reltext

Chapter 4

1 Alzo houde ons een ieder mens, als dienaars van Christus, en uitdelers der verborgenheden Gods.1

Original Greek

ΟὕτωςHoutōsSoG3779ADV
ἡμᾶςhēmasusG3165P-1AP
λογιζέσθωlogizesthōshould regardG3049V-PNM-3S
ἄνθρωποςanthrōposa manG0444N-NSM
ὡςhōsasG5613PRT
ὑπηρέταςhupēretasservantsG5257N-APM
ΧριστοῦChristouof ChristG5547N-GSM-T
καὶkaiandG2532CONJ
οἰκονόμουςoikonomousstewardsG3623N-APM
μυστηρίωνmustēriōnof the mysteriesG3466N-GPN
θεοῦ.¶theouof God.G2316N-GSM-T
  1. uitdelers der Gr. Oikonomous. Dat is, huisverzorgers, of uitdelers van Gods huis. Namelijk in het uitdelen en bedienen van Zijn Woord en Zijne sacramenten, 1Co 2:7 . Zie van dit woord Luk 16:1 .

2 En voorts wordt in de uitdelers vereist, dat elk getrouw bevonden worde.1

Original Greek

ὯδεHōdeIn this caseG5602ADV
λοιπὸνloiponmoreoverG3063A-ASN
ζητεῖταιzēteitaiit is requiredG2212V-PPI-3S
ἐνeninG1722PREP
τοῖςtoistheG3588T-DPM
οἰκονόμοιςoikonomoisstewardsG3623N-DPM
ἵναinathatG2443CONJ
πιστόςpistosfaithfulG4103A-NSM
τιςtisoneG5100X-NSM
εὑρεθῇ.heurethēamay be found.G2147V-APS-3S
  1. getrouw bevonden Dat is, zijn last hierin niet tebuiten ga, of tekort doe; Heb 3:5 .

3 Doch mij is voor het minste, dat ik van ulieden geoordeeld worde, of van een menselijk oordeel; ja, ik oordeel ook mijzelven niet.12

Original Greek

ἐμοὶemoiMe myselfG1473P-1DS
δὲdehoweverG1161CONJ
εἰςeistoG1519PREP
ἐλάχιστόνelachiston[the] smallest matterG1646A-ASN
ἐστινestinit isG1510V-PAI-3S
ἵναinathatG2443CONJ
ὑφ᾽huph᾽byG5259GPREP
ὑμῶνhumōnyouG4771P-2GP
ἀνακριθῶanakrithōI may be examinedG0350V-APS-1S
ἢēorG2228CONJ
ὑπὸhupobyG5259GPREP
ἀνθρωπίνηςanthrōpinēsa humanG0442A-GSF
ἡμέρας·hēmerascourt;G2250N-GSF
ἀλλ᾽all᾽In factG0235CONJ
οὐδὲoudeneitherG3761CONJ-N
ἐμαυτὸνemautonmyselfG1473F-1ASM
ἀνακρίνω.anakrinōdo I examine.G0350V-PAI-1S
  1. een menselijk oordeel; Gr. een menselijken dag; ene manier van spreken genomen van de gewone gerichten, in welke op zekere gezette dagen vierschaar wordt gehouden, om te oordelen hetgeen voorvalt. Niet dat de ene profeet ook van den ander niet zou mogen oordelen, want het tegendeel beveelt hij 1Co 14:29 ; maar hij spreekt van zulk een oordeel, als in de volgende woorden zal aangetekend worden. En Paulus ziet hier inzonderheid op den uitersten dag, wanneer alles zal geoordeeld worden naar behoren; Mat 25:14 , enz.; Luk 19:12 .
  2. oordeel ook mijzelven Dit wordt verstaan, niet van een oordeel der beproeving van onszelven, of wij in het geloof zijn en hoe wij met God staan, 1Co 11:28 , en 2Co 13:5 , maar van een oordeel, waardoor iemand zichzelven boven een ander verheft en prijst in zijn dienst; of beneden een ander stelt of misprijst, gelijk dit hier in sommigen bestraft wordt, dat de een Paulus boven Petrus, enz. verhief, en de ander wederom Petrus of Apollos, enz. boven hen zette. Dit is het, dat hij aan Gods oordeel hier onderwerpt, dewijl de mensen hierin menigmaal uit genegenheden oordelen, gelijk het volgende ook uitwijst.

