reltext

Chapter 2

1 Ik vermaan dan voor alle dingen, dat gedaan worden smekingen, gebeden, voorbiddingen, dankzeggingen, voor alle mensen;123

Original Greek

ΠαρακαλῶParakalōI exhortG3870V-PAI-1S
οὖνounthereforeG3767CONJ
πρῶτονprōtonfirstG4413GA-ASN
πάντωνpantōnof allG3956A-GPN
ποιεῖσθαιpoieisthaito be madeG4160GV-PEN
δεήσεις,deēseisentreaties,G1162N-APF
προσευχάς,proseuchasprayersG4335N-APF
ἐντεύξεις,enteuxeisintercessions,G1783N-APF
εὐχαριστίαςeucharistias[and] thanksgivingsG2169N-APF
ὑπὲρhuperon behalf ofG5228PREP
πάντωνpantōnallG3956A-GPM
ἀνθρώπων,anthrōpōnmen,G0444N-GPM
  1. dat gedaan worden Namelijk niet alleen in het bijzonder, maar voornamelijk in de vergadering der gelovigen, alzo de openbare gebeden een deel zijn van de bediening der leraren. Zie Act 6:4.
  2. smekingen, gebeden, Hoewel deze soorten van gebeden somwijlen wat breder worden genomen, zo kunnen nochtans deze hier bekwamelijk worden onderscheiden, namelijk dat smekingen zijn verbiddingen van allerlei straffen en zwarigheden; gebeden, begeerten van Gods hulp en van allerlei zegen; voorbiddingen, gebeden of ook klachten, die wij bij God doen voor anderen; dankzeggingen, die geschieden voor de weldaden Gods door ons of anderen ontvangen.
  3. voor alle mensen; Dat is, voor allerlei mensen, van welk beroep of volk zij zijn, hogen of lagen, gelijk dit woord alle dikwijls in Gods Woord voor allerlei wordt genomen. Zie Mat 4:23; Luk 11:42; Eph 1:3; 1Co 10:25. En dat het woord alle hier zo moet worden genomen, blijkt uit Joh 17:9; Gal 5:12; 2Ti 4:14; 1Jo 5:16; Rev 6:10, waar betuigd wordt, dat wij voor allen en ieder niet moeten bidden, ja dat de gelovigen ook tegen sommigen hebben gebeden.

2 Voor koningen, en allen, die in hoogheid zijn; opdat wij een gerust en stil leven leiden mogen in alle godzaligheid en eerbaarheid.12

Original Greek

ὑπὲρhuperforG5228PREP
βασιλέωνbasileōnkingsG0935N-GPM
καὶkaiandG2532CONJ
πάντωνpantōnallG3956A-GPM
τῶνtōnthoseG3588T-GPM
ἐνeninG1722PREP
ὑπεροχῇhuperochēaauthorityG5247N-DSF
ὄντων,ontōnbeing,G1510V-PAP-GPM
ἵναinaso thatG2443CONJ
ἤρεμονēremona tranquilG2263A-ASM
καὶkaiandG2532CONJ
ἡσύχιονhēsuchionquietG2272A-ASM
βίονbionlifeG0979N-ASM
διάγωμενdiagōmenwe may leadG1236V-PAS-1P
ἐνeninG1722PREP
πάσῃpasēallG3956A-DSF
εὐσεβείᾳeusebeiagodlinessG2150N-DSF
καὶkaiandG2532CONJ
σεμνότητι.semnotētiin [all] dignity.G4587N-DSF
  1. opdat wij een gerust Dit nemen sommigen als het doel, of de oorzaak, waartoe de overheden in hoogheid gesteld zijn, namelijk opdat wij onder hunne regering in rust zouden mogen leven, gelijk Paulus ook leert, Rom 13:3-4. Het wordt van anderen ook bekwamelijk gebruikt voor de zaak, om welke wij voor de overheden moeten bidden, daar er dikwijls overheden zijn, gelijk ten tijde der apostelen, die de Kerk Gods vervolgen en zoeken te beletten, dat haar leden in Godzaligheid en rust zouden leven.
  2. godzaligheid en Dit gaat den Godsdienst of de eerste tafel van de geboden Gods aan, gelijk het volgende woord eerbaarheid, of zedigheid, op de geboden van de tweede tafel, en op de diensten, die de een den ander schuldig is, slaat. Want de rechte overheden zijn bewaarders, of beschermers, van de beide tafelen der wet.

