reltext

Chapter 2

1 En u heeft Hij mede levend gemaakt, daar gij dood waart door de misdaden en de zonden;12

Original Greek

ΚαὶKaiAndG2532CONJ
ὑμᾶςhumasyouG4771P-2AP
ὄνταςontasbeingG1510V-PAP-APM
νεκροὺςnekrousdeadG3498A-APM
τοῖςtoisin theG3588T-DPN
παραπτώμασινparaptōmasintrespassesG3900N-DPN
καὶkaiandG2532CONJ
ταῖςtaisin theG3588T-DPF
ἁμαρτίαιςhamartiaissinsG0266N-DPF
ὑμῶν,humōnof you,G4771P-2GP
  1. heeft Hij Deze woorden, met andere letters gedrukt, worden om der klaarheid wille uit vs.5 verhaald, waar de verklaring te zien is.
  2. dood waart Dat is, niet alleen den tijdelijken en eeuwigen dood onderworpen; maar ook zonder enig leven en beweging in geestelijke zaken, gelijk dit woord dood zijn ook elders wordt genomen; Rom 6:13; Eph 5:14; Col 2:13; 1Ti 5:6.

2 In welke gij eertijds gewandeld hebt, naar de eeuw dezer wereld, naar den overste van de macht der lucht, van den geest, die nu werkt in de kinderen der ongehoorzaamheid;123456

Original Greek

ἐνeninG1722PREP
αἷςhaiswhichG3739R-DPF
ποτεpoteonceG4218PRT
περιεπατήσατεperiepatēsateyou walkedG4043V-AAI-2P
κατὰkataaccording toG2596PREP
τὸνtontheG3588T-ASM
αἰῶναaiōnaageG0165GN-ASM
τοῦtou<the>G3588T-GSM
κόσμουkosmouworldG2889N-GSM
τούτου,toutouof this,G3778D-GSM
κατὰkataaccording toG2596PREP
τὸνtontheG3588T-ASM
ἄρχονταarchontarulerG0758N-ASM
τῆςtēsof theG3588T-GSF
ἐξουσίαςexousiasauthorityG1849N-GSF
τοῦtouof theG3588T-GSM
ἀέρος,aerosair,G0109N-GSM
τοῦtoutheG3588T-GSN
πνεύματοςpneumatosspiritG4151GN-GSN
τοῦtou<the>G3588T-GSN
νῦνnunnowG3568ADV
ἐνεργοῦντοςenergountosworkingG1754V-PAP-GSN
ἐνeninG1722PREP
τοῖςtoistheG3588T-DPM
υἱοῖςhuioissonsG5207N-DPM
τῆςtēs<the>G3588T-GSF
ἀπειθείας,apeitheiasof disobedience,G0543N-GSF
  1. eertijds gewandeld Namelijk vóór uwe bekering tot het geloof in Christus.
  2. naar de eeuw Dat is, naar de algemene wijze van leven der wereldse mensen.
  3. naar den overste Dat is, naar den wil en ingeving des oversten.
  4. van de macht Dat is, des Satans, gelijk terstond verklaard wordt, die zo genaamd wordt omdat hij een geestelijk wezen heeft, en nog grote macht in het bewegen der lucht heeft behouden, gelijk uit de historie van Job-blijkt , en die uit de lucht den gelovigen nog gedurigen strijd aandoet; Eph 6:12; 1Pe 5:8.
  5. die nu werkt in Dat is, door zijne werkingen en ingevingen leidt waar hij wil. Het woordje nu, doet hij daarbij, omdat de Satan deze zijne werking en heerschappij, die hij over hen allen tevoren gebruikt had, nu in de gelovigen had verloren, hoewel hij hen nog bestreed, maar zijne macht alleen in de ongelovigen had behouden; 2Co 4:3-4; 2Th 2:9-10.
  6. de kinderen der De ongelovige mensen, die het Evangelie ongehoorzaam zijn, Eph 5:6; Col 3:6, worden ook anders kinderen Belials genaamd. Zie Deu 13:13.

