reltext

Chapter 20

1 Een psalm van David, voor den opperzangmeester. [020:2] De Heere verhore u in den dag der benauwdheid; de Naam van den God Jakobs zette u in een hoog vertrek.1234

DutSVVA word tags

psalmH4210
DavidH1732
opperzangmeesterH5329H8764
HeereH3068
verhoreH6030H8799
benauwdheidH6869
NaamH8034
GodH430
JakobsH3290
vertrekH7682H8762

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. opperzangmeester Zie Psa 4:1 .
  2. naam Zie 2Sa 6:2 , en verg. onder vs.8.
  3. zette Hebr. eigenlijk, verheffe, of verhoge u.
  4. een hoog Waar gij verzekerd mocht zijn tegen het geweld der vijanden. Zie 2Sa 22:3 ; dat is, Hij beware en beschutte u.

2 [020:3] Hij zende uw hulp uit het heiligdom, en ondersteune u uit Sion.12

DutSVVA word tags

hulpH5828
heiligdomH6944
ondersteuneH5582H8799
SionH6726

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. uw hulp Door welke gij moogt worden geholpen.
  2. heiligdom Waar de ark des verbonds [des Heeren Christus' voorbeeld] was, op de berg Zion.

3 [020:4] Hij gedenke al uwer spijsofferen, en make uw brandoffer tot as. Sela.123

DutSVVA word tags

gedenkeH2142H8799
spijsofferenH4503
makeH1878
brandofferH5930
SelaH5542

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. gedenke Anders, Hij rieke; dat is, Hij neme aan, houde voor aangenaam, gedenkende aan zijne beloften en uwe gebeden. Zie Lev 2:2 ; Hos 14:8 .
  2. as Tonende met enig teken dat het Hem aangenaam is. Zie Lev 9:24 ; 1Ch 21:26 , en 2Sa 24:23 . Anders, Hij make uw brandoffer vet; dat is, Hij late het zich aangenaam zijn, als wezende uit een oprechte liefde van het beste geofferd.
  3. Sela Zie Psa 3:3 .

4 [020:5] Hij geve u naar uw hart, en vervulle al uw raad.12

DutSVVA word tags

hartH3824
vervulleH4390H8762
raadH6098

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. hart Dat is, naar uwe wens, dat uw voornemen wel mag gelukken.
  2. vervulle Dat is, volbrenge, als in het volgende.

5 [020:6] Wij zullen juichen over Uw heil, en de vaandelen opsteken in den Naam onzes Gods. De Heere vervulle al uw begeerten.1234

DutSVVA word tags

juichenH7442H8762
heilH3444
opstekenH1713H8799
NaamH8034
GodsH430
HeereH3068
vervulleH4390H8762
begeertenH4862

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. Wij Hier verklaart de gemeente haar vertrouwen van de verhoring en overwinning.
  2. uw heil Dat is, o koning, van God zult ontvangen; of dat Gij, o God, onzen koning zult geven; of uwe overwinning [en alzo in het volgende] die u God verlenen zal. Zie 2Sa 8:6 .
  3. opsteken Of, laten vliegen, voeren; tot een teken van goeden moed en vertrouwen van victorie en triomf, en dat ter ere van onzen God en den schrik onzer vijanden. Verg. Psa 60:6 ; Son 2:4 , en Son 5:10 , en Son 6:4 ; idem Num 2:2-3 , enz., Zie de aantekening bij Num 2:2-3 . In het het Hebr. is een woord, alsof men zeide: wij zullen vaandeleren.
  4. vervulle Of, zal vervullen.

6 [020:7] Alsnu weet ik, dat de Heere Zijn Gezalfde behoudt; Hij zal Hem verhoren uit den hemel Zijner heiligheid; het heil Zijner rechterhand zal zijn met mogendheden.123

DutSVVA word tags

HeereH3068
GezalfdeH4899
behoudtH3467H8689
verhorenH6030H8799
hemelH8064
heiligheidH6944
heilH3468
rechterhandH3225
mogendhedenH1369

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. behoudt; Of, verlost heeft, overwinning gegeven heeft; dat is, ik vertrouw zo vast, vermits zijne beloften dat hem Gods overwinning zal geven, alsof hij ze reeds had.
  2. heiligheid; Dat is, uit zijn heiligen hemel, die alzo genoemd wordt omdat God, die de heiligheid zelve is, daarin gezegd wordt te wonen, alzo, paleis uwer heiligheid; Psa 5:8 .
  3. het heil Anders, door de krachten des heils zijner rechterhand; dat is, zijne rechterhand krachtelijk uitstrekkende om zijnen gezalfde de overwinning te bestieren.

7 [020:8] Dezen vermelden van wagens, en die van paarden; maar wij zullen vermelden van den Naam des Heeren, onzes Gods.1

DutSVVA word tags

wagensH7393
paardenH5483
vermeldenH2142H8686
NaamH8034
HeerenH3068
GodsH430

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. Dezen Onze vijanden vermelden, de een van menigte van ijzeren wagens, de ander van veelheid der paarden, waarop zij vertrouwen, maar wij, enz.

8 [020:9] Zij hebben zich gekromd, en zijn gevallen; maar wij zijn gerezen en staande gebleven.1

DutSVVA word tags

gekromdH3766H8804
gevallenH5307H8804
gerezenH6965H8804
geblevenH5749H8696

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. gekromd Als Sisera; Jdg 5:27 .

9 [020:10] O Heere! behoud; die koning verhore ons ten dage van ons roepen.12

DutSVVA word tags

HeereH3068
koningH4428
verhoreH6030H8799
dageH3117

No sourced original-language text for this passage yet — showing DutSVVA's own word tags instead.

  1. behoud; Of, geef heil, overwinning; gelijk vs.7.
  2. verhore Of, zal ons verhoren; te weten, de hemelse Koning, onze Heere Jezus Christus, wiens voorbeeld David was.