Chapter 3
1 En Hij ging wederom in de synagoge; en aldaar was een mens, hebbende een verdorde hand.12
εἰσῆλθενeisēlthenHe enteredG1525V-2AAI-3S συναγωγήν,sunagōgēnsynagogue,G4864N-ASF ἦνēnthere wasG1510V-IAI-3S ἄνθρωποςanthrōposa manG0444N-NSM ἐξηραμμένηνexērammenēnwitheredG3583V-RPP-ASF ἔχωνechōnhavingG2192V-PAP-NSM χεῖρα,cheirahand,G5495N-ASF - synagoge; Want de Joden vergaderden op alle sabbaten in hunne synagogen om de wet te horen verklaren. Zie Rev 15:21 .
- hand In Luk 6:6 blijkt dat het zijne rechterhand was.
2 En zij namen Hem waar, of Hij op den sabbat hem genezen zou, opdat zij Hem beschuldigen mochten.12
παρετήρουνparetērounthey were watchingG3906V-IAI-3P σάββασινsabbasinSabbathsG4521N-DPN θεραπεύσειtherapeuseiHe will healG2323V-FAI-3S ἵναinain order thatG2443CONJ κατηγορήσωσινkatēgorēsōsinthey may accuseG2723V-AAS-3P αὐτοῦ.autouHim.G0846P-GSM - zij namen Hem waar, Namelijk de schriftgeleerden en Farizeën; Luk 6:7 .
- sabbat hem genezen zou, Grieks, sabbaten.
3 En Hij zeide tot den mens, die de verdorde hand had: Sta op in het midden.
λέγειlegeiHe saysG3004GV-PAI-3S ἀνθρώπῳanthrōpōmanG0444N-DSM ξηρὰνxēranwitheredG3584A-ASF χεῖραcheirahandG5495N-ASF ἔχοντι·echontihaving:G2192V-PAP-DSM ἔγειρεegeiredo ariseG1453V-PAM-2S μέσον.mesonmidst.G3319A-ASN 4 En Hij zeide tot hen: Is het geoorloofd op sabbatdagen goed te doen, of kwaad te doen, een mens te behouden, of te doden? En zij zwegen stil.1
λέγειlegeiHe saysG3004GV-PAI-3S αὐτοῖς·autoisto them;G0846P-DPM ἔξεστινexestinIs it lawfulG1832V-PAI-3S σάββασινsabbasinSabbathsG4521N-DPN ἀγαθὸνagathongoodG0018A-ASN ποιῆσαιpoiēsaito doG4160GV-AAN κακοποιῆσαι,kakopoiēsaito do evil?G2554V-AAN σῶσαιsōsaito saveG4982V-AAN ἀποκτεῖναι;apokteinaito kill?G0615V-AAN ἐσιώπων.esiōpōnthey were silent.G4623V-IAI-3P - een mens te behouden, Grieks, ene ziel; hetwelk ook somtijds voor het leven, somtijds voor den gehelen mens genomen wordt.
5 En als Hij hen met toorn rondom aangezien had, meteen bedroefd zijnde over de verharding van hun hart, zeide Hij tot den mens: Strek uw hand uit. En hij strekte ze uit; en zijn hand werd hersteld, gezond gelijk de andere.12
περιβλεψάμενοςperiblepsamenoshaving looked around onG4017V-AMP-NSM αὐτοὺςautousthemG0846P-APM ὀργῆς,orgēsanger,G3709N-GSF συλλυπούμενοςsullupoumenosbeing grievedG4818V-PNP-NSM πωρώσειpōrōseihardnessG4457N-DSF καρδίαςkardiasheartG2588N-GSF αὐτῶν,autōnof them,G0846P-GPM λέγειlegeiHe saysG3004GV-PAI-3S ἀνθρώπῳ·anthrōpōman;G0444N-DSM ἔκτεινονekteinondo stretch outG1614V-AAM-2S χεῖραcheirahandG5495N-ASF ἐξέτεινεν,exeteinenhe stretched [it] out,G1614V-AAI-3S ἀπεκατεστάθηapekatestathēwas restoredG0600V-API-3S αὐτοῦautouof himG0846P-GSM ὑγιὴςhugiēssoundG5199A-NSF ἄλλη.¶allēanother.G0243A-NSF - met toorn rondom aangezien had, Deze toorn is geweest een ijverige beweging des gemoeds tegen de zonde en verharding van dit volk, welke in zichzelven goed is, blijvende binnen de behoorlijke palen; Eph 4:26 .