3 Onder dewelke ook wij allen eertijds verkeerd hebben in de begeerlijkheden onzes vleses, doende den wil des vleses en der gedachten; en wij waren van nature kinderen des toorns, gelijk ook de anderen;1234567

Original Greek

ἐνenamongG1722PREP
οἷςhoiswhomG3739R-DPM
καὶkaialsoG2532CONJ
ἡμεῖςhēmeiswe ourselvesG3165P-1NP
πάντεςpantesallG3956A-NPM
ἀνεστράφημένanestraphēmenlivedG0390V-2API-1P
ποτεpoteonceG4218PRT
ἐνeninG1722PREP
ταῖςtaistheG3588T-DPF
ἐπιθυμίαιςepithumiaisdesiresG1939N-DPF
τῆςtēsof theG3588T-GSF
σαρκὸςsarkosfleshG4561N-GSF
ἡμῶνhēmōnof usG3165P-1GP
ποιοῦντεςpoiountesdoingG4160GV-PAP-NPM
τὰtatheG3588T-APN
θελήματαthelēmatathings willedG2307N-APN
τῆςtēsof theG3588T-GSF
σαρκὸςsarkosfleshG4561N-GSF
καὶkaiandG2532CONJ
τῶνtōnof [its]G3588T-GPF
διανοιῶνdianoiōnthoughtsG1271N-GPF
καὶkaiandG2532CONJ
ἤμεθαēmethawe wereG1510V-IMI-1P
τέκναteknachildrenG5043N-NPN
φύσειphuseiby natureG5449N-DSF
ὀργῆςorgēsof wrathG3709N-GSF
ὡςhōsasG5613PRT
καὶkaievenG2532CONJ
οἱhoitheG3588T-NPM
λοιποί.¶loipoirest.G3062A-NPM
  1. wij allen eertijds Namelijk die uit de Joden tot Christus bekeerd zijn, hetwelk hij daarbij doet om te bewijzen, dat hunne bekering, zowel als die der heidenen, uit enkel genade was geschied.
  2. onzes vleses, Dat is, onze verdorven natuur, gelijk deze wijze van spreken doorgaans voorkomt, welke Paulus verklaart Rom 8:7-8, enz.
  3. den wil des vleses Grieks, de willen; dat is, lusten en genegenheden des vleesches.
  4. der gedachten; Het Griekse woord dianoia, betekent het verstand, of het redelijke deel van de ziel des mensen, hetwelk vóór zijne bekering den mens ook niet dan tot ijdelheid en wereldse dingen drijft. Zie Rom 1:22, en Rom 8:7; Col 2:18.
  5. van nature Of door de natuur; dat is van onze geboorte of moeders lijf aan, gelijk dit woord natuur ook genomen wordt Gal 2:15, en elders. Zie Job 14:4; Psa 51:7; Joh 3:6; Rom 5:12-14.
  6. kinderen des toorns, Dat is, den toorn Gods vanwege onze aangeboren zonde onderworpen. Zie Rom 1:18, en Rom 9:22.
  7. de anderen; Namelijk de heidenen. Zie Rom 3:9, enz.

4 Maar God, Die rijk is in barmhartigheid door Zijn grote liefde, waarmede Hij ons liefgehad heeft,12

Original Greek

ὉHo<the>G3588T-NSM
δὲdeButG1161CONJ
θεὸςtheosGodG2316N-NSM-T
πλούσιοςplousiosrichG4145A-NSM
ὢνōnbeingG1510V-PAP-NSM
ἐνeninG1722PREP
ἐλέειeleeimercyG1656N-DSN
διὰdiabecause ofG1223PREP
τὴνtēntheG3588T-ASF
πολλὴνpollēngreatG4183A-ASF
ἀγάπηνagapēnloveG0026N-ASF
αὐτοῦautouof HimG0846P-GSM
ἣνhēnwith whichG3739R-ASF
ἠγάπησενēgapēsenHe lovedG0025V-AAI-3S
ἡμᾶς,hēmasus,G3165P-1AP
  1. Die rijk is in Dat is, overvloedig.
  2. door Zijn grote Of, om, van wege.

5 Ook toen wij dood waren door de misdaden, heeft ons levend gemaakt met Christus; (uit genade zijt gij zalig geworden),123

Original Greek

καὶkaievenG2532CONJ
ὄνταςontasbeingG1510V-PAP-APM
ἡμᾶςhēmasweG3165P-1AP
νεκροὺςnekrousdeadG3498A-APM
τοῖςtois<the>G3588T-DPN
παραπτώμασινparaptōmasinin trespassesG3900N-DPN
συνεζωοποίησενsunezōopoiēsenmade [us] alive withG4806V-AAI-3S
τῷtō<the>G3588T-DSM
Χριστῷ,ChristōChrist —G5547N-DSM-T
χάριτίcharitiby graceG5485N-DSF
ἐστεesteyou areG1510V-PAI-2P
σεσῳσμένοι.sesōsmenoisaved —.G4982V-RPP-NPM
  1. dood waren Zie de aantekeningen vs.1.
  2. levend gemaakt Dat is, uit den dood der zonde verlost, door onze rechtvaardigmaking en wedergeboorte, gelijk terstond hierna verklaard wordt.
  3. met Christus; Want als Christus, die om onzer zonden wil gestorven was, is opgewekt zo heeft Hij metterdaad betoond dat Hij de schuld onzer zonde en het lichaam onzer zonden had teniet gedaan: hetwelk Hij eerst voor ons, en daarna ook in ons heeft volbracht uit kracht Zijns doods en Zijner opstanding, Rom 4:25, en Rom 6:6-8, als Hij ons het geloof heeft geschonken, door het geloof heeft gerechtvaardigd, en door Zijnen Geest heeft vernieuwd en geheiligd. Zie 1Co 1:30.

