reltext

Chapter 1

1 Paulus, een apostel van Jezus Christus, naar het bevel van God, onzen Zaligmaker, en den Heere Jezus Christus, Die onze Hope is,12

Original Greek

ΠαῦλοςPaulosPaulG3972GN-NSM-P
ἀπόστολοςapostolosan apostleG0652N-NSM
κυριόυkuriouof [the] LordG2962GN-GSM-T
ΧριστοῦChristouChristG5547N-GSM-T
ἸησοῦIēsouJesusG2424GN-GSM-P
κατ᾽kat᾽according toG2596PREP
ἐπιταγὴνepitagēn[the] commandG2003N-ASF
θεοῦtheouof GodG2316N-GSM-T
σωτῆροςsōtēros[the] SaviorG4990N-GSM
ἡμῶνhēmōnof usG3165P-1GP
καὶkaiandG2532CONJ
κυριόυkuriouLordG2962GN-GSM-T
ΧριστοῦChristouChristG5547N-GSM-T
ἸησοῦIēsouJesusG2424GN-GSM-P
τῆςtēstheG3588T-GSF
ἐλπίδοςelpidoshopeG1680N-GSF
ἡμῶνhēmōnof usG3165P-1GP
  1. onzen Zaligmaker, Alzo wordt God de Vader ook elders genoemd, gelijk Luk 1:47; 1Ti 2:3; Tit 1:3, omdat Hij ons door Christus de zaligheid geeft. Zie 2Co 5:18, enz. Anderen lezen, Gods des Vaders, en onzes Zaligmakers Jezus Christus.
  2. onze Hope is, Dat is, de auteur en grond der hoop, die wij van onze zaligheid hebben. Zie Act 4:12.

2 Aan Timotheüs, mijn oprechten zoon in het geloof; genade, barmhartigheid, vrede zij u van God, onzen Vader, en Christus Jezus, onzen Heere.1234

Original Greek

ΤιμοθέῳTimotheōTo TimothyG5095N-DSM-P
γνησίῳgnēsiō[my] trueG1103A-DSN
τέκνῳteknōchildG5043N-DSN
ἐνeninG1722PREP
πίστει·pistei[the] faith:G4102GN-DSF
χάρις,charisGrace,G5485N-NSF
ἔλεος,eleosmercy,G1656N-NSN
εἰρήνηeirēnē[and] peaceG1515N-NSF
ἀπὸapofromG0575PREP
θεοῦtheouGodG2316N-GSM-T
πατρὸςpatros[the] FatherG3962N-GSM-T
ἡμῶνhēmōnof usG3165P-1GP
καὶkaiandG2532CONJ
ΧριστοῦChristouChristG5547N-GSM-T
ἸησοῦIēsouJesusG2424GN-GSM-P
τοῦtoutheG3588T-GSM
κυρίουkuriouLordG2962GN-GSM-T
ἡμῶν.¶hēmōnof us.G3165P-1GP
  1. mijn oprechten Dat is, mijn zeer lieven zoon, gelijk hij spreekt 2Ti 1:2; want het Griekse woord gnesios, of rechte, wordt niet gesteld tegen onrechte of verbasterde zonen, maar betekent een bijzondere trap der liefde van Paulus jegens hem, en ene bijzondere genegenheid en eerbied van Timotheüs jegens Paulus. Het is dan eigenlijk een zoon, die den aard des vaders wel uitdrukt, gelijk hij Titus ook noemt; Tit 1:3.
  2. in het geloof; Dat is, naar het algemeen geloof, gelijk hij spreekt Tit 1:3; waarmede Paulus aanwijst, dat hij niet spreekt van ene natuurlijke geboorte, maar van ene bovennatuurlijke, waardoor hij hem door het Evangelie van Christus gewonnen, en tot het algemeen geloof had gebracht. Zie 1Co 4:14-15.
  3. genade, Zie hiervan het begin van de andere zendbrieven van Paulus.
  4. barmhartigheid, vrede Dit is ene vrucht van de genade Gods; want gelijk door de genade de eeuwige genade onzer verkiezing hier bekwamelijk wordt verstaan, alzo wordt door de barmhartigheid de vergeving onzer zonden door het geloof, en door den vrede de gerustheid onzer conscientiën in God verstaan; Rom 5:1, enz.