3 Want dat is goed en aangenaam voor God, onzen Zaligmaker;1

Original Greek

τοῦτοtoutoThisG3778D-NSN
γὰρgarforG1063CONJ
καλὸνkalon[is] goodG2570GA-NSN
καὶkaiandG2532CONJ
ἀπόδεκτονapodektonacceptableG0587A-NSN
ἐνώπιονenōpionbeforeG1799PREP
τοῦtoutheG3588T-GSM
σωτῆροςsōtērosSaviorG4990N-GSM
ἡμῶνhēmōnof usG3165P-1GP
θεοῦ,theouGod,G2316N-GSM-T
  1. dat is goed en Namelijk te bidden voor alle mensen, gelijk de volgende verzen aantonen.

4 Welke wil, dat alle mensen zalig worden, en tot kennis der waarheid komen.12

Original Greek

ὃςhoswhoG3739R-NSM
πάνταςpantasallG3956A-APM
ἀνθρώπουςanthrōpousmenG0444N-APM
θέλειtheleidesiresG2309V-PAI-3S
σωθῆναιsōthēnaito be savedG4982V-APN
καὶkaiandG2532CONJ
εἰςeistoG1519PREP
ἐπίγνωσινepignōsin[the] knowledgeG1922N-ASF
ἀληθείαςalētheiasof [the] truthG0225N-GSF
ἐλθεῖν.¶eltheinto come.G2064V-2AAN
  1. alle mensen zalig Dit woord alle wordt hier ook gebruikt voor allerlei, gelijk blijkt uit het voorgaande 2e vs, waarvan dit vs. een reden geeft; alsook uit het woord wil, want zo God wil dat alle mensen zalig worden, zo zullen ook allen zalig worden, dewijl God doet al wat Hij wil, Psa 115:3; Rom 9:19; Eph 1:11. En dit wordt ook bewezen uit hetgeen de apostel daarbij voegt, dat God wil dat zij allen tot de kennis der waarheid komen, daar de Schrift getuigt, dat dit is een voorrecht van Gods volk. Zie Psa 147:19-20; Mat 11:25; Joh 6:45; Eph 2:12, enz. Dat iemand zou willen zeggen, dat God zulks wil, indien de mensen ook willen; dat is de zaligheid ten dele aan Gods wil, ten dele aan des mensen wil hangen, hetwelk strijdt met hetgeen de apostel leert, Rom 9:16, Rom 9:23, en Rom 10:20, en Rom 11:35-36; en doorgaans elders.
  2. kennis der waarheid Namelijk in het Evangelie geopenbaard, gelijk de volgende verzen aanduiden.

5 Want er is een God, er is ook een Middelaar Gods en der mensen, de Mens Christus Jezus;12

Original Greek

ΕἷςHeisOneG1520A-NSM
γὰρgarforG1063CONJ
θεός,theosGod [there is],G2316N-NSM-T
εἷςheisoneG1520A-NSM
καὶkaithenG2532CONJ
μεσίτηςmesitēsmediatorG3316N-NSM
θεοῦtheoubetween GodG2316N-GSM-T
καὶkaiandG2532CONJ
ἀνθρώπων,anthrōpōnmen,G0444N-GPM
ἄνθρωποςanthrōpos[the] manG0444N-NSM
ΧριστὸςChristosChristG5547N-NSM-T
ἸησοῦςIēsousJesusG2424GN-NSM-P
  1. één God Namelijk in het getal; of één enig God, gelijk ook één Middelaar, dat is, één enige Middelaar. Zie Joh 14:6; Act 4:12.
  2. de Mens Christus Jezus; Dit zegt Paulus niet om Zijn Godheid van dit Middelaars-ambt uit te sluiten, want Hij is God geopenbaard in het vlees, 1Ti 3:16, en God heeft door Zijn bloed Zijn kerk verkregen, Act 20:28, maar om aan te wijzen dat Hij in Zijn menselijke natuur het rantsoen voor ons heeft betaald, en dat Hij als een mens ons ook gelijk is, en derhalve alle soorten van mensen door het geloof tot Hem, en tot Zijn offerande een vrijmoedigen toegang hebben. Zie Heb 2:10, enz.

