reltext

Chapter 19

1 De arme, in zijn oprechtheid wandelende, is beter dan de verkeerde van lippen, en die een zot is.123

Original Hebrew

טֽוֹב\־טוב\טֽוֹב\־טוב\tov-[is] goodH2896A\H9014HAamsa
רָ֭שׁר֭שרָשׁרשrasha poor [person]H7326HVqrmsa
הוֹלֵ֣ךְהול֣ךהוֹלֵךְהולךho.Lekh[who] walksH1980IHVqrmsa
בְּ/תֻמּ֑/וֹב/תמ֑/ובְּ/תֻמּ/וֹב/תמ/וbe./tu.M/oin/ integrity/ hisH9003H8537H9023HR+Ncmsc+Sp3ms
מֵ/עִקֵּ֥שׁמ/עק֥שמֵ/עִקֵּשׁמ/עקשme./'i.Keshmore than/ [the] [person] perverse ofH9006H6141HR+Aamsc
שְׂ֝פָתָ֗י/וש֝פת֗י/ושְׂפָתָי/ושפתי/וSe.fa.Ta/vlips/ hisH8193HH9023HNcfdc+Sp3ms
וְ/ה֣וּאו/ה֣ואוְ/הוּאו/הואve./Hu'and/ heH9002H1931HC+Pp3ms
כְסִֽיל\׃כסיל\כְסִֽיל\׃כסיל\khe.Sil[is] a foolH3684\H9016HAamsa
  1. in zijn oprechtheid Dat is, in ongeveinsde vroomheid levende, zie boven Pro 2:7 .
  2. verkeerde Zie boven Pro 2:12 .
  3. zot is Zie boven Pro 1:22 .

2 Ook is de ziel zonder wetenschap niet goed; en die met de voeten haastig is, zondigt.1234

Original Hebrew

גַּ֤םג֤םגַּםגםgamalsoH1571HD
בְּ/לֹא\־ב/לא\בְּ/לֹא\־ב/לא\be./lo'-with/ notH9003H3808\H9014HR+Tn
דַ֣עַתד֣עתדַעַתדעתDa.'atknowledgeH1847HNcfsa
נֶ֣פֶשׁנ֣פשנֶפֶשׁנפשNe.fesha personH5315JHNcfsa
לֹא\־לא\לֹא\־לא\lo'-notH3808\H9014HTn
ט֑וֹבט֑ובטוֹבטובTov[is] goodH2896AHAamsa
וְ/אָ֖ץו/א֖ץוְ/אָץו/אץve./'Atzand/ [one who] hastensH9002H0213HC+Vqrmsa
בְּ/רַגְלַ֣יִםב/רגל֣יםבְּ/רַגְלַיִםב/רגליםbe./rag.La.yimwith/ feetH9003H7272HR+Ncfda
חוֹטֵֽא\׃חוטא\חוֹטֵֽא\׃חוטא\cho.Te'[is] missingH2398\H9016HVqrmsa
  1. ziel Dat is, de lust en genegenheid om iets te doen of te laten. Zie Psa 27:12 . De profeet bestraft twee dingen:<i>I.</i> Tot iets genegen te zijn, waar men geen verstand van heeft.<i>II.</i> Zo men er verstand van heeft, met onbedachte en haastige zinnen dat aan te gaan en na te jagen.
  2. zonder wetenschap Dat is, die niet verstaat wat hij doen of laten moet om God te behagen en stichtelijk met de mensen te verkeren.
  3. niet goed; Dat is, zeer kwaad en schadelijk; vergelijk boven Pro 17:26 en de aantekening.
  4. haastig is, Te weten, ten kwade. Of versta, die haastiglijk voortloopt met zijn onbedachte zinnen en voortdrijvende gemoedsbewegingen, zonder eerst wel beraden te zijn; zie boven Pro 1:15 .

3 De dwaasheid des mensen zal zijn weg verkeren; en zijn hart zal zich tegen den Heere vergrammen.12

Original Hebrew

אִוֶּ֣לֶתאו֣לתאִוֶּלֶתאולת'i.Ve.let[the] folly ofH0200HNcfsc
אָ֭דָםא֭דםאָדָםאדם'A.doma personH0120GHNcmsa
תְּסַלֵּ֣ףתסל֣ףתְּסַלֵּףתסלףte.sa.Lefit subvertsH5557HVpi3fs
דַּרְכּ֑/וֹדרכ֑/ודַּרְכּ/וֹדרכ/וdar.K/oway/ hisH1870GH9023HNcbsc+Sp3ms
וְ/עַל\־ו/על\וְ/עַל\־ו/על\ve./'al-and/ towardsH9002H5921A\H9014HC+R
יְ֝הוָ֗הי֝הו֗היְהוָהיהוהYah.wehYahwehH3068GHNpt
יִזְעַ֥ףיזע֥ףיִזְעַףיזעףyiz.'Afit ragesH2196HVqi3ms
לִבּֽ/וֹ\׃לב/ו\לִבּֽ/וֹ\׃לב/ו\li.B/oheart/ hisH3820AH9023\H9016HNcmsc+Sp3ms
  1. zijn weg Dat is, zijn voorstel, handel en zaken doen mislukken, kwalijk slaan en te gronde brengen.
  2. tegen den HEERE Dat is, zal murmureren en zich ontstellen met een gevoel alsof de schuld bij den Heere was, dat al zijn voornemen en doen verloren gaat.

4 Het goed brengt veel vrienden toe; maar de arme wordt van zijn vriend gescheiden.1

Original Hebrew

ה֗וֹןה֗וןהוֹןהוןHonwealthH1952HNcmsa
יֹ֭סִיףי֭סיףיֹסִיףיסיףYo.sifit addsH3254HHVhi3ms
רֵעִ֣יםרע֣יםרֵעִיםרעיםre.'ImfriendsH7453HNcmpa
רַבִּ֑יםרב֑יםרַבִּיםרביםra.BimmanyH7227AHAampa
וְ֝/דָ֗לו֝/ד֗לוְ/דָלו/דלve./Daland/ a poor [person]H9002H1800HC+Aamsa
מֵ/רֵ֥ע/הוּמ/ר֥ע/הומֵ/רֵע/הוּמ/רע/הוme./Re.'./hufrom/ friend/ hisH9006H7453H9023HR+Ncmsc+Sp3ms
יִפָּרֵֽד\׃יפרד\יִפָּרֵֽד\׃יפרד\yi.pa.Redhe is separatedH6504\H9016HVNi3ms
  1. vriend gescheiden Al heeft hij maar een vriend, van dien wordt hij zelfs ook dikwijls verlaten.

