reltext

Chapter 3

1 Zijt niet vele meesters, mijn broeders, wetende, dat wij te meerder oordeel zullen ontvangen.123

Original Greek

ΜὴMēNotG3361PRT-N
πολλοὶpolloimany [of you]G4183A-NPM
διδάσκαλοιdidaskaloiteachersG1320N-NPM
γίνεσθε,ginesthedo becomeG1096V-PNM-2P
ἀδελφοίadelphoibrothersG0080N-VPM
μου,mouof mine,G3165P-1GS
εἰδότεςeidotesknowingG6063V-RAP-NPM
ὅτιhotithatG3754GCONJ
μεῖζονmeizongreaterG3173A-ASN-C
κρίμαkrimajudgmentG2917N-ASN
λημψόμεθα.lēmpsomethawe will receive.G2983V-FDI-1P
  1. vele meesters, Daarmede bestraft hij niet degenen die het leer-ambt begeren, 1Ti 3:1, maar degenen die zich aanmatigen als grote meesters anderen lichtvaardig te oordelen en te berispen; hoedanige velen gevonden worden, daar de mensen zo geaard zijn, dat zij gebreken van anderen licht zien en berispen, en hunne eigene niet zien. Zie Mat 7:1; Luk 6:37.
  2. te meerder Grieks groter; dat is, zeer groot en zwaar.
  3. oordeel zullen ontvangen Dat is, straf, daar deze na gegeven vonnis pleegt te volgen; zie 1Co 11:31. Deze straf wordt uitgedrukt Mat 7:2, en is rechtvaardig, daar zij anderen veroordelen in hetgeen waaraan zijzelf schuldig zijn, en zo ook tegen zichzelf vonnis strijken.

2 Want wij struikelen allen in vele. Indiën iemand in woorden niet struikelt, die is een volmaakt man, machtig om ook het gehele lichaam in den toom te houden.12345

Original Greek

πολλὰpollaIn many waysG4183A-APN
γὰρgarforG1063CONJ
πταίομενptaiomenwe stumbleG4417V-PAI-1P
ἅπαντες·hapantesall;G0537A-NPM
εἴeiIfG1487GCOND
τιςtisanyoneG5100X-NSM
ἐνeninG1722PREP
λόγῳlogōwhat he saysG3056N-DSM
οὐounotG3756PRT-N
πταίει,ptaieidoes stumble,G4417V-PAI-3S
οὗτοςhoutosthis one [is]G3778D-NSM
τέλειοςteleiosa perfectG5046A-NSM
ἀνήρ,anērman,G0435GN-NSM
δυνατὸςdunatosableG1415A-NSM
χαλιναγωγῆσαιchalinagōgēsaito bridleG5468V-AAN
καὶkaiindeedG2532CONJ
ὅλονholonallG3650A-ASN
τὸtotheG3588T-ASN
σῶμα.¶sōmabody.G4983N-ASN
  1. struikelen allen Of stoten ons, gelijk Jam 2:10; dat is, zondigen, begaan dezelfde of dergelijke zonden dikwijls, die wij in anderen bestraffen; Gal 6:1.
  2. in woorden niet struikelt, Grieks in het woord; dat is, in zeggen, spreken.
  3. is een volmaakt man, Dat is, is begaafd met de rechte wijsheid en voorzichtigheid. Want dat dit niet wordt verstaan van een volkomene volmaaktheid, die de wet eist, is duidelijk, daar hij inwendig in zijn hart met kwade lusten, en uitwendig met de andere ledematen evenwel kan zondigen, al bedwingt hij zijn tong; en dewijl niemand zijn tong bedwingt gelijk behoort, vs.8, dat is ook een duidelijk bewijs van de onvolmaaktheid der mensen.
  4. het gehele lichaam Dat is, de werkingen van al de andere leden van het lichaam.
  5. in den toom te houden Dat is, bedwingen dat zij den regel niet te buiten gaan; een gelijkenis, genomen van de paarden, die door den toom worden gedwongen den rechten weg te gaan. Zodat degene, die de tong kan bedwingen, hetwelk het zwaarste is, ook de andere ledematen bedwingen kan, dat lichter is; gelijk in vs.3 verklaard wordt.