6 Die Zichzelven gegeven heeft tot een rantsoen voor allen, zijnde de getuigenis te zijner tijd;1234

Original Greek

ὁhothe [One]G3588T-NSM
δοὺςdoushaving givenG1325V-2AAP-NSM
ἑαυτὸνhe'autonHimselfG1438F-3ASM
ἀντίλυτρονantilutron[as] a ransomG0487N-ASN
ὑπὲρhuperforG5228PREP
πάντων,pantōnall,G3956A-GPM
τὸtotheG3588T-NSN
μαρτύριονmarturiontestimonyG3142N-NSN
καιροῖςkairoisproper timesG2540N-DPM
ἰδίοις,idioisin [their] own,G2398A-DPM
  1. tot een rantsoen Dat is, voldoening voor de zonde.
  2. voor allen, zijnde Namelijk die in Hem geloven. Zie Mat 20:28; Joh 10:15; Rom 3:25.
  3. de getuigenis Of om te zijn, de getuigenis te Zijner tijd te openbaren. Of geopenbaard, namelijk van Gods overgrote liefde jegens den mens, gelijk Paulus spreekt Rom 5:8; of, de Zaligmaker waar de profeten van getuigd hebben, om te Zijner tijd geopenbaard te worden, 1Pe 1:11-12.
  4. te zijner tijd; Grieks tot eigene tijden; namelijk van God daartoe bestemd, hetwelk de apostel de volheid des tijds noemt, Gal 4:4.

7 Waartoe ik gesteld ben een prediker en apostel (ik zeg de waarheid in Christus, ik lieg niet), een leraar der heidenen, in geloof en waarheid.123

Original Greek

εἰςeisin regard toG1519PREP
ὃhowhichG3739R-ASN
ἐτέθηνetethēnwas appointedG5087V-API-1S
ἐγὼegōI myselfG1473P-1NS
κῆρυξkēruxa heraldG2783N-NSM
καὶkaiandG2532CONJ
ἀπόστολος,apostolosan apostle —G0652N-NSM
ἀλήθειανalētheian[the] truthG0225N-ASF
λέγωlegōI am speakingG3004GV-PAI-1S
ἐνeninG1722PREP
Χριστῷ,ChristōChristG5547N-DSM-T
οὐounotG3756PRT-N
ψεύδομαι,pseudomaiI do lie —G5574V-PNI-1S
διδάσκαλοςdidaskalosa teacherG1320N-NSM
ἐθνῶνethnōnof [the] GentilesG1484N-GPN
ἐνeninG1722PREP
πίστειpisteifaithG4102GN-DSF
καὶkaiandG2532CONJ
ἀληθείᾳ.¶alētheiatruth.G0225N-DSF
  1. Waartoe ik gesteld Of, tot welk, namelijk getuigenis, waarvan in het voorgaande vs. is gesproken.
  2. een prediker en Van de betekenis van dit woord, zie de aantekeningen op Rom 10:14.
  3. in Christus, ik lieg Dat is, door Christus, of bij Christus, een wijze van eed, gelijk Rom 9:1.

8 Ik wil dan, dat de mannen bidden in alle plaatsen, opheffende heilige handen, zonder toorn en twisting.123

Original Greek

ΒούλομαιBoulomaiI desireG1014V-PNI-1S
οὖνounthereforeG3767CONJ
προσεύχεσθαιproseuchesthaito prayG4336V-PNN
τοὺςtoustheG3588T-APM
ἄνδραςandrasmenG0435GN-APM
ἐνeninG1722PREP
παντὶpantieveryG3956A-DSM
τόπῳtopōplaceG5117N-DSM
ἐπαίρονταςepairontaslifting upG1869V-PAP-APM
ὁσίουςhosiousholyG3741A-APF
χεῖραςcheirashandsG5495N-APF
χωρὶςchōrisapart fromG5565PREP
ὀργῆςorgēsangerG3709N-GSF
καὶkaiandG2532CONJ
διαλογισμοῦ·dialogismoudissension;G1261N-GSM
  1. in alle plaatsen, Dat is, niet alleen tehuis, en in het bijzonder, maar ook in de vergaderingen der gemeente, waar die ook geschieden. Dit stelt Paulus hierbij, omdat in het Oude Testament de gebeden aan den tempel te Jeruzalem meest gebonden waren, hetwelk ten tijde des Nieuwen Testaments in alle plaatsen zonder uitzondering geschieden mag, naar de voorzegging, Mal 1:11; Joh 4:21. Zie ook Mat 18:19-20.
  2. heilige handen, Dat is, die vrij zijn van alle onrecht en verdrukking der onschuldigen. Zie Psa 26:6; Isa 1:15-16, en worden ook de heilige handen gesteld tegen de wassingen en reinigingen, die in de wet der ceremoniën gebruikelijk waren. Zie Heb 9:10.
  3. toorn en twisting Door het eerste worden bekwamelijk verstaan alle kwade genegenheden des harten tegen den naaste, en door het andere de twijfeling en twisting des gemoeds, of murmurering des ongeloofs tegen Gods beloften, welke beide gebreken uit onze gebeden moeten geweerd zijn. Zie Mat 5:22-24; Jam 1:6-8.