6 En heeft ons mede opgewekt, en heeft ons mede gezet in den hemel in Christus Jezus;1

Original Greek

καὶkaiandG2532CONJ
συνήγειρενsunēgeirenHe raised [us] up togetherG4891V-AAI-3S
καὶkaiandG2532CONJ
συνεκάθισενsunekathisenHe seated [us] togetherG4776V-AAI-3S
ἐνeninG1722PREP
τοῖςtoistheG3588T-DPN
ἐπουρανίοιςepouranioisheavenly realmsG2032A-DPN
ἐνeninG1722PREP
ΧριστῷChristōChristG5547N-DSM-T
Ἰησοῦ,IēsouJesus,G2424GN-DSM-P
  1. in Christus Jezus; Namelijk als ons Hoofd, in welken wij deze weldaden alrede bezitten, en wij ook in hope bezitten, Rom 8:24, en dezelve zekerlijk zullen deelachtig worden te zijner tijd. Zie Rom 8:11; 1Co 15:20; Phi 3:21; Col 3:1-2, enz.

7 Opdat Hij zou betonen in de toekomende eeuwen den uitnemenden rijkdom Zijner genade, door de goedertierenheid over ons in Christus Jezus.12

Original Greek

ἵναinain order thatG2443CONJ
ἐνδείξηταιendeixētaiHe may showG1731V-AMS-3S
ἐνeninG1722PREP
τοῖςtoistheG3588T-DPM
αἰῶσινaiōsinagesG0165GN-DPM
τοῖςtoisthatG3588T-DPM
ἐπερχομένοιςeperchomenois[are] comingG1904V-PNP-DPM
τὸtotheG3588T-ASN
ὑπερβάλλονhuperballonsurpassingG5235V-PAP-ASN
πλοῦτοςploutosrichesG4149N-ASN
τῆςtēsof theG3588T-GSF
χάριτοςcharitosgraceG5485N-GSF
αὐτοῦautouof HimG0846P-GSM
ἐνeninG1722PREP
χρηστότητιchrēstotētikindnessG5544N-DSF
ἐφ᾽eph᾽towardG1909PREP
ἡμᾶςhēmasusG3165P-1AP
ἐνeninG1722PREP
ΧριστῷChristōChristG5547N-DSM-T
Ἰησοῦ.¶IēsouJesus.G2424GN-DSM-P
  1. zou betonen Het Griekse woord betekent zoveel als een exempel of klaar bewijs voorstellen, want God heeft in dien tijd dit exempel Zijner barmhartigheid, aan heidenen en Joden bewezen, opdat ook wij, hunne nakomelingen, dit verstaande, tot die genade onze toevlucht nemen zouden; 1Ti 1:16.
  2. in de toekomende Namelijk den mens van toekomende eeuwen of tijden.

8 Want uit genade zijt gij zalig geworden door het geloof; en dat niet uit u, het is Gods gave;1234

Original Greek

ΤῇTēa<the>G3588T-DSF
γὰρgarForG1063CONJ
χάριτίcharitiby graceG5485N-DSF
ἐστεesteyou areG1510V-PAI-2P
σεσῳσμένοιsesōsmenoisavedG4982V-RPP-NPM
διὰdiathroughG1223PREP
τῆςtēs<the>G3588T-GSF
πίστεως,pisteōsfaith,G4102GN-GSF
καὶkaiandG2532CONJ
τοῦτοtoutothisG3778D-NSN
οὐκouknotG3756PRT-N
ἐξexofG1537PREP
ὑμῶν,humōnyourselves,G4771P-2GP
θεοῦtheou[it is] of GodG2316N-GSM-T
τὸtotheG3588T-NSN
δῶρον,dōrongift,G1435N-NSN
  1. uit genade zijt Of, door de genade, namelijk van God in Christus, gelijk in vs.7 is verklaard.
  2. zalig geworden Dat is, van de zonde en de straf der zonde verlost, en tot erfgenaam der eeuwige zaligheid gesteld.
  3. door het geloof; Namelijk waardoor deze genade Gods in Christus van ons wordt aangenomen en ons toegeëigend; Joh 1:12; Rom 3:24-25.
  4. dat niet uit u, Namelijk dat is niet uit u, dat gij gelooft. Want anders zou de apostel één ding tweemaal zeggen, en niet alleen de zaligheid zelve, maar ook het geloof is ene gave Gods. Zie Phi 1:29; 2Ti 1:9, enz.

