reltext

Chapter 13

1 Voor muziekbegeleiding. Van David. De dwaas zegt bij zichzelf: "Er is geen God!" Slecht en schandelijk is zijn gedrag; Er is niemand, die het goede behartigt.

2 Jahweh blikt uit de hemelen neer Op de kinderen der mensen: Om te zien, of er niet één verstandige is, Niet één, die God zoekt.

3 Maar àllen zijn ze afgedwaald, Allen even bedorven; Er is niemand, die het goede behartigt, Geen enkele zelfs!

4 Worden al die zondaars dan nimmer verstandig: Ze blijven mijn volk maar verslinden, En het brood van Jahweh wel eten, Maar ze vereren Hem niet.

5 Maar, dan zullen ze beven van angst, Als Jahweh het opneemt voor het vrome geslacht;

6 De wijsheid van den eenvoudige zal hem beschamen, Omdat deze op Jahweh zijn hoop heeft gesteld.

Original Hebrew

אָשִׁ֥ירָהאש֥ירהאָשִׁירָהאשירה'a.Shi.rahI will singH7891HVqc1cs
לַ/יהוָ֑הל/יהו֑הלַ/יהוָהל/יהוהla./Yah.wehto/ YahwehH9005H3068GHR+Npt
כִּ֖יכ֖יכִּיכיkiforH3588AHTc
גָמַ֣לגמ֣לגָמַלגמלga.Malhe has dealt bountifullyH1580HVqp3ms
עָלָֽ/י\׃על/י\עָלָֽ/י\׃על/י\'a.La/itowards/ meH5921AH9030\H9016HR+Sp1bs

7 Ach, dat uit Sion Israëls redding mocht dagen, Als Jahweh het lot van zijn volk ten beste keert: Dan zal Jakob jubelen, En Israël juichen!