3 Gelijk ik u vermaand heb, dat gij te Efeze zoudt blijven, als ik naar Macedonië reisde, zo vermaan ik het u nog, opdat gij sommigen beveelt geen andere leer te leren;1234

Original Greek

ΚαθὼςKathōseven asG2531CONJ
παρεκάλεσάparekalesaI urgedG3870V-AAI-1S
σεseyouG4771P-2AS
προσμεῖναιprosmeinaito remainG4357V-AAN
ἐνeninG1722PREP
ἘφέσῳEphesōEphesusG2181N-DSF-L
πορευόμενοςporeuomenos[when] I was goingG4198V-PNP-NSM
εἰςeistoG1519PREP
ΜακεδονίανMakedonianMacedoniaG3109N-ASF-L
ἵναinaso thatG2443CONJ
παραγγείλῃςparangeilēsyou may warnG3853V-AAS-2S
τισὶνtisincertain menG5100X-DPM
μὴmēnotG3361PRT-N
ἑτεροδιδασκαλεῖνheterodidaskaleinto teach other doctrinesG2085V-PAN
  1. vermaand heb, Of, gebeden heb.
  2. als ik naar Macedónië Van deze reis van Paulus, zie Act 20:1, enz.
  3. zo vermaan ik het u nog Dit of iets dergelijks moet hier noodzakelijk aangevuld worden uit het voorgaande, om den zin vol te maken; en hier wordt het doel uitgedrukt waarom Paulus Timotheüs te Efeze heeft gelaten, niet om daar altijd te blijven en daar bisschop te zijn, gelijk sommigen menen, maar voor een tijd, om als een evangelist en medearbeider der apostelen de gemeente te versterken tegen degenen, die verkeerde leringen zochten in te voeren, gelijk hij Act 20:29 spreekt. Want dat Timotheüs daarna weder tot Paulus is teruggekeerd, blijkt uit 2Ti 4:9-11.
  4. andere leer te leren; Dat is, vreemde of verkeerde leer.

4 Noch zich te begeven tot fabelen en oneindelijke geslachtsrekeningen, welke meer twist vragen voortbrengen dan stichting Gods, die in het geloof is.12

Original Greek

μηδὲmēdenorG3366CONJ-N
προσέχεινprosecheinto give heedG4337V-PAN
μύθοιςmuthoisto mythsG3454N-DPM
καὶkaiandG2532CONJ
γενεαλογίαιςgenealogiaisto genealogiesG1076N-DPF
ἀπεράντοις,aperantoisendless,G0562A-DPF
αἵτινεςaitineswhichG3748R-NPF
ἐκζητήσειςekzētēseisspeculationsG6027N-APF
παρέχουσινparechousinbringG3930V-PAI-3P
μᾶλλονmallonratherG3123HADV
ἢēthanG2228CONJ
οἰκονομίανoikonomianstewardshipG3622N-ASF
θεοῦtheouof GodG2316N-GSM-T
τὴνtēnwhich [is]G3588T-ASF
ἐνeninG1722PREP
πίστει.pisteifaith.G4102GN-DSF
  1. te begeven tot Of, te houden aan fabelen, acht hebben op fabelen. Hoewel ook de Grieken veel fabelen onder hunnen godsdienst mengden, en geslachtsrekeningen hunner goden; nochtans schijnt hier Paulus op enigen te zien, die uit het Jodendom kwamen, en die hunne Talmudische fabelen en oneindige geslachtsrekeningen bij Gods Woord voegden, gelijk zij ook de wet met het Evangelie zochten te vermengen; voor welke dingen Paulus hier Timotheüs waarschuwt, gelijk hij die ook uirdrukkelijk Joodse fabelen noemt; Tit 1:14.
  2. stichting Gods, Dat is, stichting die naar God is. Anderen lezen uitdeling Gods; gelijk 1Co 4:1.

