reltext

Chapter 8

1 De hoofdsom nu der dingen, waarvan wij spreken, is, dat wij hebben zodanigen Hogepriester, Die gezeten is aan de rechter hand van den troon der Majesteit in de hemelen:12

Original Greek

ΚεφάλαιονKephalaion[The] sumG2774N-NSN
δὲdenowG1161CONJ
ἐπὶepiofG1909PREP
τοῖςtoisthe [things]G3588T-DPN
λεγομένοις,legomenoisbeing spoken of [is that]G3004GV-PPP-DPN
τοιοῦτονtoioutonsuchG5108D-ASM
ἔχομενechomenwe haveG2192V-PAI-1P
ἀρχιερέαarchiereaa high priestG0749N-ASM
ὃςhoswhoG3739R-NSM
ἐκάθισενekathisensat downG2523V-AAI-3S
ἐνenatG1722PREP
δεξιᾷdexia[the] right handG1188A-DSF
τοῦtouof theG3588T-GSM
θρόνουthronouthroneG2362N-GSM
τῆςtēsof theG3588T-GSF
μεγαλωσύνηςmegalōsunēsMajestyG3172N-GSF
ἐνeninG1722PREP
τοῖςtoistheG3588T-DPM
οὐρανοῖς,ouranoisheavens,G3772N-DPM
  1. hoofdsom nu der dingen, Of het hoofdstuk onder, of in de dingen; d.i., het voornaamste; want beide betekent het Griekse woord kephalaion.
  2. aan de rechter[hand] Dat is, aan de rechterhand Gods die gezeten is op den troon zijner majesteit of heerlijkheid, in den derden of hoogsten hemel. Zie hiervoor Heb 1:3; Act 3:21.

2 Een Bedienaar des heiligdoms, en des waren tabernakels, welken de Heere heeft opgericht, en geen mens.123

Original Greek

τῶνtōnin theG3588T-GPN
ἁγίωνhagiōnHoly [Places]G0039GA-GPN
λειτουργὸςleitourgosa ministerG3011N-NSM
καὶkaiandG2532CONJ
τῆςtēsin theG3588T-GSF
σκηνῆςskēnēstabernacleG4633N-GSF
τῆςtēs<the>G3588T-GSF
ἀληθινῆς,alēthinēstrue,G0228A-GSF
ἣνhēnwhichG3739R-ASF
ἔπηξενepēxenhas pitchedG4078V-AAI-3S
ὁhotheG3588T-NSM
κύριος,kuriosLord,G2962GN-NSM-T
καὶkaiandG2532CONJ
οὐκouknotG3756PRT-N
ἄνθρωπος.anthrōposman.G0444N-NSM
  1. des heiligdoms, Grieks der heilige; waardoor de hemel, van welken het heilige der heiligen een voorbeeld is geweest, gelijk hierna hfdst. 9:8, 12, verstaan wordt; hetwelk van het eerste deel des tabernakels hier wordt onderscheiden, waar de priesters alle dagen ingingen; maar de hogepriester ging maar eenmaal des jaars in het heiligdom of heilige der heiligen, gelijk in het begin van Heb 9 nader verklaard wordt.
  2. des waren Het woord waren, wordt hier gesteld tegen de schaduwen, gelijk Joh 1:17.
  3. tabernakels, Gelijk door het heilige der heiligen de hemel wordt afgebeeld, zo wordt door dezen tabernakel verstaan de menselijke natuur van Christus, die daarbij ook wordt vergeleken, Joh 1:14, en Joh 2:19 en Heb 9:11, en in welke de volheid der Godheid lichamelijk woont, als in zijn tempel of tabernakel, Col 2:9, die door kracht des Heiligen Geestes is ontvangen en door geen mens is opgericht, en door welker opoffering en bloed van Christus in het heilige der heiligen is ingegaan, hetwelk met vs.3 wel overeenkomt. Waarvan Christuts ook een bedienaar kan gezegd worden, omdat hij dezelve zijn menselijke natuur heeft geheiligd tot een bekwame offerande, om daarin de zonden zijns volks te verzoenen, en het werk onzer zaligheid te volbrengen. Zie Joh 17:19, en hierna Heb 9:11, waar dit zo in het brede wordt verklaard.