- verharding van hun hart, Het Griekse woord betekent eigenlijk zulk een hardigheid, als aan handen en voeten komt door weer of eelt, waardooor zij hard en ongevoelig worden.
6 En de Farizeën, uitgegaan zijnde, hebben terstond met de Herodeanen te zamen raad gehouden tegen Hem, hoe zij Hem doden zouden.1
ἐξελθόντεςexelthonteshaving gone outG1831V-2AAP-NPM ΦαρισαῖοιPharisaioiPhariseesG5330N-NPM-T εὐθὺςeuthusimmediatelyG2112ADV ἩρῳδιανῶνHērōdianōnHerodiansG2265N-GPM-T συμβούλιονsumboulioncounselG4824N-ASN ἐδίδουνedidounwere givingG1325V-IAI-3P ἀπολέσωσιν.¶apolesōsinthey may destroy.G0622V-AAS-3P - Herodianen te zamen Van de Herodianen zie Mat 22:16 .
7 En Jezus vertrok met Zijn discipelen naar de zee; en Hem volgde een grote menigte van Galilea, en van Judea,1
ἸησοῦςIēsousJesusG2424GN-NSM-P μαθητῶνmathētōndisciplesG3101N-GPM αὐτοῦautouof HimG0846P-GSM ἀνεχώρησενanechōrēsenwithdrewG0402V-AAI-3S θάλασσαν,thalassansea,G2281N-ASF πλῆθοςplēthosa multitudeG4128N-NSN ΓαλιλαίαςGalilaiasGalileeG1056GN-GSF-L ἠκολούθησενēkolouthēsenfollowedG0190V-AAI-3S ἸουδαίαςIoudaiasJudeaG2449N-GSF-L - vertrok met Zijn discipelen naar de zee; Namelijk om hunne lagen te ontgaan; Mat 12:15 .
8 en van Jeruzalem, en van Idumea, en van over de Jordaan; en die van omtrent Tyrus en Sidon, een grote menigte, gehoord hebbende, hoe grote dingen Hij deed, kwamen tot Hem.123
ἹεροσολύμωνHi'erosolumōnJerusalemG2414N-GPN-L ἸδουμαίαςIdoumaiasIdumeaG2401N-GSF-L πέρανperanbeyondG4008PREP ἸορδάνουIordanouJordanG2446N-GSM-L ΤύρονTuronTyreG5184N-ASF-L Σιδῶνα,SidōnaSidon,G4605N-ASF-L πλῆθοςplēthosA multitudeG4128N-NSN ἀκούοντεςakouonteshaving heardG0191V-PAP-NPM ὅσαhosaas much asG3745K-APN ἐποίειepoieiHe was doingG4160GV-IAI-3S ἦλθονēlthoncameG2064V-2AAI-3P αὐτόν.¶autonHim.G0846P-ASM - Idumea, Waar de nakomelingen van Ezau of de Edomieten woonden, Num 20:14 .
- Tyrus en Sidon, Van deze twee steden zie Mat 11:21 .
- een grote menigte, Of, met grote menigte; of makende tezamen een grote menigte.
