ap᾽fromG0575PREP
αὐτοῦautouHimG0846P-GSM
καὶkaiandG2532CONJ
ἀναγγέλλομενanangellomenwe preachG0312V-PAI-1P
ὑμῖνhuminto youG4771P-2DP
ὅτιhotithatG3754GCONJ
ὁho<the>G3588T-NSM
θεὸςtheosGodG2316N-NSM-T
φῶςphōslightG5457N-NSN
ἐστινestinisG1510V-PAI-3S
καὶkaiandG2532CONJ
σκοτίαskotiadarknessG4653N-NSF
ἐνeninG1722PREP
αὐτῷautōHimG0846P-DSM
οὐκouknotG3756PRT-N
ἔστινestinisG1510V-PAI-3S
οὐδεμία.oudemianone.G3762A-NSF
  1. de verkondiging, Grieks epangelia. Welk woord meest betekent belofte; doch wordt hier wel zo geschikt overgezet verkondiging; omdat hetgeen volgt, niet zozeer een belofte als wel een verkondiging bevat.
  2. Hem gehoord hebben, Namelijk Jezus Christus.
  3. een Licht is, Namelijk zo in zichzelf met Zijn verstand alles klaar wetende, en in Zijn wil geheel zuiver en heilig zijnde; alsook omdat Hij de mensen verlicht door Zijn Geest; Joh 1:4.
  4. gans geen duisternis Namelijk van enige onwetendheid, dwalingen of onheiligheid.

6 Indiën wij zeggen, dat wij gemeenschap met Hem hebben, en wij in de duisternis wandelen, zo liegen wij, en doen de waarheid niet.1234

Original Greek

ἐὰνeanIfG1437COND
εἴπωμενeipōmenwe shall sayG2036V-2AAS-1P
ὅτιhotithatG3754GCONJ
κοινωνίανkoinōnianfellowshipG2842N-ASF
ἔχομενechomenwe haveG2192V-PAI-1P
μετ᾽met᾽withG3326PREP
αὐτοῦautouHimG0846P-GSM
καὶkaiand yetG2532CONJ
ἐνeninG1722PREP
τῷtōtheG3588T-DSN
σκότειskoteidarknessG4655N-DSN
περιπατῶμεν,peripatōmenmay walk,G4043V-PAS-1P
ψευδόμεθαpseudomethawe lieG5574V-PNI-1P
καὶkaiandG2532CONJ
οὐounotG3756PRT-N
ποιοῦμενpoioumenwe do practiceG4160GV-PAI-1P
τὴνtēntheG3588T-ASF
ἀλήθειαν·alētheiantruth;G0225N-ASF
  1. de duisternis Namelijk van onwetendheid, dwalingen, onheiligheid en zonden, die werken der duisternis zijn; Eph 5:11.
  2. wandelen, zo Namelijk zo dat de zonden over ons zou heersen; Rom 6:12, Rom 6:14, Rom 6:17, Rom 6:20.
  3. liegen wij, Dat is, zeggen de waarheid niet, daar God den zodanigen Zijn gemeenschap niet heeft beloofd en degenen, die waarlijk in de gemeenschap van God zijn, niet wandelen in de duisternis, 1Jo 3:9; want het licht en de duisternis hebben geen gemeenschap met elkander; 2Co 6:14.
  4. en doen de waarheid niet Dat is, handelen niet oprecht; Joh 3:21.

7 Maar indien wij in het licht wandelen, gelijk Hij in het licht is, zo hebben wij gemeenschap met elkander, en het bloed van Jezus Christus, Zijn Zoon, reinigt ons van alle zonde.123456

Original Greek

ἐὰνeanIfG1437COND
δὲdenowG1161CONJ
ἐνeninG1722PREP
τῷtōtheG3588T-DSN
φωτὶphōtilightG5457N-DSN
περιπατῶμενperipatōmenwe shall walkG4043V-PAS-1P
ὡςhōsasG5613PRT
αὐτόςautosHe himselfG0846P-NSM
ἐστινestinisG1510V-PAI-3S
ἐνeninG1722PREP
τῷtōtheG3588T-DSN
φωτί,phōtilight,G5457N-DSN
κοινωνίανkoinōnianfellowshipG2842N-ASF
ἔχομενechomenwe haveG2192V-PAI-1P
μετ᾽met᾽withG3326PREP
ἀλλήλωνallēlōnone anotherG0240C-GPM
καὶkaiandG2532CONJ
τὸtotheG3588T-NSN
αἷμαhaimabloodG0129GN-NSN
ἸησοῦIēsouof JesusG2424GN-GSM-P
ΧριστοῦChristouChristG5547N-GSM-T
τοῦtoutheG3588T-GSM
υἱοῦhuiouSonG5207N-GSM
αὐτοῦautouof HimG0846P-GSM
καθαρίζειkatharizeicleansesG2511V-PAI-3S
ἡμᾶςhēmasusG3165P-1AP
ἀπὸapofromG0575PREP
πάσηςpasēsallG3956A-GSF
ἁμαρτίας.hamartiassin.G0266N-GSF
  1. in het licht wandelen, Dat is, niet alleen in de ware kennis van het Evangelie, maar ook in ware reinheid en heiligheid des levens.
  2. met elkander, Dat is, wij gelovigen onder elkander en gezamenlijk met God en Zijn Zoon, vs.3. Of wij met God en God met ons.
  3. en het bloed Dit doet de apostel daarbij om te tonen, dat ons wandelen in het licht niet een verdienende of werkende oorzaak van deze onze gemeenschap met God is, maar een vrucht en kenteken derzelve. Alzo Christus de Zoon van God deze teweeggebracht heeft door Zijn bloed, dat is, bloedig lijden en sterven, ons met God daardoor verzoenende en verenigende.
  4. Zijn Zoon, Dit doet de apostel daarbij, om daarmee uit te drukken de waardigheid van de verdienste van Christus; gelijk Act 20:28.
  5. reinigt ons van Namelijk wegnemende van ons de schuld en straf der zonden door de weldaad der rechtvaardigmaking, en de smetten der zonde of verdorvenheid door de weldaad der wedergeboorte, die in dit leven haar begin heeft, en hiernamaals ook volkomen zal zijn.
  6. alle zonde Namelijk aangeboren als dadelijke, zo grote als kleine.

