Chapter 7
1 En tot Hem vergaderden de Farizeën, en sommigen der Schriftgeleerden, die van Jeruzalem gekomen waren;1
συνάγονταιsunagontaiare gathered togetherG4863V-PPI-3P ΦαρισαῖοιPharisaioiPhariseesG5330N-NPM-T γραμματέωνgrammateōnscribesG1122N-GPM ἐλθόντεςelthonteshaving comeG2064V-2AAP-NPM Ἱεροσολύμων.Hi'erosolumōnJerusalem.G2414N-GPN-L - die van Jeruzalem gekomen waren; Namelijk van de kloekste en bitterste, daartoe van Jeruzalem uitgezonden, om op Zijne leer en werken te letten en die te berispen en bij het volk verdacht te maken.
2 En ziende, dat sommigen van Zijn discipelen met onreine, dat is, met ongewassen handen brood aten, berispten zij hen.123
ἰδόντεςidontesthey had seenG1492HV-2AAP-NPM μαθητῶνmathētōndisciplesG3101N-GPM αὐτοῦautouof HimG0846P-GSM κοιναῖςkoinaiswith defiledG2839GA-DPF χερσίν,chersinhands,G5495N-DPF ἔστινestinisG1510V-PAI-3S ἀνίπτοις,aniptoisunwashed,G0449A-DPF ἐσθίουσινesthiousinare eatingG2068V-PAI-3P ἄρτουςartousbreadG0740N-APM ἐμέμψαντο·emempsantothey found fault;G3201V-ADI-3P - onreine, Grieks, gemene; alzo wordt doorgaans genaamd hetgeen onrein of onheilig is. Zie Act 10:14 . Want de Farizeën meenden als zij iets gemeens konden aangetast hebben, hoewel het in de wet niet was voor onrein verklaard, dat zij evenwel onrein of onheilig waren, zolang zij niet weder gewassen waren, hetwelk Christus hier bestraft, niet om de burgerlijke eerbaarheid in het wassen van de handen voor het eten, maar om hun bijgelovigheden en geveinsdheid te wederspreken.
- brood aten, Dat is, spijs.
- berispten zij hen Of, klaagden daarover.
3 Want de Farizeën en al de Joden eten niet, tenzij dat zij eerst de handen dikmaals wassen, houdende de inzettingen der ouden.123
ΦαρισαῖοιPharisaioithe PhariseesG5330N-NPM-T πάντεςpantesallG3956A-NPM ἸουδαῖοιIoudaioiJewsG2453N-NPM-PG πυγμῇpugmēawith a fistG4435N-DSF νίψωνταιnipsōntaithey shall washG3538V-AMS-3P χεῖρας,cheirashands,G5495N-APF ἐσθίουσινesthiousineatG2068V-PAI-3P κρατοῦντεςkratountesholdingG2902V-PAP-NPM παράδοσινparadosintraditionG3862N-ASF πρεσβυτέρων·presbuterōnelders;G4245GN-GPM - dikmaals wassen, Of, met de vuist; gelijk degenen, die hunne handen wel schoon willen wassen, met de vuist in de hand plachten te wrijven. Of, naarstiglijk, of tot den elleboog toe, gelijk sommigen getuigen de gewoonte der Joden geweest te zijn.
- houdende de inzettingen Grieks, vasthoudende de overlevering.
- ouden Of, der ouderlingen.
4 En van de markt komende, eten zij niet, tenzij dat zij eerst gewassen zijn. En vele andere dingen zijn er, die zij aangenomen hebben te houden, als namelijk de wassingen der drinkbekers, en kannen, en koperen vaten, en bedden.1234
ἀπ᾽ap᾽[on coming] fromG0575PREP ἀγορᾶςagoras[the] marketG0058N-GSF ἔλθωσινelthōsinmay comeG2064V-2AAS-3P βαπτίσωνται,baptisōntaithey shall washG0907V-AMS-3P ἐσθίουσιν·esthiousinthey eat;G2068V-PAI-3P ἄλλαallaother thingsG0243A-NPN ἐστινestinthere areG1510V-PAI-3S παρέλαβονparelabonthey receivedG3880V-2AAI-3P κρατεῖν,krateinto keepG2902V-PAN βαπτισμοὺςbaptismouswashingsG0909N-APM ποτηρίωνpotēriōnof cupsG4221N-GPN ξεστῶνxestōnvesselsG3582N-GPM χαλκίωνchalkiōnutensilsG5473N-GPN κλινῶν.¶klinōncouches for dining.G2825N-GPF - markt komende, Omdat zij daar met allerlei soorten van mensen als heidenen en anderen handelden, en andere dingen aanraakten, waardoor zij meenden verontreinigd te zijn.