9 Desgelijks ook, dat de vrouwen, in een eerbaar gewaad, met schaamte en matigheid zichzelven versieren, niet in vlechtingen des haars, of goud, of paarlen, of kostelijke kleding;123

Original Greek

ὡσαύτωςhōsautōslikewiseG5615ADV
καὶkaialsoG2532CONJ
τὰςtas<the>G3588T-APF
γυναῖκαςgunaikaswomenG1135GN-APF
ἐνeninG1722PREP
καταστολῇkatastolēaapparelG2689N-DSF
κοσμίῳkosmiōrespectableG2887A-DSF
μετὰmetawithG3326PREP
αἰδοῦςaidousmodestyG0127N-GSF
καὶkaiandG2532CONJ
σωφροσύνηςsōphrosunēsself-controlG4997N-GSF
κοσμεῖνkosmeinadorningG2885V-PAN
ἑαυτάς,he'autasthemselves,G1438F-3APF
μὴmēnotG3361PRT-N
ἐνenwithG1722PREP
πλέγμασινplegmasinbraided hairG4117N-DPN
καὶkaiorG2532CONJ
χρυσίῳchrusiōwith goldG5553N-DSN
ἢēorG2228CONJ
μαργαρίταιςmargaritaiswith pearlsG3135N-DPM
ἢēorG2228CONJ
ἱματισμῷhimatismōwith clothingG2441N-DSM
πολυτελεῖ,poluteleicostly,G4185A-DSM
  1. de vrouwen, in Namelijk overal, maar inzonderheid, wanneer zij in de openbare vergaderingen verschijnen; want daarvan spreekt hij hier voornamelijk, gelijk uit het volgende blijkt, daar velen van het vrouwelijke geslacht gewend zijn zichzelf meest op te pronken, als zij in zulke vergaderingen moeten verschijnen.
  2. een eerbaar gewaad, Of, een sierlijk gewaad, waardoor niet alleen de kleding, maar ook alle andere versiering wordt verstaan, die de apostel wil dat noch slordig en onachtzaam, noch opgepronkt en kostelijk zij, maar eerbaar en welvoegend, elk naar haar beroep. Zie ook de eigenschap van hetzelfde woord hierna 1Ti 3:2.
  3. vlechtingen des haars, Niet alle vlechting des haars, noch aandoen van goud of paarlen wordt hier verboden, gelijk te zien is Gen 24:22, Gen 24:53; Exo 35:22; Pro 31:22; Luk 15:22; maar die strekt tot hovaardij, lichtvaardigheid, onmatigheid, of ergerlijke oppronking van de lichamen der vrouwen tegen of boven haar staat en beroep. Zie Isa 3:16, enz.; 1Pe 3:3, enz.

10 Maar ( hetwelk de vrouwen betaamt, die de godvruchtigheid belijden) door goede werken.1

Original Greek

ἀλλ᾽all᾽butG0235CONJ
ὃhowith whatG3739R-NSN
πρέπειprepeiis becomingG4241V-PAI-3S
γυναιξὶνgunaixinto womenG1135GN-DPF
ἐπαγγελλομέναιςepangellomenaisprofessingG1861V-PNP-DPF
θεοσέβειαν,theosebeian[the] fear of God,G2317N-ASF
δι᾽di᾽throughG1223PREP
ἔργωνergōnworksG2041N-GPN
ἀγαθῶν.agathōngood.G0018A-GPN
  1. die de godvruchtigheid Dat is, belijdenis doen van de ware godsdienstigheid, of belofte doen van godzalig en christelijk te leven.