5 Maar het einde des gebods is liefde uit een rein hart, en uit een goed geweten, en uit een ongeveinsd geloof.12345

Original Greek

τὸto<the>G3588T-NSN
δὲdeAndG1161CONJ
τέλοςtelosthe goalG5056N-NSN
τῆςtēs<the>G3588T-GSF
παραγγελίαςparangeliasof [our] instructionG3852N-GSF
ἐστὶνestinisG1510V-PAI-3S
ἀγάπηagapēloveG0026N-NSF
ἐκekout ofG1537PREP
καθαρᾶςkatharasa pureG2513A-GSF
καρδίαςkardiasheartG2588N-GSF
καὶkaiandG2532CONJ
συνειδήσεωςsuneidēseōsa conscienceG4893N-GSF
ἀγαθῆςagathēsgoodG0018A-GSF
καὶkaiandG2532CONJ
πίστεωςpisteōsa faithG4102GN-GSF
ἀνυποκρίτου,anupokritousincere,G0505A-GSF
  1. des gebods is Door het Griekse woord parangelia; dat is, gebod, bevel, of aanmaning, hetwelk vs.5 en vs.18 gebruikt wordt, verstaan sommigen den last, dien Paulus hier Timotheüs oplegt, waarvan het doel is liefde uit een rein hart, enz. Anderen verstaan door dit woord gebod de wet Gods, welke enigen zonder verstand zochten in te voeren naast het Evangelie, waarvan de apostel leert, dat het rechte doelwit onder het Evangelie moet zijn liefde tot God en onze naasten uit reine harten, enz., zondat dat deze wet zo moet zijn geleerd, gelijk sommigen die verkeerd dreven. En deze verklaring komt met het zevende en de andere volgende verzen beter overeen.
  2. liefde uit een rein Namelijk tegen God en den naaste; Mat 22:37, enz.
  3. hart, en uit een Dat is, een oprecht hart zonder geveinsdheid.
  4. goed Dat is, die recht en wel onderricht is van zijn doen uit Gods Woord, en door Gods Geest is vernieuwd, Heb 9:14. Zie verder de aantekeningen op vs.19.
  5. ongeveinsd geloof Namelijk in Christus onzen Verlosser, waardoor wij voor God rechtvaardig zijn, en van Zijne genade jegens ons verzekerd, uit welk geloof de andere gaven spruiten; Rom 5:1-2; Gal 5:6, enz.

6 Van dewelke sommigen afgeweken zijnde, zich gewend hebben tot ijdelspreking;123

Original Greek

ὧνhōnfrom whichG3739R-GPF
τινεςtinessomeG5100X-NPM
ἀστοχήσαντεςastochēsanteshaving missed the markG0795V-AAP-NPM
ἐξετράπησανexetrapēsanthey have turned asideG1624V-2API-3P
εἰςeistoG1519PREP
ματαιολογίανmataiologianmeaningless discourseG3150N-ASF
  1. Van dewelke sommigen Namelijk voorgaande deugden en doel.
  2. afgeweken zijnde, Het Griekse woord betekent een afwijken of missen van het doel, dat voorgesteld is.
  3. ijdelspreking; Namelijk van het doel der wet, dat zij niet hebben verstaan, maar hebben de wet willen invoeren als een last, dien noch wij, noch onze vaders hebben kunnen dragen, gelijk Petrus spreekt Act 15:10, en gelijk het volgende vs. verklaart.

7 Willende leraars der wet zijn, niet verstaande, noch wat zij zeggen, noch wat zij bevestigen.1

Original Greek

θέλοντεςthelontesdesiringG2309V-PAP-NPM
εἶναιeinaito beG1511V-PAN
νομοδιδάσκαλοι,nomodidaskaloiteachers of the Law,G3547N-NPM
μὴmēnotG3361PRT-N
νοοῦντεςnoountesunderstandingG3539V-PAP-NPM
μήτεmēteneitherG3383CONJ-N
ἃhawhatG3739R-APN
λέγουσινlegousinthey are sayingG3004GV-PAI-3P
μήτεmētenorG3383CONJ-N
περὶperi[that] aboutG4012PREP
τίνωνtinōnwhichG5101I-GPN
διαβεβαιοῦνται.¶diabebaiountaithey confidently assert.G1226V-PNI-3P
  1. niet verstaande, Namelijk gelijk het behoort.

8 Doch wij weten, dat de wet goed is, zo iemand die wettelijk gebruikt;12

Original Greek

ΟἴδαμενOidamenWe knowG6063V-RAI-1P
δὲdenowG1161CONJ
ὅτιhotithatG3754GCONJ
καλὸςkalosgood [is]G2570GA-NSM
ὁhotheG3588T-NSM
νόμοςnomoslawG3551N-NSM
ἐάνeanifG1437COND
τιςtisoneG5100X-NSM
αὐτῷautōitG0846P-DSM
νομίμωςnomimōslawfullyG3545ADV
χρῆται,chrētaishall use,G5530V-PNS-3S
  1. goed is, zo Namelijk in zich zelve en recht verstaan zijnde, gelijk Rom 7:12, Rom 7:14.
  2. wettelijk gebruikt; Dat is, tot het doel waartoe die van God is gegeven. Zie Rom 10:4; Gal 3:19.