- gewassen zijn Grieks, gedoopt; hetwelk indopen in het water en ook afwassen betekent, waarvan de heilige doop zijn naam heeft.
- en kannen, Het Griekse Xestes betekent het zesde deel van en congius; dat is, omtrent anderhalve pint naar onze maat.
- bedden Dat is, de bedsteden, of de sponden van de bedden, waarop de ouden om te eten aan de tafel lagen of leunden, inplaats dat wij aanzitten.
5 Daarna vraagden Hem de Farizeën en de Schriftgeleerden: Waarom wandelen Uw discipelen niet naar de inzetting der ouden, maar eten het brood met ongewassen handen?12
ἐπερωτῶσινeperōtōsinquestionedG1905V-PAI-3P ΦαρισαῖοιPharisaioiPhariseesG5330N-NPM-T γραμματεῖς·grammateisscribes;G1122N-NPM διὰdiaBecause ofG1223PREP περιπατοῦσινperipatousinwalkG4043V-PAI-3P μαθηταίmathētaidisciplesG3101N-NPM κατὰkataaccording toG2596PREP παράδοσινparadosintraditionG3862N-ASF πρεσβυτέρων,presbuterōnelders,G4245GN-GPM κοιναῖςkoinaiswith unsanctifiedG2839GA-DPF χερσὶνchersinhandsG5495N-DPF ἐσθίουσινesthiousineatG2068V-PAI-3P ἄρτον;¶artonbread?G0740N-ASM - wandelen Uw discipelen niet Dat is, leven; een Hebreeuwse manier van spreken, gelijk Psa 1:1 , en doorgaans.
- ouden, Of, der ouderlingen.
6 Maar Hij antwoordde en zeide tot hen: Wel heeft Jesaja, van u, geveinsden, geprofeteerd, gelijk geschreven is: Dit volk eert Mij met de lippen, maar hun hart houdt zich verre van Mij.12
ἀποκριθεὶςapokritheisansweringG0611V-AOP-NSM εἶπενeipenHe saidG2036V-2AAI-3S αὐτοῖςautoisto themG0846P-DPM καλῶςkalōsRightlyG2573ADV ἐπροφήτευσενeprophēteusenprophesiedG4395V-AAI-3S ἨσαΐαςĒsaiasIsaiahG2268N-NSM-P περὶpericoncerningG4012PREP ὑποκριτῶν,hupokritōnhypocrites,G5273N-GPM γέγραπταιgegraptaiit has been writtenG1125V-RPI-3S οὗτοςhoutosThisG3778D-NSM τοῖςtoiswith theG3588T-DPN χείλεσίνcheilesinlipsG5491N-DPN τιμᾷ,timahonors,G5091V-PAI-3S καρδίαkardiathe heartG2588N-NSF αὐτῶνautōnof themG0846P-GPM πόρρωporrōfar awayG4206ADV-C ἀπέχειapecheiis keptG0568V-PAI-3S - Wel heeft Jesája, Zie van dit gehele antwoord de aantekeningen Mat 15:7 , enz.
- houdt zich verre van Mij Dat is, is ver van mij.
7 Doch tevergeefs eren zij Mij, lerende leringen, die geboden zijn der mensen;12
μάτηνmatēnIn vainG3155ADV σέβονταίsebontaithey worshipG4576V-PNI-3P διδάσκοντεςdidaskontesteachingG1321V-PAP-NPM διδασκαλίας,didaskalias[as] doctrinesG1319N-APF ἐντάλματαentalmata[the] preceptsG1778N-APN ἀνθρώπων.¶anthrōpōnof men.’G0444N-GPM - tevergeefs Dat is, zonder vrucht, daar zulk een dienst den Heere niet aangenaam is.
