reltext

Chapter 10

1 En ik wil niet, broeders, dat gij onwetende zijt, dat onze vaders allen onder de wolk waren, en allen door de zee doorgegaan zijn;12

Original Greek

ΟὐOuNotG3756PRT-N
θέλωthelōI wantG2309V-PAI-1S
γὰρgarforG1063CONJ
ὑμᾶςhumasyouG4771P-2AP
ἀγνοεῖν,agnoeinto be ignorant,G0050V-PAN
ἀδελφοί,adelphoibrothers,G0080N-VPM
ὅτιhotithatG3754GCONJ
οἱhoitheG3588T-NPM
πατέρεςpateresfathersG3962N-NPM
ἡμῶνhēmōnof usG3165P-1GP
πάντεςpantesallG3956A-NPM
ὑπὸhupounderG5259HPREP
τὴνtēntheG3588T-ASF
νεφέληνnephelēncloudG3507N-ASF
ἦσανēsanwereG1510V-IAI-3P
καὶkaiandG2532CONJ
πάντεςpantesallG3956A-NPM
διὰdiathroughG1223PREP
τῆςtēstheG3588T-GSF
θαλάσσηςthalassēsseaG2281N-GSF
διῆλθον,diēlthonpassed,G1330V-2AAI-3P
  1. onze vaders allen Namelijk die met Mozes uit Egypte zijn getrokken.
  2. de wolk waren, Namelijk die zich zette tussen het leger der Egyptenaars en dat der Israelieten, en die de Israelieten bedauwde en beschermde toen zij door de Rode zee trokken; Exo 14:19 , enz; Psa 105:39 . Hetwelk Paulus hier betuigt een tegenbeeld geweest te zijn van onzen doop, gelijk Petrus spreekt van de verlossing van Noach in de ark uit het midden van den zondvloed; 1Pe 3:21 .

2 En allen in Mozes gedoopt zijn in de wolk en in de zee;1

Original Greek

καὶkaiandG2532CONJ
πάντεςpantesallG3956A-NPM
εἰςeisintoG1519PREP
τὸνton<the>G3588T-ASM
ΜωϋσῆνMōusēnMosesG3475N-ASM-P
ἐβαπτίσθησανebaptisthēsanwere baptizedG0907V-API-3P
ἐνeninG1722PREP
τῇtēatheG3588T-DSF
νεφέλῃnephelēcloudG3507N-DSF
καὶkaiandG2532CONJ
ἐνeninG1722PREP
τῇtēatheG3588T-DSF
θαλάσσῃthalassēseaG2281N-DSF
  1. in Mozes Dat is, door Mozes, of door Mozes' dienst. Of, in de leer van Mozes, gelijk Act 19:3 gezegd wordt dat sommigen gedoopt zijn in den doop van Johannes, dat is, in de leer van Johannes, die door zijn doop werd bevestigd.

3 En allen dezelfde geestelijke spijs gegeten hebben;12

Original Greek

καὶkaiandG2532CONJ
πάντεςpantesallG3956A-NPM
τὸtotheG3588T-ASN
αὐτὸautosameG0846P-ASN
πνευματικὸνpneumatikonspiritualG4152A-ASN
βρῶμαbrōmafoodG1033N-ASN
ἔφαγονephagonateG5315V-AAI-3P
  1. dezelfde Namelijk in de tekenen, of, die een zelfde zaak betekenden, en dat niet alleen met elkander, maar ook met ons, hetwelk daaruit blijkt, dat Paulus hier den naam van den doop gebruikt, en hierna zegt dat de steenrots was Christus, en omdat anderszins de sluitreden van Paulus niet vast zou zijn, ten ware zij enerlei spijs in de betekenis met ons hadden gegeten.
  2. geestelijke Namelijk het manna, hetwelk een geestelijke spijs genaamd wordt, omdat het den Israelieten diende niet alleen tot een lichamelijk voedsel, maar ook om te zijn tot een buitengewoon teken van Christus' vlees, en derhalve een geestelijke beduiding op Christus had, gelijk Christus in het brede verklaart, Joh 6 , en gelijk hierna, om dezelfde reden, de steenrots geestelijk genaamd wordt.

4 En allen denzelfden geestelijken drank gedronken hebben; want zij dronken uit de geestelijke steenrots, die volgde; en de steenrots was Christus.12

Original Greek

καὶkaiandG2532CONJ
πάντεςpantesallG3956A-NPM
τὸtotheG3588T-ASN
αὐτὸautosameG0846P-ASN
πνευματικὸνpneumatikonspiritualG4152A-ASN
ἔπιονepionthey drankG4095V-2AAI-3P
πόμα,pomadrinkG4188N-ASN
ἔπινονepinonthey were drinkingG4095V-IAI-3P
γὰρgarforG1063CONJ
ἐκekfromG1537PREP
πνευματικῆςpneumatikēs[the] spiritualG4152A-GSF
ἀκολουθούσηςakolouthousēsaccompanying [them]G0190V-PAP-GSF
πέτρας,petrasrock,G4073N-GSF
ἡhētheG3588T-NSF
πέτραpetrarockG4073N-NSF
δὲdethenG1161CONJ
ἦνēnwasG1510V-IAI-3S
ὁho<the>G3588T-NSM
Χριστός·ChristosChrist;G5547N-NSM-T
  1. die volgde, Namelijk den Israelieten, met de stromen of beken die uit haar vloten, nadat zij van Mozes was geslagen; Num 20:8 ; Psa 105:41 .
  2. was Christus Dat is, was een teken en voorbeeld van Christus, die van den Vader ter dood om onzentwil geslagen zijnde, ons de stromen des levenden waters zou uitgeven; Joh 7:38 . En dit is ene wijze van spreken, gebruikelijk in de sacramenten, gelijk het brood en den wijn in het Avondmaal het lichaam en bloed van Christus worden genaamd, omdat zij daarvan een teken en zegel zijn. Dat sommigen willen zeggen, dat de zin zou zijn: Christus was de steenrots, strijdt niet alleen met de orde der woorden van den tekst, maar ook met de zaak zelve, overmits al de Israelieten niet kunnen gezegd worden uit Christus gedronken te hebben, alzo velen van hen niet geloofden, en God in hen geen welgevallen gehad heeft, vs.5, en Heb 4:2 .