9 En hij dit weet, dat den rechtvaardigen de wet niet is gezet, maar den onrechtvaardigen en den halsstarrigen, den goddelozen en den zondaren, den onheiligen en den ongoddelijken, den vadermoorders en den moedermoorders, den doodslagers,123

Original Greek

εἰδὼςeidōsknowingG6063V-RAP-NSM
τοῦτο,toutothis,G3778D-ASN
ὅτιhotithatG3754GCONJ
δικαίῳdikaiōfor a righteous [one]G1342A-DSM
νόμοςnomoslawG3551N-NSM
οὐounotG3756PRT-N
κεῖται,keitaiis enacted,G2749V-PNI-3S
ἀνόμοιςanomoisfor [the] lawlessG0459A-DPM
δὲdehoweverG1161CONJ
καὶkaiandG2532CONJ
ἀνυποτάκτοις,anupotaktoisinsubordinate,G0506A-DPM
ἀσεβέσινasebesinfor [the] ungodlyG0765A-DPM
καὶkaiandG2532CONJ
ἁμαρτωλοῖς,hamartōloissinful,G0268A-DPM
ἀνοσίοιςanosioisfor [the] unholyG0462A-DPM
καὶkaiandG2532CONJ
βεβήλοις,bebēloisprofane,G0952A-DPM
πατρολῴαιςpatrolōaisfor murderers of fathersG3964N-DPM
καὶkaiandG2532CONJ
μητρολῴαις,mētrolōaismurderers of mothers,G3389N-DPM
ἀνδροφόνοις,androphonoisfor slayers of man,G0409N-DPM
  1. den rechtvaardigen Dat is, dien die, door het geloof in Christus gerechtvaardigd en door Zijnen Geest geheiligd zijnde, gaarne en gewillig God dienen en gehoorzamen.
  2. de wet niet is gezet, Namelijk om deze te veroordelen, of met hare dreigende macht te verslaan, of uit vrees van straf, alleen tot gehoorzaamheid te dwingen. Zie Rom 6:14, en Rom 7:6.
  3. den zondaren, den Dat is, die hun werk van zondigen maken, of met lust in de zonden voortgaan, gelijk Psa 1:1; Joh 9:31.

10 Den hoereerders, dien, die bij mannen liggen, den mensendieven, den leugenaars, den meinedigen, en zo er iets anders tegen de gezonde leer is;1

Original Greek

πόρνοις,pornoisfor the sexually immoral,G4205N-DPM
ἀρσενοκοίταις,arsenokoitaisfor homosexuals,G0733N-DPM
ἀνδραποδισταῖς,andrapodistaisfor enslavers,G0405N-DPM
ψεύσταις,pseustaisfor liars,G5583N-DPM
ἐπιόρκοις,epiorkoisfor perjurers,G1965A-DPM
καὶkaiandG2532CONJ
εἴeiifG1487GCOND
τιtianythingG5100X-NSN
ἕτερονheteronotherG2087A-NSN
τῇtēawhichG3588T-DSF
ὑγιαινούσῃhugiainousēto soundG5198V-PAP-DSF
διδασκαλίᾳdidaskaliateachingG1319N-DSF
ἀντίκειταιantikeitaiis opposedG0480V-PNI-3S
  1. de gezonde leer is; Dat is, de leer der Godzaligheid, zo genoemd, omdat zij in zichzelf volmaakt is, en den mens tot zijn geestelijke gezondheid brengt. Zie Psa 19:8, enz.; 2Ti 1:13.

11 Naar het Evangelie der heerlijkheid des zaligen Gods, dat mij toebetrouwd is.12

Original Greek

κατὰkataaccording toG2596PREP
τὸtotheG3588T-ASN
εὐαγγέλιονeuangeliongospelG2098N-ASN
τῆςtēsof theG3588T-GSF
δόξηςdoxēsgloryG1391N-GSF
τοῦtouof theG3588T-GSM
μακαρίουmakarioublessedG3107A-GSM
θεοῦ,theouGod,G2316N-GSM-T
ὃhowith whichG3739R-ASN
ἐπιστεύθηνepisteuthēnwas entrustedG4100V-API-1S
ἐγώ.¶egōI myself.G1473P-1NS
  1. Naar het Evangelie Dat is, volgens de leer des Evangelies, waarin de heerlijkheid Gods van onzen Zaligmaker wordt voorgesteld.
  2. toebetrouwd is Dat is, opgelegd of bevolen is.