- eren zij Mij, Of, dienen.
8 Want, nalatende het gebod Gods, houdt gij de inzettingen der mensen, als namelijk wassingen der kannen en drinkbekers; en andere dergelijke dingen doet gij vele.
ἈφέντεςAphentesHaving neglectedG0863GV-2AAP-NPM ἐντολὴνentolēncommandmentG1785N-ASF θεοῦtheouof GodG2316N-GSM-T κρατεῖτεkrateiteyou holdG2902V-PAI-2P παράδοσινparadosintraditionG3862N-ASF ἀνθρώπωνanthrōpōnof menG0444N-GPM βαπτισμοὺςbaptismouswashingsG0909N-APM ξεστῶνxestōnof vesselsG3582N-GPM ποτηρίωνpotēriōnof cupsG4221N-GPN παρόμοιαparomoialikeG3946A-APN τοιαῦταtoiautathingsG5108D-APN πολλὰpollamany thingsG4183A-APN ποιεῖτε.poieiteyou do.G4160GV-PAI-2P 9 En Hij zeide tot hen: Gij doet zeker Gods gebod wel te niet, opdat gij uw inzettingen zoudt onderhouden.
ἔλεγενelegenHe was sayingG3004GV-IAI-3S αὐτοῖς·autoisto them;G0846P-DPM ἀθετεῖτεatheteitedo you set asideG0114V-PAI-2P ἐντολὴνentolēncommandmentG1785N-ASF θεοῦtheouof GodG2316N-GSM-T παράδοσινparadosintraditionG3862N-ASF ὑμῶνhumōnof youG4771P-2GP στήσητε.stēsēteyou may maintain.G2476V-AAS-2P 10 Want Mozes heeft gezegd: Eer uw vader en uw moeder; en: wie vader of moeder vloekt, die zal den dood sterven.1
ΜωϋσῆςMōusēsMosesG3475N-NSM-P εἶπεν·eipensaid;G2036V-2AAI-3S τίμαtimado honorG5091V-PAM-2S πατέραpateraFatherG3962N-ASM-T μητέραmēteramotherG3384N-ASF σου,souof you,’G4771P-2GS κακολογῶνkakologōnspeaking evil ofG2551V-PAP-NSM πατέραpaterafatherG3962N-ASM μητέραmēteramotherG3384N-ASF θανάτῳthanatōin deathG2288N-DSM τελευτάτω.teleutatōshould end.’G5053V-PAM-3S - vloekt, Dat is, met kwade woorden aanspreekt, scheldende of dreigende.
11 Maar gijlieden zegt: Zo een mens tot vader of moeder zegt: Het is korban ( dat is te zeggen, een gave), zo wat u van mij zou kunnen ten nutte komen, die voldoet.1
ὑμεῖςhumeisYou yourselvesG4771P-2NP λέγετε·legetesay [that]:G3004GV-PAI-2P εἴπῃeipēmay sayG2036V-2AAS-3S ἄνθρωποςanthrōposa manG0444N-NSM πατρὶpatrifatherG3962N-DSM μητρί·mētrimother;G3384N-DSF κορβᾶν,korban[It is] Corban,G2878N-NSM-T ἐστινestinisG1510V-PAI-3S δῶρον,dōrona gift,G1435N-NSN ὠφεληθῇς,ōphelēthēasyou shall be profited,G5623V-APS-2S - Het is korban Of de corban; dat is gave, die van mij geofferd wordt, zal u ten nutte komen. Zie hiervan de aantekeningen Mat 15:5 . Of, het is corban, hetgeen u van mij zou mogen ten nutte komen.
