reltext

Chapter 4

1 Wat zullen wij dan zeggen, dat Abraham, onze vader, verkregen heeft naar het vlees?12

Original Greek

ΤίTiWhatG5101I-ASN
οὖνounthenG3767CONJ
ἐροῦμενeroumenwill we sayG4483V-FAI-1P
εὑρηκέναιheurēkenaito have discoveredG2147V-RAN
ἈβραὰμAbraamAbrahamG0011N-ASM-P
τὸνtontheG3588T-ASM
προπάτοραpropatoraancestorG6074N-ASM
ἡμῶνhēmōnof usG3165P-1GP
κατὰkataaccording toG2596PREP
σάρκα;sarka[the] flesh?G4561N-ASF
  1. verkregen heeft Grieks gevonden heeft.
  2. naar het vlees? Sommigen nemen dit woord vlees voor den stand van een onherboren mens; maar dat kan hier niet zijn, omdat Abraham al lang tevoren wedergeboren is geweest, en God had gediend, eer deze getuigenis, Gen 15:6 , hem is gegeven. Anderen daarom voegen dit woord met het voorgaande, onzen vader naar het vlees. Doch dit woord kan ook bekwamelijk genomen worden voor naar de werken, die men uiterlijk ziet, en prijswaardig acht, gelijk vs.2 dit alzo verklaart, en dit woord vlees alzo genomen wordt Phi 3:3-4 .

2 Want indien Abraham uit de werken gerechtvaardigd is, zo heeft hij roem, maar niet bij God.12

Original Greek

εἰeiIfG1487GCOND
γὰρgarforG1063CONJ
ἈβραὰμAbraamAbrahamG0011N-NSM-P
ἐξexbyG1537PREP
ἔργωνergōnworksG2041N-GPN
ἐδικαιώθη,edikaiōthēwas justified,G1344V-API-3S
ἔχειecheihe hasG2192V-PAI-3S
καύχημαkauchēmaground of boastingG2745N-ASN
ἀλλ᾽all᾽butG0235CONJ
οὐounotG3756PRT-N
πρὸςprostowardG4314PREP
τὸνton<the>G3588T-ASM
θεόν.theonGod.G2316N-ASM-T
  1. roem, Dat is, oorzaak om te roemen.
  2. niet bij God Namelijk heeft hij oorzaak om te roemen. Waaruit dan noodzakelijk volgt, dat hij uit de werken voor God niet is gerechtvaardigd; hetwelk hij daarna breder bewijst.

3 Want wat zegt de Schrift? En Abraham geloofde God, en het is hem gerekend tot rechtvaardigheid.12

Original Greek

τίtiWhatG5101I-ASN
γὰρgarforG1063CONJ
ἡhētheG3588T-NSF
γραφὴgraphēScriptureG1124N-NSF
λέγει;legeisays?G3004GV-PAI-3S
ἐπίστευσενepisteusenBelievedG4100V-AAI-3S
δὲdethenG1161CONJ
ἈβραὰμAbraamAbrahamG0011N-NSM-P
τῷtō<the>G3588T-DSM
θεῷ,theōin God,G2316N-DSM-T
καὶkaiandG2532CONJ
ἐλογίσθηelogisthēit was reckonedG3049V-API-3S
αὐτῷautōto himG0846P-DSM
εἰςeisforG1519PREP
δικαιοσύνην.dikaiosunēnrighteousness.G1343N-ASF
  1. geloofde God, Dat is, de beloften Gods van Hem een schild en groot loon te zullen zijn, en van Hem een erfgenaam te geven, en Zijn zaad te vermenigvuldigen, Gen 15:1 , Gen 15:4-6 , waardoor niet alleen een vleselijk zaad, maar inzonderheid Christus verstaan wordt, de zoon Abrahams, in welken alle geslachten der aarde zouden gezegend worden. Zie hierna vs.11-13, gelijk ook Paulus verklaart Gal 3:16 . Zie ook Joh 8:56 .
  2. het is hem gerekend De Hebreeuwse tekst Gen 15:6 zegt: en Hij, namelijk God, heeft het hem gerekend. Doch het is enerlei zijn, waardoor verstaan wordt dat God hem de gerechtigheid, die hij in zichzelven niet had, door het geloof op het beloofde zaad uit genade heeft geschonken.

4 Nu dengene, die werkt, wordt het loon niet toegerekend naar genade, maar naar schuld.12

Original Greek

τῷtōTo the [one]G3588T-DSM
δὲdenowG1161CONJ
ἐργαζομένῳergazomenōworkingG2038V-PNP-DSM
ὁhotheG3588T-NSM
μισθὸςmisthosrewardG3408N-NSM
οὐounotG3756PRT-N
λογίζεταιlogizetaiis reckonedG3049V-PNI-3S
κατὰkataaccording toG2596PREP
χάρινcharingraceG5485N-ASF
ἀλλὰallabutG0235CONJ
κατὰkataaccording toG2596PREP
τόto<the>G3588T-ASN
ὀφείλημα·opheilēmadebt;G3783N-ASN
  1. die werkt, Namelijk met mening van door zijn werk de rechtvaardigheid te verkrijgen of te verdienen.
  2. naar schuld Namelijk wordt gegeven; want geven naar schuld en toerekenen uit genade worden hier tegen elkander gesteld als tegen elkander strijdende.