12 En ik dank Hem, Die mij bekrachtigd heeft, namelijk Christus Jezus, onzen Heere, dat Hij mij getrouw geacht heeft, mij in de bediening gesteld hebbende;123

Original Greek

ΚαὶKaiandG2532CONJ
χάρινcharinThankfulnessG5485N-ASF
ἔχωechōI haveG2192V-PAI-1S
τῷtōfor the [One]G3588T-DSM
ἐνδυναμώσαντίendunamōsantihaving strengthenedG1743V-AAP-DSM
μεmemeG3165P-1AS
ΧριστῷChristōfor ChristG5547N-DSM-T
ἸησοῦIēsouJesusG2424GN-DSM-P
τῷtōtheG3588T-DSM
κυρίῳkuriōLordG2962GN-DSM-T
ἡμῶνhēmōnof usG3165P-1GP
ὅτιhotithatG3754GCONJ
πιστόνpistonfaithfulG4103A-ASM
μεmemeG3165P-1AS
ἡγήσατοhēgēsatoHe esteemedG2233V-ADI-3S
θέμενοςthemenoshaving appointed [me]G5087V-2AMP-NSM
εἰςeistoG1519PREP
διακονίαν,diakonianservice,G1248N-ASF
  1. bekrachtigd heeft, Dat is, kracht en bekwaamheid gegeven heeft; 2Co 3:5-6; of ook, tot nog toe zo gesterkt heeft, dat ik onder den last niet bezweek.
  2. getrouw geacht heeft, Dit moet niet verstaan worden van enige getrouwheid, die God in Paulus voorzag, eer Hij zich zijner ontfermde, maar waartoe hij door Gods ontferming gekomen was, gelijk hij verklaart 1Co 7:25, en 2Co 4:1; 1Th 2:4.
  3. in de bediening gesteld Namelijk des apostelschaps.

13 Die te voren een gods lasteraar was, en een vervolger, en een verdrukker; maar mij is barmhartigheid geschied, dewijl ik het onwetende gedaan heb in mijn ongelovigheid.12

Original Greek

τὸto<the>G3588T-ASN
πρότερονproteronformerlyG4386ADV-C
ὄνταontabeingG1510V-PAP-ASM
βλάσφημονblasphēmona blasphemerG0989A-ASM
καὶkaiandG2532CONJ
διώκτηνdiōktēna persecutorG1376N-ASM
καὶkaiandG2532CONJ
ὑβριστήν·hubristēninsolent;G5197N-ASM
ἀλλ᾽all᾽butG0235CONJ
ἠλεήθην,ēleēthēnI was shown mercy,G1653V-API-1S
ὅτιhotibecauseG3754HCONJ
ἀγνοῶνagnoōnbeing ignorantG0050V-PAP-NSM
ἐποίησαepoiēsaI did [it]G4160GV-AAI-1S
ἐνeninG1722PREP
ἀπιστίᾳ·apistiaunbelief;G0570N-DSF
  1. een verdrukker; Of, een smader.
  2. onwetende gedaan Namelijk van de Goddelijkheid en waarheid des Evangelies, gelijk Act 3:17; waarmede hij zich niet verontschuldigt, alsof hij daarover voor God niet strafbaar ware geweest, want het tegendeel betuigt hij van zichzelven hierna, vs.15,16, gelijk in het algemeen 2Th 1:8; maar geeft hiermede te kennen, dat zijne zonde gene zonde tegen den Heiligen Geest was geweest, uit moedwilligheid en haat tegen de bekende waarheid geschied, en derhalve door de genade en verdienste van Christus vergeeflijk.