9 En Hij zeide tot Zijn discipelen, dat een scheepje steeds omtrent Hem blijven zou, om der schare wil, opdat zij Hem niet zouden verdringen.1
εἶπενeipenHe spokeG2036V-2AAI-3S μαθηταῖςmathētaisdisciplesG3101N-DPM αὐτοῦautouof HimG0846P-GSM πλοιάριονploiariona boatG4142N-NSN προσκαρτερῇproskarterēamay wait uponG4342V-PAS-3S διὰdiaon account ofG1223PREP ὄχλονochloncrowdG3793N-ASM θλίβωσινthlibōsinthey may press uponG2346V-PAS-3P αὐτόν.autonHim.G0846P-ASM - zeide tot Zijn discipelen, Dat is, beval; gelijk Mat 8:8 .
10 Want Hij had er velen genezen, alzo dat Hem al degenen, die enige kwalen hadden, overvielen, opdat zij Hem mochten aanraken.1
πολλοὺςpollousManyG4183A-APM ἐθεράπευσενetherapeusenHe healedG2323V-AAI-3S ὥστεhōsteso as forG5620CONJ ἐπιπίπτεινepipipteinto press uponG1968V-PAN ἅψωνταιhapsōntaithey may touchG0681V-AMS-3P ὅσοιhosoias many asG3745K-NPM εἶχονeichonhadG2192V-IAI-3P μάστιγας.mastigasdiseases.G3148N-APF - kwalen hadden, Grieks, gesels; met welk woord de ziekten en gebreken der mensen genoemd worden, omdat God door dezelve de mensen straft of tuchtigt; Mar 5:29 ; Heb 12:6 .
11 En de onreine geesten, als zij Hem zagen, vielen voor Hem neder en riepen, zeggende: Gij zijt de Zone Gods!1
πνεύματαpneumataspiritsG4151GN-NPN ἀκάθαρτα,akathartaunclean,G0169A-NPN ὅτανhotanwheneverG3752CONJ ἐθεώρουν,etheōrounthey were seeingG2334V-IAI-3P προσέπιπτονprosepiptonthey were falling downG4363V-IAI-3P αὐτῷautōbefore HimG0846P-DSM ἔκραζονekrazonthey were crying outG2896V-IAI-3P λέγοντεςlegontessayingG3004GV-PAP-NPM σὺsuYou yourselfG4771P-2NS θεοῦ.theouof God.G2316N-GSM-T - vielen voor Hem neder Namelijk in de mensen, die zij bezeten hadden.
12 En Hij gebood hun scherpelijk dat zij Hem niet zouden openbaar maken.1
ἐπετίμαepetimaHe was rebukingG2008V-IAI-3S αὐτοῖςautoisthemG0846P-DPM φανερὸνphaneronknownG5318A-ASM ποιήσωσιν.¶poiēsōsinthey may make.G4160GV-AAS-3P - gebood hun scherpelijk De reden hiervan zie tevoren Mar 1:25 .
13 En Hij klom op den berg, en riep tot Zich, die Hij wilde; en zij kwamen tot Hem.1
ἀναβαίνειanabaineiHe goes upG0305V-PAI-3S ὄροςorosmountainG3735N-ASN προσκαλεῖταιproskaleitaicalls nearG4341V-PNI-3S οὓςhousthose whomG3739R-APM ἤθελενēthelenhe was wantingG2309V-IAI-3S αὐτός,autosHimself,G0846P-NSM ἀπῆλθονapēlthonthey wentG0565V-2AAI-3P αὐτόν.¶autonHim.G0846P-ASM - klom op den berg, Namelijk om te bidden en daarna zijne apostelen te kiezen.
14 En Hij stelde er twaalf, opdat zij met Hem zouden zijn, en opdat Hij dezelve zou uitzenden om te prediken;1
ἐποίησενepoiēsenHe appointedG4160IV-AAI-3S δώδεκαdōdekatwelveG1427A-NUI ἀποστόλουςapostolousapostlesG0652N-APM ὠνόμασενōnomasenHe called [them]G3687V-AAI-3S ὦσινōsinthey may beG1510V-PAS-3P ἀποστέλλῃapostellēHe may sendG0649V-PAS-3S αὐτοὺςautousthemG0846P-APM κηρύσσεινkērusseinto preachG2784V-PAN - stelde er twaalf, Grieks, maakte; namelijk tot zijne apostelen; Luk 6:13 .