5 Doch dengene, die niet werkt, maar gelooft in Hem, Die den goddeloze rechtvaardigt, wordt zijn geloof gerekend tot rechtvaardigheid.12345

Original Greek

τῷtōTo the [one]G3588T-DSM
δὲdehoweverG1161CONJ
μὴmēnotG3361PRT-N
ἐργαζομένῳ,ergazomenōworking,G2038V-PNP-DSM
πιστεύοντιpisteuontibelievingG4100V-PAP-DSM
δὲdehoweverG1161CONJ
ἐπὶepionG1909PREP
τὸνtonthe [One]G3588T-ASM
δικαιοῦνταdikaiountajustifyingG1344V-PAP-ASM
τὸνtontheG3588T-ASM
ἀσεβῆ,asebēungodly,G0765A-ASM
λογίζεταιlogizetaiis reckonedG3049V-PNI-3S
ἡhētheG3588T-NSF
πίστιςpistisfaithG4102GN-NSF
αὐτοῦautouof himG0846P-GSM
εἰςeisforG1519PREP
δικαιοσύνην.dikaiosunēnrighteousness.G1343N-ASF
  1. die niet werkt, Dat is, die zulke werken van verdienste niet kan noch durft tevoorschijn brengen.
  2. gelooft in Hem, Dat is, stelt zijn vertrouwen op de genade Gods in Christus, vs.24,25.
  3. den goddeloze rechtvaardigt, Dat is, die in zichzelven nog onrein en met zonden besmet is, gelijk alle mensen, zelfs ook de wedergeborenen, voor God zijn, naar de getuigenis van David in de volgende verzen.
  4. zijn geloof Niet dat het geloof, ten aanzien dat het een werk is, dit verdient, of in zichzelven waardig is, gelijk enigen verkeerdelijk menen; want dit heeft Paulus terstond tevoren aan alle werken, en derhalve ook aan het geloof als een werk, benomen; maar omdat God zulks uit enkele genade den gelovigen beloofd heeft, en omdat het geloof als een middel is, hetwelk de gerechtigheid van Christus aanneemt, en dezelve tussen Gods oordeel en zijn eigen misdaden stelt. Zie Rom 5:9 ; 2Co 5:19 ; Phi 3:9 .
  5. gerekend tot rechtvaardigheid Het woord rekenen, of toerekenen, wordt genomen van ene gelijkenis dergenen, die iets op iemand rekening stellen; Phm 1:18 . Zo wordt God gezegd iemand de zonde toe te rekenen, als Hij wil dat voor dezelve van hem door de straf zal voldaan worden; en niet toe te rekenen als Hij die vergeeft en de straf kwijtscheldt, vs.8. Desgelijks dat Hij het geloof rekent tot rechtvaardigheid als Hij den gelovigen schenkt, toeschrijft en toerekent de gerechtigheid van Christus, van hen door het geloof aangenomen, en houdt, door deze genadige toerekening, alsof het hun eigen gerechtigheid ware. Daarom wordt ook hier gezegd dat hun de gerechtigheid toegerekend wordt.

6 Gelijk ook David den mens zalig spreekt, welken God de rechtvaardigheid toerekent zonder werken;1

Original Greek

καθάπερkathaperjust asG2509CONJ
καὶkaialsoG2532CONJ
ΔαυὶδDauidDavidG1138N-NSM-P
λέγειlegeideclaresG3004GV-PAI-3S
τὸνtontheG3588T-ASM
μακαρισμὸνmakarismonblessednessG3108N-ASM
τοῦtouof theG3588T-GSM
ἀνθρώπουanthrōpoumanG0444N-GSM
ᾧhōto whomG3739R-DSM
ὁho<the>G3588T-NSM
θεὸςtheosGodG2316N-NSM-T
λογίζεταιlogizetaicreditsG3049V-PNI-3S
δικαιοσύνηνdikaiosunēnrighteousnessG1343N-ASF
χωρὶςchōrisapart fromG5565PREP
ἔργων·ergōnworks:G2041N-GPN
  1. den mens zalig spreekt, Grieks de zaligspreking des mensen zegt.