5 Maar in het meerder deel van hen heeft God geen welgevallen gehad; want zij zijn in de woestijn ter nedergeslagen.1

Original Greek

ἀλλ᾽all᾽NeverthelessG0235CONJ
οὐκouknotG3756PRT-N
ἐνenwithG1722PREP
τοῖςtoistheG3588T-DPM
πλείοσινpleiosinmostG4119A-DPM-C
αὐτῶνautōnof themG0846P-GPM
εὐδόκησενeudokēsenwas well pleasedG2106V-AAI-3S
ὁho<the>G3588T-NSM
θεός·theosGod;G2316N-NSM-T
κατεστρώθησανkatestrōthēsanthey were strewnG2693V-API-3P
γὰρgarforG1063CONJ
ἐνeninG1722PREP
τῇtēatheG3588T-DSF
ἐρήμῳ.erēmōwilderness.G2048A-DSF
  1. terneder geslagen Namelijk om huns ongeloofs wil, gelijk Paulus verklaart Heb 3:17-19 .

6 En deze dingen zijn geschied ons tot voorbeelden, opdat wij geen lust tot het kwaad zouden hebben, gelijkerwijs als zij lust gehad hebben.12

Original Greek

ταῦταtautaThese thingsG3778D-NPN
δὲdenowG1161CONJ
τύποιtupoitypesG5179N-NPM
ἡμῶνhēmōnto usG3165P-1GP
ἐγενήθησανegenēthēsanhave becomeG1096V-2AOI-3P
εἰςeisforG1519PREP
τὸto<the>G3588T-ASN
μὴmēnotG3361PRT-N
εἶναιeinaito beG1511V-PAN
ἡμᾶςhēmasusG3165P-1AP
ἐπιθυμητὰςepithumētasdesirersG1938N-APM
κακῶνkakōnof evil thingsG2556GA-GPN
καθὼςkathōseven asG2531CONJ
κἀκεῖνοιkakeinoithey alsoG2532CONJ + G1565
ἐπεθύμησαν.epethumēsandesired.G1937V-AAI-3P
  1. tot voorbeelden, Dat is, tot voorbeelden en waarschuwingen, namelijk dat wij, zo wij dergelijke zonden navolgen, niettegenstaande wij deze heilige tekenen ook zullen deelachtig geweest zijn, delzefde straf, die hun daarom overkomen is, ook niet zullen ontgaan. Zie van dit woord vs.11; Phi 3:17 ; 1Ti 4:12 ; Tit 2:7 .
  2. geen lust Gr. geen begeerders zijn van kwade dingen; namelijk van afgoderij, hoererij en dergelijke, welke hierna verhaald worden.

7 En wordt geen afgodendienaars, gelijkerwijs als sommigen van hen, gelijk geschreven staat: Het volk zat neder om te eten, en om te drinken, en zij stonden op om te spelen.12

Original Greek

μηδὲmēdeNeitherG3366CONJ-N
εἰδωλολάτραιeidōlolatraiidolatersG1496N-NPM
γίνεσθεginesthedo becomeG1096V-PNM-2P
καθώςkathōseven asG2531CONJ
τινεςtinessomeG5100X-NPM
αὐτῶνautōnof themG0846P-GPM
ὥσπερhōsperasG5618CONJ
γέγραπται·gegraptaiit has been written:G1125V-RPI-3S
ἐκάθισενekathisenSat downG2523V-AAI-3S
ὁhotheG3588T-NSM
λαὸςlaospeopleG2992N-NSM
φαγεῖνphageinto eatG5315V-AAN
καὶkaiandG2532CONJ
πεῖνpeinto drinkG4095V-2AAN
καὶkaiandG2532CONJ
ἀνέστησανanestēsanrose upG0450V-AAI-3P
παίζειν.paizeinto play.G3815V-PAN
  1. sommigen van Dat is, een groot deel van hen, namelijk die met het gegoten kalf afgoderij bedreven.
  2. om te spelen Dat is, om te dansen, lachen en reien, gelijk de afgodendienaars, en hun afgodische maaltijden, gemeenlijk plachten te doen; Exo 32:6 .

8 En laat ons niet hoereren, gelijk sommigen van hen gehoereerd hebben, en er vielen op een dag drie en twintig duizend.12

Original Greek

μηδὲmēdeNeitherG3366CONJ-N
πορνεύωμενporneuōmenshall we commit sexual immoralityG4203V-PAS-1P
καθώςkathōseven asG2531CONJ
τινεςtinessomeG5100X-NPM
αὐτῶνautōnof themG0846P-GPM
ἐπόρνευσαν,eporneusancommitted sexual immorality,G4203V-AAI-3P
καὶkaiandG2532CONJ
ἔπεσανepesanfellG4098V-2AAI-3P
ἕνheninG1722PREP
μιᾷmiaoneG1520A-DSF
ἡμέρᾳhēmeradayG2250N-DSF
εἴκοσιeikositwentyG1501A-NUI
τρεῖςtreisthreeG5140A-NPF
χιλιάδες.chiliadesthousand.G5505N-NPF
  1. gehoereerd hebben, Namelijk in het land der Midianieten, door den raad van Bileam tot afgoderij en hoererij verlokt zijnde; Num 25 .
  2. drie en twintig Num 25:9 wordt gezegd vier en twintig duizend. Doch het kan zijn dat er tussen de drie en vier en twintig duizend gebleven zijn, waarvan de apostel het minder getal heeft gehouden. Anderen menen dat er drie en twintig duizend met het zwaard zouden gedood zijn, naar het voorbeeld van den ijver van Pinehas, en dat de andere duizend van de voornaamsten daarna zouden gehangen zijn door het bevel van Mozes.