4 Want ik ben mijzelven van geen ding bewust; doch ik ben daardoor niet gerechtvaardigd; maar Die mij oordeelt, is de Heere.123

Original Greek

οὐδὲνoudenNo [thing]G3762A-ASN
γὰρgarforG1063CONJ
ἐμαυτῷemautōagainst myselfG1473F-1DSM
σύνοιδα·sunoidaI have been conscious of;G6083V-RAI-1S
ἀλλ᾽all᾽yetG0235CONJ
οὐκouknotG3756PRT-N
ἐνenbyG1722PREP
τούτῳtoutōthisG3778D-DSN
δεδικαίωμαι·dedikaiōmaihave I been justified;G1344V-RPI-1S
ὁhothe [One]G3588T-NSM
δὲdehoweverG1161CONJ
ἀνακρίνωνanakrinōnjudgingG0350V-PAP-NSM
μεmemeG3165P-1AS
κύριόςkurios[the] LordG2962GN-NSM-T
ἐστιν.estinis.G1510V-PAI-3S
  1. geen ding bewust; Namelijk wat aangaat het trouwelijk bedienen mijns apostelschaps; daarin heb ik een goede conscientie; want hiervan alleen spreekt de apostel.
  2. daardoor niet Namelijk voor God, of in Gods gericht; gelijk David ook spreekt Psa 143:2 , en Paulus Gal 2:16 . Want iets anders is het, een goede conscientie te hebben in zijn doen voor God, tot zijn eigen troost, 1Jo 3:21 , en iets anders door zijn doen voor God rechtvaardig te zijn. Het eerste toont de naarstigheid en oprechtheid van zijn doen, die David ook dikmaals in zijne psalmen betuigt; het andere ene volmaaktheid zonder gebreken, die Paulus, gelijk ook David, in zichzelven niet vond; Psa 19:13 ; Phi 3:12-13 , enz.
  3. die mij oordeelt Namelijk als opperste rechter, niet alleen in de uitwendige zaak mijner bediening, maar ook mijner conscientie, waarvan de Heere Christus alleen de rechter is, die daarvan metterdaad ten uitersten dage zal richten, gelijk het volgende vers vs.5 verklaart.

5 Zo dan oordeelt niets voor den tijd, totdat de Heere zal gekomen zijn, Welke ook in het licht zal brengen, hetgeen in de duisternis verborgen is, en openbaren de raadslagen der harten; en als dan zal een iegelijk lof hebben van God.1234

Original Greek

ὥστεhōsteSo thenG5620CONJ
μὴmēnotG3361PRT-N
πρὸprobefore [the]G4253PREP
καιροῦkairoutimeG2540N-GSM
τιtianythingG5100X-ASN
κρίνετεkrinetedo judgeG2919V-PAM-2P
ἕωςhe'ōsuntilG2193PREP
ἂνanwhenG0302PRT
ἔλθῃelthēmay have comeG2064V-2AAS-3S
ὁhotheG3588T-NSM
κύριος,kuriosLord,G2962GN-NSM-T
ὃςhoswhoG3739R-NSM
καὶkaibothG2532CONJ
φωτίσειphōtiseiwill bring to lightG5461V-FAI-3S
τὰtatheG3588T-APN
κρυπτὰkruptahidden thingsG2927A-APN
τοῦtou<the>G3588T-GSN
σκότουςskotousof darknessG4655N-GSN
καὶkaiandG2532CONJ
φανερώσειphanerōseiwill make manifestG5319V-FAI-3S
τὰςtastheG3588T-APF
βουλὰςboulasmotivesG1012N-APF
τῶνtōnof theG3588T-GPF
καρδιῶν·kardiōnhearts;G2588N-GPF
καὶkaiandG2532CONJ
τότεtotethenG5119ADV
ὁhotheG3588T-NSM
ἔπαινοςepainospraiseG1868N-NSM
γενήσεταιgenēsetaiwill comeG1096V-FDI-3S
ἑκάστῳhekastōto eachG1538A-DSM
ἀπὸapofromG0575PREP
τοῦtou<the>G3588T-GSM
θεοῦ.¶theouGod.G2316N-GSM-T
  1. vóór den tijd, Namelijk des oordeels, in welken Christus ook de verborgen zaken der conscientie zal aan den dag brengen; Rom 2:16 .
  2. hetgeen in de Gr. de verborgen dingen der duisternis.
  3. de raadslagen der Dat is, met welke oprechtheid, en tot welk einde elk zijn doen in zijn dienst zal gericht hebben. Waardoor hij schijnt te bestraffen degenen, die het Evangelie wel prediken, maar meer tot hun eigen eer of om gunst van mensen, dan tot Gods eer, en uit begeerte van de zaligheid der mensen.
  4. lof hebben van God Dat is, niet alleen een openbare getuigenis van zijn weldoen, maar ook beloning; Rom 2:6 ; 2Co 5:10 .

