reltext

Chapter 141

1 Een psalm van David. Heere! ik roep U aan, haast U tot mij; neem mijn stem ter ore, als ik tot U roep.12

Original Hebrew

יְהוָ֣היהו֣היְהוָהיהוהYah.wehO YahwehH3068GHNpt
קְ֭רָאתִי/ךָק֭ראתי/ךקְרָאתִי/ךָקראתי/ךKe.ra.ti./chaI call out to/ youH7121GH9031HVqp1cs+Sp2ms
ח֣וּשָׁ/הח֣וש/החוּשָׁ/החוש/הChu.sha/hmake haste/ !H2363AH9012HVqv2ms+Sh
לִּ֑/יל֑/ילִּ/יל/יL/ito/ meH9005H9030HR+Sp1bs
הַאֲזִ֥ינָ/ההאז֥ינ/ההַאֲזִינָ/ההאזינ/הha.'a.Zi.na/hgive ear to/ !H0238H9012HVhv2ms+Sh
ק֝וֹלִ֗/יק֝ול֗/יקוֹלִ/יקול/יko.L/ivoice/ myH6963AH9020HNcmsc+Sp1bs
בְּ/קָרְאִ/י\־ב/קרא/י\בְּ/קָרְאִ/י\־ב/קרא/י\be./ka.re.'/i-when/ call/ IH9003H7121GH9040\H9014HR+Vqcc+Sp1bs
לָֽ/ךְ\׃ל/ך\לָֽ/ךְ\׃ל/ך\La/khto/ youH9005H9032\H9016HR+Sp2ms
  1. haast U tot Te weten, te komen, dat is, kom haastelijk tot mijne hulp.
  2. mijn stem ter Dat is, mijn gebed: gelijk in vs.2.

2 Mijn gebed worde gesteld als reukwerk voor Uw aangezicht, de opheffing mijner handen als het avondoffer.1234

Original Hebrew

תִּכּ֤וֹןתכ֤וןתִּכּוֹןתכוןti.Konmay it be establishedH3559IHVNi3fs
תְּפִלָּתִ֣/יתפלת֣/יתְּפִלָּתִ/יתפלת/יte.fi.la.T/iprayer/ myH8605H9020HNcfsc+Sp1bs
קְטֹ֣רֶתקט֣רתקְטֹרֶתקטרתke.To.retincenseH7004HNcfsa
לְ/פָנֶ֑י/ךָל/פנ֑י/ךלְ/פָנֶי/ךָל/פני/ךle./fa.Nei./kha<to>/ before/ youH9005H6440GH9021HR+Ncmpc+Sp2ms
מַֽשְׂאַ֥תמשא֥תמַֽשְׂאַתמשאתmas.'At[the] raising ofH4864HNcfsc
כַּ֝פַּ֗/יכ֝פ֗/יכַּפַּ/יכפ/יka.Pa/ihands/ myH3709GH9020HNcfdc+Sp1bs
מִנְחַת\־מנחת\מִנְחַת\־מנחת\min.chat-an offering ofH4503G\H9014HNcfsc
עָֽרֶב\׃ערב\עָֽרֶב\׃ערב\'A.reveveningH6153\H9016HNcmsa
  1. Mijn gebed Hij wil zeggen: Mijn gebed zij U zo aangenaam als het reukwerk en offeranden, die men U [achtervolgens de inzetting der wet] offert.
  2. reukwerk voor Te weten, dat gerookt werd op het reukaltaar in den tabernakel; Exo 30:7-8 , Exo 30:34 .
  3. de opheffing Dat is, mijn gebed, hetwelk ik doe met opgeheven handen, of psalmen, gelijk er in het Hebr. staat; omdat men dikwijls in grote devotie of aandacht des gebeds de open handen of palmen naar den hemel toe verheft, als wensende den zegen Gods te ontvangen. Verg. Job 11:13 , en Psa 44:21 , en Psa 63:5 , en Psa 88:10 ; en Lam 2:19 , en Lam 3:41 . Zie ook 1Ki 8:22 , en Psa 28:2 .
  4. het avondoffer Dat is, hetwelk alle avonden placht geofferd te worden. Zie Exo 29:39-42 ; Num 28:2-8 .