9 En laat ons Christus niet verzoeken, gelijk ook sommigen van hen verzocht hebben, en werden van de slangen vernield.12

Original Greek

μηδὲmēdeNeitherG3366CONJ-N
ἐκπειράζωμενekpeirazōmenshall we testG1598V-PAS-1P
τὸνtontheG3588T-ASM
ΧριστόνChristonChristG5547N-ASM-T
καθώςkathōseven asG2531CONJ
καίkaiandG2532CONJ
τινεςtinessomeG5100X-NPM
αὐτῶνautōnof themG0846P-GPM
ἐπείρασαν,epeirasantested,G3985HV-AAI-3P
καὶkaiandG2532CONJ
ὑπὸhupobyG5259GPREP
τῶνtōn<the>G3588T-GPM
ὄφεωνopheōnserpentsG3789N-GPM
ἀπώλλυντο.apōlluntowere destroyed.G0622V-IPI-3P
  1. verzoeken, Dat is, tergen, of zijne macht in het straffen der ondankbaren in twijfel trekken, gelijk de Israelieten, Num 21:5 , als zij met het manna niet tevreden waren, noch met de wateren, die hun de Heere wonderbaarlijk verleende; en gelijk de Corinthiërs, die de maaltijden der afgodendienaren, die vol aanstoot en gevaar waren, liever volgden dan den eenvoudigen kost, dien de Heere hun tehuis verleende.
  2. verzocht hebben, Namelijk Christus, dien hij terstond genoemd had. Want het was de engel des verbonds, de eeuwige Zoon Gods, die hen in de woestijn geleidde, en dien zij tergden. Zie Exo 14:19 , en Exo 23:20 , en Isa 63:9 .

10 En murmureert niet, gelijk ook sommigen van hen gemurmureerd hebben, en werden vernield van den verderver.12

Original Greek

μηδὲmēdeNeitherG3366CONJ-N
γογγύζετεgonguzetedo grumbleG1111V-PAM-2P
καθάπερkathaperjust asG2509CONJ
καίkaiandG2532CONJ
τινὲςtinessomeG5100X-NPM
αὐτῶνautōnof themG0846P-GPM
ἐγόγγυσαν,egongusangrumbled,G1111V-AAI-3P
καὶkaiandG2532CONJ
ἀπώλοντοapōlontoperishedG0622V-2AMI-3P
ὑπὸhupobyG5259GPREP
τοῦtoutheG3588T-GSM
ὀλοθρευτοῦ.olothreutouDestroyer.G3644N-GSM
  1. gemurmureerd hebben, De Israelieten hebben in de woestijn menigmaal tegen God gemurmureerd, wanneer hun iets ontbrak, of wanneer zij niet tevreden waren met de weldaden, die God hun deed; maar hier wordt inzonderheid gezien op de geschiedenissen, Num 11:4 , Num 11:33 , wanneer zij vlees begeerden en daarover van God door verscheidene plagen vernield werden; en Num 16:1-2 , wanneer Korach met zijnen hoop tegen Mozes en Aäron murmureerden en sommigen zijn verbrand, sommigen verzonken in de aarde.
  2. van den verderver Deze naam wordt wel in deze geschiedenis niet gevonden, maar wordt van Paulus daarbij gevoegd, òf om de strengheid van God zelf in deze straffen hierdoor te verstaan, òf een engel, dien God tot deze vernieling heeft gebruikt, gelijk Hij gedaan heeft Exo 12:23 , en Isa 37:36 .

11 En deze dingen alle zijn hunlieden overkomen tot voorbeelden; en zijn beschreven tot waarschuwing van ons, op dewelke de einden der eeuwen gekomen zijn.123

Original Greek

ταῦταtautaThese thingsG3778D-NPN
δὲdenowG1161CONJ
πάνταpantaallG3956A-NPN
τυπικῶςtupikōstypologicallyG9992ADV
συνέβαινενsunebainenit was happeningG4819V-IAI-3S
ἐκείνοις,ekeinoisto them,G1565D-DPM
ἐγράφηegraphēwere writtenG1125V-2API-3S
δὲdethenG1161CONJ
πρὸςprosforG4314PREP
νουθεσίανnouthesianadmonitionG3559N-ASF
ἡμῶνhēmōnof usG3165P-1GP
εἰςeistoG1519PREP
οὓςhouswhomG3739R-APM
τὰtatheG3588T-NPN
τέληtelēendsG5056N-NPN
τῶνtōnof theG3588T-GPM
αἰώνωνaiōnōnagesG0165GN-GPM
κατήντηκεν.¶katēntēkenhas come.G2658V-RAI-3S
  1. tot voorbeelden Dat is, voorbeelden der straffen over de zodanigen. Zie vs.6.
  2. de einden der Dat is, de laatste tijden, in welke de genade Gods krachtiger is en de boosheid meerder; waarom wij ons door de genade Gods te meer moeten wachten; 1Ti 4:1 ; 2Pe 3:3 .
  3. gekomen zijn Gr. ontmoeten, of ontmoet zijn.

12 Zo dan, die meent te staan, zie toe, dat hij niet valle.12

Original Greek

ὭστεHōsteThereforeG5620CONJ
ὁhothe [one]G3588T-NSM
δοκῶνdokōnthinkingG1380V-PAP-NSM
ἑστάναιhestanaito have stoodG2476V-RAN
βλεπέτωblepetōhe should take heedG0991V-PAM-3S
μὴmēlestG3361PRT-N
πέσῃ.pesēhe may fall.G4098V-2AAS-3S
  1. die meent te staan, Dat is, die zich laat dunken zo vast te zijn in het geloof, dat hij in zulke zonden niet zou vervallen.
  2. zie toe Dat is, zij zorgvuldig dat hij daar door niet worde ten val gebracht, om die zonden en ergernissen te begaan, waarover God de Israelieten gestraft heeft. Waaruit blijkt dat de apostel de gelovigen niet vermaant tot vertwijfeling aan hunne zaligheid, tegen zijn eigen leer, Rom 5:1 , en Rom 8:31 , maar dat hij de eigendunkelijken alleen waarschuwt, om op zichzelven niet te steunen en de oorzaken te vlieden, waardoor zij ten val mochten gebracht worden. Want de ware gelovigen, wanneer zij uit zwakheid zouden mogen vallen, hebben de belofte van wederoprichting. Zie Psa 37:24 , en het volgende vs. alhier.