9 Niet uit de werken, opdat niemand roeme.1

Original Greek

οὐκouknotG3756PRT-N
ἐξexas a result ofG1537PREP
ἔργων,ergōnworks,G2041N-GPN
ἵναinaso thatG2443CONJ
μήmēnotG3361PRT-N
τιςtisanyoneG5100X-NSM
καυχήσηται.kauchēsētaimay boast.G2744V-ADS-3S
  1. Niet uit de Namelijk noch in het geheel, noch ten dele. Zie Rom 4:4-5, en Rom 11:6; gelijk ook de volgende woorden uitwijzen.

10 Want wij zijn Zijn maaksel, geschapen in Christus Jezus tot goede werken, welke God voorbereid heeft, opdat wij in dezelve zouden wandelen.12

Original Greek

αὐτοῦautouOf HimG0846P-GSM
γάρgarforG1063CONJ
ἐσμενesmenwe areG1510V-PAI-1P
ποίημαpoiēmaworkmanshipG4161N-NSN
κτισθέντεςktisthenteshaving been createdG2936V-APP-NPM
ἐνeninG1722PREP
ΧριστῷChristōChristG5547N-DSM-T
ἸησοῦIēsouJesusG2424GN-DSM-P
ἐπὶepiforG1909PREP
ἔργοιςergoisworksG2041N-DPN
ἀγαθοῖςagathoisgoodG0018A-DPN
οἷςhoiswhichG3739R-DPN
προητοίμασενproētoimasenprepared beforehandG4282V-AAI-3S
ὁho<the>G3588T-NSM
θεός,theosGod,G2316N-NSM-T
ἵναinathatG2443CONJ
ἐνeninG1722PREP
αὐτοῖςautoisthemG0846P-DPN
περιπατήσωμεν.¶peripatēsōmenwe may walk.G4043V-AAS-1P
  1. wij zijn Zijn De apostel spreekt hier niet van de eerste schepping, maar van de vernieuwing en wedergeboorte, die in Gods woord een tweede of nieuwe schepping wordt genaamd. Zie 2Co 5:17.
  2. God voorbereid Of, God tevoren heeft bereid; namelijk in Zijn eeuwigen raad, of ook door Zijnen Geest in ons. Zie Heb 8:10, enz.

11 Daarom gedenkt, dat gij, die eertijds heidenen waart in het vlees, en die voorhuid genaamd werdt van degenen, die genaamd zijn besnijdenis in het vlees, die met handen geschiedt;123

Original Greek

ΔιὸDioThereforeG1352CONJ
μνημονεύετεmnēmoneuetedo rememberG3421V-PAM-2P
ὅτιhotithatG3754GCONJ
ποτὲpoteformerlyG4218PRT
ὑμεῖςhumeisyou yourselvesG4771P-2NP
τὰtatheG3588T-NPN
ἔθνηethnēGentilesG1484N-NPN
ἐνeninG1722PREP
σαρκί,sarki[the] flesh,G4561N-DSF
οἱhoithe onesG3588T-NPM
λεγόμενοιlegomenoibeing namedG3004HV-PPP-NPM
ἀκροβυστίαakrobustia[the] uncircumcisionG0203N-NSF
ὑπὸhupobyG5259GPREP
τῆςtēswhichG3588T-GSF
λεγομένηςlegomenēsis being namedG3004HV-PPP-GSF
περιτομῆςperitomēs[the] circumcisionG4061N-GSF
ἐνeninG1722PREP
σαρκὶsarki[the] fleshG4561N-DSF
χειροποιήτου,cheiropoiētoumade by hands —G5499A-GSF
  1. in het vlees, Sommigen verstaan dit van de onbesnedenheid der heidenen; doch zodanigen waren zij ook nu tot Christus bekeerd zijnde, en den naam voorhuid, die volgt, geeft dit genoeg te kennen. Zo wordt dan het woord vlees bekwamelijker genomen voor de verdorvenheid der natuur, waarin zij vóór hunne bekering waren, gelijk Joh 3:6; Rom 8:5, enz.
  2. voorhuid genaamd Dat is, onbesneden en dat bij verachting. Zie 1Sa 17:26; Eze 44:7.
  3. besnijdenis Dat is, van de Joden die besneden waren, hetwelk een teken was van Gods verbond met hen; Gen 17:11.