6 En deze dingen, broeders, heb ik op mijzelven en Apollos bij gelijkenis toegepast, om uwentwil; opdat gij aan ons zoudt leren, niet te gevoelen boven hetgeen geschreven is, dat gij niet, de een om eens anders wil, opgeblazen wordt tegen den ander.12345

Original Greek

ΤαῦταTautaThese thingsG3778D-APN
δέ,denow,G1161CONJ
ἀδελφοί,adelphoibrothers,G0080N-VPM
μετεσχημάτισαmeteschēmatisaI have appliedG3345V-AAI-1S
εἰςeistoG1519PREP
ἐμαυτὸνemautonmyselfG1473F-1ASM
καὶkaiandG2532CONJ
ἈπολλῶνApollōnApollosG0625N-ASM-P
δι᾽di᾽on account ofG1223PREP
ὑμᾶς,humasyou,G4771P-2AP
ἵναinaso thatG2443CONJ
ἐνeninG1722PREP
ἡμῖνhēminusG3165P-1DP
μάθητεmathēteyou may learnG3129V-2AAS-2P
τὸto<the>G3588T-ASN
μὴmēnotG3361PRT-N
ὑπὲρhuperbeyondG5228PREP
ἃhawhat [things]G3739R-APN
γέγραπταιgegraptaihas been writtenG1125V-RPI-3S
φρονεῖν,phroneinto thinkG5426V-PAN
ἵναinathatG2443CONJ
μὴmēnotG3361PRT-N
εἷςheisoneG1520A-NSM
ὑπὲρhuperforG5228PREP
τοῦtou<the>G3588T-GSM
ἑνὸςhenosoneG1520A-GSM
φυσιοῦσθεphusioustheyou be puffed upG5448V-PPI-2P
κατὰkataoverG2596PREP
τοῦtoutheG3588T-GSM
ἑτέρου.heterouother.G2087A-GSM
  1. deze dingen, Sommigen verstaan daardoor hetgeen de apostel van de gebreken en opgeblazenheid van enige leraars hiervoren gezegd heeft, en dat hij dezelve in zijn en Apollos' persoon zou bestraft hebben, zonder hunne namen uit te drukken, om hen te sparen; maar alzo hiervoren vele dingen in den persoon van Paulus, Cefas en Apollos gezegd zijn, die op zulke leraars niet kunnen passen, en ook Paulus niet gewoon is der zodaniger gebreken op zich te nemen, om die te sparen, maar veel meer zijn voorbeeld tegen zodanigen te stellen om de gemeente voor hen te waarschuwen; zo wordt dit wel zo gevoegelijk verstaan van de gebreken der gemeente zelve, die zodanig onderscheid onder de getrouwe leraars en apostelen maakten, waardoor deze verdeeldheden werden veroorzaakt, zonder dat al de leraars daarvan de schuld hadden; en verklaart dat hij in zijner en Apollos' persoon hun had getoond waarvoor zij de leraars, wie zij ook waren, moesten houden, namelijk alleen als dienaars van Christus, die hen tot Christus wezen, en tot de rechte enigheid in Christus, en niet tot zichzelven, om een bijzonderen aanhang te maken.
  2. om uwentwil; Dat is, om u recht te onderwijzen, hoe gij u ten aanzien van uw leraars moet gedragen, en in welke achting gij hen moet hebben.
  3. niet te gevoelen Namelijk nog van uwe leraars, noch van uzelven, die door hen onderwezen zijt.
  4. boven hetgeen Namelijk doorgaans in het Woord Gods, dat ons alom de nederigheid en enigheid aanprijst; of boven hetgeen hiervoren van ons aan u is geschreven.
  5. de een om eens Dat is, de ene lidmaat der gemeente tegen den ander, omdat hij door dezen of door dien leraar tot Christus is gebracht, en door zijn dienst zulke of zulke gaven tot stichting van Christus' gemeente is deelachtig geworden.