15 En om macht te hebben, de ziekten te genezen, en de duivelen uit te werpen.
ἔχεινecheinto haveG2192V-PAN ἐξουσίανexousianauthorityG1849N-ASF θεραπεύεινtherapeueinto healG2323V-PAN νόσουςnosousdiseasesG3554N-APF ἐκβάλλεινekballeinto cast outG1544V-PAN δαιμόνια.daimoniademons.G1140N-APN 16 En Simon gaf Hij den toe naam Petrus;12
ἐποίησενepoiēsenHe appointedG4160IV-AAI-3S δώδεκαdōdekaTwelveG1427A-NUI ἐπέθηκενepethēkenHe addedG2007V-2AAI-3S ὄνομαonoma[the] nameG3686N-ASN ΣίμωνιSimōnito SimonG4613ON-DSM-P Πέτρον,PetronPeter,G4074GN-ASM-P - Simon Sommigen hebben: namelijk Simon, wien hij den toenaam gaf van Petrus.
- Petrus; Dat is, steen; Joh 1:43 . De reden hiervan wordt verklaard Mat 16:18 .
17 En Jakobus, den zoon van Zebedeüs, en Johannes, den broeder van Jakobus; en gaf hun toe namen, Boanerges, hetwelk is, zonen des donders;1
ἸάκωβονIakōbonJamesG2385GN-ASM-P τὸνtonthe [son]G3588T-ASM ΖεβεδαίουZebedaiouof ZebedeeG2199GN-GSM-P ἸωάννηνIōannēnJohnG2491HN-ASM-P ἀδελφὸνadelphonbrotherG0080N-ASM Ἰακώβου,Iakōbouof James,G2385GN-GSM-P ἐπέθηκενepethēkenHe addedG2007V-2AAI-3S αὐτοῖςautoisto them [the]G0846P-DPM ὀνόματαonomatanamesG3686N-APN Βοανηργές,BoanērgesBoanerges,G0993N-APM-P ἐστινestinisG1510V-PAI-3S βροντῆς·brontēsof thunder;G1027N-GSF - Boanerges, Dit is een gebroken Hebreeuws of Syrisch woord, betekenende, gelijk hier verklaard wordt, zonen des donders; en hun wordt deze naam gegeven vanwege hun bijzonderen ijver en doordringende kracht in het prediken, gelijk men nog zien kan in de schriften van Johannes.
18 En Andreas, en Filippus, en Bartholomeüs, en Mattheus, en Thomas, en Jakobus, den zoon van Alfeüs, en Thaddeus, en Simon Kananites,12
ἈνδρέανAndreanAndrewG0406N-ASM-P ΦίλιππονPhilipponPhilipG5376GN-ASM-P ΒαρθολομαῖονBartholomaionBartholomewG0918N-ASM-P ΜαθθαῖονMaththaionMatthewG3156N-ASM-P ΘωμᾶνThōmanThomasG2381N-ASM-P ἸάκωβονIakōbonJamesG2385HN-ASM-P τὸνtonthe [son]G3588T-ASM ἉλφαίουHalphaiouof AlphaeusG0256N-GSM-P ΘαδδαῖονThaddaionThaddaeusG2280N-ASM-P ΣίμωναSimōnaSimonG4613GN-ASM-P ΚαναναῖονKananaionZealotG2581N-ASM-T - Thaddeüs, Anders genaamd Lebbeus. Zie Mat 10:3 .
- Kananites, Zie Mat 10:4 ; gelijk ook van de anderen.