3 Heere! zet een wacht voor mijn mond, behoed de deur mijner lippen.12

Original Hebrew

שִׁיתָ֣/השית֣/השִׁיתָ/השית/הshi.Ta/hset/ !H7896GH9012HVqv2ms+Sh
יְ֭הוָהי֭הוהיְהוָהיהוהYah.wehO YahwehH3068GHNpt
שָׁמְרָ֣השמר֣השָׁמְרָהשמרהsha.me.Raha guardH8108HNcfsa
לְ/פִ֑/יל/פ֑/ילְ/פִ/יל/פ/יle./F/ifor/ mouth/ myH9005H6310GH9020HR+Ncmsc+Sp1bs
נִ֝צְּרָ֗/הנ֝צר֗/הנִצְּרָ/הנצר/הni.tze.Ra/hkeep watch/ !H5341H9012HVqv2ms+Sh
עַל\־על\עַל\־על\'al-overH5921A\H9014HR
דַּ֥לד֥לדַּלדלdal[the] door ofH1817AHNcmsc
שְׂפָתָֽ/י\׃שפת/י\שְׂפָתָֽ/י\׃שפת/י\se.fa.Ta/ilips/ myH8193GH9020\H9016HNcfdc+Sp1bs
  1. zet een wacht Te weten, opdat daar niets onbetamelijks uit ga; dat ik tegen U niet murmurere en dezen mijn angst en benauwdheid, die mij mijne vijanden door hun harde vervolgingen aandoen.
  2. behoed de deur Of, een hoede aan, enz.

4 Neig mijn hart niet tot een kwade zaak, om enigen handel in goddeloosheid te handelen, met mannen, die ongerechtigheid werken; en dat ik niet ete van hun lekkernijen.12345

Original Hebrew

אַל\־אל\אַל\־אל\'al-may notH0408\H9014HTn
תַּט\־תט\תַּט\־תט\tat-you turnH5186\H9014HVhj2ms
לִבִּ֨/ילב֨/ילִבִּ/ילב/יli.B/iheart/ myH3820AH9020HNcmsc+Sp1bs
לְ/דָבָ֪ר\׀ל/דב֪ר\לְ/דָבָר\׀ל/דבר\le./da.Varto/ anythingH9005H1697M\H9015HR+Ncmsa
רָ֡ער֡ערָערעra'evilH7451HHAamsa
לְ/הִתְע֘וֹלֵ֤לל/התע֘ול֤ללְ/הִתְעוֹלֵלל/התעוללle./hit.'o.Lelto/ practiceH9005H5953AHR+Vtcc
עֲלִל֨וֹת\׀עלל֨ות\עֲלִלוֹת\׀עללות\a.li.LotpracticesH5949\H9015HNcfpa
בְּ/רֶ֗שַׁעב/ר֗שעבְּ/רֶשַׁעב/רשעbe./Re.sha'in/ wickednessH9003H7562HR+Ncmsa
אֶת\־את\אֶת\־את\'et-withH0854\H9014HR
אִישִׁ֥יםאיש֥יםאִישִׁיםאישים'i.ShimpeopleH0376GHNcmpa
פֹּֽעֲלֵי\־פעלי\פֹּֽעֲלֵי\־פעלי\po.'a.lei-[who] doH6466\H9014HVqrmpc
אָ֑וֶןא֑וןאָוֶןאון'A.ven<of> wickednessH0205GHNcmsa
וּ/בַל\־ו/בל\וּ/בַל\־ו/בל\u./val-and/ notH9002H1077\H9014HC+Tn
אֶ֝לְחַ֗םא֝לח֗םאֶלְחַםאלחם'el.ChamI will eatH3898BHVqi1cs
בְּ/מַנְעַמֵּי/הֶֽם\׃ב/מנעמי/הם\בְּ/מַנְעַמֵּי/הֶֽם\׃ב/מנעמי/הם\be./man.'a.mei./Hemin/ delicacies/ theirH9003H4516H9028\H9016HR+Ncmpc+Sp3mp
  1. Neig mijn hart Te weten, door den satan, of mijn eigen verdorven natuur. Want eigenlijk te spreken verzoekt God niemand ten kwade; Jam 1:13-14 ; 1Co 7:5 ; maar wel de satan; 1Ch 21:1 ; verg. met 2Sa 24:1 . Alzo ook Mat 6:13 .
  2. handel Of, stukken, daden, vonden, praktijken, verzinselen, gelijk Deu 22:14 , Deu 22:17 .
  3. in goddeloosheid Of, goddelooslijk.
  4. met mannen, die Dat is, met de hooggeachte lieden.
  5. dat ik niet ete Dat is, dat ik mij niet late verlokken of verleiden door de wellusten en goede dagen, die zij genieten, om die mede te mogen deelachtig worden.