7 Zeggende: Zalig zijn zij, welker ongerechtigheden vergeven zijn, en welker zonden bedekt zijn;1

Original Greek

μακάριοιmakarioiBlessed [are]G3107A-NPM
ὧνhōnthey of whomG3739R-GPM
ἀφέθησανaphethēsanare forgivenG0863HV-API-3P
αἱhaitheG3588T-NPF
ἀνομίαιanomiailawless deedsG0458N-NPF
καὶkaiandG2532CONJ
ὧνhōnof whomG3739R-GPM
ἐπεκαλύφθησανepekaluphthēsanare coveredG1943V-API-3P
αἱhaitheG3588T-NPF
ἁμαρτίαι·hamartiaisins;G0266N-NPF
  1. Zeggende Namelijk in het begin van Psa 32 , welk bewijs van Paulus onwedersprekelijk is. Want die uit Zijne werken gerechtvaardigd is, die heeft gene vergeving der zonden van node om gelukzalig te zijn; en wie bidt dat God hem zijne zonden niet toerekene, die bidt ook dat God hem de rechtvaardigheid van Jezus Christus toerekene, alzo deze twee dingen in Gods oordeel niet kunnen gescheiden worden. Zie Rom 3:24 , en Rom 5:19 ; Eph 1:7 , enz.

8 Zalig is de man, welken de Heere de zonden niet toerekent.

Original Greek

μακάριοςmakariosblessed [is]G3107A-NSM
ἀνὴρanēr[the] manG0435GN-NSM
οὗhouof whomG3739R-GSM
οὐoucertainlyG3756PRT-N
μὴmēnotG3361PRT-N
λογίσηταιlogisētaimay reckonG3049V-ADS-3S
κύριοςkurios[the] LordG2962GN-NSM-T
ἁμαρτίαν.¶hamartiansin.G0266N-ASF

9 Deze zaligspreking dan, is die alleen over de besnijdenis, of ook over de voorhuid? Want wij zeggen, dat Abraham het geloof gerekend is tot rechtvaardigheid.1

Original Greek

ὉHo[Is] theG3588T-NSM
μακαρισμὸςmakarismosblessingG3108N-NSM
οὖνounthenG3767CONJ
οὗτοςhoutosthisG3778D-NSM
ἐπὶepionG1909PREP
τὴνtēntheG3588T-ASF
περιτομὴνperitomēncircumcisionG4061N-ASF
ἢēorG2228CONJ
καὶkaialsoG2532CONJ
ἐπὶepionG1909PREP
τὴνtēntheG3588T-ASF
ἀκροβυστίαν;akrobustianuncircumcision?G0203N-ASF
λέγομενlegomenWe are sayingG3004GV-PAI-1P
γάρgarforG1063CONJ
ὅτι·hotithat:G3754GCONJ
ἐλογίσθηelogisthēwas creditedG3049V-API-3S
τῷtō<the>G3588T-DSM
ἈβραὰμAbraamto AbrahamG0011N-DSM-P
ἡhētheG3588T-NSF
πίστιςpistisfaithG4102GN-NSF
εἰςeisasG1519PREP
δικαιοσύνην.dikaiosunēnrighteousness.G1343N-ASF
  1. zaligspreking dan, Of, zaligmaking; waaruit blijkt dat het woord zaligspreken, of zaligmaken, hier van David genomen wordt voor hetzelfde, dat de Schriftuur, Gen 15:6 , van Abraham de toerekening der rechtvaardigheid noemt. De reden is, omdat de grond onzer zaligheid gelegen is in de vergeving der zonden en toerekening der gerechtigheid van Christus.

10 Hoe is het hem dan toegerekend? Als hij in de besnijdenis was, of in de voorhuid? Niet in de besnijdenis, maar in de voorhuid.12

Original Greek

πῶςpōsHowG4459PRT-I
οὖνounthenG3767CONJ
ἐλογίσθη;elogisthēwas it credited?G3049V-API-3S
ἐνenInG1722PREP
περιτομῇperitomēacircumcisionG4061N-DSF
ὄντιontibeingG1510V-PAP-DSM
ἢēorG2228CONJ
ἐνeninG1722PREP
ἀκροβυστίᾳ;akrobustiauncircumcision?G0203N-DSF
οὐκoukNotG3756PRT-N
ἐνeninG1722PREP
περιτομῇperitomēacircumcisionG4061N-DSF
ἀλλ᾽all᾽butG0235CONJ
ἐνeninG1722PREP
ἀκροβυστίᾳ·akrobustiauncircumcision;G0203N-DSF
  1. Als hij in de besnijdenis was, Dat is, is het hem toegerekend als hij alrede besneden was?
  2. in de voorhuid? Dat is toen hij nog niet besneden was. Want deze belofte, waar het geloof van Abraham op zag, is wel veertien jaren tevoren geschied, eer Abraham besneden werd; alzo Abraham nog gene hoop van kinderen had, toen deze belofte is gedaan, Gen 15:2 , en Ismaël nu dertien jaren oud was als Abraham negen en negentig jaren oud zijnde, besneden is geworden; Gen 17:24-25 .