5 Een vals getuige zal niet onschuldig zijn; en die leugenen blaast, zal niet ontkomen.123

Original Hebrew

עֵ֣דע֣דעֵדעד'eda witness ofH5707HNcmsc
שְׁ֭קָרִיםש֭קריםשְׁקָרִיםשקריםShe.ka.rimliesH8267HNcmpa
לֹ֣אל֣אלֹאלאlo'notH3808HTn
יִנָּקֶ֑הינק֑היִנָּקֶהינקהyi.na.Kehhe will go unpunishedH5352HVNi3ms
וְ/יָפִ֥יחַו/יפ֥יחוְ/יָפִיחַו/יפיחve./ya.Fi.achand/ he may breathe outH9002H6315HC+Vqu3ms
כְּ֝זָבִ֗יםכ֝זב֗יםכְּזָבִיםכזביםke.za.VimliesH3577HNcmpa
לֹ֣אל֣אלֹאלאlo'notH3808HTn
יִמָּלֵֽט\׃ימלט\יִמָּלֵֽט\׃ימלט\yi.ma.Lethe will escapeH4422\H9016HVNi3ms
  1. Een vals Hebreeuws, een getuige der valsheden.
  2. niet onschuldig Dat is, niet ongestraft. Zie 1Ki 2:9 .
  3. leugens blaast, Alzo boven Pro 6:19 ; zie de aantekening aldaar.

6 Velen smeken het aangezicht des prinsen; en een ieder is een vriend desgenen, die giften geeft.123

Original Hebrew

רַ֭בִּיםר֭ביםרַבִּיםרביםRa.bimmany [people]H7227AHAampa
יְחַלּ֣וּיחל֣ויְחַלּוּיחלוye.cha.Luthey entreatH2470BHVpi3mp
פְנֵֽי\־פני\פְנֵֽי\־פני\fe.nei-[the] face ofH6440L\H9014HNcmpc
נָדִ֑יבנד֑יבנָדִיבנדיבna.Diva noble [person]H5081HHNcmsa
וְ/כָל\־ו/כל\וְ/כָל\־ו/כל\ve./kholand/ everyoneH9002H3605\H9014HC+Ncmsc
הָ֝/רֵ֗עַה֝/ר֗עהָ/רֵעַה/רעha./Re.a'[is] the/ friendH9009H7453HTd+Ncmsa
לְ/אִ֣ישׁל/א֣ישלְ/אִישׁל/אישle./'Ishof/ a person ofH9005H0376GHR+Ncmsc
מַתָּֽן\׃מתן\מַתָּֽן\׃מתן\ma.TangiftH4976\H9016HNcmsa
  1. aangezicht Dat is, den persoon. Zie van het Hebreeuwse woord in denzelfden zin genomen, Job 11:19 , en de aantekening.
  2. prinsen; Of, des milden. Zie van het Hebreeuwse woord Nadib, Job 12:21 .
  3. desgenen, Hebreeuws, den man, of den man der gift; dat is, die genegen is te geven en mildelijk te delen.

7 Al de broeders des armen haten hem; hoeveel te meer gaan zijn vrienden verre van hem! Hij loopt hen na met woorden, die niets zijn.12345678

Original Hebrew

כָּ֥לכ֥לכָּלכלkalallH3605HNcmsc
אֲחֵי\־אחי\אֲחֵי\־אחי\'a.chei-[the] brothers ofH0251G\H9014HNcmpc
רָ֨שׁ\׀ר֨ש\רָשׁ\׀רש\rasha poor [person]H7326\H9015HVqrmsa
שְֽׂנֵאֻ֗/הוּשנא֗/הושְֽׂנֵאֻ/הוּשנא/הוse.ne.'U./huthey hate/ himH8130H9033HVqp3cp+Sp3ms
אַ֤ףא֤ףאַףאף'afindeed?H0637HTj
כִּ֣יכ֣יכִּיכיkiforH3588AHTc
מְ֭רֵעֵ/הוּמ֭רע/הומְרֵעֵ/הוּמרע/הוMe.re.'e./hufriend[s]/ hisH4828H9023HNcmpc+Sp3ms
רָחֲק֣וּרחק֣ורָחֲקוּרחקוra.cha.Kuthey are distantH7368HVqp3cp
מִמֶּ֑/נּוּממ֑/נומִמֶּ/נּוּממ/נוmi.Me./nufrom/ himH4480AH9033HR+Sp3ms
מְרַדֵּ֖ףמרד֖ףמְרַדֵּףמרדףme.ra.Def[one who] pursuesH7291HVprmsa
אֲמָרִ֣יםאמר֣יםאֲמָרִיםאמרים'a.ma.RimwordsH0561HNcmpa
ל/וֹל/ול/וֹל/וl/o-to/ himH9005H9033HR+Sp3ms
הֵֽמָּה\׃המה\הֵֽמָּה\׃המה\He.mahtheyH1992\H9016HPp3mp
  1. broeders Dat is, die hem in maagschap bestaan, hoewel niet toegedaan in oprechte en ongeveinsde liefde.
  2. armen Dat is, desgenen, die verarmd is en afgegaan van goed.
  3. haten hem; Dat is, verlaten hem, even alsof zij hem haatten; of zij hebben hem minder lief dan voordat hij arm was. Zie Gen 29:31 .
  4. zijn vrienden Dat is, zijne bekenden en metgezellen, hoewel maar in schijn. Want hoedanig een ongeveinsd vriend is, zie boven Pro 17:17 , en Pro 18:24 .
  5. Hij Te weten, de arme.
  6. loopt Te weten, zijne broeders en vrienden.
  7. woorden Te weten, waardoor hij hen om hulp roept.
  8. niets zijn Dat is, van gene kracht of waarde, overmits zij niet aangenomen, maar veracht worden. Of, [maar] zij, te weten, de broeders en vrienden, zijn dezelve niet; te weten, waardoor zij zich uitgaven, eer de verarmde uit oorzaak zijner armoede hen naliep. Anders: hij volgt woorden, die niet zijn; dat is, hij steunt op de beloften, die zij hem gegeven hebben eer hij arm werd, die van gene waarde zijn.