5 De rechtvaardige sla mij, het zal weldadigheid zijn; en hij bestraffe mij, het zal olie des hoofds zijn, het zal mijn hoofd niet breken; want nog zal ook mijn gebed voor hen zijn in hun tegenspoeden.12345

Original Hebrew

יֶֽהֶלְמֵֽ/נִי\־יהלמ/ני\יֶֽהֶלְמֵֽ/נִי\־יהלמ/ני\ye.hel.me./ni-let him strike/ meH1986H9030\H9014HVqi3ms+Sp1bs
צַדִּ֨יק\׀צד֨יק\צַדִּיק\׀צדיק\tza.Dika righteous [person]H6662\H9015HAamsa
חֶ֡סֶדח֡סדחֶסֶדחסדChe.sedloyaltyH2617AHNcmsa
וְֽ/יוֹכִיחֵ֗/נִיו/יוכיח֗/ניוְֽ/יוֹכִיחֵ/נִיו/יוכיח/ניve./yo.khi.Che./niand/ let him rebuke/ meH9002H3198H9030HC+Vhu3ms+Sp1bs
שֶׁ֣מֶןש֣מןשֶׁמֶןשמןShe.menoil ofH8081HNcmsc
רֹ֭אשׁר֭אשרֹאשׁראשroshheadH7218AHNcmsa
אַל\־אל\אַל\־אל\'al-may notH0408\H9014HTn
יָנִ֣יינ֣ייָנִייניya.Niit refuseH5106HVhi3ms
רֹאשִׁ֑/יראש֑/ירֹאשִׁ/יראש/יro.Sh/ihead/ myH7218AH9020HNcmsc+Sp1bs
כִּי\־כי\כִּי\־כי\ki-forH3588A\H9014HTc
ע֥וֹדע֥ודעוֹדעודodstillH5750HAcmsa
וּ֝/תְפִלָּתִ֗/יו֝/תפלת֗/יוּ/תְפִלָּתִ/יו/תפלת/יu./te.fi.la.T/iand/ prayer/ myH9002H8605H9020HC+Ncfsc+Sp1bs
בְּ/רָעוֹתֵי/הֶֽם\׃ב/רעותי/הם\בְּ/רָעוֹתֵי/הֶֽם\׃ב/רעותי/הם\be./ra.'o.tei./Hem[is] on/ evil deeds/ theirH9003H7451IH9028\H9016HR+Ncfpc+Sp3mp
  1. sla mij, Het Hebr. woord betekent eigenlijk hameren; dat is, met hamers slaan of kloppen, Jdg 5:26 ; Psa 74:6 . het betekent ook zoveel als iemand ernstiglijk vermanen; Pro 23:35 .
  2. weldadigheid zijn; Of, goedertierenheid, vriendschap, beleefdheid. De zin is: Ik zal de bestraffing van een rechtvaardige voor ene weldaad houden, dewijl het uit goede mening en tot mijn best is geschied. Zie en verg. hiermede Pro 9:8 , en Pro 25:12 , en Pro 27:6 , en Pro 28:23 ; Zec 13:6 .
  3. het zal olie Dat is, zeer kostelijke olie. Alzo worden Exo 30:23 de voortreffelijkste en voornaamste specerijen genoemd hoofdspecerijen; doch het kan hier ook wel in zijn eigen betekenis gehouden worden, te weten, voor olie, waar men het hoofd mede zalft. Verg. Psa 23:5 .
  4. het Te weten, slaan en bestraffen, het overgieten met deze olie. Hetwelk alles mij niet alleen niet zal kwetsen, maar mij zo aangenaam en nuttig zijn als een kostelijke olie.
  5. zal mijn hoofd Of, hij breke die niet af [op] mijn hoofd. De zin is, Hij bestaffe mij maar vrijmoediglijk, zonder schroom of ophouden. Want ofschoon hij voortvaart mij te bestraffen, zo zal ik niet nalaten voor hem te bidden in zijn tegenspoed.

6 Hun rechters zijn aan de zijde der steenrots vrijgelaten geweest, en hebben gehoord mijn redenen, dat zij aangenaam waren.1234