3 Want een iegelijk hogepriester wordt gesteld, om gaven en slachtofferen te offeren; waarom het noodzakelijk was, dat ook Deze wat had, dat Hij zou offeren.12

Original Greek

πᾶςpasEveryG3956A-NSM
γὰρgarforG1063CONJ
ἀρχιερεὺςarchiereushigh priestG0749N-NSM
εἰςeisin orderG1519PREP
τὸto<the>G3588T-ASN
προσφέρεινprosphereinto offerG4374V-PAN
δῶράdōragiftsG1435N-APN
τεtebothG5037CONJ
καὶkaiandG2532CONJ
θυσίαςthusiassacrificesG2378N-APF
καθίσταται·kathistataiis appointed;G2525V-PPI-3S
ὅθενhothenwherefore [it was]G3606CONJ
ἀναγκαῖονanagkaionnecessaryG0316A-NSN
ἔχεινecheinto haveG2192V-PAN
τιtisomethingG5100X-ASN
καὶkaialsoG2532CONJ
τοῦτονtouton[for] this OneG3778D-ASM
ὃhothatG3739R-ASN
προσενέγκῃ.¶prosenegkēHe may offer.G4374V-2AAS-3S
  1. Want een iegelijk hogepriester Dit woord want, geeft reden waarom hij in vs.2 gezegd heeft, dat Christus is een bedienaar van den waren tabernakel zijns lichaams, namelijk omdat hij als een hogepriester ook wat moest hebben dat hij zou offeren.
  2. wat had, Namelijk zichzelf, of zijn eigen lichaam, gelijk hier voor hfdst. 7:27, en hierna hfdst. 9:14 wordt uitgedrukt.

4 Want indien Hij op aarde ware, zo zou Hij zelfs geen Priester zijn, dewijl er priesters zijn, die naar de wet gaven offeren;12

Original Greek

ΕἰEiIfG1487GCOND
μὲνmencertainlyG3303PRT
οὖνounthenG3767CONJ
ἦνēnHe wereG1510V-IAI-3S
ἐπὶepionG1909PREP
γῆς,gēsearth,G1093GN-GSF
οὐδ᾽oud᾽not evenG3761CONJ-N
ἂνanthen wouldG0302PRT
ἦνēnHe was beingG1510V-IAI-3S
ἱερεὺςhi'ereusa priestG2409N-NSM
ὄντωνontōnwhile are beingG1510V-PAP-GPM
τῶνtōn<the>G3588T-GPM
ἱερέωνhi'ereōnpriestsG2409N-GPM
τῶνtōnthoseG3588T-GPM
προσφερόντωνprospherontōnofferingG4374V-PAP-GPM
κατὰkataaccording toG2596PREP
τὸνton<the>G3588T-ASM
νόμονnomonlawG3551N-ASM
τὰtatheG3588T-APN
δῶρα,dōragifts,G1435N-APN
  1. zo zou Hij zelfs geen priester zijn, Namelijk omdat hij nu alles op aarde volbracht had, wat van hem, als priester, op aarde moest geschieden. Derhalve, zo zou hij uitgediend hebben; maar hij moest nog het overige deel van zijn priesterambt in den hemel in het ware heilige der heiligen volbrengen.
  2. naar de wet gaven offeren; Dat is, behoorlijk en wettelijk. En in deze woorden is ook een reden begrepen, waarom Christus nu geen priester op aarde zou zijn, namelijk die wettelijk en volgens de ordinantie Gods het priesterschap hier bedienen zou, omdat de wet geen priester stelt dan uit den stam van Levi, en gene offeranden dan van ceremoniëele gaven, waarvan Christus geen bedienaar was gesteld, maar een bedienaar van hetgeen hierdoor was afgebeeld, gelijk vs.5 ook medebrengt.