13 Ulieden heeft geen verzoeking bevangen dan menselijke; doch God is getrouw, Die u niet zal laten verzocht worden boven hetgeen gij vermoogt; maar Hij zal met de verzoeking ook de uitkomst geven, opdat gij ze kunt verdragen.12345

Original Greek

πειρασμὸςpeirasmosTemptationG3986GN-NSM
ὑμᾶςhumasyouG4771P-2AP
οὐκouknotG3756PRT-N
εἴληφενeilēphenhas seizedG2983V-2RAI-3S
εἰeionlyG1487HCOND
μὴmēexceptG3361PRT-N
ἀνθρώπινος·anthrōpinoswhat is common to man;G0442A-NSM
πιστὸςpistosfaithfulG4103A-NSM
δὲdenowG1161CONJ
ὁho<the>G3588T-NSM
θεός,theos[is] God,G2316N-NSM-T
ὃςhoswhoG3739R-NSM
οὐκouknotG3756PRT-N
ἐάσειeaseiwill allowG1439V-FAI-3S
ὑμᾶςhumasyouG4771P-2AP
πειρασθῆναιpeirasthēnaito be temptedG3985GV-APN
ὑπὲρhuperbeyondG5228PREP
ὃhowhatG3739R-ASN
δύνασθε,dunastheyou are able,G1410V-PNI-2P
ἀλλὰallabutG0235CONJ
ποιήσειpoiēseiwill provideG4160GV-FAI-3S
σὺνsunwithG4862PREP
τῷtōtheG3588T-DSM
πειρασμῷpeirasmōtemptationG3986GN-DSM
καὶkaialsoG2532CONJ
τὴνtēntheG3588T-ASF
ἔκβασινekbasinescapeG1545N-ASF
τοῦtou<the>G3588T-GSN
δύνασθαιdunasthaito be ableG1410V-PNN
ὑμᾶςhumasyouG4771P-2AP
ὑπενεγκεῖν.¶hupenegkeinto endure [it].G5297V-2AAN
  1. geen verzoeking Namelijk waardoor gij gebracht zijt tot de gemeenschap der afgodendienaars en van hunne maaltijden.
  2. dan menselijke; Dat is, die uit uw menselijke zwakheid en uit vrees van de ongenade der afgodendienaars, welken u daartoe verzocht hebben, gesproten is. Hij troost hen hiermede, en vermaant hen in het toekomende tot meerdere standvastigheid, dewijl God ons deze belofte doet, dat Hij de Zijnen niet zal laten verzoeken boven hun vermogen.
  3. boven hetgeen Dat is, boven de kracht, die gij door Gods Geest alrede hebt ontvangen. Want uit onszelven vermogen wij niets; Joh 15:5 ; 2Co 3:5 ; Phi 4:13 .
  4. met de verzoeking Namelijk die Hij over u zal laten komen, alwaar zij vrij meerder dan tot nog toe geschied is; Joh 16:33 .
  5. geven, opdat Gr. maken.

14 Daarom, mijn geliefden, vliedt van den afgodendienst.12

Original Greek

Διόπερ,DioperTherefore,G1355CONJ
ἀγαπητοίagapētoibelovedG0027A-VPM
μου,mouof mine,G3165P-1GS
φεύγετεpheugetedo fleeG5343V-PAM-2P
ἀπὸapofromG0575PREP
τῆςtēs<the>G3588T-GSF
εἰδωλολατρίας.eidōlolatriasidolatry.G1495N-GSF
  1. Daarom, mijn Dat is, dewijl wij dan deze voorbeelden van Gods straf aan de ene zijde en van Gods trouwe belofte aan de andere zijde hebben.
  2. den afgodendienst Namelijk niet alleen die inderdaad zodanig is, maar ook die daartoe aanleiding of vermoeden zouden geven, of die tekenen daarvan zijn; van welke hij tot nog toe gesproken heeft.

15 Als tot verstandigen spreek ik; oordeelt gij, hetgeen ik zeg.1

Original Greek

ὡςhōsAsG5613PRT
φρονίμοιςphronimoisto sensible [ones]G5429A-DPM
λέγω,legōI speak,G3004GV-PAI-1S
κρίνατεkrinatedo judgeG2919V-AAM-2P
ὑμεῖςhumeisfor yourselvesG4771P-2NP
ὅhowhatG3739R-ASN
φημι.phēmiI say.G5346V-PAI-1S
  1. verstandigen spreek ik, Dat is, als tot degenen, die in de verborgenheden onzes geloofs ervaren en onderricht zijn.

16 De drinkbeker der dankzegging, dien wij dankzeggende zegenen, is die niet een gemeenschap des bloeds van Christus? Het brood, dat wij breken, is dat niet een gemeenschap des lichaams van Christus?123