11 En hij heeft het teken der besnijdenis ontvangen tot een zegel der rechtvaardigheid des geloofs, die hem in de voorhuid was toegerekend: opdat hij zou zijn een vader van allen, die geloven in de voorhuid zijnde, ten einde ook hun de rechtvaardigheid toegerekend worde;12

Original Greek

καὶkaiAndG2532CONJ
σημεῖονsēmeion[the] signG4592N-ASN
ἔλαβενelabenhe receivedG2983V-2AAI-3S
περιτομῆς,peritomēsof circumcision,G4061N-GSF
σφραγῖδαsphragidaa sealG4973N-ASF
τῆςtēsof theG3588T-GSF
δικαιοσύνηςdikaiosunēsrighteousnessG1343N-GSF
τῆςtēsof theG3588T-GSF
πίστεωςpisteōsfaithG4102GN-GSF
τῆςtēsthat [he had]G3588T-GSF
ἐνen[while] inG1722PREP
τῇtēatheG3588T-DSF
ἀκροβυστίᾳ·akrobustiauncircumcision;G0203N-DSF
εἰςeisforG1519PREP
τὸtotheG3588T-ASN
εἶναιeinaito beG1511V-PAN
αὐτὸνautonhimG0846P-ASM
πατέραpaterafatherG3962N-ASM
πάντωνpantōnof allG3956A-GPM
τῶνtōnthoseG3588T-GPM
πιστευόντωνpisteuontōnbelievingG4100V-PAP-GPM
δι᾽di᾽inG1223PREP
ἀκροβυστίας,akrobustiasuncircumcision,G0203N-GSF
εἰςeisforG1519PREP
τὸto<the>G3588T-ASN
λογισθῆναιlogisthēnaito be creditedG3049V-APN
καὶkaialsoG2532CONJ
αὐτοῖςautoisto themG0846P-DPM
τὴνtēntheG3588T-ASF
δικαιοσύνην,dikaiosunēnrighteousness,G1343N-ASF
  1. het teken der besnijdenis Dat is, de besnijdenis tot een teken en zegel, dat is verzegeling en versterking, van dat hij door het geloof gerechtvaardigd was; in welke woorden de natuur en eigenschap van alle sacramenten kortelijk wordt aangewezen, gelijk ook Gen 17:11 ; Exo 12:13 ; Eze 20:12 . Namelijk dat zij dienen om het geloof niet eerst te werken, maar te verzegelen en te versterken, en daarom niet blote tekenen, maar ook zegelen zijn.
  2. een vader van allen, Namelijk naar welks voorbeeld of voetstappen God wil dat zowel heidenen als Joden door het geloof gerechtvaardigd zouden worden.

12 En een vader der besnijdenis, dengenen namelijk, die niet alleen uit de besnijdenis zijn, maar die ook wandelen in de voetstappen des geloofs van onzen vader Abraham, hetwelk in de voorhuid was.

Original Greek

καὶkaiandG2532CONJ
πατέραpaterafatherG3962N-ASM
περιτομῆς,peritomēsof circumcisionG4061N-GSF
τοῖςtoisto thoseG3588T-DPM
οὐκouknotG3756PRT-N
ἐκekofG1537PREP
περιτομῆςperitomēscircumcisionG4061N-GSF
μόνονmonononlyG3441A-ASN
ἀλλὰallabutG0235CONJ
καὶkaialsoG2532CONJ
τοῖςtoisto thoseG3588T-DPM
στοιχοῦσινstoichousinwalkingG4748V-PAP-DPM
τοῖςtoisin theG3588T-DPN
ἴχνεσινichnesinstepsG2487N-DPN
τῆςtēs<the>G3588T-GSF
ἐνenduringG1722PREP
τῇtēatheG3588T-DSF
ἀκροβυστίᾳakrobustiauncircumcisionG0203N-DSF
τῆςtēsof theG3588T-GSF
πίστεωςpisteōsfaithG4102GN-GSF
τοῦtouof theG3588T-GSM
πατρὸςpatrosfatherG3962N-GSM
ἡμῶνhēmōnof usG3165P-1GP
Ἀβραάμ.AbraamAbraham.G0011N-GSM-P

13 Want de belofte is niet door de wet aan Abraham of zijn zaad geschied, namelijk, dat hij een erfgenaam der wereld zou zijn, maar door de rechtvaardigheid des geloofs.12