12 Dat gij in dien tijd waart zonder Christus, vervreemd van het burgerschap Israëls, en vreemdelingen van de verbonden der belofte, geen hoop hebbende, en zonder God in de wereld.12345

Original Greek

ὅτιhotiforG3754HCONJ
ἦτεēteyou wereG1510V-IAI-2P
ἐνeninG1722PREP
τῷtō<the>G3588T-DSM
καιρῷkairōtimeG2540N-DSM
ἐκείνῳekeinōthat [very]G1565D-DSM
χωρὶςchōrisseparate fromG5565PREP
ΧριστοῦChristouChristG5547N-GSM-T
ἀπηλλοτριωμένοιapēllotriōmenoialienatedG0526V-RPP-NPM
τῆςtēsfrom theG3588T-GSF
πολιτείαςpoliteiascommonwealthG4174N-GSF
τοῦtou<the>G3588T-GSM
ἸσραὴλIsraēlof IsraelG2474N-GSM-L
καὶkaiandG2532CONJ
ξένοιxenoistrangersG3581A-NPM
τῶνtōnto theG3588T-GPF
διαθηκῶνdiathēkōncovenantsG1242N-GPF
τῆςtēsof theG3588T-GSF
ἐπαγγελίας,epangeliaspromise,G1860N-GSF
ἐλπίδαelpidahopeG1680N-ASF
μὴmēnotG3361PRT-N
ἔχοντεςechonteshavingG2192V-PAP-NPM
καὶkaiandG2532CONJ
ἄθεοιatheoiwithout GodG0112A-NPM
ἐνeninG1722PREP
τῷtōtheG3588T-DSM
κόσμῳ·kosmōworld;G2889N-DSM
  1. zonder Christus, Dat is, zonder gemeenschap met Christus te hebben, die komen zou, buiten welke gene zaligheid was; Joh 14:6; Act 4:12. De Israëlieten dan, die het koninkrijk Israëls verwachtten, hadden gemeenschap met Christus, die beloofd was. Zie Joh 8:56; Act 13:26, Act 13:32, en Act 15:11, en Act 26:6-7; Heb 11:26, enz.
  2. het burgerschap Dat is, de gemeente Gods, die in het burgerschap Israëls was begrepen.
  3. de verbonden Dat is, van de geestelijke beloften, die God in Zijn verbond met de Israëlieten opgericht, gedaan en dikwijls vernieuwd heeft, waarom Hij het verbonden in het getal van velen noemt.
  4. geen hoop Namelijk geen ware hoop van de vergeving der zonden en der eeuwige zaligheid.
  5. zonder God Dat is, zonder de oprechte kennis en dienst van den waren God. Want als is het dat zij vele goden en godsdiensten hadden, die waren nochtans van hen verdicht en versierd. Zie Rom 1:21, enz.; al ware het dat enigen God als Schepper kenden, nochtans, dewijl zij den Zoon niet kenden, noch eerden, zo hadden zij ook den Vader niet; Joh 5:23.

13 Maar nu in Christus Jezus, zijt gij, die eertijds verre waart, nabij geworden door het bloed van Christus.12

Original Greek

νυνὶnuniNowG3570ADV
δὲdehoweverG1161CONJ
ἐνeninG1722PREP
ΧριστῷChristōChristG5547N-DSM-T
ἸησοῦIēsouJesusG2424GN-DSM-P
ὑμεῖςhumeisyou yourselvesG4771P-2NP
οἵoithe [ones]G3739R-NPM
ποτεpoteonceG4218PRT
ὄντεςontesbeingG1510V-PAP-NPM
μακρὰνmakranfar offG3112ADV
ἐγενήθητεegenēthētehave becomeG1096V-2AOI-2P
ἐγγὺςengusnearG1451PREP
ἐνenbyG1722PREP
τῷtōtheG3588T-DSN
αἵματιaimatibloodG0129GN-DSN
τοῦtou<the>G3588T-GSM
Χριστοῦ.Christouof Christ.G5547N-GSM-T
  1. verre waart, Namelijk van deze weldaden en voordelen, waarvan in Eph 1, is gesproken. En zie hier de apostel op de plaats Isa 49:1. Zie Act 2:39.
  2. het bloed Dat is, door den dood en bloedige offerande van Christus, waardoor dit onderscheid der volken is weggenomen.