12 En gij laat hem niet meer toe, iets aan zijn vader of zijn moeder te doen;
οὐκέτιouketino longerG3756PRT-N + G2089 ἀφίετεaphieteyou do allowG0863IV-PAI-2P οὐδὲνoudenno [thing]G3762A-ASN ποιῆσαιpoiēsaito doG4160GV-AAN πατρὶpatrifatherG3962N-DSM αὐτοῦautouof himG0846P-GSM μητρίmētrimotherG3384N-DSF αὐτοῦ,autouof himG0846P-GSM 13 Makende alzo Gods woord krachteloos door uw inzetting, die gij ingezet hebt; en vele dergelijke dingen doet gij.1
ἀκυροῦντεςakurountesmaking voidG0208V-PAP-NPM θεοῦtheouof GodG2316N-GSM-T παραδόσειparadoseitraditionG3862N-DSF ὑμῶνhumōnof youG4771P-2GP παρεδώκατε·paredōkateyou have handed down;G3860V-AAI-2P παρόμοιαparomoialike [things]G3946A-APN τοιαῦταtoiautasuchG5108D-APN ποιεῖτε.¶poieiteyou do.G4160GV-PAI-2P - Makende alzo Grieks, afkeurende, of zijn aanzien en kracht benemende.
14 En tot Zich de ganse schare geroepen hebbende, zeide Hij tot hen: Hoort Mij allen en verstaat.
προσκαλεσάμενοςproskalesamenoshaving called to [Him]G4341V-ADP-NSM ὄχλονochloncrowdG3793N-ASM ἔλεγενelegenHe was sayingG3004GV-IAI-3S αὐτοῖς·autoisto them;G0846P-DPM ἀκούσατέakousatedo listen toG0191V-AAM-2P πάντεςpantesallG3956A-NPM σύνετε.sunetedo understand.G4920V-2AAM-2P 15 Er is niets van buiten den mens in hem ingaande, hetwelk hem kan ontreinigen; maar de dingen, die van hem uitgaan, die zijn het, welke den mens ontreinigen.12
οὐδένoudenNo [thing]G3762A-NSN ἐστινestinthere isG1510V-PAI-3S ἔξωθενexōthenoutsideG1855PREP ἀνθρώπουanthrōpoumanG0444N-GSM εἰσπορευόμενονeisporeuomenonenteringG1531V-PNP-NSN δύναταιdunataiis ableG1410V-PNI-3S κοινῶσαιkoinōsaito defileG2840V-AAN τὰtathe [things]G3588T-NPN ἀνθρώπουanthrōpoumanG0444N-GSM ἐκπορευόμενάekporeuomenaproceedingG1607V-PNP-NPN αὐτοῦautouof himG0846P-GSM ἐκεῖνάekeinathatG1565D-NPN ἐστινestinareG1510V-PAI-3S τὰtathose whichG3588T-NPN κοινοῦνταkoinountaare defilingG2840V-PAP-NPN ἄνθρωπον.¶anthrōponman.G0444N-ASM - niets, Namelijk van spijs of drank, matig en met dankzegging gebruikt zijnde; 1Ti 4:4 .
- ontreinigen; Grieks, gemeen maken.
16 Zo iemand oren heeft om te horen, die hore.1
ἔχειecheihasG2192V-PAI-3S ἀκούεινakoueinto hearG0191V-PAN ἀκουέτω.akouetōhe should hear.G0191V-PAM-3S - Zo iemand oren heeft om te horen, Zie Mat 11:15 .
17 En toen Hij van de schare in huis gekomen was, vraagden Hem Zijn discipelen van de gelijkenis.1
εἰσῆλθενeisēlthenHe wentG1525V-2AAI-3S οἶκονoikon[the] houseG3624GN-ASM ὄχλου,ochloucrowd,G3793N-GSM ἐπηρώτωνepērōtōnwere askingG1905V-IAI-3P μαθηταὶmathētaidisciplesG3101N-NPM αὐτοῦautouof HimG0846P-GSM περὶpericoncerningG4012PREP παραβολήν.parabolēnparable.G3850N-ASF - gelijkenis Grieks, parabel; welk woord betekent niet alleen ene gelijkenis, maar ook een bijzondere lering of spreuk.
18 En Hij zeide tot hen: Zijt ook gij alzo onwetende? Verstaat gij niet, dat al wat van buiten in den mens ingaat, hem niet kan ontreinigen?