Original Greek

οὐouNotG3756PRT-N
γὰρgarforG1063CONJ
διὰdiathroughG1223PREP
νόμουnomou[the] LawG3551N-GSM
ἡhē[was] theG3588T-NSF
ἐπαγγελίαepangeliapromiseG1860N-NSF
τῷtō<the>G3588T-DSM
ἈβραὰμAbraamto AbrahamG0011N-DSM-P
ἢēorG2228CONJ
τῷtōto theG3588T-DSN
σπέρματιspermatidescendantsG4690GN-DSN
αὐτοῦautouof himG0846P-GSM
τὸtothatG3588T-NSN
κληρονόμονklēronomonheirG2818N-ASM
αὐτὸνautonheG0846P-ASM
εἶναιeinaibeingG1511V-PAN
τοῦtouof theG3588T-GSM
κόσμουkosmouworldG2889N-GSM
ἀλλὰallabutG0235CONJ
διὰdiathroughG1223PREP
δικαιοσύνηςdikaiosunēs[the] righteousnessG1343N-GSF
πίστεως.pisteōsof faith.G4102GN-GSF
  1. door de wet aan Abraham Dat is, door de onderhouding der wet. Hier brengt Paulus nog een andere reden voort om te bewijzen dat Abraham niet is gerechtvaardigd uit de werken; want anders zou de belofte aan Abraham gedaan, namelijk dat hij met zijn zaad een erfgenaam der wereld zou zijn, tevergeefs gegeven wezen. Want de wet werkt toorn en geeft de erve niet, omdat zij door het vlees verzwakt is; Rom 8:3 .
  2. een erfgenaam der wereld zou zijn, Hier wordt gezien òf op de belofte aan Abraham gedaan, op denzelfden tijd als deze getuigenis van zijne rechtvaardigheid uit het geloof is gegeven; Gen 16:6-8 ; namelijk van de bezitting van het land Kanaän, hetwelk een voorbeeld was van de eeuwige rust der gelovigen in den hemel, waarvan de apostel hier spreekt, Heb 4:3 , en Heb 11:9-10 ; òf op een andere belofte, die uitgedrukt staat Gen 22:17-18 , nadat hij zijnen zoon heeft willen opofferen, namelijk dat alle geslachten der aarde in zijn zaad zullen gezegend worden. Want Abraham, als een vader aller gelovigen, is van God in de erve van de geestelijke wereld gesteld, waarvan al zijn geestelijke kinderen, de gelovigen ook hun deel door Christus, het beloofde zaad, zullen ontvangen; Psa 2:8 ; Heb 2:5 .

14 Want indien degenen, die uit de wet zijn, erfgenamen zijn, zo is het geloof ijdel geworden, en de beloftenis te niet gedaan.1234

Original Greek

εἰeiIfG1487GCOND
γὰρgarforG1063CONJ
οἱhoithoseG3588T-NPM
ἐκekofG1537PREP
νόμουnomou[the] Law [are]G3551N-GSM
κληρονόμοι,klēronomoiheirs,G2818N-NPM
κεκένωταιkekenōtaihas been made voidG2758V-RPI-3S
ἡhē<the>G3588T-NSF
πίστιςpistisfaithG4102GN-NSF
καὶkaiandG2532CONJ
κατήργηταιkatērgētaihas been nullifiedG2673V-RPI-3S
ἡhētheG3588T-NSF
ἐπαγγελία·epangeliapromise;G1860N-NSF
  1. die uit de wet zijn, Dat is, die door de werken of onderhouding der wet willen gerechtvaardigd worden.
  2. erfgenamen zijn, Namelijk van deze geestelijke wereld vs.13.
  3. ijdel geworden, Dat is, onnodig, tevergeefs.
  4. te niet gedaan Dat is, zonder kracht of vrucht.

15 Want de wet werkt toorn; want waar geen wet is, daar is ook geen overtreding.123

Original Greek

ὁho<the>G3588T-NSM
γὰρgarForG1063CONJ
νόμοςnomoslawG3551N-NSM
ὀργὴνorgēnwrathG3709N-ASF
κατεργάζεται·katergazetaibrings;G2716V-PNI-3S
οὗhouwhereG3757ADV
δὲdenowG1161CONJ
οὐκouknoG3756PRT-N
ἔστινestinthere isG1510V-PAI-3S
νόμος,nomoslaw,G3551N-NSM
οὐδὲoudeneither [is]G3761CONJ-N
παράβασις.parabasistransgression.G3847N-NSF
  1. werkt toorn; Dat is, openbaart Gods toorn tegen de overtreding derzelve door hare dreigementen van straffen, en vermeerdert de zonde door de verkeerdheid van de natuur der mensen; Rom 7:8 .
  2. geen wet is, Namelijk noch in de natuur ingeschreven, noch van God gegeven, gelijk tevoren is bewezen.
  3. geen overtreding Namelijk die bekend en gestraft kan worden.

16 Daarom is zij uit het geloof, opdat zij naar genade zij; ten einde de belofte vast zij al den zade, niet alleen dat uit de wet is, maar ook dat uit het geloof Abrahams is, welke een vader is van ons allen;1234567