19 En Judas Iskariot, die Hem ook verraden heeft.
ἸούδανIoudanJudasG2455HN-ASM-P ἸσκαριὼθIskariōthIscariotG2469N-ASM-P παρέδωκενparedōkenbetrayedG3860V-AAI-3S αὐτόν.¶autonHim.G0846P-ASM 20 En zij kwamen in huis; en daar vergaderde wederom een schare, alzo dat zij ook zelfs niet konden brood eten.12
συνέρχεταιsunerchetaicomes togetherG4905V-PNI-3S ὄχλοςochlosa crowdG3793N-NSM ὥστεhōsteso thatG5620CONJ δύνασθαιdunasthaito be ableG1410V-PNN αὐτοὺςautoustheyG0846P-APM ἄρτονartonbreadG0740N-ASM φαγεῖν.phageinto eat.G5315V-AAN - in huis; Namelijk te Kapernaüm, waar Hij woonde, Mat 4:13 , om voortaan Hem te volgen en Hem ten dienste te staan.
- brood eten Dat is hunne spijs of nooddruft op zijnen tijd nemen.
21 En als degenen, die Hem bestonden, dit hoorden, gingen zij uit, om Hem vast te houden; want zij zeiden: Hij is buiten Zijn zinnen.12
ἀκούσαντεςakousanteshaving heard [of it]G0191V-AAP-NPM παρ᾽par᾽belonging toG3844PREP ἐξῆλθονexēlthonwent outG1831V-2AAI-3P κρατῆσαιkratēsaito seizeG2902V-AAN αὐτόν·autonHim;G0846P-ASM ἔλεγονelegonthey were sayingG3004GV-IAI-3P ἐξέστη.exestēHe is crazy.G1839V-2AAI-3S - die Hem bestonden, Grieks, die van Hem, of van de zijnen waren. Want ook velen van Zijne bloedverwanten geloofden niet in Hem, Joh 7:5 .
- buiten Zijn zinnen Grieks, buiten zichzelven gesteld.
22 En de Schriftgeleerden, die van Jeruzalem afgekomen waren, zeiden: Hij heeft Beëlzebul, en door den overste der duivelen werpt Hij de duivelen uit.1
γραμματεῖςgrammateisscribesG1122N-NPM ἹεροσολύμωνHi'erosolumōnJerusalemG2414N-GPN-L καταβάντεςkatabanteshaving come downG2597V-2AAP-NPM ἔλεγονelegonwere sayingG3004GV-IAI-3P ΒεελζεβοὺλBeelzeboulBeelzebulG0954N-ASM-T ἔχειecheiHe hasG2192V-PAI-3S ἄρχοντιarchontiprinceG0758N-DSM δαιμονίωνdaimoniōndemonsG1140N-GPN ἐκβάλλειekballeiHe casts outG1544V-PAI-3S δαιμόνια.¶daimoniademons.G1140N-APN - de Schriftgeleerden, Zie hiervan Mat 10:25 .
23 En hen tot Zich geroepen hebbende, zeide Hij tot hen in gelijkenissen: Hoe kan de satan den satan uitwerpen?
προσκαλεσάμενοςproskalesamenoshaving called to [Him]G4341V-ADP-NSM αὐτοὺςautousthemG0846P-APM παραβολαῖςparabolaisparablesG3850N-DPF ἔλεγενelegenHe was speakingG3004GV-IAI-3S αὐτοῖς·autoisto them:G0846P-DPM δύναταιdunataiis ableG1410V-PNI-3S σατανᾶςsatanasSatanG4567N-NSM-T σατανᾶνsatananSatanG4567N-ASM-T ἐκβάλλειν;ekballeinto cast out?G1544V-PAN 24 En indien een koninkrijk tegen zichzelf verdeeld is, zo kan dat koninkrijk niet bestaan.