14 Doch de genade onzes Heeren is zeer overvloedig geweest, met geloof en liefde, die er is in Christus Jezus.12

Original Greek

ὑπερεπλεόνασενhuperepleonasenSurpassingly increasedG5250V-AAI-3S
δὲdethenG1161CONJ
ἡhētheG3588T-NSF
χάριςcharisgraceG5485N-NSF
τοῦtouof theG3588T-GSM
κυρίουkuriouLordG2962GN-GSM-T
ἡμῶνhēmōnof usG3165P-1GP
μετὰmetawithG3326PREP
πίστεωςpisteōs[the] faithG4102GN-GSF
καὶkaiandG2532CONJ
ἀγάπηςagapēsloveG0026N-GSF
τῆςtēsthat [are]G3588T-GSF
ἐνeninG1722PREP
ΧριστῷChristōChristG5547N-DSM-T
Ἰησοῦ.¶IēsouJesus.G2424GN-DSM-P
  1. met geloof en liefde, Namelijk in Christus en Zijn Evangelie. Het geloof wordt gesteld tegen zijn voorgaande onwetendheid, en de liefde tegen zijn lastering en vervolging.
  2. in Christus Jezus Dat is, door genade van Christus Jezus, of in den staat die daar is in Christus Jezus.

15 Dit is een getrouw woord, en alle aanneming waardig, dat Christus Jezus in de wereld gekomen is, om de zondaren zalig te maken, van welke ik de voornaamste ben.12

Original Greek

ΠιστὸςPistosTrustworthy [is]G4103A-NSM
ὁhotheG3588T-NSM
λόγοςlogossayingG3056N-NSM
καὶkaiandG2532CONJ
πάσηςpasēsof fullG3956A-GSF
ἀποδοχῆςapodochēsacceptanceG0594N-GSF
ἄξιοςaxiosworthyG0514A-NSM
ὅτιhotithatG3754GCONJ
ΧριστὸςChristosChristG5547N-NSM-T
ἸησοῦςIēsousJesusG2424GN-NSM-P
ἦλθενēlthencameG2064V-2AAI-3S
εἰςeisintoG1519PREP
τὸνtontheG3588T-ASM
κόσμονkosmonworldG2889N-ASM
ἁμαρτωλοὺςhamartōloussinnersG0268A-APM
σῶσαι,sōsaito save,G4982V-AAN
ὧνhōnof whomG3739R-GPM
πρῶτόςprōtos[the] foremostG4413JA-NSM
εἰμιeimiamG1510V-PAI-1S
ἐγώ·egōI myself;G1473P-1NS
  1. een getrouw woord, Dat is, een zeker en waarachtig woord.
  2. de voornaamste ben Gr. eerste; dat is, van de meeste, ten aanzien namelijk van mijne voorgaande lastering en vervolging. Zie ook 1Co 15:9.

16 Maar daarom is mij barmhartigheid geschied, opdat Jezus Christus in mij, die de voornaamste ben, al Zijn lankmoedigheid zou betonen, tot een voorbeeld dergenen, die in Hem geloven zullen ten eeuwigen leven.123

Original Greek

ἀλλὰallaButG0235CONJ
διὰdiabecause ofG1223PREP
τοῦτοtoutothisG3778D-ASN
ἠλεήθην,ēleēthēnI was shown mercy,G1653V-API-1S
ἵναinathatG2443CONJ
ἐνeninG1722PREP
ἐμοὶemoime myselfG1473P-1DS
πρώτῳprōtō[the] foremostG4413JA-DSM
ἐνδείξηταιendeixētaimay displayG1731V-AMS-3S
ΧριστὸςChristosChristG5547N-NSM-T
ἸησοῦςIēsousJesusG2424GN-NSM-P
τὴνtēn<the>G3588T-ASF
ἅπασανhapasan[his] perfectG0537A-ASF
μακροθυμίανmakrothumianpatienceG3115N-ASF
πρὸςprosasG4314PREP
ὑποτύπωσινhupotupōsina patternG5296N-ASF
τῶνtōnfor thoseG3588T-GPM
μελλόντωνmellontōnbeing aboutG3195V-PAP-GPM
πιστεύεινpisteueinto believeG4100V-PAN
ἐπ᾽ep᾽onG1909PREP
αὐτῷautōHimG0846P-DSM
εἰςeistoG1519PREP
ζωὴνzōēnlifeG2222N-ASF
αἰώνιον.¶aiōnioneternal.G0166A-ASF
  1. barmhartigheid geschied, Of, God heeft zich mijner ontfermd, gelijk vs.13.
  2. al Zijn lankmoedigheid Namelijk die God in het Evangelie beloofd heeft te gebruiken, opdat Hij den zondaar tot bekering brenge.
  3. tot een voorbeeld Of, voorbeeld; namelijk dat niemand, hoe groot zondaar hij ook zij, behoeft te mistrouwen de genade Gods, zo hij maar tot Christus door het geloof zijne toevlucht neemt.