Original Greek

διὰdiaThereforeG1223PREP
τοῦτοtoutoit [is]G3778D-ASN
ἐκekofG1537PREP
πίστεως,pisteōsfaith,G4102GN-GSF
ἵναinathat [it may be]G2443CONJ
κατὰkataaccording toG2596PREP
χάριν,charingrace,G5485N-ASF
εἰςeisforG1519PREP
τὸto<the>G3588T-ASN
εἶναιeinaito beG1511V-PAN
βεβαίανbebaiansureG0949A-ASF
τὴνtēntheG3588T-ASF
ἐπαγγελίανepangelianpromiseG1860N-ASF
παντὶpantito allG3956A-DSN
τῷtōtheG3588T-DSN
σπέρματι,spermatiseed,G4690GN-DSN
οὐounotG3756PRT-N
τῷtōto thatG3588T-DSN
ἐκekofG1537PREP
τοῦtoutheG3588T-GSM
νόμουnomoulawG3551N-GSM
μόνονmonononlyG3441A-ASN
ἀλλὰallabutG0235CONJ
καὶkaialsoG2532CONJ
τῷtōto thatG3588T-DSN
ἐκekof [the]G1537PREP
πίστεωςpisteōsfaithG4102GN-GSF
Ἀβραάμ,Abraamof Abraham,G0011N-GSM-P
ὅςhoswhoG3739R-NSM
ἐστινestinisG1510V-PAI-3S
πατὴρpatēr[the] fatherG3962N-NSM
πάντωνpantōnof allG3956A-GPM
ἡμῶνhēmōnof us —G3165P-1GP
  1. is zij Namelijk de belofte van deze erfenis.
  2. uit het geloof, Dat is, onder voorwaarde van het geloof van God gedaan of gegeven.
  3. naar genade zij; Want geloof en genade gaan altijd tezamen, en het geloof steunt op de onveranderlijke genade Gods, niet op de werken of op zichzelven, vs.5; Eph 2:8 .
  4. vast zij al den zade, Want wij kunnen van de erve verzekerd worden alleen door het geloof, en niet door de werken der wet, dewijl niemand de wet onderhoudt, gelijk tevoren bewezen is. Zie ook Gal 3:16 , Gal 3:18 .
  5. uit de wet is, Dat is, uit de Joden, wien de wet gegeven was. Want dat niemand uit de werken der wet een erfgenaam kan worden, is in vs.14 geleerd.
  6. uit het geloof Abrahams is, Dat is, die het geloof van Abraham navolgen, al zijn zij uit Abraham naar het vlees niet gesproten.
  7. van ons allen; Namelijk die geloven.

17 ( Gelijk geschreven staat: Ik heb u tot een vader van vele volken gesteld) voor Hem, aan Welken hij geloofd heeft, namelijk God, Die de doden levend maakt, en roept de dingen, die niet zijn, alsof zij waren;1234

Original Greek

καθὼςkathōseven asG2531CONJ
γέγραπταιgegraptaiit has been writtenG1125V-RPI-3S
ὅτιhotithatG3754GCONJ
πατέραpateraA fatherG3962N-ASM
πολλῶνpollōnof manyG4183A-GPN
ἐθνῶνethnōnnationsG1484N-GPN
τέθεικάtetheikaI have madeG5087V-RAI-1S
σε,seyou,G4771P-2AS
κατέναντιkatenantibeforeG2713PREP
οὗhouwhomG3739R-GSM
ἐπίστευσενepisteusenhe believedG4100V-AAI-3S
θεοῦ,theouGod,G2316N-GSM-T
τοῦtouwhoG3588T-GSM
ζῳοποιοῦντοςzōopoiountosis giving lifeG2227V-PAP-GSM
τοὺςtousto theG3588T-APM
νεκροὺςnekrousdeadG3498A-APM
καὶkaiandG2532CONJ
καλοῦντοςkalountoscallingG2564GV-PAP-GSM
τὰtathe [things]G3588T-APN
μὴmēnotG3361PRT-N
ὄνταonta[into] beingG1510V-PAP-APN
ὡςhōsasG5613PRT
ὄντα·ontaexisting;G1510V-PAP-APN
  1. een vader van vele volken gesteld) Namelijk niet alleen van degenen die uit hem naar het vlees zouden voortkomen, maar ook van degenen, die door het geloof uit alle andere volken in zijn geestelijke familie zouden ingelijfd en aangenomen worden.
  2. voor Hem, Van hier af wordt beschreven het geloof van Abraham met al zijne steunselen en eigenschappen, tot Gen 4:22 , vanwaar voorts aangewezen wordt dat ons hetzelve tot een voorbeeld is voorgesteld.
  3. Die de doden levend maakt, Dit is het eerste steunsel des geloofs, namelijk Gods almacht, hetwelk Abrahams geloof van node had, om vastelijk te geloven dat hij nu in zijnen ouderdom, als verstorven zijnde, kracht zou krijgen om een vader te worden van vele volken.
  4. roept de dingen, Of, noemt; dat is door zijn woord doet zijn en hun wezen hebben; Psa 33:9 ; 2Co 4:6 .