5 Welke het voorbeeld en de schaduw der hemelse dingen dienen, gelijk Mozes door Goddelijke aanspraak vermaand was, als hij den tabernakel volmaken zou: Want zie, zegt Hij, dat gij het alles maakt naar de afbeelding, die u op den berg getoond is.1234

Original Greek

οἵτινεςoitineswhoG3748R-NPM
ὑποδείγματιhupodeigmatito a copyG5262N-DSN
καὶkaiandG2532CONJ
σκιᾷskiashadowG4639N-DSF
λατρεύουσινlatreuousinminsterG3000V-PAI-3P
τῶνtōnof theG3588T-GPN
ἐπουρανίων,epouraniōnheavenly,G2032A-GPN
καθὼςkathōseven asG2531CONJ
κεχρημάτισταιkechrēmatistaihas been divinely instructedG5537V-RPI-3S
ΜωϋσῆςMōusēsMosesG3475N-NSM-P
μέλλωνmellōnbeing aboutG3195V-PAP-NSM
ἐπιτελεῖνepiteleinto completeG2005V-PAN
τὴνtēntheG3588T-ASF
σκηνήν·skēnēntabernacle;G4633N-ASF
ὅραhorado see thatG3708V-PAM-2S
γάρgarforG1063CONJ
φησινphēsinHe saysG5346V-PAI-3S
ποιήσειςpoiēseisyou will makeG4160GV-FAI-2S
πάνταpantaall thingsG3956A-APN
κατὰkataaccording toG2596PREP
τὸνtontheG3588T-ASM
τύπονtuponpatternG5179N-ASM
τὸνtonwhichG3588T-ASM
δειχθένταdeichthentahaving been shownG1166V-APP-ASM
σοιsoiyouG4771P-2DS
ἐνeninG1722PREP
τῷtōtheG3588T-DSN
ὄρει·oreimountain;G3735N-DSN
  1. der hemelse dingen dienen, Dat is, der dingen die van Christus ook in den hemel moesten bediend en volbracht worden, en die ons tot den ingang in den hemel nodig zijn.
  2. de afbeelding, Of, voorschrift, voordruk, patroon, voorbeeld, waar men iets naar doet of bouwt.
  3. die u Namelijk in een gezicht, of, op den berg, of veeleer in den geopenden hemel, gelijk hierna, Heb 9:23 verklaard wordt; want Mozes heeft op den berg zijnde, dit voorbeeld in den hemel zelf gezien.
  4. op den berg getoond is Grieks in den berg; dat is, op den berg, namelijk Horeb.

6 En nu heeft Hij zoveel uitnemender bediening gekregen, als Hij ook eens beteren verbonds Middelaar is, hetwelk in betere beloftenissen bevestigd is.1234

Original Greek

νυνὶnuninowG3570ADV
δὲdehoweverG1161CONJ
διαφορωτέραςdiaphorōterasmore excellentG1313A-GSF-C
τέτυχενtetuchenHe has obtainedG5177V-2RAI-3S
λειτουργίας,leitourgiasa ministry,G3009N-GSF
ὅσῳhosōas much asG3745K-DSN
καὶkaialsoG2532CONJ
κρείττονόςkreittonosof a betterG2908A-GSF-C
ἐστινestinHe isG1510V-PAI-3S
διαθήκηςdiathēkēscovenantG1242N-GSF
μεσίτης,mesitēs[the] mediator,G3316N-NSM
ἥτιςhētiswhichG3748R-NSF
ἐπὶepiuponG1909PREP
κρείττοσινkreittosinbetterG2908A-DPF-C
ἐπαγγελίαιςepangeliaispromisesG1860N-DPF
νενομοθέτηται.nenomothetētaihas been enacted.G3549V-RPI-3S
  1. Hij zoveel uitnemender bediening gekregen, Namelijk de Heere Jezus Christus.
  2. eens beteren verbonds Middelaar is, Namelijk van het verbond der wet, en der ceremoniën was.
  3. betere beloftenissen Namelijk die hierna, vs.10-12, worden uitgedrukt.
  4. bevestigd is Grieks gewettelijkt is.