7 Want wie onderscheidt u? En wat hebt gij, dat gij niet hebt ontvangen? En zo gij het ook ontvangen hebt, wat roemt gij, alsof gij het niet ontvangen hadt?1

Original Greek

τίςtisWhoG5101I-NSM
γάρgarforG1063CONJ
σεseyouG4771P-2AS
διακρίνει;diakrineimakes different?G1252V-PAI-3S
τίtiWhatG5101I-ASN
δὲdenowG1161CONJ
ἔχειςecheishave youG2192V-PAI-2S
ὃhowhichG3739R-ASN
οὐκouknotG3756PRT-N
ἔλαβες;elabesyou did receive?G2983V-2AAI-2S
εἰeiIfG1487GCOND
δὲdenowG1161CONJ
καὶkaievenG2532CONJ
ἔλαβες,elabesyou did receive [it],G2983V-2AAI-2S
τίtiwhyG5101I-ASN
καυχᾶσαιkauchasaiboast youG2744V-PNI-2S
ὡςhōsasG5613PRT
μὴmēnotG3361PRT-N
λαβών;labōnhaving received [it]?G2983V-2AAP-NSM
  1. wie onderscheidt u? Namelijk hetzij dat gij een leraar zijt, die in gaven anderen teboven gaat, hetzij een lidmaat der gemeente, die door dezen of dien leraar tot het geloof in Christus en andere geestelijke gaven gebracht zijt. Het is dan God in Christus [wil hij zeggen], die door Zijne genade u onderscheidt van anderen niet de leraar, niet gij uzelven. Want hoewel Paulus plant, Apollos natmaakt, het is God alleen die den wasdom geeft; 1Co 3:6 .

8 Alrede zijt gij verzadigd, alrede zijt gij rijk geworden, zonder ons hebt gij geheerst; en och, of gij heerstet, opdat ook wij met u heersen mochten!1234

Original Greek

ἤδηēdēAlreadyG2235ADV
κεκορεσμένοιkekoresmenoisatiatedG2880V-RPP-NPM
ἐστέ,esteyou are,G1510V-PAI-2P
ἤδηēdēalreadyG2235ADV
ἐπλουτήσατε,eploutēsateyou have been enriched,G4147V-AAI-2P
χωρὶςchōrisapart fromG5565PREP
ἡμῶνhēmōnusG3165P-1GP
ἐβασιλεύσατε·ebasileusateyou reigned;G0936V-AAI-2P
καὶkaiandG2532CONJ
ὄφελόνophelonI wish thatG3785PRT
γεgereallyG1065PRT
ἐβασιλεύσατε,ebasileusateyou did reign,G0936V-AAI-2P
ἵναinaso thatG2443CONJ
καὶkaialsoG2532CONJ
ἡμεῖςhēmeiswe ourselvesG3165P-1NP
ὑμῖνhuminyouG4771P-2DP
συμβασιλεύσωμεν.sumbasileusōmenmay reign with.G4821V-AAS-1P
  1. Alrede zijt Dat is, gij beeldt uzelven in dat gij nu gans gelukkig zijt, en dat u in geestelijke gaven niet meer ontbreekt, maar dat gij de volmaaktheid in alles hebt verkregen en boven alle anderen uitmunt, gelijk een koning in zijn rijk. Hetwelk de apostel verwijtenswijze zegt, om hen daarna door zijn voorbeelden de aanmerking van zijn ellendigen staat tot nederigheid te vermanen. Zie dergelijke Rev 3:17 .
  2. zonder ons hebt Dat is, zonder dat wij aan uwe heerschappij of inbeelding van heerschappij, rust en welstand, deel gehad hebben.
  3. och, of gij Namelijk inderdaad en waarheid.
  4. wij met u Dit zegt hij, omdat iemand, die een ander bemint, daarover vrolijk is als het hem welgaat en als hij in alles voorspoedig is, en het geluk van den zodanige als zijn eigen acht.