3 Ziet, wij leggen den paarden tomen in de monden, opdat zij ons zouden gehoorzamen, en wij leiden daarmede hun gehele lichaam om;123

Original Greek

ΕἰEiIfG1487GCOND
δὲdenowG1161CONJ
τῶνtōnof theG3588T-GPM
ἵππωνippōnhorsesG2462N-GPM
τοὺςtous<the>G3588T-APM
χαλινοὺςchalinousbitsG5469N-APM
εἰςeisintoG1519PREP
τὰtatheG3588T-APN
στόματαstomatamouthsG4750N-APN
βάλλομενballomenwe putG0906HV-PAI-1P
εἰςeisforG1519PREP
τὸto<the>G3588T-ASN
πείθεσθαιpeithesthaito obeyG3982V-PPN
αὐτοὺςautousthemG0846P-APM
ἡμῖν,hēminus,G3165P-1DP
καὶkaievenG2532CONJ
ὅλονholonallG3650A-ASN
τὸtotheG3588T-ASN
σῶμαsōmabodyG4983N-ASN
αὐτῶνautōnof themG0846P-GPM
μετάγομεν.metagomenwe turn about.G3329V-PAI-1P
  1. wij leggen den paarden Dat is, gelijk wij leggen, enz. Grieks wij werpen.
  2. hun gehele lichaam Namelijk hoe groot en sterk het ook zij.
  3. om; Dat is, waarheen wij willen. Zo regeert de tong den gansen mens en al zijn doen, hetzij ten goede of ten kwade.

4 Ziet ook de schepen, hoewel zij zo groot zijn, en van harde winden gedreven, zij worden omgewend van een zeer klein roer, waarhenen ook de begeerte des stuurders wil.1

Original Greek

ἰδοὺidouBeholdG2400INJ
καὶkaialsoG2532CONJ
τὰtatheG3588T-NPN
πλοῖα,ploiaships,G4143N-NPN
τηλικαῦταtēlikautaso greatG5082D-NPN
ὄνταontabeingG1510V-PAP-NPN
καὶkaiandG2532CONJ
ὑπὸhupobyG5259GPREP
ἀνέμωνanemōnwindsG0417N-GPM
σκληρῶνsklērōnstrongG4642A-GPM
ἐλαυνόμενα,elaunomenabeing driven,G1643V-PPP-NPN
μετάγεταιmetagetaiare turned aboutG3329V-PPI-3S
ὑπὸhupobyG5259GPREP
ἐλαχίστουelachistoua very smallG1646A-GSN
πηδαλίουpēdaliourudderG4079N-GSN
ὅπουhopouwhereG3699CONJ
ἂνaneverG0302PRT
ἡhētheG3588T-NSF
ὁρμὴhormēimpulseG3730N-NSF
τοῦtou[of the one] whoG3588T-GSM
εὐθύνοντοςeuthunontosis steeringG2116V-PAP-GSM
βούλεται.¶bouletaidecides.G1014V-PNI-3S
  1. de begeerte des Grieks de drijving; dat is, de beweging van zijn gemoed.

5 Alzo is ook de tong een klein lid, en roemt nochtans grote dingen. Ziet, een klein vuur, hoe groten hoop houts het aansteekt.123

Original Greek

ΟὕτωςHoutōsThusG3779ADV
καὶkaialsoG2532CONJ
ἡhētheG3588T-NSF
γλῶσσαglōssatongueG1100N-NSF
μικρὸνmikrona smallG3398A-NSN
μέλοςmelosmemberG3196N-NSN
ἐστὶνestinisG1510V-PAI-3S
καὶkaiandG2532CONJ
μεγάλαmegalaexceeding thingsG3173A-APN
αὐχεῖ.aucheiit boasts.G6094V-PAI-3S
ἰδοὺidouBeholdG2400INJ
ἡλίκονhēlikona greatG2245I-NSN
πῦρpurfireG4442N-NSN
ἡλίκηνhēlikēnhow greatG2245I-ASF
ὕληνhulēna forestG5208N-ASF
ἀνάπτει·anapteiit kindles;G0381V-PAI-3S
  1. roemt nochtans Dat is, richt grote dingen aan. Of verheft zich grotelijks; een gelijkenis genomen van de paarden, die den hals opsteken, Psa 12:4.
  2. een klein vuur, Dat is, gelijk een klein vuur, al is het maar een vonk.
  3. hoop houts het aansteekt Grieks hijlen; hetwelk betekent in het algemeen wel allerlei stof, maar vooral die men branden kan, waarom een bos ook zo genoemd wordt.