18 Welke tegen hoop op hoop geloofd heeft, dat hij zou worden een vader van vele volken; volgens hetgeen gezegd was: Alzo zal uw zaad wezen.12345

Original Greek

ὃςhoswhoG3739R-NSM
παρ᾽par᾽againstG3844PREP
ἐλπίδαelpidahopeG1680N-ASF
ἐπ᾽ep᾽inG1909PREP
ἐλπίδιelpidihopeG1680N-DSF
ἐπίστευσενepisteusenbelievedG4100V-AAI-3S
εἰςeisforG1519PREP
τὸto<the>G3588T-ASN
γενέσθαιgenesthaito becomeG1096V-2ADN
αὐτὸνautonhimG0846P-ASM
πατέραpatera[the] fatherG3962N-ASM
πολλῶνpollōnof manyG4183A-GPN
ἐθνῶνethnōnnationsG1484N-GPN
κατὰkataaccording toG2596PREP
τὸtothatG3588T-ASN
εἰρημένον·eirēmenonspoken;G2046V-RPP-ASN
οὕτωςhoutōsSoG3779ADV
ἔσταιestaiwill beG1510V-FDI-3S
τὸtotheG3588T-NSN
σπέρμαspermaoffspringG4690GN-NSN
σου·souof you;G4771P-2GS
  1. Welke Namelijk Abraham.
  2. tegen hoop Namelijk die de mens uit zijn eigen vernuft of rede zou hebben kunnen scheppen.
  3. op hoop Namelijk van Gods waarheid en macht.
  4. geloofd heeft, Dat is, vertrouwd heeft.
  5. Alzo zal uw zaad wezen Namelijk als de sterren aan den hemel.

19 En niet verzwakt zijnde in het geloof, heeft hij zijn eigen lichaam niet aangemerkt, dat alrede verstorven was, alzo hij omtrent honderd jaren oud was, noch ook dat de moeder in Sara verstorven was.12

Original Greek

καὶkaiAndG2532CONJ
μὴmēnotG3361PRT-N
ἀσθενήσαςasthenēsashaving become weakG0770GV-AAP-NSM
τῇtēain theG3588T-DSF
πίστειpisteifaithG4102GN-DSF
οὐounotG3756PRT-N
κατενόησενkatenoēsenhe consideredG2657V-AAI-3S
τὸto<the>G3588T-ASN
ἑαυτοῦhe'autouhis ownG1438F-3GSM
σῶμαsōmabodyG4983N-ASN
ἤδηēdēalreadyG2235ADV
νενεκρωμένον,nenekrōmenonexpired,G3499V-RPP-ASN
ἑκατονταετήςhekatontaetēsa hundred years oldG1541A-NSM
πουpouaboutG4225ADV
ὑπάρχων,huparchōnbeing,G5225V-PAP-NSM
καὶkaiandG2532CONJ
τὴνtēntheG3588T-ASF
νέκρωσινnekrōsinlifelessnessG3500N-ASF
τῆςtēsof theG3588T-GSF
μήτραςmētraswombG3388N-GSF
Σάρρας,Sarrasof Sarah,G4564N-GSF-P
  1. niet aangemerkt, Namelijk om uit de aanmerking der zwakheid in zijn betrouwen verzwakt, te worden. Want anderszins heeft hij zelfs zijnen ouderdom en den ouderdom van Sara God voorgehouden; Gen 17:17 .
  2. dat de moeder Grieks de verstorvenheid der baarmoeder van Sara.

20 En hij heeft aan de beloftenis Gods niet getwijfeld door ongeloof; maar is gesterkt geweest in het geloof, gevende God de eer;12

Original Greek

εἰςeisAboutG1519PREP
δὲdehoweverG1161CONJ
τὴνtēntheG3588T-ASF
ἐπαγγελίανepangelianpromiseG1860N-ASF
τοῦtou<the>G3588T-GSM
θεοῦtheouof GodG2316N-GSM-T
οὐounotG3756PRT-N
διεκρίθηdiekrithēhe did waverG1252V-API-3S
τῇtēa<the>G3588T-DSF
ἀπιστίᾳ,apistiathrough unbelief,G0570N-DSF
ἀλλ᾽all᾽butG0235CONJ
ἐνεδυναμώθηenedunamōthēwas strengthenedG1743V-API-3S
τῇtēa<the>G3588T-DSF
πίστει,pisteiin faith,G4102GN-DSF
δοὺςdoushaving givenG1325V-2AAP-NSM
δόξανdoxangloryG1391N-ASF
τῷtō<the>G3588T-DSM
θεῷtheōto GodG2316N-DSM-T
  1. aan de beloftenis Gods Dit is het andere steunsel van het geloof van Abraham, namelijk de verzekerdheid die hij had van Gods trouw en standvastigheid in zijne beloften; Heb 6:17-18 .
  2. gevende God de eer; Dat is, hiermede betonende te geloven dat God kon en zou doen hetgeen Hij beloofd had; en heeft alzo verzegeld dat God waarachtig is; Joh 3:33 .