9 Want ik acht, dat God ons, die de laatste apostelen zijn, ten toon heeft gesteld als tot den dood verwezen; want wij zijn een schouwspel geworden der wereld, en den engelen, en den mensen.1234

Original Greek

δοκῶdokōI thinkG1380V-PAI-1S
γάρgarforG1063CONJ
ὅτι,hotithatG3754GCONJ
ὁho<the>G3588T-NSM
θεὸςtheosGodG2316N-NSM-T
ἡμᾶςhēmasusG3165P-1AP
τοὺςtous<the>G3588T-APM
ἀποστόλουςapostolousapostlesG0652N-APM
ἐσχάτουςeschatouslastG2078A-APM
ἀπέδειξενapedeixenhas exhibitedG0584V-AAI-3S
ὡςhōsasG5613PRT
ἐπιθανατίους,epithanatiousappointed to death,G1935A-APM
ὅτιhotibecauseG3754HCONJ
θέατρονtheatrona spectacleG2302N-NSN
ἐγενήθημενegenēthēmenwe have becomeG1096V-2AOI-1P
τῷtōto theG3588T-DSM
κόσμῳkosmōworldG2889N-DSM
καὶkaibothG2532CONJ
ἀγγέλοιςangeloisto angelsG0032GN-DPM
καὶkaiandG2532CONJ
ἀνθρώποις.anthrōpoisto men.G0444N-DPM
  1. Want ik acht Hier begint hij, tot ene waarschuwing, zijn voorbeeld en dat van de andere apostelen voor te stellen, om hen tot nadenken en een nederig gevoelen van zichzelven en van hun staat te brengen, en hen veel meer tot lijden dan tot roem te vermanen.
  2. die de laatste Dat is, die het laatst geroepen zijn na Christus' hemelvaart, als Paulus, Barnabas, Silas, Apollos, Timotheus en dergelijken, welke daarom van sommigen ook uit kleinachting laatste apostelen werden genaamd. Zie van dezen naam Rom 16:7 ; 2Co 8:23 .
  3. ten toon heeft Of, tevoorschijn gebracht. Paulus ziet hier op de gewoonte der heidenen, die de misdadigers in de openbare schouwplaatsen tevoorschijn brachten, om hen tot vermaak van anderen den wilden beesten voor te werpen, of hen tegen deze beesten tot den dood toe te doen vechten. Hetwelk ook aan de Christenen bij hen dikwijls is geschied; 1Co 15:32 .
  4. der wereld, en Dat is, de redelijke creaturen in de wereld, die hij verdeelt in engelen en mensen, waarvan de goede engelen en goede mensen getuigen waren van hun lijden en met hen medelijden hadden; en de kwade engelen en mensen daar ook een vermaak in hadden, gelijk in de schouwplaatsen allerlei volk en oordelen werden bevonden.

10 Wij zijn dwazen om Christus’ wil, maar gij zijt wijzen in Christus; wij zijn zwakken, maar gij sterken; gij zijt heerlijken, maar wij verachten.12

Original Greek

ἡμεῖςhēmeisWe ourselvesG3165P-1NP
μωροὶmōroi[are] foolsG3474A-NPM
διὰdiaon account ofG1223PREP
ΧριστὸνChristonChristG5547N-ASM-T
ὑμεῖςhumeisyou yourselvesG4771P-2NP
δὲdehoweverG1161CONJ
φρόνιμοιphronimoiwiseG5429A-NPM
ἐνeninG1722PREP
Χριστῷ·ChristōChrist;G5547N-DSM-T
ἡμεῖςhēmeiswe ourselvesG3165P-1NP
ἀσθενεῖςastheneisweakG0772GA-NPM
ὑμεῖςhumeisyou yourselvesG4771P-2NP
δὲdehoweverG1161CONJ
ἰσχυροί·ischuroistrong;G2478A-NPM
ὑμεῖςhumeisYou yourselvesG4771P-2NP
ἔνδοξοιendoxoihonoredG1741A-NPM
ἡμεῖςhēmeiswe ourselvesG3165P-1NP
δὲdehoweverG1161CONJ
ἄτιμοι.atimoiwithout honor.G0820A-NPM
  1. Wij zijn Dat is, voor dwazen geacht van de wereld.
  2. gij zijt wijzen Namelijk naar uwe mening en inbeelding.