λέγειlegeiHe saysG3004GV-PAI-3S αὐτοῖς·autoisto them;G0846P-DPM ὑμεῖςhumeisyou yourselvesG4771P-2NP ἀσύνετοίasunetoiwithout understandingG0801A-NPM ἐστε;esteare?G1510V-PAI-2P νοεῖτεnoeiteyou understandG3539V-PAI-2P πᾶνpaneverythingG3956A-NSN ἔξωθενexōthenoutsideG1855PREP εἰσπορευόμενονeisporeuomenonenteringG1531V-PNP-NSN ἄνθρωπονanthrōponmanG0444N-ASM δύναταιdunataiis ableG1410V-PNI-3S κοινῶσαι;koinōsaito defile?G2840V-AAN 19 Want het gaat niet in zijn hart, maar in den buik, en gaat in de heimelijkheid uit, reinigende al de spijzen.1
εἰσπορεύεταιeisporeuetaiit entersG1531V-PNI-3S αὐτοῦautouof himG0846P-GSM καρδίανkardianheartG2588N-ASF κοιλίανkoilianbellyG2836N-ASF ἀφεδρῶναaphedrōnasewerG0856N-ASM ἐκπορεύεταιekporeuetaigoes out,G1607V-PNI-3S καθαρίζωνkatharizōnpurifyingG2511V-PAP-NSM βρώματα.brōmatafood.G1033N-APN - reinigende al de spijzen Dat is, hetgeen onbekwaam is tot voedsel, wordt daardoor als onrein uitgeworpen, en wordt het blijvende voedsel daardoor gereinigd.
20 En Hij zeide: Hetgeen uitgaat uit den mens, dat ontreinigt den mens.
ἔλεγενelegenHe was sayingG3004GV-IAI-3S ἀνθρώπουanthrōpoumanG0444N-GSM ἐκπορευόμενον,ekporeuomenongoing forth,G1607V-PNP-NSN ἐκεῖνοekeinothat [is what]G1565D-NSN κοινοῖkoinoidefilesG2840V-PAI-3S ἄνθρωπον.anthrōponman.G0444N-ASM 21 Want van binnen uit het hart der mensen komen voort kwade gedachten, overspelen, hoererijen, doodslagen,1
ἔσωθενesōthenWithinG2081ADV καρδίαςkardiasheartG2588N-GSF ἀνθρώπωνanthrōpōnof menG0444N-GPM διαλογισμοὶdialogismoithoughtsG1261N-NPM ἐκπορεύονταιekporeuontaigo forthG1607V-PNI-3P πορνεῖαι,porneiaisexual immoralityG4202N-NPF κλοπαί,klopaitheftsG2829N-NPF φόνοι,phonoimurders,G5408N-NPM - gedachten, Of, overleggingen, overdenkingen, of samensprekingen.
22 Dieverijen, gierigheden, boosheden, bedrog, ontuchtigheid, een boos oog, lastering, hovaardij, onverstand.1234
μοιχεῖαι,moicheiaiadulteriesG3430N-NPF πλεονεξίαι,pleonexiaicovetous desires,G4124N-NPF πονηρίαι,ponēriaiwickednesses,G4189N-NPF δόλος,dolosdeceit,G1388N-NSM ἀσέλγεια,aselgeiasensuality,G0766N-NSF ὀφθαλμὸςophthalmosan eyeG3788N-NSM πονηρός,ponērosevil,G4190A-NSM βλασφημία,blasphēmiaslander,G0988N-NSF ὑπερηφανία,huperēphaniapride,G5243N-NSF ἀφροσύνη·aphrosunēfoolishness;G0877N-NSF - gierigheden, Of, begeerten van altijd meer en meer te hebben.
- ontuchtigheid, Of, dartelheid, geilheid.
- boos oog, Dat is, nijdigheid, of afgunstigheid. Zie Mat 20:15 .
- onverstand Of, dwaasheid.
23 Al deze boze dingen komen voort van binnen, en ontreinigen den mens.1
ταῦταtautatheseG3778D-NPN πονηρὰponēraevilsG4190A-NPN ἔσωθενesōthenfrom withinG2081ADV ἐκπορεύεταιekporeuetaigo forthG1607V-PNI-3S κοινοῖkoinoiit defilesG2840V-PAI-3S ἄνθρωπον.¶anthrōponman.G0444N-ASM - komen voort van binnen, Dat is, hebben hun oorsprong in het hart, en worden daarna uiterlijk volbracht. Zie Jam 1:15 .