Original Hebrew

נִשְׁמְט֣וּנשמט֣ונִשְׁמְטוּנשמטוnish.me.Tuthey have been thrown downH8058HVNp3cp
בִֽ/ידֵי\־ב/ידי\בִֽ/ידֵי\־ב/ידי\vi./dei-at/ [the] hands ofH9003H3027P\H9014HR+Ncbdc
סֶ֭לַעס֭לעסֶלַעסלעSe.la'a rockH5553HHNcmsa
שֹׁפְטֵי/הֶ֑םשפטי/ה֑םשֹׁפְטֵי/הֶםשפטי/הםsho.fe.tei./Hemjudges/ theirH8199H9038HVqrmpc+Sp3mp
וְ/שָׁמְע֥וּו/שמע֥ווְ/שָׁמְעוּו/שמעוve./sha.me.'Uand/ they will hearH9001H8085GHc+Vqq3cp
אֲ֝מָרַ֗/יא֝מר֗/יאֲמָרַ/יאמר/י'a.ma.Ra/iwords/ myH0561H9020HNcmpc+Sp1bs
כִּ֣יכ֣יכִּיכיkiforH3588AHTc
נָעֵֽמוּ\׃נעמו\נָעֵֽמוּ\׃נעמו\na.'E.muthey are pleasantH5276\H9016HVqp3cp
  1. Hun rechters Dit schijnt te zien op de historie 1Sa 26:13 , 1Sa 26:24-25 , waar David Saul en zijne officieren in zijne macht hebbende, hen nochtans verschoond heeft, en daarna met lieflijke redenen hen van zijne onschuld heeft overtuigd. Anders: Als hunne rechters aan de zijde der steenrotsen afgestort [dat is, jammerlijk omgekomen] zijn, dan zal men horen dat mijne redenen aangenaam zijn.
  2. aan de Of, over.
  3. zijde der steenrots Hebr. de handen.
  4. aangenaam waren Of, zoet, lieflijk, niemand kwetsende, en derhalve waardig om aangenomen te worden. Of, [gelijk sommigen] men zal vernemen, dat mijne gebeden voor de vromen gedaan, in hunne ellende, bij God aangenaam en van Hem verhoord zijn. Dit zesde vers kan ook aldus overgezet en verklaard worden: Hunne regeerders laten zich neder aan de zijde der rotsstenen: hoewel zij mijne redenen gehoord hebben, dat zij lieflijk zijn; dat is, zij loeren op mij en op mijn volk, als wij ons verbergen in de rotsstenen, niettegenstaande zij mij vriendelijke en bescheiden woorden gehoord hebben. Zie 1Sa 23:26 , en 1Sa 24:3 ; idem 2Sa 24:10 , en 2Sa 1:26 .

7 Onze beenderen zijn verstrooid aan den mond des grafs, gelijk of iemand op de aarde iets gekloofd en verdeeld had.123

Original Hebrew

כְּמ֤וֹכמ֤וכְּמוֹכמוke.MolikeH3644GHR
פֹלֵ֣חַפל֣חפֹלֵחַפלחfo.Le.ach[one who] plowsH6398HVqrmsa
וּ/בֹקֵ֣עַו/בק֣עוּ/בֹקֵעַו/בקעu./vo.Ke.a'and/ [who] breaks upH9002H1234HC+Vqrmsa
בָּ/אָ֑רֶץב/א֑רץבָּ/אָרֶץב/ארץba./'A.retz<in> the/ earthH9003H0776GHRd+Ncfsa
נִפְזְר֥וּנפזר֥ונִפְזְרוּנפזרוnif.ze.Ruthey have been scatteredH6340HVNp3cp
עֲ֝צָמֵ֗י/נוּע֝צמ֗י/נועֲצָמֵי/נוּעצמי/נו'a.tza.Mei./nubones/ ourH6106GH9025HNcmpc+Sp1bp
לְ/פִ֣יל/פ֣ילְ/פִיל/פיle./Fito/ [the] mouth ofH9005H6310GHR+Ncmsc
שְׁאֽוֹל\׃שאול\שְׁאֽוֹל\׃שאול\she.'olSheolH7585\H9016HNcbsa
  1. Onze Te weten, mijne en van mijne krijgslieden.
  2. beenderen zijn De zin is: Het is met mij en mijn volk schier geheel gedaan, zodat wij als van elkander gehouwen en gekloofd zijn, ja als een hoop dode beenderen schijnen geworden te zijn, die men in de aarde gaat steken.
  3. gelijk of iemand Of, gelijk wanneer iemand [hout] hakte en kloofde tegen de aarde; dat is, hetwelk op de aarde ligt, en waarvan de spaanders hier en daar verspreid worden. Anders: gelijk als die het land [of aardrijk] snijdende klieft; te weten, met den ploeg [zo] zijn verdeeld onze beenderen, naar den mond van het graf [of de hel] toe.