Original Greek

τὸtoTheG3588T-NSN
ποτήριονpotērioncupG4221N-NSN
τῆςtēs<the>G3588T-GSF
εὐλογίαςeulogiasof blessingG2129N-GSF
ὃhothatG3739R-ASN
εὐλογοῦμεν,eulogoumenwe bless,G2127V-PAI-1P
οὐχὶouchisurelyG3780PRT-N
κοινωνίαkoinōniaa participationG2842N-NSF
ἐστὶνestinit isG1510V-PAI-3S
τοῦtouin theG3588T-GSN
αἵματοςaimatosbloodG0129GN-GSN
τοῦtou<the>G3588T-GSM
Χριστοῦ;Christouof ChristG5547N-GSM-T
τὸνtonTheG3588T-ASM
ἄρτονartonbreadG0740N-ASM
ὃνhonthatG3739R-ASM
κλῶμεν,klōmenwe break,G2806V-PAI-1P
οὐχὶouchisurelyG3780PRT-N
κοινωνίαkoinōniaa participationG2842N-NSF
τοῦtouin theG3588T-GSN
σώματοςsōmatosbodyG4983N-GSN
τοῦtou<the>G3588T-GSM
ΧριστοῦChristouof ChristG5547N-GSM-T
ἐστιν;estinit is?G1510V-PAI-3S
  1. De drinkbeker der Of, de drinkbeker der zegening. Want het Griekse woord Eulogia betekent beide, dankzegging en zegening. Doch alzo de apostel hierna, 1Co 11:24 , het woord dankzeggen, of danken gebruikt, gelijk ook de Evangelisten, Mat 26:27 ; Mar 14:23 ; Luk 22:17 , zo wordt daarom dit woord dankzegging hier ook in den tekst behouden.
  2. dankzeggende zegenen, Gr. Eulogoumen; welk woord beide zegenen en dankzeggen betekent. Doch moet hier zegenen en niet dankzeggen overgezet worden, overmits niet gezegd kan worden dan wij den drinkbeker dankzeggen, gelijk Griekse samenvoeging der woorden, of constructie, zou vereisen; maar wel den drinkbeker zegenen. En wordt door dit zegenen verstaan, niet door kracht van enige woorden den wijn veranderen in het wezenlijke bloed van Christus maar met gebeden, dankzegging en verhaal van de instelling en het doel des Heiligen Avondmaals heiligen, of van anderen algemenen drank afzonderen en tot dit heilige gebruik toeeigenen, gelijk het woord zegenen ook gebruik wordt Gen 2:3 ; Exo 20:11 , waar God gezegd wordt den zevenden dag gezegend en geheiligd te ehbben, omdat Hij dien van andere gemene dagen heeft afgezonderd en tot een heilig gebruik toegeëigend. Zie hiervan de verklaring in de aantekening Mat 26:26 .
  3. een gemeenschap des bloeds Dat is, een teken en onderpand van de geestelijke gemeenschap, die wij met Christus' bloed en lichaam hebben, gelijk vs.20, dat degenen, die afgodenoffer aten, gemeenschap hadden met de duivelen; ene wijze van spreken in de sacramenten gebruikelijk. Zie vs.4, en 1Co 11:24-25 .

17 Want een brood is het, zo zijn wij velen een lichaam, dewijl wij allen eens broods deelachtig zijn.12

Original Greek

ὅτιhotiBecause [there is]G3754HCONJ
εἷςheisoneG1520A-NSM
ἄρτοςartosloafG0740N-NSM
ἓνhenoneG1520A-NSN
σῶμαsōmabodyG4983N-NSN
οἱhoitheG3588T-NPM
πολλοίpolloimanyG4183A-NPM
ἐσμεν·esmenwe are;G1510V-PAI-1P
οἱhoi<the>G3588T-NPM
γὰρgarforG1063CONJ
πάντεςpantesallG3956A-NPM
ἐκekofG1537PREP
τοῦtoutheG3588T-GSM
ἑνὸςhenosoneG1520A-GSM
ἄρτουartouloafG0740N-GSM
μετέχομεν.¶metechomenwe partake.G3348V-PAI-1P
  1. een brood is het, zo Namelijk dat gebroken wordt en waaraan wij gemeenschap hebben. Of, want wij velen zijn een brood en een lichaam.
  2. een lichaam, Dat is, een geestelijk lichaam, waarvan Christus het hoofd is. Zie Rom 12:5 ; 1Co 6:15 , en 1Co 12:12 , enz.

18 Ziet Israël, dat naar het vlees is; hebben niet degenen, die de offeranden eten, gemeenschap met het altaar?12

Original Greek

βλέπετεblepetedo considerG0991V-PAM-2P
τὸνton<the>G3588T-ASM
ἸσραὴλIsraēlIsraelG2474N-ASM-L
κατὰkataaccording toG2596PREP
σάρκα·sarkaflesh:G4561N-ASF
οὐχouchSurelyG3756PRT-N
οἱhoithoseG3588T-NPM
ἐσθίοντεςesthionteseatingG2068V-PAP-NPM
τὰςtastheG3588T-APF
θυσίαςthusiassacrificesG2378N-APF
κοινωνοὶkoinōnoifellow partakersG2844N-NPM
τοῦtouin theG3588T-GSN
θυσιαστηρίουthusiastērioualtarG2379N-GSN
εἰσίν;¶eisinare?G1510V-PAI-3P
  1. dat naar het vlees is; Dat is, het Joodse volk, afkomstig naar het vlees van Israel, die toen ter tijd hun tempel en godsdienst nog hadden, hoewel de kracht daarvan door Christus' komst was teniet gedaan.
  2. gemeenschap met het Dat is, met den godsdienst, die op het altaar en daarbij van hen werd gepleegd, en dien zij betuigden daarmede nog voor goed te houden.

19 Wat zeg ik dan? Dat een afgod iets is, of dat het afgodenoffer iets is?

Original Greek

ΤίTiWhatG5101I-ASN
οὖνounthenG3767CONJ
φημι;phēmido I mean?G5346V-PAI-1S
ὅτιhotiThatG3754GCONJ
εἰδωλόθυτόνeidōlothutonan idol-sacrificeG1494A-NSN
τίtianythingG5100X-NSN
ἐστινestinisG1510V-PAI-3S
ἢēorG2228CONJ
ὅτιhotithatG3754GCONJ
εἴδωλόνeidōlonan idolG1497N-NSN
τίtianythingG5100X-NSN
ἐστιν;estinis?G1510V-PAI-3S

20 Ja, ik zeg, dat hetgeen de heidenen offeren, zij den duivelen offeren, en niet Gode; en ik wil niet, dat gij met de duivelen gemeenschap hebt.1

Original Greek

ἀλλ᾽all᾽RatherG0235CONJ
ὅτιhotithatG3754GCONJ
ἃhawhatG3739R-APN
θύουσινthuousinthey sacrificeG2380V-PAI-3P
τὰtatheG3588T-NPN
ἔθνη,ethnēgentilesG1484N-NPN
δαιμονίοιςdaimonioisto demonsG1140N-DPN
καὶkaiandG2532CONJ
οὐounotG3756PRT-N
θεῷtheōto GodG2316N-DSM-T
θύουσιν·thuousinthey sacrifice;G2380V-PAI-3P
οὐouNotG3756PRT-N
θέλωthelōI do wishG2309V-PAI-1S
δὲdenowG1161CONJ
ὑμᾶςhumasyouG4771P-2AP
κοινωνοὺςkoinōnousfellow partakersG2844N-APM
τῶνtōn<the>G3588T-GPN
δαιμονίωνdaimoniōnwith demonsG1140N-GPN
γίνεσθαι.ginesthaito be.G1096V-PNN
  1. den duivelen offeren, Want vele van de heidense afgoden, die zij door hunne beelden eerden, waren boze geesten. Zie Lev 17:7 , en Deu 32:17 . En hoewel zij somwijlen enige gestorvene mensen en andere creaturen daardoor wilden eren, of ook zelfs den Schepper des hemels en der aarde, gelijk Act 17:23 ; Rom 1:21 te zien is, zo worden zij nochtans gezegd den duivelen die eer aan te doen, omdat de duivel van zulken beeldendienst een ingever en insteller was, waardoor God niet geëerd maar onteerd werd; Isa 40:18 , en Isa 42:8 .