14 Want Hij is onze vrede, Die deze beiden een gemaakt heeft, en den middelmuur des afscheidsels gebroken hebbende,123

Original Greek

αὐτὸςautoshe himselfG0846P-NSM
γάρgarforG1063CONJ
ἐστινestinisG1510V-PAI-3S
ἡhētheG3588T-NSF
εἰρήνηeirēnēpeaceG1515N-NSF
ἡμῶν,hēmōnof us,G3165P-1GP
ὁhowhichG3588T-NSM
ποιήσαςpoiēsashaving madeG4160GV-AAP-NSM
τὰta<the>G3588T-APN
ἀμφότεραamphoterabothG0297A-APN
ἓνhenoneG1520A-ASN
καὶkaiandG2532CONJ
τὸtotheG3588T-ASN
μεσότοιχονmesotoichonbarrierG3320N-ASN
τοῦtouof theG3588T-GSM
φραγμοῦphragmoufenceG5418N-GSM
λύσας,lusashaving broken down,G3089V-AAP-NSM
  1. onze vrede, Dat is, oorsprong en oorzaak van onzen vrede, zo tussen God en de mensen, als tussen de mensen zelf, namelijk Joden en heidenen.
  2. deze beiden Dat is, Joden en heidenen.
  3. des afscheidsels Of des tuins; namelijk die de Joden van de heidenen scheidde en afschutte, gelijk een muur twee huizen of plaatsen pleegt van elkander te scheiden. Waardoor de wet der ceremoniën verstaan wordt, die dit onderscheid tussen Joden en heidenen maakte. En Paulus schijnt hier ook te zien op het scheuren van het voorhangsel des tempels, dat scheurde toen Christus leed; Mat 27:51; Luk 23:45.

15 Heeft Hij de vijandschap in Zijn vlees te niet gemaakt, namelijk de wet der geboden in inzettingen bestaande; opdat Hij die twee in Zichzelven tot een nieuwen mens zou scheppen, vrede makende;1234567

Original Greek

τὸνtontheG3588T-ASM
νόμονnomonlawG3551N-ASM
τῶνtōn<the>G3588T-GPF
ἐντολῶνentolōnof commandmentsG1785N-GPF
ἐνeninG1722PREP
δόγμασινdogmasinordinancesG1378N-DPN
καταργήσας,katargēsashaving annulled,G2673V-AAP-NSM
ἵναinaso thatG2443CONJ
τοὺςtoustheG3588T-APM
δύοduotwoG1417A-NUI
κτίσῃktisēHe may createG2936V-AAS-3S
ἐνeninG1722PREP
αὐτῷautōHimG0846P-DSM
εἰςeisintoG1519PREP
ἕναhenaoneG1520A-ASM
καινὸνkainonnewG2537A-ASM
ἄνθρωπονanthrōponmanG0444N-ASM
ποιῶνpoiōnmakingG4160GV-PAP-NSM
εἰρήνην,eirēnēnpeace,G1515N-ASF
  1. de vijandschap Namelijk tussen Joden en heidenen, gelijk uit het volgende blijkt, rijzende uit de verscheidenheid van godsdienst.
  2. in Zijn vlees Dat is, in zijn lichaam of menselijke natuur, aan het kruis geofferd, Joh 1:14; 1Pe 4:1; ene gelijkenis van slachtoffers, welker vlees op het altaar verbrand werd.
  3. de wet der geboden Namelijk waardoor de ceremoniën waren ingezet, en tot den tijd der verbetering gegeven; Heb 9:10.
  4. die twee Namelijk volken, dat is, de uitverkorenen uit beide deze volken; Rom 9:24, en Rom 11:7.
  5. Zichzelven tot Dit zegt de apostel omdat wij met Christus zelf moeten verenigd zijn door het geloof, eer wij uit Joden en heidenen tot één lichaam kunnen worden.
  6. een nieuwen mens Dat is, door den Heiligen Geest en de kracht der wedergeboorte vernieuwd. En hier spreekt de apostel van alle gelovigen als van één mens, omdat zij allen onder Christus het Hoofd, als leden van één geestelijk lichaam, gelijk tot een vernieuwden mens worden gesteld.
  7. vrede makende; Dat is, vereniging en gemeenschap, nadat de oorzaak en het middel van verdeeldheid is weggenomen.