8 Die verstand bekomt, heeft zijn ziel lief; hij neemt de verstandigheid waar, om het goede te vinden.123

Original Hebrew

קֹֽנֶה\־קנה\קֹֽנֶה\־קנה\ko.neh-[one who] acquiresH7069\H9014HVqrmsa
לֵּ֭בל֭בלֵּבלבlevheartH3820AHNcmsa
אֹהֵ֣באה֣באֹהֵבאהב'o.Hev[is] lovingH0157GHVqrmsa
נַפְשׁ֑/וֹנפש֑/ונַפְשׁ/וֹנפש/וnaf.Sh/oown self/ hisH5315GH9023HNcfsc+Sp3ms
שֹׁמֵ֥רשמ֥רשֹׁמֵרשמרsho.Mer[one who] keepsH8104HHVqrmsa
תְּ֝בוּנָ֗הת֝בונ֗התְּבוּנָהתבונהte.vu.NahunderstandingH8394HNcfsa
לִ/מְצֹא\־ל/מצא\לִ/מְצֹא\־ל/מצא\li/m.tzo'-[is] to/ findH9005H4672\H9014HR+Vqcc
טֽוֹב\׃טוב\טֽוֹב\׃טוב\TovgoodH2896B\H9016HAamsa
  1. verstand Dat is, die verstand zoekt te bekomen. Hebreeuws, het hart; welk woord dikwijls in de Heilige Schrift voor wijsheid en verstand genomen wordt. Zie Job 9:4 .
  2. verstandigheid Zie boven Pro 1:3 .
  3. het goede Zie boven Pro 16:20 .

9 Een vals getuige zal niet onschuldig zijn; en die leugenen blaast, zal vergaan.1

Original Hebrew

עֵ֣דע֣דעֵדעד'eda witness ofH5707HNcmsc
שְׁ֭קָרִיםש֭קריםשְׁקָרִיםשקריםShe.ka.rimliesH8267HNcmpa
לֹ֣אל֣אלֹאלאlo'notH3808HTn
יִנָּקֶ֑הינק֑היִנָּקֶהינקהyi.na.Kehhe will go unpunishedH5352HVNi3ms
וְ/יָפִ֖יחַו/יפ֖יחוְ/יָפִיחַו/יפיחve./ya.Fi.achand/ he may breathe outH9002H6315HC+Vqu3ms
כְּזָבִ֣יםכזב֣יםכְּזָבִיםכזביםke.za.VimliesH3577HNcmpa
יֹאבֵֽד\׃\ \פיאבד\\ \פיֹאבֵֽד\׃\ \פיאבד\\ \פyo.Vedhe will perishH0006\H9016\ \H9017HVqi3ms
  1. Een vals Hebreeuws, een getuige der valsheden. Alzo boven vs.5. Zie aldaar de aantekening.

10 De weelde staat een zot niet wel; hoeveel te min een knecht te heersen over vorsten!1

Original Hebrew

לֹֽא\־לא\לֹֽא\־לא\lo'-notH3808\H9014HTn
נָאוֶ֣הנאו֣הנָאוֶהנאוהna.Veh[is] suitableH5000HAamsa
לִ/כְסִ֣ילל/כס֣יללִ/כְסִילל/כסילli/kh.Silfor/ a foolH9005H3684HR+Aamsa
תַּעֲנ֑וּגתענ֑וגתַּעֲנוּגתענוגta.'a.NugluxuryH8588HNcmsa
אַ֝֗ףא֝֗ףאַףאף'Afindeed?H0637HTj
כִּֽי\־כי\כִּֽי\־כי\ki-forH3588A\H9014HTc
לְ/עֶ֤בֶד\׀ל/ע֤בד\לְ/עֶבֶד\׀ל/עבד\le./'E.vedfor/ a slaveH9005H5650\H9015HR+Ncmsa
מְשֹׁ֬למש֬למְשֹׁלמשלme.Sholto ruleH4910HVqcc
בְּ/שָׂרִֽים\׃ב/שרים\בְּ/שָׂרִֽים\׃ב/שרים\be./sa.Rimover/ princesH9003H8269\H9016HR+Ncmpa
  1. een zot De reden is, omdat hij daardoor nog zotter wordt; dat is darteler en moedwilliger.

11 Het verstand des mensen vertraagt zijn toorn; en zijn sieraad is de overtreding voorbij te gaan.123

Original Hebrew

שֵׂ֣כֶלש֣כלשֵׂכֶלשכלSe.khel[the] prudence ofH7922HNcmsc
אָ֭דָםא֭דםאָדָםאדם'A.doma personH0120GHNcmsa
הֶאֱרִ֣יךְהאר֣יךהֶאֱרִיךְהאריךhe.'e.Rikhit makes longH0748HVhp3ms
אַפּ֑/וֹאפ֑/ואַפּ/וֹאפ/ו'a.P/oanger/ hisH0639GH9023HNcmsc+Sp3ms
וְ֝/תִפאַרְתּ֗/וֹו֝/תפארת֗/ווְ/תִפאַרְתּ/וֹו/תפארת/וve./ti.Peh.'ar.T/oand/ glory/ hisH9002H8597H9023HC+Ncfsc+Sp3ms
עֲבֹ֣רעב֣רעֲבֹרעבר'a.Vor[is] to passH5674AHVqcc
עַל\־על\עַל\־על\'al-overH5921A\H9014HR
פָּֽשַׁע\׃פשע\פָּֽשַׁע\׃פשע\Pa.sha'transgressionH6588\H9016HNcmsa
  1. vertrekt Hebreeuws, verlengt; dat is vertraagt zijnen toorn, stelt hem uit, houdt hem in. Anders: het is een kloek verstand van den mens, dat hij zijn toorn vertrekt. Dezelfde manier van spreken is ook Isa 48:9 .
  2. zijn sieraad Te weten, des mensen.
  3. de overtreding Dat is, het kwaad, dat hem aangedaan is, voorbij te gaan, door hetzelve te vergeten en te vergeven, naardat de eer Gods en de stichting der mensen zulks lijden kunnen.