11 Tot op deze tegenwoordige ure, lijden wij honger, en lijden wij dorst, en zijn naakt, en worden met vuisten geslagen, en hebben geen vaste woonplaats;

Original Greek

ἄχριachriAs far asG0891PREP
τῆςtēstheG3588T-GSF
ἄρτιartipresentG0737ADV
ὥραςhōrashourG5610N-GSF
καὶkaibothG2532CONJ
πεινῶμενpeinōmenwe hungerG3983V-PAI-1P
καὶkaiandG2532CONJ
διψῶμενdipsōmenthirstG1372V-PAI-1P
καὶkaiandG2532CONJ
γυμνιτεύομενgumniteuomenare poorly cladG1130V-PAI-1P
καὶkaiandG2532CONJ
κολαφιζόμεθαkolaphizomethaare buffetedG2852V-PPI-1P
καὶkaiandG2532CONJ
ἀστατοῦμενastatoumenwander homelessG0790V-PAI-1P

12 En arbeiden, werkende met onze eigen handen; wij worden gescholden, en wij zegenen; wij worden vervolgd, en wij verdragen;1

Original Greek

καὶkaiandG2532CONJ
κοπιῶμενkopiōmenwe toilG2872V-PAI-1P
ἐργαζόμενοιergazomenoiworkingG2038V-PNP-NPM
ταῖςtais<the>G3588T-DPF
ἰδίαιςidiaiswith [our] ownG2398A-DPF
χερσίν·chersinhands;G5495N-DPF
λοιδορούμενοιloidoroumenoiBeing reviledG3058V-PPP-NPM
εὐλογοῦμεν,eulogoumenwe bless,G2127V-PAI-1P
διωκόμενοιdiōkomenoibeing persecutedG1377V-PPP-NPM
ἀνεχόμεθα,anechomethawe endure,G0430V-PNI-1P
  1. werkende met onze Zie hiervan een voorbeeld in Paulus; Act 18:3 , en 1Co 9:6 .

13 Wij worden gelasterd, en wij bidden; wij zijn geworden als uitvaagsels der wereld en aller afschrapsel tot nu toe.12

Original Greek

δυσφημούμενοιdusphēmoumenoibeing defamedG6022V-PPP-NPM
παρακαλοῦμεν,parakaloumenwe entreat,G3870V-PAI-1P
ὡςhōsAsG5613PRT
περικαθάρματαperikatharmata[the] scumG4027N-NPN
τοῦtouof theG3588T-GSM
κόσμουkosmouearthG2889N-GSM
ἐγενήθημεν,egenēthēmenwe have become,G1096V-2AOI-1P
πάντωνpantōnof all [the]G3956A-GPN
περίψημαperipsēmarefuseG4067N-NSN
ἕωςhe'ōsuntilG2193PREP
ἄρτι.artinow.G0737ADV
  1. uitvaagsels der Dat is, waar wij komen, de wereldse mensen zoeken ons kwijt te raken, en werpen ons uit als vuiligheid en afschrapsel, of ook als vervloekte mensen, gelijk het Griekse woord katharma ook somwijlen wordt genomen. Zie Lam 3:45 .
  2. tot nu toe Dat is, niet eens of twee maal, maar geduriglijk tot nu toe.

14 Ik schrijf deze dingen niet om u te beschamen, maar als mijn lieve kinderen vermaan ik u.1

Original Greek

οὐκoukNotG3756PRT-N
ἐντρέπωνentrepōnshamingG1788V-PAP-NSM
ὑμᾶςhumasyouG4771P-2AP
γράφωgraphōdo I writeG1125V-PAI-1S
ταῦτα,tautathese things,G3778D-APN
ἀλλ᾽all᾽butG0235CONJ
ὡςhōsasG5613PRT
τέκναteknachildrenG5043N-APN
μουmouof mineG3165P-1GS
ἀγαπητὰagapētabelovedG0027A-APN
νουθετῶν.nouthetōnadmonishing [you].G3560V-PAP-NSM
  1. vermaan ik u Namelijk om u tot nadenken en betering van deze gebreken te brengen.