24 En van daar opstaande, ging Hij weg naar de landpalen van Tyrus en Sidon; en in een huis gegaan zijnde, wilde Hij niet , dat het iemand wist, en Hij kon nochtans niet verborgen zijn.1
ἘκεῖθενEkeithenFrom thereG1564ADV ἀναστὰςanastashaving risen upG0450V-2AAP-NSM ἀπῆλθενapēlthenHe went awayG0565V-2AAI-3S ὅριαhoriaregionG3725N-APN ΤύρουTurouof TyreG5184N-GSF-L Σιδῶνος.SidōnosSidon.G4605N-GSF-L εἰσελθὼνeiselthōnhaving enteredG1525V-2AAP-NSM οἰκίανoikiana houseG3614GN-ASF οὐδέναoudenano [one]G3762A-ASM ἤθελενēthelenHe was wishingG2309V-IAI-3S γνῶναιgnōnaito know [it]G1097V-2AAN ἠδυνήθηēdunēthēHe was ableG1410V-AOI-3S λαθεῖν.latheinto be hidden.G2990V-2AAN - naar de landpalen van Tyrus en Sidon; Dat is, tot omtrent. Want Christus schijnt zelf nooit in de steden der heidenen gepredikt te hebben. Zie vs.27, 31; Mat 15:24 .
25 Want een vrouw, welker dochtertje een onreinen geest had, van Hem gehoord hebbende, kwam en viel neder aan Zijn voeten.
εὐθὺςeuthusimmediatelyG2112ADV ἀκούσασαakousasahaving heardG0191V-AAP-NSF εἶχενeichenhadG2192V-IAI-3S θυγάτριονthugatrionlittle daughterG2365N-NSN αὐτῆςautēsof herG0846P-GSF ἀκάθαρτον,akathartonunclean,G0169A-ASN ἐλθοῦσαelthousahaving comeG2064V-2AAP-NSF προσέπεσενprosepesenshe fellG4363V-2AAI-3S αὐτοῦ·autouof Him;G0846P-GSM 26 Deze nu was een Griekse vrouw, van geboorte uit Syro-fenicië; en zij bad Hem, dat Hij den duivel uitwierp uit haar dochter.123
ἙλληνὶςHellēnisGentileG1674N-NSF-LG ΣυροφοινίκισσαSurophoinikissaSyrophoenicianG4949N-NSF-LG γένει,geneiby race,G1085GN-DSN ἠρώταērōtawas askingG2065V-IAI-3S δαιμόνιονdaimoniondemonG1140N-ASN ἐκβάλῃekbalēHe may cast forthG1544V-2AAS-3S θυγατρὸςthugatrosdaughterG2364N-GSF αὐτῆς.autēsof her.G0846P-GSF - Griekse vrouw, Dat is, heidense, gelijk de Joden en Grieken doorgaans tegen elkander gesteld worden.
- van geboorte Dat is, van afkomst.
- Syro-fenicië; Want Tyrus en Sidon waren gelegen in Fenicië, hetwelk een deel van Syrië was, gelegen aan de Middellandse zee.
27 Maar Jezus zeide tot haar: Laat eerst de kinderen verzadigd worden; want het is niet betamelijk dat men het brood der kinderen neme, en den hondekens voor werpe.12
ἸησοῦςIēsousJesusG2424GN-NSM-P ἔλεγενelegenHe was sayingG3004GV-IAI-3S αὐτῇ·autēato her;G0846P-DSF ἄφεςaphesdo permitG0863IV-2AAM-2S χορτασθῆναιchortasthēnaito be satisfiedG5526V-APN τέκνα·teknachildren;G5043N-APN ἐστινestinit isG1510V-PAI-3S λαβεῖνlabeinto takeG2983V-2AAN ἄρτονartonbreadG0740N-ASM τέκνωνteknōnchildrenG5043N-GPN κυναρίοιςkunarioisdogsG2952N-DPN βαλεῖν.baleinto cast [it].G0906GV-2AAN - betamelijk dat men het brood der kinderen neme, Grieks, eerlijk, of goed.