6 De tong is ook een vuur, een wereld der ongerechtigheid; alzo is de tong onder onze leden gesteld, welke het gehele lichaam besmet, en ontsteekt het rad onzer geboorte, en wordt ontstoken van de hel.12345678

Original Greek

καὶkaiAlsoG2532CONJ
ἡhētheG3588T-NSF
γλῶσσαglōssatongue [is]G1100N-NSF
πῦρ,pura fire,G4442N-NSN
ὁhotheG3588T-NSM
κόσμοςkosmosworldG2889N-NSM
τῆςtēs<the>G3588T-GSF
ἀδικίαςadikiasof iniquityG0093N-GSF
οὕτως,houtōsthusG3779ADV
ἡhēTheG3588T-NSF
γλῶσσαglōssatongueG1100N-NSF
καθίσταταιkathistataiis setG2525V-PPI-3S
ἐνenamongG1722PREP
τοῖςtoistheG3588T-DPN
μέλεσινmelesinmembersG3196N-DPN
ἡμῶνhēmōnof usG3165P-1GP
ἡhēwhichG3588T-NSF
σπιλοῦσαspilousais defilingG4695V-PAP-NSF
ὅλονholonallG3650A-ASN
τὸtotheG3588T-ASN
σῶμαsōmabodyG4983N-ASN
καὶkaiandG2532CONJ
φλογίζουσαphlogizousasetting on fireG5394V-PAP-NSF
τὸνtontheG3588T-ASM
τροχὸνtrochoncourseG5164N-ASM
τῆςtēs<the>G3588T-GSF
γενέσεωςgeneseōsof natureG1078N-GSF
καὶkaiand [itself]G2532CONJ
φλογιζομένηphlogizomenēbeing set on fireG5394V-PPP-NSF
ὑπὸhupobyG5259GPREP
τῆςtēs<the>G3588T-GSF
γεέννης.¶geennēshell.G1067N-GSF-T
  1. De tong Namelijk als zij niet bedwongen, maar misbruikt wordt.
  2. is ook een vuur, Dat is, hoewel het een klein lid is, wanneer men die misbruikt, zo wordt daardoor dikwijls een grote brand van twist, oproerigheid, oorlog, enz. ontstoken, waardoor kerken, landen en steden verwoest worden.
  3. een wereld der Dat is, gelijk de wereld vol is van allerlei soorten van ongerechtigheid, zo brengt ook een onbedwongen tong voort allerlei ongerechtigheid, als kijven, lasteren, vechten, doodslaan, enz. Een figuurlijke wijze van spreken, waardoor een zeer grote menigte betekend wordt, gelijk men zegt, een zee, of een afgrond van kwaad.
  4. besmet, en Dat is, voortbrengt vele kwaden en zonden, waarmede de mens besmet wordt. Zie Mat 15:18-20.
  5. ontsteekt Namelijk gelijk als een vuur om te bederven en vernielen.
  6. het rad onzer Of den loop van ons leven van de geboorte af, welke is als een rad, dat altijd omloopt van den morgen tot den avond, van de jeugd tot den ouderdom, van de geboorte tot den dood.
  7. ontstoken Dat is, opgewekt en gaande gemaakt om te misbruiken.
  8. van de hel Dat is, van den duivel, wiens pijnplaats de hel is. Grieks geënnes; van welk woord zie Mat 5:22.