15 Want al hadt gij tien duizend leermeesters in Christus, zo hebt gij toch niet vele vaders; want in Christus Jezus heb ik u door het Evangelie geteeld.12

Original Greek

ἐὰνeanIfG1437COND
γὰρgarforG1063CONJ
μυρίουςmuriousten thousandG3463A-APM
παιδαγωγοὺςpaidagōgousguardiansG3807N-APM
ἔχητεechēteyou shall haveG2192V-PAS-2P
ἐνeninG1722PREP
ΧριστῷChristōChristG5547N-DSM-T
ἀλλ᾽all᾽yetG0235CONJ
οὐounotG3756PRT-N
πολλοὺςpollousmanyG4183A-APM
πατέρας·paterasfathers;G3962N-APM
ἐνeninG1722PREP
γὰρgarforG1063CONJ
ΧριστῷChristōChristG5547N-DSM-T
ἸησοῦIēsouJesusG2424GN-DSM-P
διὰdiathroughG1223PREP
τοῦtoutheG3588T-GSN
εὐαγγελίουeuangeliougospelG2098N-GSN
ἐγὼegōI myselfG1473P-1NS
ὑμᾶςhumasyouG4771P-2AP
ἐγέννησα.¶egennēsabegot.G1080V-AAI-1S
  1. leermeesters in Gr. Paidagogous; dat is, leermeesters of tuchtmeesters; namelijk die u in de zaken van Christus verder onderwijzen, nadat gij van mij door het Evangelie van Christus zijt gewonnen. En dit zegt de apostel, omdat een vader met meerder beweging en oprechter liefde zijn kinderen onderricht dan wel een tuchtmeester; zie 2Co 11:20 .
  2. geteeld Of, gewonnen, gegenereerd; dat is, eerst tot het geloof gebracht. Want de predikatie des Evangelies is het middel, waardoor wij van Gods Geest wedergeboren worden; Phm 1:10 ; 1Pe 1:23 .

16 Zo vermaan ik u dan: zijt mijn navolgers.1

Original Greek

ΠαρακαλῶParakalōI exhortG3870V-PAI-1S
οὖνounthereforeG3767CONJ
ὑμᾶς,humasyou,G4771P-2AP
μιμηταίmimētaiimitatorsG3402N-NPM
μουmouof mineG3165P-1GS
γίνεσθε.ginesthedo become.G1096V-PNM-2P
  1. navolgers Namelijk in nederigheid, vreedzaamheid, lijdzaamheid, eenvoudigheid, enz.

17 Daarom heb ik Timotheüs tot u gezonden, die mijn lieve en getrouwe zoon is in den Heere, welke u zal indachtig maken mijn wegen, die in Christus zijn, gelijkerwijs ik alom in alle Gemeenten leer.12

Original Greek

διὰdiaOn account ofG1223PREP
τοῦτοtoutothisG3778D-ASN
ἔπεμψαepempsaI sentG3992V-AAI-1S
ὑμῖνhuminto youG4771P-2DP
Τιμόθεον,TimotheonTimothy,G5095N-ASM-P
ὅςhoswhoG3739R-NSM
ἐστίνestinisG1510V-PAI-3S
μουmoumyG3165P-1GS
τέκνονteknonchildG5043N-NSN
ἀγαπητὸνagapētonbelovedG0027A-NSN
καὶkaiandG2532CONJ
πιστὸνpistonfaithfulG4103A-NSN
ἐνenin [the]G1722PREP
κυρίῳ,kuriōLord,G2962GN-DSM-T
ὃςhoswhoG3739R-NSM
ὑμᾶςhumasyouG4771P-2AP
ἀναμνήσειanamnēseiwill remind ofG0363V-FAI-3S
τὰςtastheG3588T-APF
ὁδούςhodouswaysG3598N-APF
μουmouof mineG3165P-1GS
τὰςtasthat [are]G3588T-APF
ἐνeninG1722PREP
ΧριστῷChristōChristG5547N-DSM-T
Ἰησοῦ,IēsouJesus,G2424GN-DSM-P
καθὼςkathōseven asG2531CONJ
πανταχοῦpantachoueverywhereG3837ADV
ἐνeninG1722PREP
πάσῃpasēeveryG3956A-DSF
ἐκκλησίᾳekklēsiachurchG1577N-DSF
διδάσκω.¶didaskōI teach.G1321V-PAI-1S
  1. mijn lieve en Namelijk niet alleen omdat ik hem voor Christus door het Evangelie heb gewonnen, maar ook omdat hij mijne voetstappen, als een oprecht zoon in alles navolgt; 1Ti 1:2 , en 1Ti 4:6 .
  2. mijne wegen Dat is, mijn wandel in mijn leven, Psa 1:1 , Psa 1:6 , en mijne wijze van doen in het Evangelie van Christus, met alle oprechtheid en eenvoudigheid voor te stellen, gelijk hij terstond daarbij voegt.