7 Want indien dat eerste verbond onberispelijk geweest ware, zo zou voor het tweede geen plaats gezocht zijn geweest.1

Original Greek

εἰeiIfG1487GCOND
γὰρgarforG1063CONJ
ἡhētheG3588T-NSF
πρώτηprōtēfirstG4413GA-NSF
ἐκείνηekeinēthat [one]G1565D-NSF
ἦνēnwasG1510V-IAI-3S
ἄμεμπτος,amemptosfaultless,G0273A-NSF
οὐκouknotG3756PRT-N
ἂνanthen wouldG0302PRT
δευτέραςdeuterasfor a secondG1208A-GSF
ἐζητεῖτοezēteitowas being soughtG2212V-IPI-3S
τόπος.toposa place.G5117N-NSM
  1. onberispelijk geweest ware, Dat is, waar niets aan had ontbroken, of waar men niets meer in had kunnen vereisen. Want dat volmaakt is, heeft geen plaats te geven aan iets anders van gelijke gelegenheid. Want de wet van Mozes, waarvan de ceremoniën hier als een aanhangsel worden aangemerkt, was wel in zichzelf volmaakt, zo iemand die volmaakt had onderhouden; maar vanwege de onmacht der verdorvene natuur des mensen, die de wet niet kon wegnemen, kon zij niemand tot de zaligheid brengen; Rom 8:3; Gal 3:21. Daarom heeft God dit nieuwe verbond door Christus, in de plaats van het eerste, met den mens willen maken, opdat het gebrek van het eerste hierdoor zou worden verbeterd; van welk nieuw verbond de ceremoniën ook schaduwen en voorbeelden waren, Col 2:17; gelijk in Heb 9 zal worden aangewezen, en van hetwelk de oude vaders ook de beloften wel hadden ontvangen, Gal 3:17, enz.; maar de volheid daarvan is ons door Christus geopenbaard, gelijk de apostel in het vervolg uit Jer 31 bewijst.

8 Want hen berispende, zegt Hij tot hen: Ziet, de dagen komen, spreekt de Heere, en Ik zal over het huis Israëls, en over het huis van Juda een nieuw verbond oprichten;123456

Original Greek

μεμφόμενοςmemphomenosFinding faultG3201V-PNP-NSM
γὰρgarforG1063CONJ
αὐτοὺςautouswith themG0846P-APM
λέγει·legeiHe says:G3004GV-PAI-3S
ἰδοὺidouBeholdG2400INJ
ἡμέραιhēmerai[the] daysG2250N-NPF
ἔρχονται,erchontaiare coming,G2064V-PNI-3P
λέγειlegeisaysG3004GV-PAI-3S
κύριος,kurios[the] Lord,G2962GN-NSM-T
καὶkaiandG2532CONJ
συντελέσωsuntelesōI will ratifyG4931V-FAI-1S
ἐπὶepiwithG1909PREP
τὸνtontheG3588T-ASM
οἶκονoikonhouseG3624HN-ASM
ἸσραὴλIsraēlof IsraelG2474N-GSM-L
καὶkaiandG2532CONJ
ἐπὶepiwithG1909PREP
τὸνtontheG3588T-ASM
οἶκονoikonhouseG3624HN-ASM
ἸούδαIoudaof JudahG2455NN-GSM-P
διαθήκηνdiathēkēna covenantG1242N-ASF
καινήν,kainēnnew,G2537A-ASF
  1. [hen] Namelijk de Israëlieten; of hetzelve, namelijk verbond.
  2. berispende, Of het gebrek hun aanwijzende; of over hen klagende; dat is, de zwakheid, die door hun verdorvenheid in dit verbond was, aanwijzende en daarover klagende.
  3. de dagen komen, Namelijk ten tijde van den Messias.
  4. over het huis Israëls, Hieronder worden ook alle uitverkorenen uit de heidenen verstaan, gelijk doorgaans bij de profeten is te zien, die door het geloof dezen olijfboom zouden worden ingelijfd. Zie Rom 11:17, Rom 11:25-26; Gal 4:26, enz.
  5. verbond Of testament.
  6. oprichten; Grieks voleindigen. Zie de aantekeningen vs.10.