12 Des konings gramschap is als het brullen eens jongen leeuws; maar zijn welgevallen is als dauw op het kruid.123

Original Hebrew

נַ֣הַםנ֣הםנַהַםנהםNa.ham[is] a roaringH5099HNcmsa
כַּ֭/כְּפִירכ֭/כפירכַּ/כְּפִירכ/כפירKa./ke.firlike <the>/ young lionH9004H3715AHRd+Ncmsa
זַ֣עַףז֣עףזַעַףזעףZa.'af[the] rage ofH2197HNcmsc
מֶ֑לֶךְמ֑לךמֶלֶךְמלךMe.lekha kingH4428GHNcmsa
וּ/כְ/טַ֖לו/כ/ט֖לוּ/כְ/טַלו/כ/טלu./khe./Taland/ [is] like/ dewH9002H9004H2919HC+R+Ncmsa
עַל\־על\עַל\־על\'al-onH5921A\H9014HR
עֵ֣שֶׂבע֣שבעֵשֶׂבעשב'E.sevgrassH6212HNcmsa
רְצוֹנֽ/וֹ\׃רצונ/ו\רְצוֹנֽ/וֹ\׃רצונ/ו\re.tzo.N/ofavor/ hisH7522H9023\H9016HNcmsc+Sp3ms
  1. jongen leeuws; Genaamd bij de Hebreën chephir, die zeer moedig en fel is, zijnde ouder en meerder dan het welp van een leeuw, hetwelk zij gur noemen; zie Eze 19:2 .
  2. zijn welgevallen Dat is, zijne gunst en goedwilligheid, die hij iemand toedraagt.
  3. dauw Waardoor het kruid bevochtigd, verkwikt en gevoed wordt.

13 Een zotte zoon is zijn vader grote ellende; en de kijvingen ener vrouw als een gestadig druipen.123

Original Hebrew

הַוֹּ֣תהו֣תהַוֹּתהותha.Vot[is] destruction<s>H1942HNcfpa
לְ֭/אָבִי/ול֭/אבי/ולְ/אָבִי/ול/אבי/וLe./'a.vi/vto/ father/ hisH9005H0001GH9023HR+Ncmsc+Sp3ms
בֵּ֣ןב֣ןבֵּןבןbena sonH1121AHNcmsa
כְּסִ֑ילכס֑ילכְּסִילכסילke.Sila foolH3684HAamsa
וְ/דֶ֥לֶףו/ד֥לףוְ/דֶלֶףו/דלףve./De.lefand/ [are] a drippingH9002H1812HC+Ncmsa
טֹ֝רֵ֗דט֝ר֗דטֹרֵדטרדto.RedcontinuousH2956HVqrmsa
מִדְיְנֵ֥ימדינ֥ימִדְיְנֵימדיניmid.ye.Nei[the] contentions ofH4079HNcmpc
אִשָּֽׁה\׃אשה\אִשָּֽׁה\׃אשה\'i.Shaha wifeH0802H\H9016HNcfsa
  1. ellende; Het Hebreeuwse woord staat in het getal van velen, om de grootheid of veelheid der ellende en des verdriets uit te drukken.
  2. vrouw Versta, ene huisvrouw, die met haar gekijf veel ongenoegen, beroerte en schade in de huishouding kan aanrichten.
  3. gestadig Te weten, hetwelk het huis doet verrotten, het huisraad beschadigt, de huisgenoten kwelt, ja, eindelijk ook uit het huis jaagt.

14 Huis en goed is een erve van de vaderen; maar een verstandige vrouw is van den Heere.12

Original Hebrew

בַּ֣יִתב֣יתבַּיִתביתBa.yithouseH1004BHNcmsa
וָ֭/הוֹןו֭/הוןוָ/הוֹןו/הוןVa./honand/ wealthH9002H1952HC+Ncmsa
נַחֲלַ֣תנחל֣תנַחֲלַתנחלתna.cha.Lat[are] an inheritance ofH5159HNcfsc
אָב֑וֹתאב֑ותאָבוֹתאבות'a.VotfathersH0001GHNcfpa
וּ֝/מֵ/יְהוָ֗הו֝/מ/יהו֗הוּ/מֵ/יְהוָהו/מ/יהוהvu./me./Yah.wehand/ [is] from/ YahwehH9002H9006H3068GHC+R+Npt
אִשָּׁ֥האש֥האִשָּׁהאשה'i.Shaha wifeH0802HHNcfsa
מַשְׂכָּֽלֶת\׃משכלת\מַשְׂכָּֽלֶת\׃משכלת\mas.Ka.letprudentH7919A\H9016HVhrfsa
  1. is een erve Dat is, worden geërfd van de ouders.
  2. is van den HEERE Te weten, als een bijzondere gave, die niet allen gegeven wordt, en niet komt door erfenis en successie; zie boven Pro 18:22 .