βασιλείαbasileiaa kingdomG0932N-NSF ἑαυτὴνhe'autēnitselfG1438F-3ASF μερισθῇ,meristhēashall be divided,G3307V-APS-3S δύναταιdunataiis ableG1410V-PNI-3S σταθῆναιstathēnaito standG2476V-APN βασιλείαbasileiakingdomG0932N-NSF ἐκείνη·ekeinēthat;G1565D-NSF 25 En indien een huis tegen zichzelf verdeeld is, zo kan dat huis niet bestaan.
ἑαυτὴνhe'autēnitselfG1438F-3ASF μερισθῇ,meristhēashall be divided,G3307V-APS-3S δυνήσεταιdunēsetaiwill be ableG1410V-FDI-3S ἐκείνηekeinēthatG1565D-NSF σταθῆναι·stathēnaito stand;G2476V-APN 26 En indien de satan tegen zichzelven opstaat, en verdeeld is, zo kan hij niet bestaan, maar heeft een einde.1
σατανᾶςsatanasSatanG4567N-NSM-T ἀνέστηanestēhas risen upG0450V-2AAI-3S ἑαυτὸνhe'autonhimselfG1438F-3ASM ἐμερίσθη,emeristhēwas divided,G3307V-API-3S δύναταιdunataihe is ableG1410V-PNI-3S στῆναιstēnaito standG2476V-2AAN τέλοςtelosan endG5056N-ASN ἔχει.echeiis coming to.G2192V-PAI-3S - heeft een einde Dat is, het is met hem en met zijn rijk gedaan.
27 Er kan niemand in het huis eens sterken ingaan en zijn vaten ontroven, indien hij niet eerst den sterke bindt; en alsdan zal hij zijn huis beroven.1
δύναταιdunataiis ableG1410V-PNI-3S οὐδεὶςoudeisno [one]G3762A-NSM ἰσχυροῦischuroustrong manG2478A-GSM εἰσελθὼνeiselthōnhaving enteredG1525V-2AAP-NSM σκεύηskeuēgoodsG4632N-APN αὐτοῦautouof himG0846P-GSM διαρπάσαι,diarpasaito plunder,G1283V-AAN ἰσχυρὸνischuronstrong manG2478A-ASM δήσῃ,dēsēhe shall bind,G1210V-AAS-3S αὐτοῦautouof himG0846P-GSM διαρπάσει.¶diarpaseihe will plunder.G1283V-FAI-3S - eens sterken ingaan Zie de verklaring Mat 12:29 .
28 Voorwaar, Ik zeg u, dat al de zonden den kinderen der mensen zullen vergeven worden, en allerlei lasteringen, waarmede zij zullen gelasterd hebben;1
ὑμῖνhuminto youG4771P-2DP ἀφεθήσεταιaphethēsetaiwill be forgivenG0863HV-FPI-3S υἱοῖςhuioissonsG5207N-DPM ἀνθρώπωνanthrōpōnof menG0444N-GPM ἁμαρτήματαhamartēmatasinsG0265N-NPN βλασφημίαιblasphēmiaiblasphemiesG0988N-NPF ὅσαhosaas much asG3745K-APN βλασφημήσωσιν·blasphēmēsōsinthey shall have blasphemed;G0987V-AAS-3P - den kinderen der mensen Dat is, den mensen. Eene manier van spreken bij de Hebreën zeer gebruikelijk.
29 Maar zo wie zal gelasterd hebben tegen den Heiligen Geest, die heeft geen vergeving in der eeuwigheid, maar hij is schuldig des eeuwigen oordeels.12
βλασφημήσῃblasphēmēsēmay blasphemeG0987V-AAS-3S ἔχειecheihasG2192V-PAI-3S ἄφεσινaphesinforgivenessG0859N-ASF ἔνοχόςenochosguiltyG1777A-NSM ἐστινestinisG1510V-PAI-3S αἰωνίουaiōniou[of] eternalG0166A-GSN ἁμαρτήματος·hamartēmatossin;G0265N-GSN - tegen den Heiligen Geest, Van deze lastering tegen den Heiligen Geest zie Mat 12:31 .