7 Want alle natuur, beide der wilde dieren en der vogelen, beide der kruipende en der zeedieren, wordt getemd en is getemd geweest van de menselijke natuur.12

Original Greek

ΠᾶσαPasaAllG3956A-NSF
γὰρgarforG1063CONJ
φύσιςphusiskindsG5449N-NSF
θηρίωνthēriōnof beastsG2342N-GPN
τεtebothG5037CONJ
καὶkaiandG2532CONJ
πετεινῶν,peteinōnof birds,G4071N-GPN
ἑρπετῶνherpetōnof creeping thingsG2062N-GPN
τεtebothG5037CONJ
καὶkaiandG2532CONJ
ἐναλίωνenaliōnthings of the seaG1724A-GPN
δαμάζεταιdamazetaiis subduedG1150V-PPI-3S
καὶkaiandG2532CONJ
δεδάμασταιdedamastaihe has been subduedG1150V-RPI-3S
τῇtēaby theG3588T-DSF
φύσειphuseiraceG5449N-DSF
τῇtēa<the>G3588T-DSF
ἀνθρωπίνῃ·anthrōpinēhuman;G0442A-DSF
  1. alle natuur, beide Dat is, alle soorten van wilde dieren, hoe wild zij ook van nature mogen zijn.
  2. getemd en is getemd Dat is, tam gemaakt, dat zij den mensen geen kwaad doen.

8 Maar de tong kan geen mens temmen; zij is een onbedwingelijk kwaad, vol van dodelijk venijn.123

Original Greek

τὴνtēntheG3588T-ASF
δὲdebutG1161CONJ
γλῶσσανglōssantongueG1100N-ASF
οὐδεὶςoudeisno [one]G3762A-NSM
δαμάσαιdamasaito subdueG1150V-AAN
δύναταιdunataiis ableG1410V-PNI-3S
ἀνθρώπων·anthrōpōnof men;G0444N-GPM
ἀκατάστατονakatastaton[it is] an unrulyG0182A-NSN
κακόν,kakonevil,G2556GA-NSN
μεστὴmestēfullG3324A-NSF
ἰοῦiouof poisonG2447N-GSM
θανατηφόρου.thanatēphoroudeadly.G2287A-GSM
  1. kan geen mens Namelijk hoe heilig hij ook zij, en welke moeite en zorg hij daartoe ook aanwendt.
  2. temmen; zij is Dat is, zóó bedwingen, dat zij geen kwaad ooit doe; gelijk de volgende woorden verklaren. Daarom moet men te meerder en zorgvuldiger vlijt aanwenden en den Heere om Zijn genade te vuriger bidden, dat dit kwaad van ons meer en meer mag bedwongen worden.
  3. vol van dodelijk venijn Namelijk hetwelk van de helse slang aangeblazen is. Want als de tong wordt misbruikt, dat zij als uitspuwt het vergift van lasteren, achterklap, schelden, vloeken, enz., daarmee brengt de lasteraar zichzelf in den dood, zo hij zich daarvan niet bekeert; Psa 140:4; Rom 1:30; 1Co 6:10.

9 Door haar loven wij God en den Vader, en door haar vervloeken wij de mensen, die naar de gelijkenis van God gemaakt zijn.12

Original Greek

ἐνenWithG1722PREP
αὐτῇautēaitG0846P-DSF
εὐλογοῦμενeulogoumenwe blessG2127V-PAI-1P
τὸνtontheG3588T-ASM
κύριονkurionLordG2962GN-ASM-T
καὶkaiandG2532CONJ
πατέραpateraFatherG3962N-ASM-T
καὶkaiandG2532CONJ
ἐνenwithG1722PREP
αὐτῇautēaitG0846P-DSF
καταρώμεθαkatarōmethawe curseG2672V-PNI-1P
τοὺςtous<the>G3588T-APM
ἀνθρώπουςanthrōpousmenG0444N-APM
τοὺςtousthoseG3588T-APM
καθ᾽kath᾽according toG2596PREP
ὁμοίωσινhomoiōsin[the] likenessG3669N-ASF
θεοῦtheouof GodG2316N-GSM-T
γεγονότας·gegonotashaving been made;G1096V-2RAP-APM
  1. Door haar loven Grieks in haar. De apostel toont nu, dat het misbruik der tong ook een gans wanschapen zaak is en geheel onbetamelijk, dat men met dezelfde tong, waarmede men God looft, zijn naaste naar Gods evenbeeld geschapen, zou lasteren of vloeken, en dat zo door een en dezelfde tong geheel tegenstrijdige werken zouden voortgebracht worden.
  2. en den Vader, Dat is, God die onze Vader is, gelijk tevoren Jam 1:27.