15 Luiheid doet in diepen slaap vallen; en een bedriegelijke ziel zal hongeren.12

Original Hebrew

עַ֭צְלָהע֭צלהעַצְלָהעצלה'Atz.lahlazinessH6103HNcfsa
תַּפִּ֣ילתפ֣ילתַּפִּילתפילta.Pilit makes fallH5307GHVhi3fs
תַּרְדֵּמָ֑התרדמ֑התַּרְדֵּמָהתרדמהtar.de.Mahdeep sleepH8639HNcfsa
וְ/נֶ֖פֶשׁו/נ֖פשוְ/נֶפֶשׁו/נפשve./Ne.feshand/ a person ofH9002H5315JHC+Ncfsc
רְמִיָּ֣הרמי֣הרְמִיָּהרמיהre.mi.YahidlenessH7423BHNcfsa
תִרְעָֽב\׃תרעב\תִרְעָֽב\׃תרעב\tir.'Avhe will be hungryH7456\H9016HVqi3fs
  1. Luiheid De luiheid brengt lediggang voort; de lediggang werkt slaapzucht; waaruit dan komt ongezondheid, vadzigheid der leden en domheid des geestes; met welke ook armoede pleegt te volgen.
  2. een bedriegelijke Versta, een mens die niet werken wil, en daarom door kwade praktijken den kost zoekt te krijgen. Vergelijk boven Pro 10:4 .

16 Die het gebod bewaart, bewaart zijn ziel; die zijn wegen veracht, zal sterven.12

Original Hebrew

שֹׁמֵ֣רשמ֣רשֹׁמֵרשמרsho.Mer[one who] keepsH8104GHVqrmsa
מִ֭צְוָהמ֭צוהמִצְוָהמצוהMitz.vaha commandmentH4687HNcfsa
שֹׁמֵ֣רשמ֣רשֹׁמֵרשמרsho.Mer[is] guardingH8104HHVqrmsa
נַפְשׁ֑/וֹנפש֑/ונַפְשׁ/וֹנפש/וnaf.Sh/olife/ hisH5315HH9023HNcfsc+Sp3ms
בּוֹזֵ֖הבוז֖הבּוֹזֵהבוזהbo.Zeh[the] [one who] despisesH0959HVqrmsc
דְרָכָ֣י/ודרכ֣י/ודְרָכָי/ודרכי/וde.ra.Kha/v<of> ways/ hisH1870GH9023HNcmpc+Sp3ms
יָמֽוּת\׃ימות\יָמֽוּת\׃ימות\yu.mathe will dieH4191\H9016HVqi3ms
  1. gebod Dat is, de geboden, te weten, Gods en voornamelijk die Hij gebiedt in de wet der zeden. Zie Gen 26:5 .
  2. zijn wegen Dat is, geen acht geeft op zijn handel en wandel, doen en laten; om zulks alles naar het Woord van God aan te stellen.

17 Die zich des armen ontfermt, leent den Heere, en Hij zal hem zijn weldaad vergelden.1

Original Hebrew

מַלְוֵ֣המלו֣המַלְוֵהמלוהmal.Veh[is] lending toH3867BHVhrmsc
יְ֭הוָהי֭הוהיְהוָהיהוהYah.wehYahwehH3068GHNpt
ח֣וֹנֵֽןח֣ונןחוֹנֵֽןחונןCho.nen[one who] shows favor toH2603AHVqrmsa
דָּ֑לד֑לדָּלדלDala poor [person]H1800HAamsa
וּ֝/גְמֻל֗/וֹו֝/גמל֗/ווּ/גְמֻל/וֹו/גמל/וu./ge.mu.L/oand/ recompense/ hisH9002H1576H9023HC+Ncmsc+Sp3ms
יְשַׁלֶּם\־ישלם\יְשַׁלֶּם\־ישלם\ye.sha.lem-he will repayH7999A\H9014HVpi3ms
לֽ/וֹ\׃ל/ו\לֽ/וֹ\׃ל/ו\l/oto/ himH9005H9033\H9016HR+Sp3ms
  1. Hij zal hem Namelijk, de Heere.

18 Tuchtig uw zoon, als er nog hoop is; maar verhef uw ziel niet, om hem te doden.1234

Original Hebrew

יַסֵּ֣ריס֣ריַסֵּריסרya.SerdisciplineH3256HVpv2ms
בִּ֭נְ/ךָב֭נ/ךבִּנְ/ךָבנ/ךBin./khason/ yourH1121AH9021HNcmsc+Sp2ms
כִּי\־כי\כִּי\־כי\ki-forH3588A\H9014HTc
יֵ֣שׁי֣שיֵשׁישyeshthereH3426HAcbsa
תִּקְוָ֑התקו֑התִּקְוָהתקוהtik.Vah[is] hopeH8615BHNcfsa
וְ/אֶל\־ו/אל\וְ/אֶל\־ו/אל\ve./'el-and/ toH9002H0413\H9014HC+R
הֲ֝מִית֗/וֹה֝מית֗/והֲמִית/וֹהמית/וha.mi.T/oputting to death/ himH4191H9033HVhcc+Sp3ms
אַל\־אל\אַל\־אל\'al-may notH0408\H9014HTn
תִּשָּׂ֥אתש֥אתִּשָּׂאתשאti.Sa'you lift upH5375OHVqj2ms
נַפְשֶֽׁ/ךָ\׃נפש/ך\נַפְשֶֽׁ/ךָ\׃נפש/ך\naf.She./khadesire/ yourH5315GH9021\H9016HNcfsc+Sp2ms
  1. Tuchtig uw zoon, Te weten, met woorden en slagen. Zie van het Hebreeuwse woord boven Pro 9:7 .
  2. hoop is; Te weten, dat hij door onderwijs en kastijding zou mogen gebeterd worden.
  3. verhef Dat is, vaar niet uit met een kwade begeerte, om, enz. Het verheffen zijner ziel betekent wel somtijds goede en geoorloofde drijving van het gemoed, verenigd met grote begeerte en verlangen, gelijk Deu 24:15 ; Psa 25:1 ; Jer 44:14 , maar het betekent ook lust en drijving tot hetgeen kwaad is, gelijk hier, Psa 24:4 ; Hos 4:8 . Anders: uw hart vergeve [hem] niet tot zijn verderf, of verhef uwe ziel niet om zijn getier; dat is, vraag er niet naar.
  4. te doden Te weten, door gebrek van straf, òf te veel slaan, òf andere hardheid.