17 Den Koning nu der eeuwen, den onverderfelijken, den onzienlijken, den alleen wijzen God, zij eer en heerlijkheid in alle eeuwigheid. Amen.123

Original Greek

ΤῷTō<the>G3588T-DSM
δὲdenowG1161CONJ
βασιλεῖbasileito the KingG0935N-DSM-T
τῶνtōnof theG3588T-GPM
αἰώνων,aiōnōnages,G0165HN-GPM
ἀφθάρτῳaphthartō[the] immortalG0862A-DSM
ἀοράτῳaoratōinvisibleG0517A-DSM
μόνῳmonōonlyG3441A-DSM
σοφῷsophōwiseG4680A-DSM
θεῷ,theōGod,G2316N-DSM-T
τιμὴtimē[be] honorG5092N-NSF
καὶkaiandG2532CONJ
δόξαdoxagloryG1391N-NSF
εἰςeistoG1519PREP
τοὺςtoustheG3588T-APM
αἰῶναςaiōnasagesG0165HN-APM
τῶνtōnof theG3588T-GPM
αἰώνων,aiōnōnages,G0165HN-GPM
ἀμήν.¶amēnAmen.G0281INJ-HEB
  1. Den Koning nu Dat is, van alle schepselen, gelijk dit woord eeuwen genomen wordt Heb 1:2. Of, die van eeuwigheid is, en in eeuwigheid leeft.
  2. alleen wijzen God, Dat is, die alleen van Zichzelven en volmaakt wijs is, gelijk Hij ook in zulken zin alleen goed wordt genaamd; Mat 19:17.
  3. in alle eeuwigheid Gr. in of tot eeuwigheden der eeuwigheden.

18 Dit gebod beveel ik u, mijn zoon Timotheüs, dat gij naar de profetieën, die van u voorgegaan zijn, in dezelve den goeden strijd strijdt;1234

Original Greek

ΤαύτηνTautēnThisG3778D-ASF
τὴνtēn<the>G3588T-ASF
παραγγελίανparangelianchargeG3852N-ASF
παρατίθεμαίparatithemaiI commitG3908V-PMI-1S
σοι,soito you,G4771P-2DS
τέκνονteknon[my] childG5043N-VSN
Τιμόθεε,TimotheeTimothy,G5095N-VSM-P
κατὰkataaccording toG2596PREP
τὰςtastheG3588T-APF
προαγούσαςproagousasgoing beforeG4254V-PAP-APF
ἐπὶepias toG1909PREP
σὲseyouG4771P-2AS
προφητείας,prophēteiasprophecies,G4394N-APF
ἵναinathatG2443PREP
στρατεύῃstrateuēyou may warG4754V-PMS-2S
ἐνenbyG1722PREP
αὐταῖςautaisthemG0846P-DPF
τὴνtēntheG3588T-ASF
καλὴνkalēngoodG2570GA-ASF
στρατείανstrateianwarfareG4752N-ASF
  1. beveel ik u, Het Griekse woord betekent eigenlijk iemand iets bevelen, dat men bij hem weglegt, of hem te bewaren geeft.
  2. naar de profetieën, Dat is, voorzeggingen. Want ten tijde der apostelen werden enige mannen Gods, door het bevel van den Heiligen Geest, tot den dienst des Evangelies afgezonderd, gelijk Paulus en Barnabas zo werden uitgezonden, Act 13:2; of van hen werd voorzegd door enige profetieën wat hun zou overkomen, gelijk te zien is Act 11:27-28, en Act 20:23, en Act 21:11. Van Timotheüs wordt zulks ook betuigd hierna 1Ti 4:14.
  3. dezelve Namelijk voorzeggingen of profetieën, dat is, in die dingen die u te voren voorzegd zijn.
  4. den goeden strijd strijdt; Hetwelk niet alleen van den arbeid, vlijt en strijd verstaan wordt, die allen gelovigen in hun algemeen beroep opgelegd is, maar ook den trouwen leraars in het bijzonder. Zie 2Ti 4:7-8.