9 Niet naar het verbond, dat Ik met hun vaderen gemaakt heb, ten dage, als Ik hen bij de hand nam, om hen uit Egypteland te leiden; want zij zijn in dit Mijn verbond niet gebleven, en Ik heb op hen niet geacht, zegt de Heere.12

Original Greek

οὐounotG3756PRT-N
κατὰkataaccording toG2596PREP
τὴνtēntheG3588T-ASF
διαθήκηνdiathēkēncovenantG1242N-ASF
ἣνhēnthatG3739R-ASF
ἐποίησαepoiēsaI madeG4160GV-AAI-1S
τοῖςtoistheG3588T-DPM
πατράσινpatrasinwith fathersG3962N-DPM
αὐτῶνautōnof themG0846P-GPM
ἐνeninG1722PREP
ἡμέρᾳhēmera[the] dayG2250N-DSF
ἐπιλαβομένουepilabomenouof having taken hold ofG1949V-2ADP-GSM
μουmouby MeG3165P-1GS
τῆςtēstheG3588T-GSF
χειρὸςcheiroshandG5495N-GSF
αὐτῶνautōnof themG0846P-GPM
ἐξαγαγεῖνexagageinto leadG1806V-2AAN
αὐτοὺςautousthemG0846P-APM
ἐκekout ofG1537PREP
γῆςgēs[the] landG1093HN-GSF
Αἰγύπτου,Aiguptouof Egypt,G0125N-GSF-L
ὅτιhotibecauseG3754HCONJ
αὐτοὶautoithey themselvesG0846P-NPM
οὐκouknotG3756PRT-N
ἐνέμεινανenemeinandid continueG1696V-AAI-3P
ἐνeninG1722PREP
τῇtēatheG3588T-DSF
διαθήκῃdiathēkēcovenantG1242N-DSF
μου,mouof Mine,G3165P-1GS
κἀγὼkagōand I myselfG1473P-1NS + G2532
ἠμέλησαēmelēsadisregardedG0272V-AAI-1S
αὐτῶν,autōnthem,G0846P-GPM
λέγειlegeisaysG3004GV-PAI-3S
κύριος.kurios[the] Lord.G2962GN-NSM-T
  1. met hun vaderen gemaakt heb, Namelijk door Mozes in de woestijn.
  2. op hen niet geacht, Of Ik heb hen niet geacht. Bij den profeet staat: zou Ik met hen in het huwelijk, of als ene heer gebleven zijn? hetwelk één zin met dezen woorden heeft. Doch de apostel heeft de Griekse overzetting willen behouden, omdat in de zaak geen verschil was.

10 Want dit is het verbond, dat Ik met het huis Israëls maken zal na die dagen, zegt de Heere: Ik zal Mijn wetten in hun verstand geven, en in hun harten zal Ik die inschrijven; en Ik zal hun tot een God zijn, en zij zullen Mij tot een volk zijn.12