21 Gij kunt den drinkbeker des Heeren niet drinken, en den drinkbeker der duivelen; gij kunt niet deelachtig zijn aan de tafel des Heeren, en aan de tafel der duivelen.123

Original Greek

οὐouNotG3756PRT-N
δύνασθεdunastheyou are ableG1410V-PNI-2P
ποτήριονpotērion[the] cupG4221N-ASN
κυρίουkuriouof [the] LordG2962GN-GSM-T
πίνεινpineinto drinkG4095V-PAN
καὶkaiandG2532CONJ
ποτήριονpotērion[the] cupG4221N-ASN
δαιμονίων·daimoniōnof demons;G1140N-GPN
οὐouNotG3756PRT-N
δύνασθεdunastheyou are ableG1410V-PNI-2P
τραπέζηςtrapezēsof [the] tableG5132N-GSF
κυρίουkuriouof [the] LordG2962GN-GSM-T
μετέχεινmetecheinto partakeG3348V-PAN
καὶkaiandG2532CONJ
τραπέζηςtrapezēsof [the] tableG5132N-GSF
δαιμονίων.daimoniōnof demons.G1140N-GPN
  1. Gij kunt den drinkbeker Namelijk met recht en behoorlijkheid, alzo dat gij, zulks doende, ook Gode zoudt kunnen behagen. Zie dergelijke wijze van spreken Mat 6:24 ; 2Co 6:14 .
  2. tafel des Heeren Dat is, der spijs en des dranks van de tafel des Heeren, die tot een teken van de gemeenschap met Christus van de Christenen wordt genoten.
  3. der tafel der duivelen Dat is, der spijs en des dranks van de maaltijden, die tot een teken van de gemeenschap met de duivelen wordt genoten.

22 Of tergen wij den Heere? Zijn wij sterker dan Hij?12

Original Greek

ἢēOrG2228CONJ
παραζηλοῦμενparazēloumendo we provoke to jealousyG3863V-PAI-1P
τὸνtontheG3588T-ASM
κύριον;kurionLord?G2962GN-ASM-T
μὴmēSurely notG3361PRT-N
ἰσχυρότεροιischuroteroistrongerG2478A-NPM-C
αὐτοῦautouthan HeG0846P-GSM
ἐσμεν;¶esmenare we?G1510V-PAI-1P
  1. tergen wij den Dat is, willen wij hem tot toorn verwekken door ons doen, en dienvolgens zijne straf ons over den hals halen; Deu 32:21 . Het Griekse woord betekent eigenlijk tot jaloersheid verwekken.
  2. Zijn wij sterker Namelijk om zijn straffende hand van ons te weren, wanneer die ons zal treffen.

23 Alle dingen zijn mij geoorloofd, maar alle dingen zijn niet oorbaar; alle dingen zijn mij geoorloofd, maar alle dingen stichten niet.123

Original Greek

ΠάνταPantaAll thingsG3956A-NPN
μοιmoito meG3165P-1DS
ἔξεστινexestinare lawfulG1832V-PAI-3S
ἀλλ᾽all᾽butG0235CONJ
οὐounotG3756PRT-N
πάνταpantaall thingsG3956A-NPN
συμφέρει·sumphereiare profitable;G4851V-PAI-3S
πάνταpantaAll thingsG3956A-NPN
μοιmoito meG3165P-1DS
ἔξεστινexestinare lawfulG1832V-PAI-3S
ἀλλ᾽all᾽butG0235CONJ
οὐounotG3756PRT-N
πάνταpantaallG3956A-NPN
οἰκοδομεῖ.oikodomeiedify.G3618V-PAI-3S
  1. Alle dingen zijn mij Namelijk die middelmatig zijn, in zichzelven van God niet geboden in het Nieuwe Testament, gelijk onder anderen was het eten van allerlei spijs, als het zonder ergernis kon geschieden. De apostel handelt nu voorts van twee andere gevallen, die hij onder zekere bepalingen in het vervolg toelaat.
  2. niet oorbaar; Namelijk voor mijzelven.
  3. stichten niet Namelijk voor mijnen naaste.

24 Niemand zoeke dat zijns zelfs is; maar een iegelijk zoeke dat des anderen is.12

Original Greek

μηδεὶςmēdeisNo oneG3367A-NSM
τὸtothe [good]G3588T-ASN
ἑαυτοῦhe'autouof himselfG1438F-3GSM
ζητείτωzēteitōshould seekG2212V-PAM-3S
ἀλλὰallabutG0235CONJ
τὸtothatG3588T-ASN
τοῦtouof theG3588T-GSM
ἑτέρουheterouotherG2087A-GSM
ἕκαστος.¶hekastoseach.G1538A-NSM
  1. dat zijns zelfs is, Namelijk alleen, of met nadeel en ontstichting zijns naasten; Rom 15:2 .
  2. dat des anderen is Dat is, zoeke ook dat des anderen is, want wij moeten onzen naasten liefhebben als onszelven; wij mogen dan onszelven ook wel liefhebben, maar niet tegen de liefde onzes naasten.