16 En opdat Hij die beiden met God in een lichaam zou verzoenen door het kruis, de vijandschap aan hetzelve gedood hebbende.12345

Original Greek

καὶkaiandG2532CONJ
ἀποκαταλλάξῃapokatallaxēHe may reconcileG0604V-AAS-3S
τοὺςtous<the>G3588T-APM
ἀμφοτέρουςamphoterousbothG0297A-APM
ἐνeninG1722PREP
ἑνὶhenioneG1520A-DSN
σώματιsōmatibodyG4983N-DSN
τῷtō<the>G3588T-DSM
θεῷtheōto GodG2316N-DSM-T
διὰdiathroughG1223PREP
τοῦtoutheG3588T-GSM
σταυροῦstauroucrossG4716N-GSM
ἀποκτείναςapokteinashaving slainG0615V-AAP-NSM
τὴνtēntheG3588T-ASF
ἔχθρανechthranhostilityG2189N-ASF
ἐνenbyG1722PREP
αὐτῷ·autōit;G0846P-DSM
  1. die beiden Dit zegt de apostel, omdat door Christus' kruis niet alleen Joden en heidenen tot één zijn gebracht, maar ook tezamen met God verzoend.
  2. in een lichaam Dat is, in een zelfde gemeente, die Christus' geestelijk lichaam is. Sommigen verstaan hier door het lichaam Christus zelf, hetwelk Hij vs.15 Zijn vlees genoemd heeft.
  3. de vijandschap Namelijk zoveel tussen God en ons om der zonde wil, als ook tussen Joden en heidenen. Want van deze beide verzoeningen heeft hij hier voren gesproken.
  4. hetzelve Namelijk kruis.
  5. gedood hebbende Dat is, geheel weggenomen hebbende door Zijn dood. Want door ééne offerande heeft Hij in der eeuwigheid geheiligd, die geheiligd worden; Heb 10:14.

17 En komende, heeft Hij door het Evangelie vrede verkondigd u, die verre waart, en dien, die nabij waren.12

Original Greek

καὶkaiAndG2532CONJ
ἐλθὼνelthōnhaving comeG2064V-2AAP-NSM
εὐηγγελίσατοeuēngelisatoHe evangelisedG2097V-AMI-3S
εἰρήνηνeirēnēnpeaceG1515N-ASF
ὑμῖνhuminto youG4771P-2DP
τοῖςtoisthe [ones]G3588T-DPM
μακρὰνmakranfar offG3112ADV
καὶkaiandG2532CONJ
εἰρήνηνeirēnēnpeaceG1515N-ASF
τοῖςtoisto thoseG3588T-DPM
ἐγγύς,engus[who are] near,G1451PREP
  1. komende, heeft Namelijk zo door Zichzelven in de dagen Zijns vleesches onder de Joden, als een dienaar der besnijdenis, en na Zijne hemelvaart door Zijne apostelen aan allen zonder onderscheid; door welke en met welke apostelen Hij krachtig is geweest tot bekering van allen, zowel van heidenen als van Joden; Mar 16:20; Joh 10:16; 2Co 13:3, enz.
  2. vrede verkondigd Namelijk tussen God en de mensen, en ook vervolgens der mensen onder elkander; Luk 2:14; Rom 10:15; 2Co 5:19, enz.

18 Want door Hem hebben wij beiden den toegang door een Geest tot den Vader.12

Original Greek

ὅτιhotiForG3754HCONJ
δι᾽di᾽throughG1223PREP
αὐτοῦautouHimG0846P-GSM
ἔχομενechomenwe haveG2192V-PAI-1P
τὴνtēntheG3588T-ASF
προσαγωγὴνprosagōgēnaccessG4318N-ASF
οἱhoi<the>G3588T-NPM
ἀμφότεροιamphoteroibothG0297A-NPM
ἐνenbyG1722PREP
ἑνὶhenioneG1520A-DSN
πνεύματιpneumatiSpiritG4151GN-DSN
πρὸςprostoG4314PREP
τὸνtontheG3588T-ASM
πατέρα.¶pateraFather.G3962N-ASM-T
  1. door Hem hebben Namelijk Christus door het geloof aangenomen; Rom 5:2.
  2. een Geest Namelijk de aanneming tot kinderen, Rom 8:15; die ook dit ganse lichaam zijn leven en beweging geeft.

19 Zo zijt gij dan niet meer vreemdelingen en bijwoners, maar medeburgers der heiligen, en huisgenoten Gods;1234

Original Greek

ἌραAraSoG0686CONJ
οὖνounthenG3767CONJ
οὐκέτιouketino longerG3756PRT-N + G2089
ἐστὲesteare youG1510V-PAI-2P
ξένοιxenoistrangersG3581A-NPM
καὶkaiandG2532CONJ
πάροικοι,paroikoialiens,G3941A-NPM
ἀλλ᾽all᾽butG0235CONJ
ἐστὲesteareG1510V-PAI-2P
συμπολῖταιsumpolitaifellow citizensG4847N-NPM
τῶνtōnof theG3588T-GPM
ἁγίωνhagiōnsaintsG0040HA-GPM
καὶkaiandG2532CONJ
οἰκεῖοιoikeioiof the householdG3609A-NPM
τοῦtou<the>G3588T-GSM
θεοῦtheouof GodG2316N-GSM-T
  1. gij dan Namelijk heidenen die in Christus gelooft.
  2. niet meer vreemdelingen Namelijk gelijk eertijds. Zie vs.11,12.
  3. medeburgers Namelijk van dit geestelijke Jeruzalem; Gal 4:26.
  4. huisgenoten Gods; Want Gods gemeente wordt doorgaans Gods huis en tempel genaamd. Zie 2Co 6:16; 1Ti 3:15; Heb 3:2, enz. Zo staan zij dan onder één hoofd en zorg, en hebben elk hun dienst en deel in dit huis.