19 Die groot is van grimmigheid, zal straf dragen; want zo gij hem uitredt, zo zult gij nog moeten voortvaren.1234

Original Hebrew

גְּֽדָלגדלגְּֽדָלגדלgo.ral-a [person] great ofH1419AHAamsc
חֵ֭מָהח֭מהחֵמָהחמהChe.mahrageH2534HNcfsa
נֹ֣שֵׂאנ֣שאנֹשֵׂאנשאNo.se'[is] bearingH5375JHVqrmsa
עֹ֑נֶשׁע֑נשעֹנֶשׁענש'O.nesh[the] penaltyH6066HNcmsa
כִּ֥יכ֥יכִּיכיkithatH3588BHTc
אִם\־אם\אִם\־אם\'im-exceptH0518B\H9014HTc
תַּ֝צִּ֗ילת֝צ֗ילתַּצִּילתצילta.Tzilyou will rescueH5337HVhi2ms
וְ/ע֣וֹדו/ע֣ודוְ/עוֹדו/עודve./'odand/ againH9002H5750HC+Acmsa
תּוֹסִֽף\׃תוסף\תּוֹסִֽף\׃תוסף\to.Sifyou will repeatH3254G\H9016HVhi2ms
  1. Die groot is Te weten, de zoon, die zeer moedwillig en korzel is, of om der straf wil veel getier en grote beroerte maakt.
  2. straf dragen; Dat is, behoort de straf niet te ontgaan, zelfs ook om zijn onmatig gebaar, dat hij aanstelt.
  3. uitredt, Te weten, uit de straf, die hij verdiend heeft.
  4. voortvaren Te weten, met hem te straffen, overmits hij, los zijnde van kastijding, bozer zal worden en een oorzaak van veel kwaad. Of, hij zal boete betalen; want zo gij hem uithelpt, dat is, de boete voor hem betaalt, zult gij het meer moeten doen. Sommigen nemen deze spreuk in het algemeen van alle zeer grimmige mensen.

20 Hoor raad, en ontvang tucht, opdat gij in uw laatste wijs zijt.123

Original Hebrew

שְׁמַ֣עשמ֣עשְׁמַעשמעshe.Ma'listen toH8085GHVqv2ms
עֵ֭צָהע֭צהעֵצָהעצה'E.tzahcounselH6098HNcfsa
וְ/קַבֵּ֣לו/קב֣לוְ/קַבֵּלו/קבלve./ka.Beland/ acceptH9002H6901HC+Vpv2ms
מוּסָ֑רמוס֑רמוּסָרמוסרmu.SarcorrectionH4148HHNcmsa
לְ֝מַ֗עַןל֝מ֗עןלְמַעַןלמעןle.Ma.'anso thatH4616HTc
תֶּחְכַּ֥םתחכ֥םתֶּחְכַּםתחכםtech.Kamyou may become wiseH2449HVqj2ms
בְּ/אַחֲרִיתֶֽ/ךָ\׃ב/אחרית/ך\בְּ/אַחֲרִיתֶֽ/ךָ\׃ב/אחרית/ך\be./'a.cha.ri.Te./khain/ end/ yourH9003H0319H9021\H9016HR+Ncfsc+Sp2ms
  1. raad, Te weten, goeden en wijzen raad.
  2. tucht, Dat is, ware onderwijzing door woorden, of ook kastijding door straffen. Zie van het Hebreeuwse woord boven Pro 7:22 , en vergelijk boven Pro 9:7 .
  3. laatste Zie van dit woord Psa 37:37 .

21 In het hart des mans zijn veel gedachten; maar de raad des Heeren, die zal bestaan.123

Original Hebrew

רַבּ֣וֹתרב֣ותרַבּוֹתרבותra.BotmanyH7227AHAafpa
מַחֲשָׁב֣וֹתמחשב֣ותמַחֲשָׁבוֹתמחשבותma.cha.sha.VotplansH4284HNcfpa
בְּ/לֶב\־ב/לב\בְּ/לֶב\־ב/לב\be./lev-[are] in/ [the] heart ofH9003H3820A\H9014HR+Ncmsc
אִ֑ישׁא֑ישאִישׁאיש'Isha personH0376GHNcmsa
וַ/עֲצַ֥תו/עצ֥תוַ/עֲצַתו/עצתva./'a.Tzatand/ [the] purpose ofH9002H6098HC+Ncfsc
יְ֝הוָ֗הי֝הו֗היְהוָהיהוהYah.wehYahwehH3068GHNpt
הִ֣יאה֣יאהִיאהיאhi'itH1931HPp3fs
תָקֽוּם\׃תקום\תָקֽוּם\׃תקום\ta.Kumit will standH6965I\H9016HVqi3fs
  1. In het hart Te weten, die nimmermeer uit het hart komen metterdaad, ja, ook niet met woorden; gelijk deze zin uit de tegenstelling van het volgende lid van vs.21 kan afgenomen worden.
  2. des mans Dat is, des mensen. Zie Job 12:10 .
  3. de raad des HEEREN, Dat is, dat God besloten heeft; alzo Psa 33:11 ; Isa 25:1 ; Act 2:23 .

22 De wens des mensen is zijn weldadigheid; maar de arme is beter dan een leugenachtig man.1234

Original Hebrew

תַּאֲוַ֣תתאו֣תתַּאֲוַתתאותta.'a.Vat[is the] desire ofH8378HNcfsc
אָדָ֣םאד֣םאָדָםאדם'a.Dama personH0120GHNcmsa
חַסְדּ֑/וֹחסד֑/וחַסְדּ/וֹחסד/וchas.D/oloyalty/ hisH2617AH9023HNcmsc+Sp3ms
וְ/טֽוֹב\־ו/טוב\וְ/טֽוֹב\־ו/טוב\ve./tov-and/ [is] goodH9002H2896A\H9014HC+Aamsa
רָ֝שׁר֝שרָשׁרשrasha poor [person]H7326HVqrmsa
מֵ/אִ֥ישׁמ/א֥ישמֵ/אִישׁמ/אישme./'Ishmore than/ a person ofH9006H0376GHR+Ncmsc
כָּזָֽב\׃כזב\כָּזָֽב\׃כזב\ka.ZavfalsehoodH3577\H9016HNcmsa
  1. des mensen Te weten, die gaarne rijk zou wezen, om een ieder [zo hij zegt] goed te doen, maar evenwel als hij rijk geworden is, dat niet doet. Anders: de wens des mensen zij zijne weldadigheid.
  2. zijn weldadigheid; Dat is, rijk te zijn, om goed aan den behoeftige te doen.
  3. de arme Dat is, die niet heeft om anderen te helpen, en ook met geen ijdele beloften hem teleurstelt.
  4. leugenachtig Te weten, die kan en belooft weldadigheid te bewijzen, doch dat metterdaad niet volbrengt.