Original Greek

ὅτιhotiForG3754HCONJ
αὕτηhautēthis [is]G3778D-NSF
ἡhētheG3588T-NSF
διαθήκηdiathēkēcovenantG1242N-NSF
ἣνhēnthatG3739R-ASF
διαθήσομαιdiathēsomaiI will makeG1303V-FDI-1S
τῷtōwith theG3588T-DSM
οἴκῳoikōhouseG3624HN-DSM
ἸσραὴλIsraēlof IsraelG2474N-GSM-L
μετὰmetaafterG3326PREP
τὰςtastheG3588T-APF
ἡμέραςhēmerasdaysG2250N-APF
ἐκείνας,ekeinasthose,G1565D-APF
λέγειlegeisaysG3004GV-PAI-3S
κύριος,kurios[the] Lord,G2962GN-NSM-T
διδοὺςdidousputtingG1325V-PAP-NSM
νόμουςnomousLawsG3551N-APM
μουmouof MineG3165P-1GS
εἰςeisintoG1519PREP
τὴνtēntheG3588T-ASF
διάνοιανdianoianmindG1271N-ASF
αὐτῶνautōnof themG0846P-GPM
καὶkaiandG2532CONJ
ἐπὶepiuponG1909PREP
καρδίαςkardiasheartsG2588N-APF
αὐτῶνautōnof themG0846P-GPM
ἐπιγράψωepigrapsōI will inscribeG1924V-FAI-1S
αὐτούς·autousthem;G0846P-APM
καὶkaiandG2532CONJ
ἔσομαιesomaiI will beG1510V-FDI-1S
αὐτοῖςautoisto themG0846P-DPM
εἰςeisforG1519PREP
θεόν,theonGod,G2316N-ASM-T
καὶkaiandG2532CONJ
αὐτοὶautoithey themselvesG0846P-NPM
ἔσονταίesontaiwill beG1510V-FDI-3P
μοιmoito MeG3165P-1DS
εἰςeisforG1519PREP
λαόν.laona people.G2992N-ASM
  1. maken zal na die dagen, Dat is ten volle openbaren en door de gehele wereld verbreiden. Want de belofte van dit verbond was door de wet van Mozes niet teniet gedaan, Gal 3:17; maar is eerst door Christus vervuld, ten volle geopenbaard, en in zijn volkomenheid opgericht.
  2. in hun verstand geven, Dat is, niet alleen in stenen tafelen of perkamenten. Zie 2Co 3:3, enz.

11 En zij zullen niet leren, een iegelijk zijn naaste, en een iegelijk zijn broeder, zeggende: Ken den Heere; want zij zullen Mij allen kennen van den kleine onder hen tot den grote onder hen.12

Original Greek

καὶkaiAndG2532CONJ
οὐoucertainlyG3756PRT-N
μὴmēnotG3361PRT-N
διδάξωσινdidaxōsinshall they teachG1321V-AAS-3P
ἕκαστοςhekastoseachG1538A-NSM
τὸνtontheG3588T-ASM
πολίτηνpolitēncomradeG4177N-ASM
αὐτοῦautouof himG0846P-GSM
καὶkaiandG2532CONJ
ἕκαστοςhekastoseachG1538A-NSM
τὸνtontheG3588T-ASM
ἀδελφὸνadelphonbrotherG0080N-ASM
αὐτοῦautouof himG0846P-GSM
λέγων·legōnsaying;G3004GV-PAP-NSM
γνῶθιgnōthido knowG1097V-2AAM-2S
τὸνtontheG3588T-ASM
κύριον,kurionLord,’G2962GN-ASM-T
ὅτιhotibecauseG3754HCONJ
πάντεςpantesallG3956A-NPM
εἰδήσουσίνeidēsousinwill knowG1492IV-FAI-3P
με,meMe,G3165P-1AS
ἀπὸapofromG0575PREP
μικροῦmikrou[the] leastG3398A-GSM
αὐτῶνautōnof themG0846P-GPM
ἕωςhe'ōsto [the]G2193PREP
μεγάλουmegalougreatestG3173A-GSM
αὐτῶν·autōnof them;G0846P-GPM
  1. niet leren Namelijk met woorden of met schriften alleen, gelijk in het verbond der wet geschiedde, maar zij zullen vooral van God [namelijk door zijn Geest] geleerd zijn, gelijk Christus spreekt Joh 6:45, Joh 6:65, die nochtans met zijn eigen mond hun ook het Evangelie predikte en tot de kennis Gods vermaande. Dit wordt dan niet volkomen of geheel ontkend, maar bij vergelijking van de manier van onderwijzing, die in het Oude Testament geschiedde, gelijk zulke wijzen van spreken meermalen voorkomen. Zie voorbeelden daarvan Joh 5:30, Joh 5:45; 1Th 4:9.
  2. allen kennen Namelijk die het van God zullen geleerd hebben, gelijk Christus getuigt in de voormelde plaats, Joh 6:45. Want, dat hier alleen gesproken wordt van de zaligmakende kennis, en van het waarachtig geloof, blijkt uit vs.12, dewijl de zonden in het nieuwe verbond niemand worden vergeven dan door het waarachtig geloof, Rom 3:30. Sommigen nemen dit van den stand van het toekomende leven, waar geen uitwendig onderwijs meer van node zal wezen, wanneer wij hem zullen zien van aangezicht tot aangezicht, 1Co 13:11; 1Jo 3:2. Doch uit het gehele oogmerk van den apostel blijkt dat deze beloften alle uitverkorene gelovigen des Nieuwen Testaments ook in dit leven aangaan.