19 Houdende het geloof, en een goed geweten, hetwelk sommigen verstoten hebbende, van het geloof schipbreuk geleden hebben;1234567

Original Greek

ἔχωνechōnholdingG2192V-PAP-NSM
πίστινpistinfaithG4102GN-ASF
καὶkaiandG2532CONJ
ἀγαθὴνagathēna goodG0018A-ASF
συνείδησιν,suneidēsinconscience,G4893N-ASF
ἥνhēnwhichG3739R-ASF
τινεςtinessomeG5100X-NPM
ἀπωσάμενοιapōsamenoihaving cast awayG0683V-ADP-NPM
περὶpericoncerningG4012PREP
τὴνtēntheG3588T-ASF
πίστινpistinfaithG4102GN-ASF
ἐναυάγησαν,enauagēsancaused a shipwreck,G3489V-AAI-3P
  1. Houdende Gr. hebbende; dat is, behoudende, of vast houdende.
  2. het geloof, en Dat is, de belijdenis, of de leer des waren geloofs, gelijk blijkt uit de tegenstelling der lasteringen van Hymeneus en Alexander in het volgende vs.
  3. een goed geweten, Dat is, een oprecht geweten, dat zichzelf in al zijn doen richt naar hetgeen, waarvan hij uit Gods Woord is onderricht, en niet naar eergierigheid, geldgierigheid, of andere genegenheden; waarvan lichtelijk kan geoordeeld worden bij degenen die de woorden der mensen met hun doen vergelijken.
  4. hetwelk sommigen Namelijk goede of oprechte conscientie.
  5. verstoten hebbende, Dat is, niet nagekomen, of waargenomen hebbende.
  6. van het geloof Of, omtrent, in, aangaande het geloof, dat is, van de ware leer, of bekentenis des geloofs, gelijk vs.20 vereist, en gelijk Paulus nader verklaart 2Ti 2:17-18.
  7. schipbreuk geleden hebben; Dat is, vervallen, of afgevallen zijn; ene gelijkenis, genomen van degenen die door schipbreuk hunne goederen verliezen. Zie hierna 1Ti 4:1.

20 Onder welken is Hymeneüs en Alexander, die ik den satan overgegeven heb, opdat zij zouden leren niet meer te lasteren.1234

Original Greek

ὧνhōnamong whomG3739R-GPM
ἐστινestinareG1510V-PAI-3S
ὙμέναιοςHumenaiosHymenaeusG5211N-NSM-P
καὶkaiandG2532CONJ
ἈλέξανδροςAlexandrosAlexanderG0223JN-NSM-P
οὓςhouswhomG3739R-APM
παρέδωκαparedōkaI have handed overG3860V-AAI-1S
τῷtō<the>G3588T-DSM
σατανᾷsatanato SatanG4567N-DSM-T
ἵναinathatG2443CONJ
παιδευθῶσινpaideuthōsinthey may be disciplinedG3811V-APS-3P
μὴmēnotG3361PRT-N
βλασφημεῖν.¶blasphēmeinto blaspheme.G0987V-PAN
  1. Alexander, die ik Velen menen, dat deze dezelfde Alexander is, waarvan gesproken wordt Act 19:33, hetwelk evenwel niet vaststaat. Doch dewijl hij hier bij Hymeneus wordt gesteld, zo moet hij ook aan dezelfde dwalingen en lasteringen schuldig zijn geweest, waarvan deze Hymeneus door Paulus beschuldigd wordt, 2Ti 2:18; namelijk dat hij de opstanding der doden loochende.
  2. den satan overgegeven Namelijk door den Kerkelijken ban; zie daarvan nadere verklaring 1Co 5:5.
  3. zouden leren niet meer Dat is, zich beter mochten bedenken en tot erkentenis van hunne dwalingen komen, hetwelk het doel van de Kerkelijke tucht is, gelijk Paulus ook betuigt 1Co 5:5, en 2Th 3:14. Of, zo zij zich niet bekeerden, zij de Kerk Gods te minder schade zouden doen, en door hunne straf een voorbeeld voor andere lasteraars en verleiders zouden zijn. Want het Griekse woord betekent beide, geleerd en getuchtigd te worden.
  4. lasteren Dat is, van de gezonde leer of Goddelijke waarheid kwalijk spreken, gelijk hetzelfde woord blasphemein ook van de leer gebruikt wordt hierna 1Ti 6:1, en Tit 2:5.