20 Gebouwd op het fondament der apostelen en profeten, waarvan Jezus Christus is de uiterste Hoeksteen;123

Original Greek

ἐποικοδομηθέντεςepoikodomēthenteshaving been builtG2026V-APP-NPM
ἐπὶepiuponG1909PREP
τῷtōtheG3588T-DSM
θεμελίῳthemeliōfoundationG2310N-DSM
τῶνtōnof theG3588T-GPM
ἀποστόλωνapostolōnapostlesG0652N-GPM
καὶkaiandG2532CONJ
προφητῶν,prophētōnprophets,G4396N-GPM
ὄντοςontosbeingG1510V-PAP-GSM
ἀκρογωνιαίουakrogōniaiou[the] cornerstoneG0204A-GSM
αὐτοῦautouHimselfG0846P-GSM
ΧριστοῦChristouChristG5547N-GSM-T
ἸησοῦIēsouJesusG2424GN-GSM-P
  1. het fondament Dat is, de leer der apostelen en der profeten, zo des Ouden als des Nieuwen Testaments, gelijk daarom de namen der twaalf apostelen op de twaalf fondamenten des hemelsen Jeruzalems worden gesteld; Rev 21:14.
  2. waarvan Jezus Want de leer der profeten en apostelen wijst ons in zaken der zaligheid tot niemand op welken wij steunen mogen, dan op Jezus Christus op Zijne voldoening en verdienste; 1Co 1:30, en 1Co 2:2.
  3. de uiterste Hoeksteen; Of, zijnde Jezus Christus zelf de, enz., namelijk waarop het gehele gebouw steunt met de muren en stenen van hetzelve, dat is, alle ware gelovigen uit Joden en heidenen bijeenvergaderd worden, en door éénen Geest aaneenkleven, gelijk volgt. Zie ook 1Pe 2:4. Dat nu deze uiterste hoeksteen ook het enig fondament is van dit geheel gebouw, blijkt uit Isa 28:16; 1Co 3:10-11.

21 Op Welken het gehele gebouw, bekwamelijk samengevoegd zijnde, opwast tot een heiligen tempel in den Heere;1

Original Greek

ἐνeninG1722PREP
ᾧhōwhomG3739R-DSM
πᾶσαpasa[the] wholeG3956A-NSF
ἡhē<the>G3588T-NSF
οἰκοδομὴoikodomēbuildingG3619N-NSF
συναρμολογουμένηsunarmologoumenēbeing fitted togetherG4883V-PPP-NSF
αὔξειauxeiis increasingG0837V-PAI-3S
εἰςeisintoG1519PREP
ναὸνnaona templeG3485N-ASM
ἅγιονhagionholyG0040GA-ASM
ἐνeninG1722PREP
κυρίῳ,kuriō[the] Lord,G2962GN-DSM-T
  1. tempel in den Namelijk waarin de Heere met Zijne genade woont, en derhalve waarin Hij wil geëerd en gediend zijn, gelijk een huisvader in zijn huis.

22 Op Welken ook gij mede gebouwd wordt tot een woonstede Gods in den Geest.123

Original Greek

ἐνeninG1722PREP
ᾧhōwhomG3739R-DSM
καὶkaialsoG2532CONJ
ὑμεῖςhumeisyou yourselvesG4771P-2NP
συνοικοδομεῖσθεsunoikodomeistheare being built togetherG4925V-PPI-2P
εἰςeisforG1519PREP
κατοικητήριονkatoikētēriona habitationG2732N-ASN
τοῦtou<the>G3588T-GSM
θεοῦtheouof GodG2316N-GSM-T
ἐνeninG1722PREP
πνεύματι.¶pneumati[the] Spirit.G4151GN-DSN
  1. Op Welken ook Namelijk uitersten hoeksteen van Christus.
  2. gij mede gebouwd Namelijk die uit de heidenen naar Zijn voornemen zijt geroepen, en dienvolgens ook in Hem gelooft.
  3. in den Geest Of, door den Geest.