25 Eet al wat in het vleeshuis verkocht wordt, niets ondervragende, om des gewetens wil;12

Original Greek

ΠᾶνPanEverythingG3956A-ASN
τὸto<the>G3588T-ASN
ἐνeninG1722PREP
μακέλλῳmakellōthe meat marketG3111N-DSN
πωλούμενονpōloumenonbeing soldG4453V-PPP-ASN
ἐσθίετεesthietedo eatG2068V-PAM-2P
μηδὲνmēdennothingG3367A-ASN-N
ἀνακρίνοντεςanakrinontesinquiringG0350V-PAP-NPM
διὰdiaon account ofG1223PREP
τὴνtēn<the>G3588T-ASF
συνείδησιν·suneidēsinconscience;G4893N-ASF
  1. al wat in het Dat is, allerlei. Hier laat dan de apostel vooreerst toe dát alles, wat ter markt komt, van ons mag worden gebruikt tot spijs, hoewel het nochtans menigmaal geschiedde, dat een deel van hetgeen den afgoden geofferd was, daar ook werd verkocht, wanneer het in maaltijden of offeranden niet werd gebezigd. Doch wanneer het ter markt of in de vleeshuizen werd gebracht, zo werd de afgod daar niet meer mede geëerd, maar werd het voor gemene spijs gehouden.
  2. niets ondervragende Of, geen onderscheid makende; namelijk of het tevoren geofferd was of niet, want beide betekent het Griekse woord.

26 Want de aarde is des Heeren, en de volheid derzelve.1

Original Greek

τοῦtouTheG3588T-GSM
κυρίουkuriouLord’sG2962GN-GSM-T
γὰρgarforG1063CONJ
ἡhē[is] theG3588T-NSF
γῆgēearthG1093GN-NSF
καὶkaiandG2532CONJ
τὸtotheG3588T-NSN
πλήρωμαplērōmafullnessG4138N-NSN
αὐτῆς.¶autēsof it.G0846P-GSF
  1. de aarde is des Heeren Dat is, al is het dat het tevoren van de afgodendienaars was misbruikt, nochtans houdt het niet op te blijven een schepsel des Heeren, die het geschapen heeft om met dankzegging te gebruiken; 1Ti 4:4 .

27 En indien u iemand van de ongelovigen noodt, en gij daar gaan wilt, eet al wat ulieden voorgesteld wordt, niets ondervragende, om des gewetens wil.1234

Original Greek

ΕἴEiIfG1487GCOND
δέdenowG1161CONJ
τιςtisanyoneG5100X-NSM
καλεῖkaleiinvitesG2564GV-PAI-3S
ὑμᾶςhumasyouG4771P-2AP
τῶνtōnof theG3588T-GPM
ἀπίστωνapistōnunbelievingG0571A-GPM
καὶkaiandG2532CONJ
θέλετεtheleteyou wishG2309V-PAI-2P
πορεύεσθαι,poreuesthaito go,G4198V-PNN
πᾶνpaneverythingG3956A-ASN
τὸtowhichG3588T-ASN
παρατιθέμενονparatithemenonis being set beforeG3908V-PPP-ASN
ὑμῖνhuminyouG4771P-2DP
ἐσθίετεesthietedo eatG2068V-PAM-2P
μηδὲνmēdennothingG3367A-ASN-N
ἀνακρίνοντεςanakrinontesinquiringG0350V-PAP-NPM
διὰdiaon account ofG1223PREP
τὴνtēn<the>G3588T-ASF
συνείδησιν·suneidēsinconscience;G4893N-ASF
  1. van de ongelovigen Namelijk te zijnen huize, zonder dat de maaltijd ter ere van den afgod is toegericht, gelijk de heidenen het overschot van al zulke geofferde beesten of spijzen tot bijzondere en burgerlijke maaltijden dikmaals gebruikten.
  2. daar gaan wilt Dat is, oorbaar acht te gaan om burgerlijke gemeenschap of gebuurschap te onderhouden. Waardoor de apostel te kennen geeft dat men ook, eer men daar gaat, wel moet overwegen waartoe men daar genood wordt.
  3. al wat ulieden Dat is, van alles.
  4. niets ondervragende, Of, geen onderscheid makende.

28 Maar zo iemand tot ulieden zegt: Dat is afgodenoffer; eet het niet, om desgenen wil, die u dat te kennen gegeven heeft, en om des gewetens wil. Want de aarde is des Heeren, en de volheid derzelve.12

Original Greek

ἐὰνeanIfG1437COND
δέdehoweverG1161CONJ
τιςtisanyoneG5100X-NSM
ὑμῖνhuminto youG4771P-2DP
εἴπῃ·eipēshall say;G2036V-2AAS-3S
τοῦτοtoutoThisG3778D-NSN
ἱερόθυτόνhi'erothutontemple-sacrificeG9995A-NSN
ἐστιν,estinis,G1510V-PAI-3S
μὴmēnotG3361PRT-N
ἐσθίετεesthietedo eatG2068V-PAM-2P
δι᾽di᾽on account ofG1223PREP
ἐκεῖνονekeinonhimG1565D-ASM
τὸνtonwhichG3588T-ASM
μηνύσανταmēnusantahaving shown [it]G3377V-AAP-ASM
καὶkaiandG2532CONJ
τὴνtēn<the>G3588T-ASF
συνείδησιν·suneidēsinconscience;G4893N-ASF
τοῦtouof theG3588T-GSM
γὰρgarforG1063CONJ
κυρίουkuriouLordG2962GN-GSM-T
ἡhē[is] theG3588T-NSF
γῆgēearthG1093GN-NSF
καὶkaiandG2532CONJ
τὸtotheG3588T-NSN
πλήρωμαplērōmafullnessG4138N-NSN
αὐτῆς.autēsof her.G0846P-GSF
  1. zo iemand tot Namelijk van den zwakgelovigen, die daardoor aanstoot zou mogen lijden; of ook van den ongelovige, die met u aanzit, en daardoor u zou mogen aanzien voor een mens, die zonder godsdienst of van hun heidense religie zou zijn, zo gij, vermaand zijnde, evenwel daarvan zoudt eten.
  2. de aarde is des Heeren, Deze zelfde plaats, genomen uit den 24sten Psalm, brengt de apostel hier wederom voort, om te bewijzen dat men zulke spijs wel kan laten, dewijl er meer spijzen zijn, die God op de aarde geschapen heeft tot ons gebruik.