- oordeels Dat is, verdoemenis, die hij niet alleen verdiend heeft, maar ook zekerlijk zal onderworpen zijn.
30 Want zij zeiden: Hij heeft een onreinen geest.
ἔλεγον·elegonthey were saying;G3004GV-IAI-3P πνεῦμαpneumaA spiritG4151GN-ASN ἀκάθαρτονakathartonuncleanG0169A-ASN ἔχει.¶echeihe has.G2192V-PAI-3S 31 Zo kwamen dan Zijn broeders en Zijn moeder; en buiten staande, zonden zij tot Hem, en riepen Hem.1
ἔρχεταιerchetaihe comesG2064V-PNI-3S μήτηρmētērmotherG3384N-NSF αὐτοῦautouof HimG0846P-GSM ἀδελφοὶadelphoibrothersG0080N-NPM αὐτοῦ.autouof Him.G0846P-GSM στήκοντεςstēkontesstandingG4739V-PAP-NPM ἀπέστειλανapesteilansentG0649V-AAI-3P καλοῦντεςkalountescallingG2564GV-PAP-NPM αὐτόν.autonHim.G0846P-ASM - broeders en Zijn moeder; Dat is, bloedverwanten. Zie in de aantekeningen Mat 12:46 , en Mat 13:55 .
32 En de schare zat rondom Hem; en zij zeiden tot Hem: Zie, Uw moeder en Uw broeders daar buiten zoeken U.
ἐκάθητοekathētowas sittingG2521V-INI-3S ὄχλος,ochlosa crowdG3793N-NSM λέγουσινlegousinthey speakG3004GV-PAI-3P αὐτῷ·autōto Him;G0846P-DSM μήτηρmētērmotherG3384N-NSF ἀδελφοίadelphoibrothersG0080N-NPM ἀδελφαίadelphaisistersG0079N-NPF ζητοῦσίνzētousinare seekingG2212V-PAI-3P 33 En Hij antwoordde hun, zeggende: Wie is Mijn moeder, of Mijn broeders?1
ἀποκριθεὶςapokritheisansweringG0611V-AOP-NSM αὐτοῖςautoisthemG0846P-DPM λέγει·legeiHe says;G3004GV-PAI-3S ἐστινestinareG1510V-PAI-3S μήτηρmētērmotherG3384N-NSF ἀδελφοίadelphoibrothersG0080N-NPM μου;mouof Mine?G3165P-1GS - Wie is Mijn moeder, Christus wil hiermede zijne moeder niet verachten, maar tonen dat de geestelijke maagschap in zaken der zaligheid gesteld moet worden voor het vleselijke.
34 En rondom overzien hebbende, die om Hem zaten, zeide Hij: Ziet, Mijn moeder en Mijn broeders.
περιβλεψάμενοςperiblepsamenoshaving looked around onG4017V-AMP-NSM τοὺςtousthose whoG3588T-APM κύκλῳkuklōsurroundingG2945ADV καθημένουςkathēmenouswere sittingG2521V-PNP-APM λέγει·legeiHe says;G3004GV-PAI-3S μήτηρmētērmotherG3384N-NSF ἀδελφοίadelphoibrothersG0080N-NPM μου.mouof Mine!G3165P-1GS 35 Want zo wie den wil van God doet, die is Mijn broeder, en Mijn zuster, en moeder.1
ποιήσῃpoiēsēmay doG4160GV-AAS-3S θέλημαthelēmawillG2307N-ASN θεοῦ,theouof God,G2316N-GSM-T ἀδελφόςadelphosbrotherG0080N-NSM ἀδελφὴadelphēsisterG0079N-NSF μήτηρmētērmotherG3384N-NSF ἐστίν.¶estinis.G1510V-PAI-3S - den wil van God doet, Den wil Gods doen, is in Christus te geloven en heilig te leven; Joh 6:40 ; 1Th 4:3 .