8 Indiën wij zeggen, dat wij geen zonde hebben, zo verleiden wij ons zelven, en de waarheid is in ons niet.12

Original Greek

ἐὰνeanIfG1437COND
εἴπωμενeipōmenwe shall sayG2036V-2AAS-1P
ὅτιhotithatG3754GCONJ
ἁμαρτίανhamartiansinG0266N-ASF
οὐκouknotG3756PRT-N
ἔχομεν,echomenwe have,G2192V-PAI-1P
ἑαυτοὺςhe'autousourselvesG1438F-1APM
πλανῶμενplanōmenwe deceiveG4105V-PAI-1P
καὶkaiandG2532CONJ
ἡhētheG3588T-NSF
ἀλήθειαalētheiatruthG0225N-NSF
οὐκouknotG3756PRT-N
ἔστινestinisG1510V-PAI-3S
ἐνeninG1722PREP
ἡμῖν.hēminus.G3165P-1DP
  1. zo verleiden wij Namelijk van den rechten weg die tot de zaligheid leidt.
  2. de waarheid is in ons niet Dat is, Gods Woord, hetwelk de waarheid genoemd wordt, Joh 17:17, en doorgaans anders leert. Of zulke mening of inbeelding bestaat in onwaarheid.

9 Indiën wij onze zonden belijden, Hij is getrouw en rechtvaardig, dat Hij ons de zonden vergeve, en ons reinige van alle ongerechtigheid.123

Original Greek

ἐὰνeanIfG1437COND
ὁμολογῶμενhomologōmenwe shall confessG3670V-PAS-1P
τὰςtastheG3588T-APF
ἁμαρτίαςhamartiassinsG0266N-APF
ἡμῶν,hēmōnof us,G3165P-1GP
πιστόςpistosfaithfulG4103A-NSM
ἐστινestinHe isG1510V-PAI-3S
καὶkaiandG2532CONJ
δίκαιοςdikaiosjustG1342A-NSM
ἵναinathatG2443CONJ
ἀφῇaphēaHe may forgiveG0863HV-2AAS-3S
ἡμῖνhēminusG3165P-1DP
τὰςtas<the>G3588T-APF
ἁμαρτίαςhamartias[our] sinsG0266N-APF
καὶkaiandG2532CONJ
καθαρίσῃkatharisēmay cleanseG2511V-AAS-3S
ἡμᾶςhēmasusG3165P-1AP
ἀπὸapofromG0575PREP
πάσηςpasēsallG3956A-GSF
ἀδικίας.adikiasunrighteousness.G0093N-GSF
  1. belijden, Hij is Namelijk voor God, met waar berouw en betering.
  2. getrouw en Namelijk in Zijn beloften, die Hij den boetvaardigen zondaren gedaan heeft.
  3. rechtvaardig, Dat is, niet dat de belijdenis der zonden naar de rechtvaardigheid Gods de vergeving der zonden zou verdienen, maar dit woord verklaart het voorgaande, daar de rechtvaardigheid vereist, dat iemand volbrengt het geen Hij beloofd heeft. Zie Psa 143:1; 2Pe 1:1.

10 Indiën wij zeggen, dat wij niet gezondigd hebben, zo maken wij Hem tot een leugenaar, en Zijn woord is niet in ons.12

Original Greek

ἐὰνeanIfG1437COND
εἴπωμενeipōmenwe shall sayG2036V-2AAS-1P
ὅτιhotithatG3754GCONJ
οὐχouchnotG3756PRT-N
ἡμαρτήκαμεν,hēmartēkamenwe have sinned,G0264V-RAI-1P
ψεύστηνpseustēna liarG5583N-ASM
ποιοῦμενpoioumenwe makeG4160GV-PAI-1P
αὐτὸνautonHimG0846P-ASM
καὶkaiandG2532CONJ
ὁhotheG3588T-NSM
λόγοςlogoswordG3056N-NSM
αὐτοῦautouof HimG0846P-GSM
οὐκouknotG3756PRT-N
ἔστινestinisG1510V-PAI-3S
ἐνeninG1722PREP
ἡμῖν.¶hēminus.G3165P-1DP
  1. maken wij Hem Namelijk zoveel in ons is; dat is, beschuldigen Hem van leugen, alzo Hij in Zijn woord anders getuigt.
  2. Zijn woord is Dat is, de waarheid; namelijk die God in Zijn Woord voorstelt, gelijk Hij spreekt vs.8.