10 Uit denzelfden mond komt voort zegening en vervloeking. Dit moet, mijn broeders, alzo niet geschieden.1

Original Greek

ἐκekOut ofG1537PREP
τοῦtoutheG3588T-GSN
αὐτοῦautousameG0846P-GSN
στόματοςstomatosmouthG4750N-GSN
ἐξέρχεταιexerchetaiproceed forthG1831V-PNI-3S
εὐλογίαeulogiablessingG2129N-NSF
καὶkaiandG2532CONJ
κατάρα.kataracursing.G2671N-NSF
οὐouNotG3756PRT-N
χρή,chrēought,G5534V-PAI-3S
ἀδελφοίadelphoibrothersG0080N-VPM
μου,mouof Mine,G3165P-1GS
ταῦταtautathese thingsG3778D-NPN
οὕτωςhoutōssoG3779ADV
γίνεσθαι.ginesthaito be.G1096V-PNN
  1. Dit moet, mijn Dat is, deze misbruiken der tong, die tevoren aangewezen zijn.

11 Welt ook een fontein uit een zelfde ader het zoet en het bitter?12

Original Greek

μήτιmētisurely not everG3385PRT-N
ἡhētheG3588T-NSF
πηγὴpēgēspringG4077N-NSF
ἐκekoutG1537PREP
τῆςtēsof theG3588T-GSF
αὐτῆςautēssameG0846P-GSF
ὀπῆςopēsopeningG3692N-GSF
βρύειbrueipours forthG1032V-PAI-3S
τὸto<the>G3588T-ASN
γλυκὺgluku[both] freshG1099A-ASN
καὶkaiandG2532CONJ
τὸto<the>G3588T-ASN
πικρόν;pikronbitter?G4089A-ASN
  1. uit een zelfde Grieks uit eenzelfde hol; dat is, springader.
  2. het zoet en het bitter? Of zoet en bitter water.

12 Kan ook, mijn broeders, een vijgeboom olijven voortbrengen, of een wijnstok vijgen? Alzo kan geen fontein zout en zoet water voortbrengen.1234

Original Greek

μὴmēSurely notG3361PRT-N
δύναται,dunataiis able,G1410V-PNI-3S
ἀδελφοίadelphoibrothersG0080N-VPM
μου,mouof mine,G3165P-1GS
συκῆsukēa fig treeG4808N-NSF
ἐλαίαςelaiasolivesG1636N-APF
ποιῆσαιpoiēsaito produceG4160GV-AAN
ἢēOrG2228CONJ
ἄμπελοςampelosa vineG0288N-NSF
σῦκα;sukafigs?G4810N-APN
οὕτωςhoutōsthusG3779ADV
οὔτεouteNorG3777CONJ-N
πηγὴpēgēspringG4077N-NSF
ἁλυκὸνhalukonof saltG0252A-NSN
καὶkaiandG2532CONJ
γλυκὺglukufreshG1099A-ASN
ποιῆσαιpoiēsaito produceG4160GV-AAN
ὕδωρ.¶hudōrwater.G5204N-ASN
  1. olijven Dat is, vijgen en olijven tezamen; dat is, zoete en bittere vruchten.
  2. voortbrengen, Grieks maken.
  3. vijgen? Dat is, druiven en vijgen tezamen, gelijk tevoren.
  4. Alzo kan geen Zie vs.11. Zo behoort dan ook desgelijks de tong niet voort te brengen goed en kwaad, tegen de natuur van de andere schepselen.