21 En ten volle verzekerd zijnde, dat hetgeen beloofd was, Hij ook machtig was te doen.1

Original Greek

καὶkaiandG2532CONJ
πληροφορηθεὶςplērophorētheishaving been fully assuredG4135V-APP-NSM
ὅτιhotithatG3754GCONJ
ὃhowhatG3739R-ASN
ἐπήγγελταιepēngeltaiHe has promisedG1861V-RNI-3S
δυνατόςdunatosableG1415A-NSM
ἐστινestinHe isG1510V-PAI-3S
καὶkaialsoG2532CONJ
ποιῆσαι·poiēsaito do;G4160GV-AAN
  1. machtig was te doen Namelijk al scheen het tegen alle menselijke rede te zijn.

22 Daarom is het hem ook tot rechtvaardigheid gerekend.

Original Greek

διὸdioThereforeG1352CONJ
καὶkaialsoG2532CONJ
ἐλογίσθηelogisthēit was creditedG3049V-API-3S
αὐτῷautōto himG0846P-DSM
εἰςeisuntoG1519PREP
δικαιοσύνην.¶dikaiosunēnrighteousness.G1343N-ASF

23 Nu is het niet alleen om zijnentwil geschreven, dat het hem toegerekend is;1

Original Greek

ΟὐκOukNotG3756PRT-N
ἐγράφηegraphēit was writtenG1125V-2API-3S
δὲdenowG1161CONJ
δι᾽di᾽on account ofG1223PREP
αὐτὸνautonhimG0846P-ASM
μόνονmononaloneG3441A-ASM
ὅτιhotithatG3754GCONJ
ἐλογίσθηelogisthēit was creditedG3049V-API-3S
αὐτῷ,autōto him,G0846P-DSM
  1. Nu is het niet alleen om zijnentwil geschreven, Hier besluit de apostel de verklaring van het voorgaande hoofdstuk, en betuigt dat alle gelovigen alzo zullen worden gerechtvaardigd, gelijk Abraham gerechtvaardigd is.

24 Maar ook om onzentwil, welken het zal toegerekend worden, namelijk dengenen, die geloven in Hem, Die Jezus, onzen Heere, uit de doden opgewekt heeft;1

Original Greek

ἀλλὰallabutG0235CONJ
καὶkaialsoG2532CONJ
δι᾽di᾽on account ofG1223PREP
ἡμᾶςhēmasusG3165P-1AP
οἷςhoisto whomG3739R-DPM
μέλλειmelleiit is aboutG3195V-PAI-3S
λογίζεσθαι,logizesthaito be credited,G3049V-PPN
τοῖςtoisto thoseG3588T-DPM
πιστεύουσινpisteuousinbelievingG4100V-PAP-DPM
ἐπὶepionG1909PREP
τὸνtonthe [One]G3588T-ASM
ἐγείρανταegeirantahaving raisedG1453V-AAP-ASM
ἸησοῦνIēsounJesusG2424GN-ASM-P
τὸνtontheG3588T-ASM
κύριονkurionLordG2962GN-ASM-T
ἡμῶνhēmōnof usG3165P-1GP
ἐκekout fromG1537PREP
νεκρῶν,nekrōn[the] dead,G3498A-GPM
  1. die geloven in Hem, Dat is, betrouwen op Hem, want dit is ook hetgeen waar ons geloof op steunt, naar het voorbeeld van het geloof van Abraham, namelijk eerst Gods mogendheid en trouw, die Hij naar Zijne belofte getoond heeft in het opwekken van Christus uit de doden, en ten tweede de dood en opstanding van Jezus Christus, alzo wij door den dood met God verzoend en door de opstanding deze verzoening deelachtig worden.

25 Welke overgeleverd is om onze zonden, en opgewekt om onze rechtvaardigmaking.123

Original Greek

ὃςhoswhoG3739R-NSM
παρεδόθηparedothēwas delivered overG3860V-API-3S
διὰdiaforG1223PREP
τὰtatheG3588T-APN
παραπτώματαparaptōmatatrespassesG3900N-APN
ἡμῶνhēmōnof usG3165P-1GP
καὶkaiandG2532CONJ
ἠγέρθηēgerthēwas raisedG1453V-API-3S
διὰdiaforG1223PREP
τὴνtēntheG3588T-ASF
δικαίωσινdikaiōsinjustificationG1347N-ASF
ἡμῶν.¶hēmōnof us.G3165P-1GP
  1. overgeleverd is Namelijk van God Zijnen Vader; Rom 8:32 .
  2. om onze zonden, Namelijk te verzoenen en teniet te doen;; 1Jo 1:7 , en 1Jo 2:2 .
  3. om onze rechtvaardigmaking Namelijk overmits God door deze opwekking betoond heeft dat Hij den dood Zijns Zoons voor een genoegzaam rantsoen voor onze zonden heeft aangenomen, en zijn volkomen gehoorzaamheid wil aannemen tot rechtvaardigheid voor allen, die in Hem geloven. Want indien Christus in den dood gebleven ware, zo zou Zijne voldoening niet volkomen geweest zijn, en Hij zou ons de kracht van die niet hebben kunnen toeëigenen.