- hondekens voor- werpe Zie Mat 15:26 .
28 Maar zij antwoordde en zeide tot Hem: Ja, Heere, doch ook de hondekens eten onder de tafel van de kruimkens der kinderen.
ἀπεκρίθηapekrithēshe answeredG0611V-ADI-3S λέγειlegeishe saysG3004GV-PAI-3S αὐτῷ·autōto Him;G0846P-DSM κυνάριαkunariadogsG2952N-NPN ὑποκάτωhupokatōunderG5270PREP τραπέζηςtrapezēstableG5132N-GSF ἐσθίουσινesthiousineatG2068V-PAI-3P ψιχίωνpsichiōncrumbsG5589N-GPN παιδίων.¶paidiōnchildren.G3813N-GPN 29 En Hij zeide tot haar: Om dezes woords wil ga heen, de duivel is uit uw dochter uitgevaren.1
εἶπενeipenHe saidG2036V-2AAI-3S αὐτῇ·autēato her;G0846P-DSF διὰdiaBecause ofG1223PREP τοῦτονtoutonthisG3778D-ASM ὕπαγε,hupagedo go,G5217V-PAM-2S ἐξελήλυθενexelēluthenhas gone forthG1831V-2RAI-3S θυγατρόςthugatrosdaughterG2364N-GSF δαιμόνιον.daimoniondemon.G1140N-NSN - woords wil ga heen, Namelijk waarmede gij uw geloof en betrouwen op mij betuigd hebt.
30 En als zij in haar huis kwam, vond zij, dat de duivel uitgevaren was, en de dochter liggende op het bed.12
ἀπελθοῦσαapelthousahaving gone awayG0565V-2AAP-NSF αὐτῆςautēsof herG0846P-GSF εὗρενheurenshe foundG2147V-2AAI-3S παιδίονpaidionchildG3813N-ASN βεβλημένονbeblēmenonlaidG0906HV-RPP-ASN κλίνηνklinēnbedG2825N-ASF δαιμόνιονdaimoniondemonG1140N-ASN ἐξεληλυθός.¶exelēluthoshaving left.G1831V-2RAP-ASN - uitgevaren was, Grieks, uitgegaan.
- liggende op het bed Grieks, geworpen.
31 En Hij wederom weggegaan zijnde van de landpalen van Tyrus en Sidon, kwam aan de zee van Galilea, door het midden der landpalen van Dekapolis.1
ἐξελθὼνexelthōnhaving departedG1831V-2AAP-NSM ὁρίωνhoriōnregionG3725N-GPN ΤύρουTurouof TyreG5184N-GSF-L ἦλθενēlthenHe cameG2064V-2AAI-3S ΣιδῶνοςSidōnosSidonG4605N-GSF-L θάλασσανthalassanSeaG2281N-ASF ΓαλιλαίαςGalilaiasof GalileeG1056HN-GSF-L μέσονmeson[the] midstG3319A-ASN ὁρίωνhoriōnregionG3725N-GPN Δεκαπόλεως.Dekapoleōsof [the] Decapolis.G1179N-GSF-L - Dekápolis Zie van dit land Mat 4:25 .
32 En zij brachten tot Hem een dove, die zwaarlijk sprak, en baden Hem, dat Hij de hand op hem legde.1
φέρουσινpherousinthey bringG5342V-PAI-3P κωφὸνkōphona deaf manG2974A-ASM μογιλάλονmogilalonwho spoke with difficultyG3424A-ASM παρακαλοῦσινparakalousinthey imploreG3870V-PAI-3P ἐπιθῇepithēaHe may layG2007V-2AAS-3S χεῖρα.cheirahand.G5495N-ASF - de hand op hem legde Namelijk om hem te genezen; alzo hij gewoon was zulks met oplegging zijner handen, aanraken en andere uitwendige tekenen te doen.