13 Wie is wijs en verstandig onder u? die bewijze uit zijn goeden wandel zijn werken in zachtmoedige wijsheid.1234

Original Greek

ΤίςTisWhoG5101I-NSM
σοφὸςsophos[is] wiseG4680A-NSM
καὶkaiandG2532CONJ
ἐπιστήμωνepistēmōnunderstandingG1990A-NSM
ἐνenamongG1722PREP
ὑμῖν;huminyou?G4771P-2DP
δειξάτωdeixatōhe should showG1166V-AAM-3S
ἐκekout ofG1537PREP
τῆςtēstheG3588T-GSF
καλῆςkalēsgoodG2570GA-GSF
ἀναστροφῆςanastrophēsconductG0391N-GSF
τὰtatheG3588T-APN
ἔργαergaworksG2041N-APN
αὐτοῦautouof himG0846P-GSM
ἐνeninG1722PREP
πραΰτητιprautēti[the] humilityG4236N-DSF
σοφίας.sophiasof wisdom.G4678N-GSF
  1. Wie is wijs en Dat is, zo daar iemand onder u is die zichzelf laat voorstaan dat hij wijs en verstandig is of daarvoor wil gehouden wezen, die betone zijn wijsheid, enz. De apostel wijst nu voorts de rechte middelen tegen het meesterlijk veroordelen en tegen de misbruiken der tong aan, waarvan hij dusver gesproken heeft.
  2. zijn goeden wandel Dat is, omgang onder de mensen, zo in de kerk, politie en huishouding, als ook in het bijzonder met alle mensen.
  3. werken in Dat is, roeme niet van zijn wijsheid maar betone deze metterdaad in zijn werken, nalatende zulk meesterschap, en zijn tong bedwingende.
  4. zachtmoedige wijsheid Grieks in zachtmoedigheid der wijsheid; dat is, in zodanige wijsheid, die altijd met zachtmoedigheid is vergezeld.

14 Maar indien gij bitteren nijd en twistgierigheid hebt in uw hart, zo roemt en liegt niet tegen de waarheid.1234

Original Greek

εἰeiIfG1487GCOND
δὲdehoweverG1161CONJ
ζῆλονzēlonjealousyG2205N-ASM
πικρὸνpikronbitterG4089A-ASM
ἔχετεecheteyou haveG2192V-PAI-2P
καὶkaiandG2532CONJ
ἐριθείανeritheianself-interestG2052N-ASF
ἐνeninG1722PREP
τῇtēatheG3588T-DSF
καρδίᾳkardiaheartG2588N-DSF
ὑμῶν,humōnof you,G4771P-2GP
μὴmēnotG3361PRT-N
κατακαυχᾶσθεkatakauchasthedo boast [of it]G2620V-PNM-2P
καὶkaiandG2532CONJ
ψεύδεσθεpseudesthedo lieG5574V-PNM-2P
κατὰkataagainstG2596PREP
τῆςtēstheG3588T-GSF
ἀληθείας.alētheiastruth.G0225N-GSF
  1. nijd en twistgierigheid Of ijver, gelijk Rom 10:2. Dit is de fontein, waaruit de voorgaande zonden gewoonlijk spruiten. Die daarom de apostel zoekt eerst te stoppen.
  2. roemt en Namelijk dat gij een oprecht christen zijt.
  3. liegt niet Namelijk als gij zulks roemt.
  4. tegen de waarheid Namelijk van het Evangelie, hetwelk doorgaans leert dat zulke zonden met de christelijke roeping niet mogen bestaan. Of tegen de waarheid van de zaak, daar gij geen recht christen, noch recht verstandig zijt, gelijk gij roemt te zijn.

15 Deze is de wijsheid niet, die van boven afkomt, maar is aards, natuurlijk, duivels.1234

Original Greek

οὐκoukNotG3756PRT-N
ἔστινestinisG1510V-PAI-3S
αὕτηhautēthisG3778D-NSF
ἡhētheG3588T-NSF
σοφίαsophiawisdomG4678N-NSF
ἄνωθενanōthenfrom aboveG0509ADV
κατερχομένη,katerchomenēcoming down,G2718V-PNP-NSF
ἀλλ᾽all᾽butG0235CONJ
ἐπίγειοςepigeios[is] earthlyG1919A-NSF
ψυχικὴpsuchikēunspiritualG5591A-NSF
δαιμονιώδης.daimoniōdēsdemonic.G1141A-NSF
  1. die van boven Dat is, van den hemel, van den Vader der lichten, Jam 1:17; van wien de rechte en zaligmakende wijsheid voortkomt en verkregen wordt. Zie ook Joh 3:5.
  2. aards, Dat is, werelds, als de aardse en wereldse mensen hebben.
  3. natuurlijk Grieks ziellijk, gelijk 1Co 2:14. Dat is, die daar komt van de ziel des mensen, zodanig deze is van nature en nog onwedergeboren, verdorven en onverstandig in geestelijke zaken.
  4. duivels Dat is, zodanig als de duivel heeft, en die hij den mensen ingeeft.