11 Een vrouw late zich leren in stilheid, in alle onderdanigheid.

Original Greek

γυνὴgunēA womanG1135GN-NSF
ἐνeninG1722PREP
ἡσυχίᾳhēsuchiaquietnessG2271N-DSF
μανθανέτωmanthanetōshould learnG3129V-PAM-3S
ἐνeninG1722PREP
πάσῃpasēallG3956A-DSF
ὑποταγῇ·hupotagēasubmissiveness;G5292N-DSF

12 Doch ik laat de vrouw niet toe, dat zij lere, noch over den man heerse, maar wil, dat zij in stilheid zij.1

Original Greek

διδάσκεινdidaskeinTo teachG1321V-PAN
δὲdehoweverG1161CONJ
γυναικὶgunaikia womanG1135GN-DSF
οὐκouknotG3756PRT-N
ἐπιτρέπωepitrepōI do permitG2010V-PAI-1S
οὐδὲoudenorG3761CONJ-N
αὐθεντεῖνauthenteinto use authority overG0831V-PAN
ἀνδρὸςandrosa manG0435GN-GSM
ἀλλ᾽all᾽butG0235CONJ
εἶναιeinaito beG1511V-PAN
ἐνeninG1722PREP
ἡσυχίᾳ.hēsuchiaquietness.G2271N-DSF
  1. dat zij lere, Namelijk anderen, in de openbare vergaderingen, gelijk Paulus uitdrukt, 1Co 14:34. Anderszins mogen ook de vrouwen hare kinderen tehuis onderwijzen, gelijk de moeder van Salomo deed, Pro 31:1, ja zelfs ook wel anderen, wanneer de nood of stichting zulks vordert. Zie 1Sa 25:24; Act 18:26, enz.

13 Want Adam is eerst gemaakt, daarna Eva.

Original Greek

ἈδὰμAdamAdamG0076N-NSM-P
γὰρgarforG1063CONJ
πρῶτοςprōtosfirstG4413GA-NSM
ἐπλάσθη,eplasthēwas formed,G4111V-API-3S
εἶταeitathenG1534ADV
Εὕα.HeuaEve.G2096N-NSF-P

14 En Adam is niet verleid geworden; maar de vrouw, verleid zijnde, is in overtreding geweest.12

Original Greek

καὶkaiAndG2532CONJ
ἈδὰμAdamAdamG0076N-NSM-P
οὐκouknotG3756PRT-N
ἠπατήθη,ēpatēthēwas deceived,G0538V-API-3S
ἡhē<the>G3588T-NSF
δὲdebutG1161CONJ
γυνὴgunēthe womanG1135GN-NSF
ἐξαπατηθεῖσαexapatētheisahaving been deceivedG1818V-APP-NSF
ἐνenintoG1722PREP
παραβάσειparabaseitransgressionG3847N-DSF
γέγονεν·gegonenhas come;G1096V-2RAI-3S
  1. niet verleid geworden; Namelijk eerst en door den Satan zelf.
  2. is in overtreding Namelijk niet alleen voor zichzelf, maar ook voor haren man, dien zij tot de zonde en overtreding heeft gebracht.

15 Doch zij zal zalig worden in kinderen te baren, zo zij blijft in het geloof, en liefde, en heiligmaking, met matigheid.12

Original Greek

σωθήσεταιsōthēsetaiShe will be savedG4982V-FPI-3S
δὲdehoweverG1161CONJ
διὰdiathroughG1223PREP
τῆςtēs<the>G3588T-GSF
τεκνογονίαςteknogoniaschildbearingG5042N-GSF
ἐὰνeanifG1437COND
μείνωσινmeinōsinthey shall abideG3306V-AAS-3P
ἐνeninG1722PREP
πίστειpisteifaithG4102GN-DSF
καὶkaiandG2532CONJ
ἀγάπῃagapēin loveG0026N-DSF
καὶkaiandG2532CONJ
ἁγιασμῷhagiasmōin holinessG0038N-DSM
μετὰmetawithG3326PREP
σωφροσύνης.¶sōphrosunēsself-restraint.G4997N-GSF
  1. in kinderen te baren, Zo wordt het Griekse woord dia ook voor in genomen Rom 4:11 en elders. De zin is: dat, hoewel het kinderbaren met smart den vrouwen tot een straf is opgelegd, het nochtans hare zaligheid niet zal hinderen, zo zij blijven in het geloof, enz.
  2. zo zij blijft in het Grieks zo zij blijven; namelijk de vrouwen. De apostel spreekt hier zo veelvoudig, om te tonen, dat deze troost allen gelovigen vrouwen toekomt; hetwelk sommigen wel op de kinderen passen; maar daar de ouders niet zullen dragen de schuld hunner kinderen, wanneer zij door hun eigen schuld verloren gaan, Eze 18:3-4, zo wordt het noodzakelijk van de vrouwen verstaan, en is hierin het getal van een uitgedrukt, om deze twijfelachtigheid weg te nemen.