33 En hem van de schare alleen genomen hebbende, stak Hij Zijn vingeren in zijn oren, en gespogen hebbende, raakte Hij zijn tong aan;12
ἀπολαβόμενοςapolabomenoshaving taken awayG0618V-2AMP-NSM ὄχλουochloucrowdG3793N-GSM ἰδίανidianprivatelyG2398A-ASF ἔβαλενebalenHe putG0906HV-2AAI-3S δακτύλουςdaktulousfingersG1147N-APM αὐτοῦautouof HimG0846P-GSM αὐτοῦ,autouof him,G0846P-GSM πτύσαςptusashaving spitG4429V-AAP-NSM ἥψατοhēpsatoHe touchedG0681V-ADI-3S γλώσσηςglōssēstongueG1100N-GSF αὐτοῦ,autouof him,G0846P-GSM - alleen genomen hebbende, Of, bezijden.
- stak Hij Zijn vingeren in zijn oren, Deze tekenen heeft Christus gebruikt, omdat tussen dezelve en de kracht Gods, in het doorboren van de oren en de losmaking van de tong, enige gelijkenis is.
34 En opwaarts ziende naar den hemel, zuchtte Hij, en zeide tot hem: Effatha! dat is: wordt geopend!12
ἀναβλέψαςanablepsashaving looked upG0308V-AAP-NSM οὐρανὸνouranonheavenG3772N-ASM ἐστέναξενestenaxenHe sighed deeplyG4727V-AAI-3S λέγειlegeiHe saysG3004GV-PAI-3S αὐτῷ·autōto him;G0846P-DSM εφφαθα,ephphathaEphphatha!G2188V-APM-2S ἐστινestinisG1510V-PAI-3S διανοίχθητι.dianoichthētido be openedG1272V-APM-2S - opwaarts ziende naar den hemel, Namelijk om Zijnen Vader te bidden, gelijk te zien is Joh 11:41 .
- zuchtte Hij, Namelijk uit medelijden over de ellende der mensen, waarvan deze man als een spiegel was.
35 En terstond werden zijn oren geopend, en de band zijner tong werd los, en hij sprak recht.
εὐθέωςeutheōsimmediatelyG2112ADV ἠνοίγησανēnoigēsanwere openedG0455V-2API-3P ἀκοαί,akoaiears,G0189N-NPF ἐλύθηeluthēwas loosedG3089V-API-3S δεσμὸςdesmosbandG1199N-NSM γλώσσηςglōssēstongueG1100N-GSF αὐτοῦ,autouof him,G0846P-GSM ἐλάλειelaleihe was speakingG2980V-IAI-3S ὀρθῶς.orthōsplainly.G3723ADV 36 En Hij gebood hunlieden, dat zij het niemand zeggen zouden; maar wat Hij hun ook gebood, zo verkondigden zij het des te meer.12
διεστείλατοdiesteilatoHe instructedG1291V-AMI-3S αὐτοῖςautoisthemG0846P-DPM μηδενὶmēdenito no oneG3367A-DSM λέγωσιν·legōsinthey may speak;G3004GV-PAS-3P ὅσονhosonAs much asG3745K-ASN αὐτὸςautosHe himselfG0846P-NSM αὐτοῖςautoisthemG0846P-DPM διεστέλλετο,diestelletowas instructing,G1291V-IMI-3S αὐτοὶautoithey themselvesG0846P-NPM περισσότερονperissoteronexcessiveG4054ADV-C ἐκήρυσσον.ekērussonwere proclaiming [it].G2784V-IAI-3P - niemand zeggen zouden; De reden hiervan zie Mat 12:16 .
- meer Grieks, overvloediger.
37 En zij ontzetten zich bovenmate zeer, zeggende: Hij heeft alles wel gedaan, en Hij maakt, dat de doven horen, en de stommen spreken.
ὑπερπερισσῶςhuperperissōsabove measureG5228PREP + G4057 ἐξεπλήσσοντοexeplēssontothey were astonishedG1605V-IPI-3P λέγοντες·legontessaying;G3004GV-PAP-NPM πάνταpantaall thingsG3956A-APN πεποίηκενpepoiēkenHe has doneG4160GV-RAI-3S κωφοὺςkōphousdeafG2974A-APM ποιεῖpoieiHe makesG4160GV-PAI-3S ἀκούεινakoueinto hearG0191V-PAN ἀλάλουςalalousmuteG0216A-APM λαλεῖν.¶laleinto speak.G2980V-PAN