16 Want waar nijd en twistgierigheid is, aldaar is verwarring en alle boze handel.

Original Greek

ὅπουhopouWhereG3699CONJ
γὰρgarforG1063CONJ
ζῆλοςzēlosjealousyG2205N-NSM
καὶkaiandG2532CONJ
ἐριθεία,eritheiaself-interest [exist],G2052N-NSF
ἐκεῖekeithere [will be]G1563ADV
ἀκαταστασίαakatastasiadisorderG0181N-NSF
καὶkaiandG2532CONJ
πᾶνpaneveryG3956A-NSN
φαῦλονphaulonevilG5337A-NSN
πρᾶγμα.¶pragmathing.G4229N-NSN

17 Maar de wijsheid, die van boven is, die is ten eerste zuiver, daarna vreedzaam, bescheiden, gezeggelijk, vol van barmhartigheid en van goede vruchten, niet partijdig oordelende, en ongeveinsd.1234

Original Greek

ἩHē<the>G3588T-NSF
δὲdeButG1161CONJ
ἄνωθενanōthenthe from aboveG0509ADV
σοφίαsophiawisdomG4678N-NSF
πρῶτονprōtonfirstG4413GA-ASN
μὲνmenindeedG3303PRT
ἁγνήhagnēpureG0053A-NSF
ἐστιν,estinis,G1510V-PAI-3S
ἔπειταepeitathenG1899ADV
εἰρηνική,eirēnikēpeaceable,G1516A-NSF
ἐπιεικής,epieikēsgentle,G1933A-NSF
εὐπειθής,eupeithēsreasonable,G2138A-NSF
μεστὴmestēfullG3324A-NSF
ἐλέουςeleousof mercyG1656N-GSN
καὶkaiandG2532CONJ
καρπῶνkarpōnof fruitsG2590N-GPM
ἀγαθῶν,agathōngood,G0018A-GPM
ἀδιάκριτος,adiakritosimpartial,G0087A-NSF
καὶkaiandG2532CONJ
ἀνυπόκριτος.anupokritossincere.G0505A-NSF
  1. zuiver, daarna vreedzaam, Of rein; niet besmet met zodanige heersende gebreken en zonden.
  2. bescheiden, Niet handelende naar het uiterste recht, maar gaarne van hun recht wijkende. Zie Phi 4:5.
  3. gezeggelijk, Dat is, goede onderwijzingen en vermaningen gaarne plaats gevende, en niet hardnekkig op het hunne staande.
  4. niet partijdig Het Griekse woord betekent ook een die niet te nauw een zaak onderzoekt of onderscheidt. De hemelse wijsheid maakt ook wel onderscheid en oordeelt tussen waarheid en onwaarheid, tussen goed en kwaad, 1Co 10:15; 1Th 5:21; 1Jo 4:1; Jud 1:22, maar oordeelt niet lichtvaardig of te scherp van zijns naasten woorden of werken; hetwelk hier de apostel wil zeggen.

18 En de vrucht der rechtvaardigheid wordt in vrede gezaaid voor degenen, die vrede maken.1234

Original Greek

καρπὸςkarpos[The] fruitG2590N-NSM
δὲdemoreoverG1161CONJ
τῆςtēs<the>G3588T-GSF
δικαιοσύνηςdikaiosunēsof righteousnessG1343N-GSF
ἐνeninG1722PREP
εἰρήνῃeirēnēpeaceG1515N-DSF
σπείρεταιspeiretaiis sownG4687V-PPI-3S
τοῖςtoisby thoseG3588T-DPM
ποιοῦσινpoiousinmakingG4160GV-PAP-DPM
εἰρήνην.¶eirēnēnpeace.G1515N-ASF
  1. de vrucht der Namelijk het eeuwige leven. Zie Rom 6:21-22; Gal 6:8.
  2. wordt in vrede Dat is, wordt door vrede gezaaid. Of de vrucht der rechtvaardigheid, die in vrede, dat is in de ware gelukzaligheid bestaat, wordt gezaaid, enz.
  3. gezaaid voor degenen, Dat is, weggelegd en bewaard. Zie van deze gelijkenis Psa 97:11; Gal 6:8.
  4. die vrede maken Of oefenen; dat is, die niet alleen vrede maken tussen twistende partijen, maar ook alle vlijt en middelen aanwenden, om met alle mensen, zo veel het mogelijk is, in vrede te leven.