23 De vreze des Heeren is ten leven; want men zal verzadigd zijnde vernachten; met het kwaad zal men niet bezocht worden.123456

Original Hebrew

יִרְאַ֣תירא֣תיִרְאַתיראתyir.'At[the] fear ofH3374HNcfsc
יְהוָ֣היהו֣היְהוָהיהוהYah.wehYahwehH3068GHNpt
לְ/חַיִּ֑יםל/חי֑יםלְ/חַיִּיםל/חייםle./chai.Yim[is] to/ lifeH9005H2416EHR+Ncmpa
וְ/שָׂבֵ֥עַו/שב֥עוְ/שָׂבֵעַו/שבעve./sa.Ve.a'and/ satisfiedH9002H7649HC+Aamsa
יָ֝לִ֗יןי֝ל֗יןיָלִיןיליןya.Linsomeone will pass [the] nightH3885AHVqi3ms
בַּל\־בל\בַּל\־בל\bal-notH1077\H9014HTn
יִפָּ֥קֶדיפ֥קדיִפָּקֶדיפקדyi.Pa.kedhe will be visitedH6485IHVNi3ms
רָֽע\׃רע\רָֽע\׃רע\Ra'troubleH7451B\H9016HAamsa
  1. is ten leven; Dat is, voordelig voor het tijdelijke en eeuwige leven; 1Ti 4:8 .
  2. zal Te weten, als men de ware vreze des Heeren heeft.
  3. verzadigd Te weten, met Gods goederen en weldaden.
  4. vernachten; Dat is, goede rust hebben. Vergelijk Psa 25:13 . Van het tegendeel zie Psa 50:15-16 .
  5. kwaad Te weten, der straf.
  6. niet bezocht Namelijk ten verderve. Van het woord bezoeken zie Gen 21:1 .

24 Een luiaard verbergt de hand in den boezem, en hij zal ze niet weder aan zijn mond brengen.1

Original Hebrew

טָ֘מַ֤ןט֘מ֤ןטָמַןטמןta.Manhe hidesH2934HVqp3ms
עָצֵ֣לעצ֣לעָצֵלעצל'a.Tzela sluggardH6102HAamsa
יָ֭ד/וֹי֭ד/ויָד/וֹיד/וya.d/ohand/ hisH3027GH9023HNcbsc+Sp3ms
בַּ/צַּלָּ֑חַתב/צל֑חתבַּ/צַּלָּחַתב/צלחתba./tza.La.chatin the/ dishH9003H6747HRd+Ncfsa
גַּם\־גם\גַּם\־גם\gam-alsoH1571\H9014HD
אֶל\־אל\אֶל\־אל\'el-toH0413\H9014HR
פִּ֝֗י/הוּפ֝֗י/הופִּי/הוּפי/הוPi./humouth/ hisH6310GH9023HNcmsc+Sp3ms
לֹ֣אל֣אלֹאלאlo'notH3808HTn
יְשִׁיבֶֽ/נָּה\׃ישיב/נה\יְשִׁיבֶֽ/נָּה\׃ישיב/נה\ye.shi.Ve./nahhe brings back/ itH7725GH9034\H9016HVhi3ms+Sp3fs
  1. in den boezem, Dat is, hij wil zijne hand aan geen werk slaan. Anders: in den schotel, te weten om spijs daaruit te nemen. De zin is dat hij zo lui is, dat hij nauwelijks de moeite wil doen om te eten. Het is een overtollige manier van spreken. Vergelijk onder Pro 26:15 .

25 Sla den spotter, zo zal de slechte kloekzinnig worden; en bestraf den verstandige, hij zal wetenschap begrijpen.1234

Original Hebrew

לֵ֣ץל֣ץלֵץלץletza mockerH3887HAamsa
תַּ֭כֶּהת֭כהתַּכֶּהתכהTa.kehyou will strikeH5221HVhi2ms
וּ/פֶ֣תִיו/פ֣תיוּ/פֶתִיו/פתיu./Fe.tiand/ a naive personH9002H6612AHC+Ncmsa
יַעְרִ֑םיער֑םיַעְרִםיערםya'.Rimhe will become prudentH6191HVqi3ms
וְ/הוֹכִ֥יחַו/הוכ֥יחוְ/הוֹכִיחַו/הוכיחve./ho.Khi.achand/ to reproveH9002H3198HC+Vhcc
לְ֝/נָב֗וֹןל֝/נב֗וןלְ/נָבוֹןל/נבוןle./na.Von<to>/ a discerning [person]H9005H0995HR+VNrmsa
יָבִ֥יןיב֥יןיָבִיןיביןya.Vinhe will understandH0995HVqi3ms
דָּֽעַת\׃דעת\דָּֽעַת\׃דעת\Da.'atknowledgeH1847\H9016HNcfsa
  1. Sla Te weten, om hem over zijne spotternij te straffen.
  2. spotter, Zie Psa 1:1 .
  3. slechte Dit woord is hier in het goede genomen voor de onwetenden en eenvoudigen, die leerzaam zijn; zie boven Pro 1:4 .
  4. bestraf Te weten, met woorden. Alzo Gen 21:25 ; Job 15:3 ; boven Pro 9:8 .