18 Doch sommigen zijn opgeblazen, alsof ik tot ulieden niet komen zou.12

Original Greek

ὩςHōsAs toG5613PRT
μὴmēnotG3361PRT-N
ἐρχομένουerchomenoucomingG2064V-PNP-GSM
δέdenowG1161CONJ
μουmouof meG3165P-1GS
πρὸςprostoG4314PREP
ὑμᾶςhumasyouG4771P-2AP
ἐφυσιώθησάνephusiōthēsanwere puffed upG5448V-API-3P
τινες·tinessome;G5100X-NPM
  1. sommigen zijn Dit zegt hij niet alleen van sommige leraars, die zich vanwege enige uiterlijke welsprekendheid veel lieten voorstaan, en Paulus' eenvoudigheid verachtten; maar ook van dezelven onderwezen zijnde, zichzelven, hoewel hun nog veel ontbrak, voor grote meester hielden, en anderen nevens hen verachten, gelijk in de volgende verzen verklaard wordt.
  2. niet komen zou Namelijk om zulke gebreken te beteren en naar behoren te straffen.

19 Maar ik zal haast tot u komen, zo de Heere wil, en ik zal dan verstaan, niet de woorden dergenen, die opgeblazen zijn, maar de kracht.12

Original Greek

ἐλεύσομαιeleusomaiI will comeG2064V-FDI-1S
δὲdehoweverG1161CONJ
ταχέωςtacheōssoonG5030ADV
πρὸςprostoG4314PREP
ὑμᾶς,humasyou,G4771P-2AP
ἐὰνeanifG1437COND
ὁhotheG3588T-NSM
κύριοςkuriosLordG2962GN-NSM-T
θελήσῃ,thelēsēwishes,G2309V-AAS-3S
καὶkaiandG2532CONJ
γνώσομαιgnōsomaiI will find outG1097V-FDI-1S
οὐounotG3756PRT-N
τὸνtontheG3588T-ASM
λόγονlogontalkG3056N-ASM
τῶνtōnof thoseG3588T-GPM
πεφυσιωμένωνpephusiōmenōnpuffed upG5448V-RPP-GPM
ἀλλὰallabutG0235CONJ
τὴνtēntheG3588T-ASF
δύναμιν.dunaminpower.G1411N-ASF
  1. niet de woorden Dat is, den roem van welsprekendheid, of van kennis in geestelijke zaken.
  2. maar de kracht Namelijk die zij metterdaad bewijzen in geloof, liefde, en andere Christelijke deugden of gaven, die Gods Geest krachtig werkt; 1Jo 3:18 .

20 Want het Koninkrijk Gods is niet gelegen in woorden, maar in kracht.1

Original Greek

οὐouNotG3756PRT-N
γὰρgarforG1063CONJ
ἐνeninG1722PREP
λόγῳlogōwordG3056N-DSM
ἡhētheG3588T-NSF
βασιλείαbasileiakingdomG0932N-NSF
τοῦtou<the>G3588T-GSM
θεοῦtheouof God [is]G2316N-GSM-T
ἀλλ᾽all᾽butG0235CONJ
ἐνeninG1722PREP
δυνάμει.¶dunameipower.G1411N-DSF
  1. het koninkrijk Gods Dat is, de staat van een Christenmens, of kind Gods, in hetwelk God Zijn rijk opricht; Rom 14:17 .

21 Wat wilt gij? Zal ik met de roede tot u komen, of in liefde en in den geest der zachtmoedigheid?12

Original Greek

ΤίTiWhatG5101I-ASN
θέλετε;theletedesire you?G2309V-PAI-2P
ἐνenWithG1722PREP
ῥάβδῳrhabdōa rodG4464N-DSF
ἔλθωelthōI may comeG2064V-2AAS-1S
πρὸςprostoG4314PREP
ὑμᾶςhumasyouG4771P-2AP
ἢēorG2228CONJ
ἐνeninG1722PREP
ἀγάπῃagapēloveG0026N-DSF
πνεύματίpneumatia spiritG4151GN-DSN
τεtethenG5037CONJ
πραΰτητος;¶prautētosof gentleness?G4236N-GSF
  1. met de roede Dat is, met oefening van straf en tuchtiging; 2Co 10:6 .
  2. in liefde en Dat is, vriendelijkheid en toegenegenheid. Want anderszins komt ook de straf van een vader uit liefde; Heb 12:6 .