12 Want Ik zal hun ongerechtigheden genadig zijn, en hun zonden en hun overtredingen zal Ik geenszins meer gedenken.1

Original Greek

ὅτιhotibecauseG3754HCONJ
ἵλεωςileōsmercifulG2436A-NSM
ἔσομαιesomaiI will beG1510V-FDI-1S
ταῖςtaistoward theG3588T-DPF
ἀδικίαιςadikiaisiniquitiesG0093N-DPF
αὐτῶνautōnof themG0846P-GPM
καὶkaiandG2532CONJ
τῶνtōntheG3588T-GPF
ἁμαρτιῶνhamartiōnsinsG0266N-GPF
αὐτῶνautōnof themG0846P-GPM
καὶkaiandG2532CONJ
τῶνtōntheG3588T-GPF
ἀνομιῶνanomiōnlawless actsG0458N-GPF
αὐτῶνautōnof themG0846P-GPM
οὐoucertainlyG3756PRT-N
μὴmēnotG3361PRT-N
μνησθῶmnēsthōI may rememberG3403V-APS-1S
ἔτι.¶etimore.G2089ADV
  1. geenszins meer gedenken Namelijk om die te straffen. Zo behoudt dan God in het nieuwe verbond geen straffen meer, wanneer Hij de zonde eens heeft vergeven, gelijk enigen drijven. Hoewel Hij de zijnen nog soms uit vaderlijke liefde kastijdt tot hun best. Zie Heb 12:6-7.

13 Als Hij zegt: Een nieuw verbond, zo heeft Hij het eerste oud gemaakt; dat nu oud gemaakt is en verouderd, is nabij de verdwijning.123

Original Greek

ἐνenInG1722PREP
τῷtō<the>G3588T-DSN
λέγεινlegeinsayingG3004GV-PAN
καινὴνkainēnnewG2537A-ASF
πεπαλαίωκενpepalaiōkenHe has made obsoleteG3822V-RAI-3S
τὴνtēntheG3588T-ASF
πρώτην·prōtēnfirst;G4413GA-ASF
τὸtothatG3588T-NSN
δὲdethenG1161CONJ
παλαιούμενονpalaioumenongrowing oldG3822V-PPP-NSN
καὶkaiandG2532CONJ
γηράσκονgēraskonagingG1095V-PAP-NSN
ἐγγὺςengus[is] nearG1451PREP
ἀφανισμοῦ.¶aphanismouvanishing.G0854N-GSM
  1. Als Hij zegt Dusverre zijn verhaald de woorden van den profeet: nu spreekt wederom de apostel. Grieks in het zeggen.
  2. oud gemaakt; Of doen verouden; dat is, verklaard oud te zijn.
  3. de verdwijning Dat is, wegneming, zo dat het uit het midden is geweerd, en niet meer gebruikt wordt.