29 Doch ik zeg: om het geweten, niet van uzelven, maar des anderen; want waarom wordt mijn vrijheid geoordeeld van een ander geweten?12

Original Greek

συνείδησινsuneidēsin[the] conscienceG4893N-ASF
δὲdenowG1161CONJ
λέγωlegōI am sayingG3004GV-PAI-1S
οὐχὶouchi[is] notG3780PRT-N
τὴνtēn<the>G3588T-ASF
ἑαυτοῦhe'autouyour ownG1438F-2GSM
ἀλλὰallabutG0235CONJ
τὴνtēnthatG3588T-ASF
τοῦtouof theG3588T-GSM
ἑτέρου.heterouother.G2087A-GSM
ἱνατίhinatiso whyG2443CONJ + G5101
γὰρgarforG1063CONJ
ἡhētheG3588T-NSF
ἐλευθερίαeleutheriafreedomG1657N-NSF
μουmouof mineG3165P-1GS
κρίνεταιkrinetaiis judgedG2919V-PPI-3S
ὑπὸhupobyG5259GPREP
ἄλληςallēsanother’sG0243A-GSF
συνειδήσεως;suneidēseōsconscience?G4893N-GSF
  1. des anderen; Namelijk die u zulks vermaant, en daardoor aanstoot lijdt, om de reden tevoren verhaald.
  2. mijn vrijheid Dat is, waarom zal ik met het ergerlijk gebruik van vrijheid oorzaak geven, dat eens anders conscientie mijn doen veroordele of het lastere. Of, dewijl ik weet uit Gods Woord, dat mij dit nu vrijstaat, waarom zal ik het oordeel van mijne conscientie het oordeel van eens anders conscientie, die nog zwak is, onderwerpen, of mij van zulke laten lasteren; het is mij genoeg, dat ik het eten van zulke spijs voor dien tijd om hunnentwil nalaat, en evenwel in mijn gemoed de vrijheid behoud om op een anderen tijd zonder aanstoot zulks te doen en God daarvoor te danken.

30 En indien ik door genade der spijze deelachtig ben, waarom word ik gelasterd over hetgeen, waarvoor ik dankzeg?1

Original Greek

εἰeiIfG1487GCOND
δὲdenowG1161CONJ
ἐγὼegōI myselfG1473P-1NS
χάριτιcharitiwith thankfulnessG5485N-DSF
μετέχω,metechōpartake,G3348V-PAI-1S
τίtiwhyG5101I-ASN
βλασφημοῦμαιblasphēmoumaiam I denigratedG0987V-PPI-1S
ὑπὲρhuperforG5228PREP
οὗhouthat whichG3739R-GSN
ἐγὼegōI myselfG1473P-1NS
εὐχαριστῶ;eucharistōgive thanks?G2168V-PAI-1S
  1. door genade Namelijk des Evangelies, in hetwelk ons Christus van het juk der ceremoniën en het onderscheid der spijzen heeft vrijgesteld.

31 Hetzij dan dat gijlieden eet, hetzij dat gij drinkt, hetzij dat gij iets anders doet, doet het al ter ere Gods.

Original Greek

εἴτεeiteWhetherG1535COND
οὖνounthereforeG3767CONJ
ἐσθίετεesthieteyou eatG2068V-PAI-2P
εἴτεeiteorG1535COND
πίνετεpinetedrinkG4095V-PAI-2P
εἴτεeiteorG1535COND
τιtiwhateverG5100X-ASN
ποιεῖτε,poieiteyou perform,G4160GV-PAI-2P
πάνταpantaall thingsG3956A-APN
εἰςeisto theG1519PREP
δόξανdoxangloryG1391N-ASF
θεοῦtheouof GodG2316N-GSM-T
ποιεῖτε.poieitedo perform.G4160GV-PAM-2P

32 Weest zonder aanstoot te geven, en den Joden, en den Grieken, en der Gemeente Gods.1

Original Greek

ἀπρόσκοποιaproskopoiWithout offenseG0677A-NPM
καὶkaibothG2532CONJ
ἸουδαίοιςIoudaioisto JewsG2453N-DPM-PG
γίνεσθεginesthedo you beG1096V-PNM-2P
καὶkaiandG2532CONJ
ἝλλησινHellēsinto GreeksG1672N-DPM-LG
καὶkaiandG2532CONJ
τῇtēato theG3588T-DSF
ἐκκλησίᾳekklēsiachurchG1577N-DSF
τοῦtou<the>G3588T-GSM
θεοῦ,theouof God —G2316N-GSM-T
  1. en den Joden, en den Onder deze drie soorten begrijpt de apostel alle mensen, die òf Joden waren, òf heidenen, òf Christenen, van wie gene voor ons moeten geërgerd worden door het gebruik van onze vrijheid; wel verstaande, indien het zodanige personen zijn, waar men hoop van heeft dat zij daardoor van ons kunnen gewonnen worden.

33 Gelijkerwijs ik ook in alles allen behaag, niet zoekende mijn eigen voordeel, maar het voordeel van velen, opdat zij mochten behouden worden.1

Original Greek

καθὼςkathōseven asG2531CONJ
κἀγὼkagōI myself alsoG1473P-1NS + G2532
πάνταpantaallG3956A-APN
πᾶσινpasinin all thingsG3956A-DPM
ἀρέσκωareskōpleaseG0700V-PAI-1S
μὴmēnotG3361PRT-N
ζητῶνzētōnseekingG2212V-PAP-NSM
τὸtotheG3588T-ASN
ἐμαυτοῦemautouof myselfG1473F-1GSM
σύμφορονsumphoronprofitingG4851V-PAP-ASM
ἀλλὰallabutG0235CONJ
τὸtothatG3588T-ASN
τῶνtōnof theG3588T-GPM
πολλῶνpollōnmanyG4183A-GPM
ἵναinathatG2443CONJ
σωθῶσιν.¶sōthōsinthey may be saved.G4982V-APS-3P
  1. in alles Dat is, zoekt te behagen. Dit moet verstaan worden gelijk het volgende, namelijk ten aanzien van het gebruik of nalaten der Christelijke vrijheid, niet ten aanzien van de leer of andere zaken, die van God geboden of verboden zijn. Zie Gal 1:8 , Gal 1:10 .