8 Doch op U zijn mijn ogen, Heere, Heere! op U betrouw ik, ontbloot mijn ziel niet.12

Original Hebrew

כִּ֤יכ֤יכִּיכיkiforH3588AHTc
אֵלֶ֨י/ךָ\׀אל֨י/ך\אֵלֶי/ךָ\׀אלי/ך\'e.Lei./kha[are] to/ youH0413H9031\H9015HR+Sp2ms
יְהֹוִ֣היהו֣היְהֹוִהיהוהYah.wehO YahwehH3069HNpt
אֲדֹנָ֣יאדנ֣יאֲדֹנָיאדני'a.do.NaiO LordH0136HNpt
עֵינָ֑/יעינ֑/יעֵינָ/יעינ/י'ei.Na/ieyes/ myH5869AH9020HNcfdc+Sp1bs
בְּ/כָ֥הב/כ֥הבְּ/כָהב/כהbe./Khahin/ youH9003H9031HR+Sp2ms
חָ֝סִ֗יתִיח֝ס֗יתיחָסִיתִיחסיתיcha.Si.tiI take refugeH2620HVqp1cs
אַל\־אל\אַל\־אל\'al-may notH0408\H9014HTn
תְּעַ֥רתע֥רתְּעַרתערte.'Aryou lay bareH6168HVpj2ms
נַפְשִֽׁ/י\׃נפש/י\נַפְשִֽׁ/י\׃נפש/י\naf.Sh/ilife/ myH5315IH9020\H9016HNcfsc+Sp1bs
  1. ontbloot Te weten, van uw hulp en bijstand.
  2. mijn ziel niet Dat is, mijn leven, of mij.

9 Bewaar mij voor het geweld des striks, dien zij mij gelegd hebben, en voor de valstrikken van de werkers der ongerechtigheid.1

Original Hebrew

שָׁמְרֵ֗/נִישמר֗/נישָׁמְרֵ/נִישמר/ניsha.me.Re./nikeep/ meH8104HH9030HVqv2ms+Sp1bs
מִ֣/ידֵימ֣/ידימִ/ידֵימ/ידיMi./deifrom/ [the] hands ofH9006H3027HHR+Ncbdc
פַ֭חפ֭חפַחפחfach[the] trapH6341AHNcmsa
יָ֣קְשׁוּי֣קשויָקְשׁוּיקשוYa.ke.shu[which] they have laidH3369HVqp3cp
לִ֑/יל֑/ילִ/יל/יL/ifor/ meH9005H9030HR+Sp1bs
וּ֝/מֹקְשׁ֗וֹתו֝/מקש֗ותוּ/מֹקְשׁוֹתו/מקשותu./mo.ke.Shotand/ [the] snares ofH9002H4170HC+Ncfpc
פֹּ֣עֲלֵיפ֣עליפֹּעֲלֵיפעליPo.'a.lei[those who] doH6466HVqrmpc
אָֽוֶן\׃און\אָֽוֶן\׃און\'A.ven<of> wickednessH0205G\H9016HNcmsa
  1. voor het geweld Hebr. voor de handen des striks. Zie Job 5:20 .

10 Dat de goddelozen elk in zijn garen vallen, te zamen, totdat ik zal zijn voorbijgegaan.123

Original Hebrew

יִפְּל֣וּיפל֣ויִפְּלוּיפלוyi.pe.Lulet them fallH5307GHVqi3mp
בְ/מַכְמֹרָ֣י/וב/מכמר֣י/ובְ/מַכְמֹרָי/וב/מכמרי/וve./makh.mo.Ra/vin/ own nets/ hisH9003H4364BH9023HR+Ncmpc+Sp3ms
רְשָׁעִ֑יםרשע֑יםרְשָׁעִיםרשעיםre.sha.'Imwicked [people]H7563HNcmpa
יַ֥חַדי֥חדיַחַדיחדYa.chadtogetherH3162AHNcmsa
אָ֝נֹכִ֗יא֝נכ֗יאָנֹכִיאנכי'a.no.KhiIH0595HPp1bs
עַֽד\־עד\עַֽד\־עד\'ad-untilH5704\H9014HR
אֶעֱבֽוֹר\׃אעבור\אֶעֱבֽוֹר\׃אעבור\'e.'e.VorI will pass byH5674A\H9016HVqi1cs
  1. elk in Dat is, elk in het garen, dat zij mij en den mijnen gespannen of gelegd hebben.
  2. zijn garen vallen, Te weten, zijn eigen, of God.
  3. ik zal zijn voorbijgegaan Versta, ik en die bij mij zijn. Of, ik, met uwe gunst vergezelschapt zijnde. Of, totdat ik geheellijk passere; dat is, het gevaar ontkomen ben.