26 Wie den vader verwoest, of de moeder verjaagt, is een zoon, die beschaamd maakt, en schande aandoet.123

Original Hebrew

מְֽשַׁדֶּד\־משדד\מְֽשַׁדֶּד\־משדד\me.sha.ded-[one who] assaultsH7703\H9014HVprmsa
אָ֭בא֭באָבאב'ava fatherH0001GHNcmsa
יַבְרִ֣יחַיבר֣יחיַבְרִיחַיבריחyav.Ri.achhe drives awayH1272HVhi3ms
אֵ֑םא֑םאֵםאם'Ema motherH0517HNcfsa
בֵּ֝֗ןב֝֗ןבֵּןבןBen[is] a sonH1121AHNcmsa
מֵבִ֥ישׁמב֥ישמֵבִישׁמבישme.Vish[who] brings shameH0954HVhrmsa
וּ/מַחְפִּֽיר\׃ו/מחפיר\וּ/מַחְפִּֽיר\׃ו/מחפיר\u./mach.Pirand/ [who] causes shameH9002H2659\H9016HC+Vhrmsa
  1. Wie den vader Te weten, zijn eigen vader of moeder.
  2. verwoest, Dat is, bloot en berooid maakt; zie van het Hebreeuwse woord ook Jdg 5:27 . Of, die den vader verwoest, verjaagt de moeder, hij is een zoon, enz.
  3. beschaamd Zie boven Pro 10:5 .

27 Laat af, mijn zoon, horende de tucht, af te dwalen van de redenen der wetenschap.123

Original Hebrew

חַֽדַל\־חדל\חַֽדַל\־חדל\cha.dal-ceaseH2308\H9014HVqv2ms
בְּ֭נִ/יב֭נ/יבְּנִ/יבנ/יBe.n/iO son/ myH1121AH9020HNcmsc+Sp1bs
לִ/שְׁמֹ֣עַל/שמ֣עלִ/שְׁמֹעַל/שמעli/sh.Mo.a'to/ listen toH9005H8085GHR+Vqcc
מוּסָ֑רמוס֑רמוּסָרמוסרmu.SarcorrectionH4148HHNcmsa
לִ֝/שְׁג֗וֹתל֝/שג֗ותלִ/שְׁגוֹתל/שגותli/sh.Gotto/ strayH9005H7686HR+Vqcc
מֵֽ/אִמְרֵי\־מ/אמרי\מֵֽ/אִמְרֵי\־מ/אמרי\me./'im.rei-from/ words ofH9006H0561\H9014HR+Ncmpc
דָֽעַת\׃דעת\דָֽעַת\׃דעת\Da.'atknowledgeH1847\H9016HNcfsa
  1. mijn zoon, Zie boven Pro 1:8 .
  2. horende Anders: laat af, mijn zoon, van te horen het onderwijs, [strekkende] tot het afdwalen, enz.; te weten, kwaad onderwijs, kwade tucht. Zie boven Pro 7:22 , en Pro 16:22 , en de aantekening.
  3. der wetenschap Dat is, die wetenschap voortbrengen.

28 Een Belialsgetuige bespot het recht; en de mond der goddelozen slokt de ongerechtigheid in.123

Original Hebrew

עֵ֣דע֣דעֵדעד'eda witness ofH5707HNcmsc
בְּ֭לִיַּעַלב֭ליעלבְּלִיַּעַלבליעלBe.li.ya.'alworthlessnessH1100IHNcmsa
יָלִ֣יץיל֣יץיָלִיץיליץya.Litzhe mocksH3887HVhi3ms
מִשְׁפָּ֑טמשפ֑טמִשְׁפָּטמשפטmish.PatjusticeH4941HHNcmsa
וּ/פִ֥יו/פ֥יוּ/פִיו/פיu./Fiand/ [the] mouth ofH9002H6310GHC+Ncmsc
רְ֝שָׁעִ֗יםר֝שע֗יםרְשָׁעִיםרשעיםre.sha.'Imwicked [people]H7563HNcmpa
יְבַלַּע\־יבלע\יְבַלַּע\־יבלע\ye.va.la'-it swallows upH1104\H9014HVpi3ms
אָֽוֶן\׃און\אָֽוֶן\׃און\'A.venwickednessH0205G\H9016HNcmsa
  1. Belialsgetuige Versta, een deugniet, die naar niemand wil horen. Zie Deu 13:13 .
  2. bespot Dewijl hij met valse getuigenis den rechter bedriegt. Anders: verbloemt de rechtzaak; dat is, geeft het een luister met zijne schone woorden en schijnbare redenen. Zie boven Pro 14:9 .
  3. slokt Gelijk de dronkaards hun drank ingieten. Vergelijk Job 15:16 . Anders: verslindt de ongerechtigheid; dat is, bedekt ze, of verbergt ze onder een bemanteling van woorden. Want dat verslonden en ingezwolgen is, wordt voor der mensen ogen weggedaan en verborgen.

29 Gerichten zijn voor de spotters bereid, en slagen voor den rug der zotten.1

Original Hebrew

נָכ֣וֹנוּנכ֣ונונָכוֹנוּנכונוna.Kho.nuthey are preparedH3559AHVNp3cp
לַ/לֵּצִ֣יםל/לצ֣יםלַ/לֵּצִיםל/לציםla./le.Tzimfor <the>/ mockersH9005H3887HRd+Aampa
שְׁפָטִ֑יםשפט֑יםשְׁפָטִיםשפטיםshe.fa.TimjudgmentsH8201HNcmpa
וּ֝/מַהֲלֻמ֗וֹתו֝/מהלמ֗ותוּ/מַהֲלֻמוֹתו/מהלמותu./ma.ha.lu.Motand/ blowsH9002H4112HC+Ncfpa
לְ/גֵ֣ול/ג֣ולְ/גֵול/גוle./Gevfor/ [the] back ofH9005H1460AHR+Ncmsc
כְּסִילִֽים\׃כסילים\כְּסִילִֽים\׃כסילים\ke.si.LimfoolsH3684\H9016HAampa
  1. Gerichten Dat is straffen, zo goddelijke, als menselijke, tijdelijke als eeuwige. Alzo Psa 119:120 ; Jer 48:47 ; Luk 24:20 ; Rom 13:2 .